Kennen jullie Kobus nog? Dat is de schandalige kerel die Claire en Fred chanteerde in mijn verhaal 'Claire wil winnen - 2'. Helaas is dat niet de enige keer geweest dat hij over de schreef ging. Fatsoensnormen zeggen hem niets en hij is altijd op zoek naar vertier. Lees maar snel verder.
Zoals vaak op zaterdagochtend is Kobus te vinden op de tennisclub. Hij komt daar niet om te tennissen, maar om te kijken. Rusteloos loopt hij over het sportpark totdat hij ergens een tennisbaan treft waarop mooie vrouwen spelen. Als hij zo'n baan gevonden heeft gaat hij net als Kees Flodder aan het hek staan.
Op de achterste baan van het park zijn twee jonge moeders aan het tennissen. Kobus schat in dat ze ergens achter in de twintig zijn. Ze hebben allebei een kort tennisrokje aan en dragen hun blonde haren in een staart. De één is lang en slank; de ander is iets korter en voller. Ze zijn behoorlijk fanatiek en hebben in eerste instantie niet door dat ze worden gadegeslagen.
'Wat een lekkere mokkels', denk Kobus. In gedachten kleedt hij ze uit en ziet hij hun borsten op en neer bewegen als ze over de baan rennen. Als de kortste van de twee vrouwen voorover bukt om een bal op te rapen krijgt Kobus een stijve. Zo staat hij een paar minuten met een grijns op zijn gezicht aan het hek te kijken. Verstrikt in zijn fantasie heeft hij niet in de gaten dat lange slanke hem door heeft en naar het hek toeloopt.
"Meneer, wat doet u hier?"
Kobus schrikt op. "Huh, ik stond gewoon even te kijken. Jullie zijn lekker bezig."
"We vinden het niet zo prettig dat u hier zo staat te gluren. Kunt u alstublieft weggaan?"
"Rustig maar moppie", anwoordt Kobus terwijl hij zonder schaamte over de bobbel in zijn broek wrijft. "Ik ga lekker een pilsie halen." Hij steekt een sigaret op en wandelt rustig richting clubhuis.
Eenmaal uitgerookt schiet hij zijn sigarettenpeuk in de struiken en gaat het clubhuis binnen. Het is er nog rustig. Wat kinderen staan op de tennisleraar te wachten en aan een lange tafel zit een groepje oudere vrouwen aan de koffie. Kobus baalt ervan dat er geen mooie meiden zijn. Hij bestelt een biertje en gaat aan een tafeltje zitten. 'Even een pilsie en dan ben ik pleite', denkt hij. 'Kan ik mooi nog even naar de hockeyclub. Volgens mij speelt dames 1 thuis.'
Twee luidruchtige mannen van een jaar of 50 komen binnen. De één draagt zijn trui nonchalant over zijn schouders en de ander heeft een blazer aan. Kobus mag ze meteen al niet. Hij heeft sowieso al een hekel aan kakkers, maar in het bijzonder aan dit soort types dat elkaar voortdurend bij de achternaam noemt. De mannen bestellen witte wijn en gaan tot ergernis van Kobus aan het tafeltje direct achter hem zitten.
De kakkers, die Van Baveren en Blomberg blijken te heten, zitten een elkaar een beetje af te troeven. Kobus hoort van alles over hun succesvolle bedrijven, dure auto's, villa's en verre vakanties. Het interesseert hem allemaal helemaal niks. Als hij zijn biertje bijna op heeft komt het gesprek van de mannen op de studies van hun kinderen.
"Hoe gaat het nou met die Roderik van jou Van Baveren? Is die nou eindelijk eens klaar met de middelbare school?"
"Zeker Blomberg, hij was vorig jaar al klaar en heeft een jaar gereisd. Na de zomer gaat hij bedrijfskunde studeren. Wel zo makkelijk als hij later de zaak overneemt."
"Wordt hij ook lid van de vereniging?"
"Ja, natuurlijk. Hij wil niet onderdoen voor zijn oude heer. En als hij eenmaal lid is wil hij ook in 'Huize De Gouden Sleutel' wonen."
"Ons oude huisje, Van Baveren, wat leuk. Maar dat zal niet makkelijk worden. Er zal wel een flinke wachtlijst zijn. Of bestaat het verwenkamertje soms niet meer? Ik heb daar in die jaren wel 100 keer gebruik van gemaakt. Soms vind ik het jammer dat oud-bewoners er niet meer terecht kunnen."
Kobus was van plan om weg te gaan, maar besluit nu toch nog even te blijven. Met gespitste oren zit hij te luisteren naar de twee brallers.
"Anders ik wel Blomberg. Ik zat iedere week wel een paar keer in dat kamertje onder de trap. Ik heb even navraag gedaan bij De Vries. Volgens hem is het kamertje er nog en is de afspraak met de buren ook nog hetzelfde als toen wij er woonden. Ik heb vanmiddag om 13:00 uur afgesproken met de huisoudste. Als oud-voorzitter van de vereniging is het een koud kunstje om Roderik daar aan een kamer te helpen."
