Het is exact een week geleden dat Janssens mij confronteerde met mijn diplomaprobleem, “diplomafraude” noemde hij het. Sinds is er op zich niets meer gebeurd, maar aan de andere kant ook juist heel veel.
Janssens heeft blijkbaar aan de collega’s verteld dat we de meningsverschillen die onze werkrelatie al jaren verstoren, hebben uitgepraat. Waar we mekaar in het verleden zoveel mogelijk vermeden, zorgt hij nu dat we mekaar meerdere keren per dag kruisen. ’s Morgens komt hij me dan heel zichtbaar een kus op de wang geven, wat in onze werkomgeving sowieso ongebruikelijk is. Collega’s vinden het raar, maar beschouwen het als een wat geforceerde manier van Janssens om te tonen dat alles is bijgelegd.
Als ik uit gewoonte “meneer Janssens” tegen hem zeg, kijkt hij me afkeurend aan zodat ik me herpak en , zoals opgedragen, hem als Roger aanspreek. Dat is iets wat bij de collega’s minder opvalt, omdat we onderling de gewoonte hebben om mekaar met de voornaam aan te spreken. Maar voor mezelf is het ten opzichte van Janssens- Roger dus – wel wennen.
In mijn hoofd is er heel veel veranderd. Het gebeuren laat me eigenlijk geen seconde meer los.
Langs de ene kant denk ik dat het allemaal nog behoorlijk is meegevallen. Ik besef dat ik uit een wat preuts milieu kom en het voor mij dus grootser aanvoelt dan het eigenlijk is. Hij heeft ten slotte alleen maar wat dieper in mijn décolleté gekeken en hij heeft mijn billen gezien, maar dat kunnen vele mannen wekelijks in het zwembad. Maar ik besef ook dat het allemaal veel erger had gekund.
Het hangt ook constant als een zwaard van Damocles boven mijn hoofd. Het eerste wat ik doe als ik opsta, is op mijn gsm kijken om te zien of hij geen instructie heeft verzonden. En ontelbare keren per dag ga ik kijken om te zien of ik geen meldingsgeluidje heb gemist. Die onzekerheid maakt me erg onrustig.
Dan denk ik terug aan het moment waarop ik in zijn kantoor stond en voorovergebogen mijn jurk moest optillen zodat hij mijn billen kon zien. Hij had de totale macht over mij en die kan hij op ieder moment terug grijpen. Dat voelt beangstigend. Maar, en daar schaam ik me diep voor, het voelt ook opwindend. Ik weet niet hoe dat kan, maar het bezorgt me ook kriebels.
Vandaag hebben we directiecomité, het eerste sinds ik mij volledig naar hem moet schikken. Er hangt een uitbundige sfeer in het vergaderlokaal. Iedereen is op de hoogte dat Janssens en ik onze meningsverschillen bijgelegd hebben. De verwachting is dat het een ontspannen vergadering zal worden. Collega directieleden voelen zich ook wat bevrijd. Als Janssens en ik niet constant met mekaar in de clinch gaan, moeten zij ook geen partij kiezen en hun woorden wikken en wegen.
Voor mezelf is het een moeilijke oefening. De punten die Janssens geagendeerd heeft, zijn weer allemaal repressief ten opzichte van het personeel, terwijl ik juist heel sterk geloof in het motiverende van verantwoordelijkheid. Het is echt met pijn in het hart dat ik mijn mond houd en netjes meestem.
Het heeft één voordeel en daar is iedereen heel enthousiast over: de vergadering is een paar uur eerder gedaan dan normaal.
“We kunnen wat vroeger naar huis, of hebben wat extra tijd om wat dingen bij te werken”, besluit de voorzitter, “ik bedank jullie voor de vlotte vergadering en wens jullie nog een fijne avond!”
“Veerle”, pikt Janssens in, “ik wil nog enkele dossiers met je doornemen. Kom je nog langs op mijn kantoor?”
“Leuk dat jullie mekaar echt hebben gevonden”, repliceert de voorzitter, maar zelf krijg ik het warm en koud tegelijk. Wil hij echt dossiers met me doornemen of wordt het iets zoals vorige week? Ben ik wel toonbaar? Ik heb een oerklassiek slipje aan en een saaie bh? En ik heb geen deo bij me…
Mijn gedachten maken me helemaal overstuur. Ik wil niet opnieuw meemaken wat er vorige week gebeurde en anderzijds zit ik me af te vragen of ik er wel aantrekkelijk genoeg uitzie. Erg verwarrend allemaal…
Ik volg Janssens naar zijn kantoor. De weg lijkt langer dan hij is. Ik wil zo gewoon mogelijk doen en zoek wat sociaal talk, maar ik vind geen woorden. Ook Janssens zwijgt en misschien beeld ik het me maar in, maar hij lijkt ook gestresseerd te zijn.
Hij laat me galant als eerste zijn kantoor binnen en biedt me een stoel aan. Oef, denk ik, ik zal geen rondjes hoeven te draaien zoals vorige keer.
“Neem je agenda er even bij, ik wil iets met je vastleggen”, zegt Janssens, “ben je dinsdagavond vrij?” Ik vraag me af welke activiteit er zou kunnen zijn waar we dinsdagavond naartoe moeten. Maar ik durf het hem niet vragen. Ik probeer wat tijd te rekken om na te gaan hoe ik op deze vraag moet reageren, maar ik weet niets te bedenken. En in mijn agenda staat ook niets op dinsdag. Dus ik bevestig.
