78.884 Gratis Sexverhalen
Houd jij ook van een beetje kinky?
A+ - a-

De Stalker - 18

Door: Leen

Datum: 30-10-2026 | Cijfer: 9.5 | Gelezen: 58
Lengte: Lang | Leestijd: 23 minuten | Lezers Online: 2
Trefwoord(en): Dwang,

Vervolg op: De Stalker - 17: De Straf

De Confrontatie

ELINE

Het kristallen glas spat tegen de muur naast de boekenkast uiteen. Bruine vloeistof trekt een kleverig spoor omlaag en druipt op het eikenhouten parket. Ik verroer me niet. Ik zit op de crèmekleurige designbank, mijn linkerbeen over mijn rechterknie geslagen. Onder mijn zijden blouse kloppen de blauwe plekken op mijn ribben en de beet in mijn nek nog na van vanmiddag. Vergeleken met de man die me in motelkamer veertien tegen het matras drukte, is de man die nu midden in onze verwoeste woonkamer staat niet meer dan een kooivechter die beseft dat de deur op slot zit.

De onderste planken van de ingebouwde kasten zijn leeggehaald; stapels jaarverslagen en ordners liggen met geknikte ruggen over de vloer. De kussens van de fauteuils zijn opengesneden. Op het dressoir staat de lade uit zijn werkkamer op zijn kop. Richard staat voor de glazen salontafel. Zijn zware ademhaling vult de ruimte, begeleid door het monotone kletteren van de slagregen tegen het enorme schuifraam achter hem. Zijn witte overhemd hangt half uit zijn pantalon en plakt van het zweet tegen zijn borst. Hij zoekt niet meer. Dat stadium is hij een uur geleden gepasseerd, toen ik de oprit opreed en de sleutel in het voordeurslot stak. Hij stond me al in de hal op te wachten.

Zijn bloeddoorlopen ogen zijn strak op mij gericht. Op de wandklok boven de haard kruipen de wijzers richting acht uur 's avonds. Over minder dan twee uur stijgt er op Schiphol een vliegtuig op naar Miami. Zonder hem. En zonder de miljoenen die nog altijd bevroren op zijn zakelijke rekeningen staan, veilig achter een digitaal slot waarvan de sleutel — in huishoudfolie gewikkeld — achter de plint van onze vaatwasser ligt.

Richard pakt de halflege fles Chivas Regal van het glasblad, zet hem aan zijn mond en neemt een grote slok. Hij veegt met de rug van zijn hand langs zijn lippen. "We gaan een spelletje spelen, Eline," zegt hij. Zijn stem is schor, maar gevaarlijk laag. Hij probeert het laatste restje van zijn zakelijke autoriteit bij elkaar te schrapen. "Jij gaat nu naar boven, of naar de garage, of waar je dat ding ook hebt verborgen. Je pakt het, je legt het hier op tafel, en dan doen we allebei alsof deze dag nooit heeft plaatsgevonden."

Ik kijk hem aan. Mijn gezicht blijft volkomen vlak. Ik pak mijn kopje afgekoelde thee van de armleuning en neem een klein slokje. "Ik heb geen idee waar je het over hebt, Richard," zeg ik rustig. "Maar als je nog een glas tegen de muur gooit, mag je het morgen zelf opruimen. De schoonmaakster komt pas dinsdag weer." Een spier in zijn kaak trekt samen. Hij zet de fles met een harde klap terug op de glazen tafel en leunt met beide handen op het blad. "Stop met die poppenkast," sist hij. "Er is hier niemand binnengeweest. Het alarm stond op. De achterdeur zat op het nachtslot. Jij was vannacht beneden. Om kwart over twee." Ik trek mijn wenkbrauwen een fractie op. "Ik heb een glas water gehaald in de keuken. Dat zei ik toch?"

"Denk je dat ik achterlijk ben?” Hij stoot een kort, vreugdeloos lachje uit en tikt met zijn wijsvinger tegen zijn slaap. “Trouwens, waar was je de hele dag?!"

"Lunchen in de stad," lieg ik zonder te knipperen. "En ik had geen zin in je ochtendhumeur. Je drinkt te veel de laatste tijd. Kijk eens om je heen. Je hebt onze hele woonkamer gesloopt om... wat eigenlijk? Een rekenmachientje van de zaak?" Ik zie hoe hij op zijn tong bijt. Het is fascinerend om te zien hoe zijn brein op volle toeren draait. Hij kan me de waarheid niet vertellen. Hij kan niet schreeuwen dat hij om tien uur in een vliegtuig naar Florida moest zitten met zijn minnares. Hij denkt nog steeds dat ik het domme, onwetende vrouwtje ben dat toevallig op iets waardevols is gestuit, misschien uit jaloezie of om hem te pesten.