De telefoon van Van Baveren gaat. "Sorry Blomberg, deze moet ik even nemen. Ik ben zo terug." Druk telefonerend loopt Van Baveren naar buiten.
Kobus staat op. Hij heeft genoeg gehoord en heeft een plannetje. Bij de bar informeert hij waar de gevonden voorwerpen liggen. De jongen achter de bar wijst verveeld op een kast in de hoek. Kobus opent de kast en zoekt tussen de gevonden kledingstukken. Hij vindt een ribbroek, een lichtblauwe polo en een spencer. "Ik heb ze gevonden hoor", roept hij. De jongen steekt zonder te kijken zijn duim omhoog.
Op weg naar de uitgang van het clubhuis loopt Kobus langs het tafeltje van Van Baveren en Blomberg. Van Baveren is nog niet terug. Als Kobus ziet dat ook Blomberg zijn telefoon heeft gepakt en druk zit te appen, ruikt hij een buitenkansje. De blazer van Van Baveren hangt onbeheerd over zijn stoel. Kobus knielt en doet net of hij zijn veters strikt. Met een vlugge beweging schiet zijn hand in de zak van de blazer. Een seconde later stopt hij Van Baveren's geldclip en rijbewijs in zijn broekzak en loopt met de kledingstukken in zijn armen rustig het clubhuis uit.
Eenmaal thuis constateert Kobus dat er 3 briefjes van € 50 in de geldclip van Van Baveren zitten. Hij start zijn laptop op en zoekt de locatie van 'Huize De Gouden Sleutel'. Dan kleedt hij zich om en bekijkt tevreden het resultaat in de spiegel. In de ribbroek, polo en spencer herkent hij zichzelf bijna niet terug. "Op naar de stad", zegt hij tegen zijn spiegelbeeld. Hij steekt de geldclip in zijn zak en grist zijn autosleutels van tafel.
Kobus parkeert om de hoek bij 'Huize De Gouden Sleutel' zodat zijn armoedige wagentje geen argwaan kan wekken. Om 12:00 uur precies belt hij aan. Een slungelachtige jongen met een bril doet open. "Goedemiddag" zegt Kobus. Ik heb om 13:00 uur een afspraak met de huisoudste."
"Dan bent u veel te vroeg. Burgmeijer ligt nog te slapen", antwoordt de jongen. "Iedereen trouwens nog. We hadden gisterenavond een huisfeest."
"Dat geeft niet. Ik ben inderdaad wat aan de vroege kant. Mag ik anders even binnen wachten. Ik heb hier vroeger ook gewoond en was voorzitter van de vereniging. Van Baveren is de naam."
De jongen schrikt. "Neemt u me niet kwalijk meneer Van Baveren. Ik had u niet herkend. Komt u toch binnen. Wilt u wat drinken?"
"Doe maar een biertje", antwoordt Kobus terwijl hij achter de jongen aan door de gang loopt. Ondertussen kijkt hij goed rond. Onder de trap ziet hij een laag deurtje. "Wordt het verwenkamertje nog gebruikt?", vraagt hij.
"Jazeker", anwoordt de jongen, terwijl hij een flesje bier aan Kobus geeft. "Als eerstejaars mag ik er niet komen, maar de rest van het huis kan er 24 uur per dag terecht."
"Ik ga er even een kijkje nemen", zegt Kobus. "
"Dat kan helaas niet meneer Van Baveren. Het verwenkamertje is alleen voor huidige bewoners. We betalen er een hoop extra voor."
"Ach, wat kan jou het schelen?", zegt Kobus. "Niemand heeft me hier gezien". Hij haalt Van Baverens geldclip uit zijn broekzak en geeft een biljet van € 50 aan de jongen. "En jij hebt me ook niet gezien, toch?"
De jongen kijkt schichtig om zich heen en stopt het biljet vlug in zijn zak. "Tot uw dienst meneer Van Baveren", zegt hij terwijl hij terugloopt naar de keuken.
Kobus opent het deurtje onder de trap. Nadat hij het lichtknopje gevonden heeft springt een zwak lampje aan. Hij sluit de deur achter zich en laat zijn ogen enkele tellen wennen aan het halfduister. Het kamertje blijkt niet meer dan een ruime trapkast te zijn. Kobus ziet tegen de wand direct naast het deurtje een stoppenkast en de watermeter. De wand tegenover het deurtje is van hout. Op een hoogte van ongeveer een meter is een rond gat gezaagd. Het gat heeft een doorsnee van ongeveer 10 centimeter en is afgesloten met een dekseltje. Op een statafeltje naast het gat is het knopje van een deurbel gemonteerd en staat een asbak.
Als Kobus het dekseltje verwijdert en door het gat kijkt ziet hij de woonkamer van het buurpand. Zo te zien is dat ook een studentenhuis. Op een afgeragde bank ligt een roodharige vrouw in een joggingpak te appen. Kobus besluit op de deurbel te drukken. Door het gat hoort hij een schel belletje klingelen. De vrouw kijkt verschrikt op. "Annefleur, Annefleur, het is jouw beurt sweety. Er is er kennelijk alweer één wakker", roept ze.