“Blokkeer die avond dan maar, dan gaan we in Nederland naar de sauna, Thermae 2000 in Valkenburg”
Op automatische piloot tik ik op mijn GSM “Nederland”, maar mijn vingers trillen. Ik ben nog nooit in een openbare sauna geweest. Al die mensen die daar naakt rondlopen en naar je zitten te gapen, ik mag er niet aan denken. Ik heb eens één keer met Bart een privé-sauna gedaan, maar zelfs dat sprak ons eigenlijk niet aan.
“Roger, dat kan je niet van mij verlangen. Ik heb je op het directiecomité blindelings gevolgd, maar dit wil ik niet.”
“Zolang jij van mij verlangt dat ik jouw diplomafraude verzwijg, verlang ik van jou wat ik wil. Dat is onze afspraak.”
Ik leg Roger uit dat ik nog nooit naar een sauna ben geweest, dat dit een te grote stap voor mij is.
“Ik zal je erin begeleiden”, zegt hij vriendelijk, maar kordaat. “Ik zal je al wat voorbereiden, sta maar eens recht”
“Hoe bedoel je?”, stamel ik. Maar hij duldt geen getreuzel, “Sta recht!”
Ik sta recht, en Roger komt voor me staan. Ik bedenk me dat er in tegenstelling tot vorige week, voor Janssens weinig te bekijken valt. Ik ben casual gekleed, een lange broek en een trui. “Ik ben hier niet op voorbereid”, stamel ik, “je had me een bericht moeten sturen, dan had ik me anders gekleed.” Ik sta versteld van mijn eigen woorden. Hoe stom kan je zijn! Zo geef ik hem helemaal vrijgeleide om in de toekomst mijn kledij te dicteren.
Ik was zo naïef te denken dat Janssens zijn plannen zou uitstellen. Maar dat blijk wishful thinking.
“Doe je trui uit”. Hij zegt het zo indringend dat het meteen duidelijk is dat ik hier geen discussie moet over beginnen. Ik trek mijn trui uit, en vreemd genoeg ben ik meer bezorgd over wat hij van mijn doordeweekse bh zal vinden, dan hoe hij naar mijn lichaam zal kijken.
Roger zet een stap dichter bij en weer slaat de paniek bij me toe. “Je weet wat ik vorige week gezegd heb, als je me durft aanraken schreeuw ik de hele gang hier bij elkaar.”
“Maak je geen zorgen”, zegt hij kalm, “alles op zijn tijd.” Ik besef dat het slechts uitstel is, maar voorlopig biedt het me wat veiligheid.
“Leg jouw handen in jouw nek”, is zijn volgende instructie. Ik doe het en duw daardoor mijn borsten vooruit. Roger geeft zijn ogen de kost. “Prachtige tieten heb je”, zegt hij terwijl hij er begerig naar kijkt, “ooit komt de dag dat ik ze in mijn handen zal hebben, ze zal kneden en aan jouw tepels zal zuigen.” Ik word er helemaal heet van. En mijn tepels worden hard en duwen tegen de stof. Roger ziet het, en hij geniet.
“Ellenbogen naar achter!”. Mijn borsten duwen zich nog meer naar voor en mijn tepels tekenen zich nog duidelijker. Roger komt nog dichter bij, we scheiden maar enkele centimeters. “Laat me jouw oksel ruiken!”
Wat vraag hij nu? “Roger, dat kan niet, ik heb sinds deze ochtend geen deo meer gebruikt.”
Maar Roger wil geen deo, hij wil de geur van mijn lijf. Ik vind het zo vernederend, maar draai mijn linker oksel nog meer naar zijn neus. Hij ademt diep in, en dan weer uit. Zijn adem streelt mijn borsten. Ik weet niet welke geur hij in zich opneemt, maar ik weet dat ik zweet. Ik ben zo diep beschaamd. Maar Roger geniet. Hij fluistert in mijn oor “jij bent zo een lekker wijf, zalig!”
Ik tintel over heel mijn lichaam.
Roger zet weer een stap achteruit. Ik weet niet of dit het einde van de sessie aankondigt. Als dat zo is, weet ik zelfs niet of het mij oplucht, of juist niet. Er zit zoveel tegenstrijdigheid in mijn hoofd.
“Doe nu jouw broek maar uit”, zegt Roger. Ik weet niet wat er met mij aan de hand is. Normaal zou ik nu in paniek slaan, maar deze instructie windt me op. Ik stap uit mijn broek en sta voor Roger te pronken. Enkel een slipje en een bh heb ik nog aan.
Hij kijkt naar mijn lange benen, dan weer naar mijn borsten, dan recht in mijn ogen. “Bedankt dat je met jouw diploma gefoefeld hebt”, zegt hij sarcastisch, maar ook lief.
Hoe lang we daar zo gestaan hebben, weet ik niet. Maar hij bleef maar kijken, en ik…bleef pronken.
Hij wenkte me naar zijn bureau. “Zet je maar op de rand”. Hij maakte plaats achter me en nodigde me uit om op mijn rug te liggen. Het bureaublad voelde ijskoud, maar het kon de hitte van mijn lichaam niet blussen. “Zet jouw voeten op het bureaublad, benen groot open en duw jouw kontje omhoog”. Ik doe wat me wordt opgedragen. Het voelt als een totale overgave. Maar Roger kent een overtreffende trap. “ik ga jouw kutje ruiken”
Ik word gek en licht in mijn hoofd. Ik voel het tussen mijn benen nat worden, en niet zo maar een beetje. Roger ziet het. Hij snuift de geur van mijn kutje, lichtjes gefilterd door mijn slipje.
Mijn verlangen wordt te groot, onweerstaanbaar. “Neem me”, fluister ik, “ik wil helemaal van jou zijn.
“Vandaag nog niet”, antwoordt Roger, “ik heb beloofd je niet aan te raken.”