"Please Henriette, wil je het even een keer van me overnemen?", hoort Kobus. "Nee lievie, vandaag niet. Ik heb er gisteren al genoeg gehad." Als hij weer in de kamer kijkt ziet hij dat de roodharige vrouw weer op haar telefoon bezig is. Een brunette komt de kamer binnen en loopt richting het gat. Kobus hoort haar diep zuchten als ze aan de andere kant van het wandje staat. "Laat je pinkeltje maar eens zien", zegt ze. "Dan kunnen we beginnen."
Kobus doet zijn broek naar beneden en steekt zijn slappe lul door het gat. "Oh my God, kijk dan wat een grote", hoort hij Annefleur zeggen. Hij voelt dat ze zijn pik in haar hand neemt en er zachtjes aan begint te trekken. "Ik zal je eens goed verwennen."
Aan de andere kant van het wandje neemt Kobus een paar slokken bier. Het duurt wat langer dan anders, maar dan komt zijn pik langzaam omhoog. Als hij halfstijf houdt Annefleur op met trekken. Kobus hoort wat gestommel en voelt dan dat ze hem in haar mond neemt.
Het is Kobus al snel duidelijk dat hij niet bepaald de eerste is die door Annefleur gepijpt wordt. Als buur van het verwenkamertje kan dat ook bijna niet anders. Behendig zuigt ze aan zijn pik en neemt hem af en toe diep in haar mond. Dan weer voelt Kobus hoe ze met haar tong langs de rand van zijn eikel gaat. Na nog geen minuut heeft hij een keiharde lul.
Hij steekt een sigaret op en staat met zijn ogen dicht te genieten van de diensten van Annefleur. Gelukkig is hij ervaren genoeg om niet te snel klaar te komen. Als zijn sigaret op is trekt hij plots zijn pik terug. "Heej, wat is dat nou", hoort hij haar aan de andere kant van het wandje zeggen. "Kom eens terug, anders kan ik het niet afmaken."
Kobus wil meer dan alleen maar lekker gepijpt worden. "Plaats je kutje eens tegen het gat", zegt hij op bevelende toon.
"Echt niet, de afspraak is alleen trekken en pijpen. Voor meer ga je maar naar de hoeren."
Kobus pakt een biljet van € 50 uit Van Baverens geldclip en steekt het door het gat. "Je hoeft het niet voor niets te doen", zegt hij. " Wat denk je hiervan?"
Annefleur neemt het biljet aan, maar begrijpt ook dat ze met een half klaargepijpte geile vent aan de andere kant van het wandje een prima onderhandelingspositie heeft. "Dat is veel te weinig", zegt ze. "Ik ben geen goedkope slet."
"Ik doe er nog € 50 bij", stelt Kobus voor terwijl hij ook het laatste biljet uit de geldclip door het gat steekt.
"Oké dan", zegt Annefleur. "Maar je mag niet in me klaarkomen, begrijp je dat? Anders ga flink pijn lijden. Vergeet niet dat je pik aan deze kant van het muurtje is."
"Jaja, maak je maar geen zorgen. Ik begrijp je en ben een man van mijn woord."
Annefleur trekt haar broek en slipje naar beneden en maakt met wat spuug haar gleuf nat. Dan gaat ze met haar rug tegen het wandje staan en manoeuvreert haar schelpje strak tegen het gat. Van zijn kant van het muurtje duwt Kobus zijn harde pik centimeter voor centimeter bij haar naar binnen. Het wandje zit een beetje in de weg, maar gelukkig is hij dermate groot geschapen dat hij toch nog behoorlijk diep in haar kan. Hij voelt hoe hij haar van binnen oprekt. "Zet je schrap", zegt hij als hij helemaal in het studentenkutje zit.
Dan begint hij haar rustig te nemen waarbij hij afwisselend dieper en minder diep stoot. Na een paar minuten voert hij het tempo en de intensiteit van de stoten op. Zweet gutst van zijn voorhoofd terwijl Annefleur steeds meer moeite moet doen om in positie te blijven. Haar ingehouden gekreun spoort Kobus aan om nog een tandje bij te zetten. Hij neukt haar nu op volle kracht en voelt dat hij dit niet lang meer gaat volhouden.
Nog een paar stoten en dan voelt Kobus zijn ballen samentrekken. Geen seconde te vroeg trekt hij zijn pik terug. Luid kreunend spuit hij het hele verwenkamertje onder. Zijn zaad druipt van de muren. "Dank je wel geile beer", hoort hij Annefleur zeggen. "Hopelijk was het voor jou net zo lekker als voor mij."
Kobus antwoordt niet. In plaats daarvan sluit hij het gat weer af met het dekseltje. "Zo, we zijn weer alleen. Nu nog even een geintje uithalen met Van Baveren". Hij gooit de lege geldclip en het rijbewijs van Van Baveren onder het statafeltje."Die heeft nog heel wat uit te leggen voordat zijn zoon hier kan wonen", mompelt hij lachend. Dan gaat hij door het deurtje de lege gang in en verlaat ongezien het pand.
Een kwartier later arriveert de echte Van Baveren bij het studentenhuis. Kobus zit dan al lang weer in zijn autootje en is op weg naar nieuwe avonturen.