Hij haalt diep adem door zijn neus en komt overeind. Hij probeert een redelijke, bijna vaderlijke toon aan te slaan, al verraadt het trillen van zijn vingers zijn blinde paniek. "Luister naar me," zegt hij gedempt. "Dat 'rekenmachientje' is mijn zakelijke e-banking token. En mijn zwarte notitieboekje lag ernaast. De accountants zijn bezig met de jaarafsluiting voor de holding. Ik moet vanavond voor middernacht een reeks internationale garanties goedkeuren. Als ik die codes niet invoer, loopt het bedrijf maandag een boete op van een half miljoen euro." Hij loopt om de tafel heen en blijft vlak voor me staan. De zure walm van zweet en oude whisky slaat over me heen. "Ik weet niet wat je hiermee wilt bereiken, Eline," vervolgt hij. Zijn stem klinkt dwingend. "Wil je aandacht? Ben je boos omdat ik de laatste weken laat thuis was? Prima. Punt gemaakt. Je hebt me laten zweten. Maar het spelletje is nu voorbij. Geef het terug. Daarna zal ik je aandacht geven… Wa wil je? Een nieuwe auto, een tripje naar Parijs? Het kan me niet schelen. Maar geef me die token."

Ik kijk omhoog naar de man die zeven jaar lang naast me in bed heeft gelegen. De man die zelfs nu, met het water aan de lippen, nog denkt dat hij me kan afkopen met een handtas of een stedentripje. "Een boete van een half miljoen," herhaal ik langzaam. Ik zet mijn theekopje op de vloer naast de bank. "Wat vervelend voor de aandeelhouders. Maar je kunt toch gewoon even je compagnon bellen? Of de bank? Als het een legitieme zakelijke transactie is, lossen ze dat vast wel voor je op."

De stilte die valt is ijzig. Richard staart op me neer. Ik zie wanneer het kwartje begint te vallen. Door mijn woordkeuze. Een legitieme zakelijke transactie. "Wat zei je daar?" vraagt hij zacht.

Ik laat mijn linkerbeen traag van mijn rechterknie glijden en zet beide voeten plat op het parket. Ik leun een stukje naar voren. "En wat je zwarte notitieboekje betreft," ga ik op dezelfde kalme toon verder. "Bedoel je dat boekje dat achterin je bovenste la lag? Onder de bankdossiers van Zürich?" Richards gezicht trekt wit weg. De grauwe kleur onder zijn ogen steekt plotseling scherp af tegen zijn huid. "Of bedoel je de glanzende envelop die onder de uitgeprinte e-mail van de makelaar lag?" Mijn stem is nu vlijmscherp en snijdt door het geruis van de regen heen. "Degene met de spoedtaxatie voor maandag? Waarin staat dat de sloten van dit huis vervangen moeten worden terwijl jij op het strand van Miami ligt?"

Zijn mond valt een fractie open. Hij beseft dat ik niet zomaar iets heb gepakt; hij beseft dat ik alles weet. "Jij..." brengt hij schor uit.

"Hoe laat vertrekt je vlucht eigenlijk, Richard?" vraag ik, terwijl ik mijn hoofd lichtjes schuin houd. "Tien uur? Half elf? Ik hoop dat je minnares een goed boek heeft meegenomen terwijl ze op je wacht, want je gaat het niet halen."

Het masker van de beheerste zakenman spat in één klap uit elkaar. De vernedering dat ík — zijn stille, volgzame trofee — hem achter zijn rug om volledig heb uitgekleed, werkt als een vonk in een kruitvat. Zijn gezicht loopt donkerrood aan en de aderen in zijn hals zwellen op. "Jij vuile, achterbakse teef!" brult hij. Voordat ik overeind kan komen, schopt hij de glazen salontafel met een woeste trap opzij. Het zware meubelstuk schuift met een snerpend geluid over het parket. Richard duikt naar voren. Zijn grote handen grijpen de kraag van mijn blouse. De fijne stof scheurt met een scherp geluid in tweeën. De knoopjes springen alle kanten op. Met een brute ruk sleurt hij me van de bank af. Ik verlies mijn evenwicht en klap met mijn volle gewicht voorover. Mijn knieën smakken hard op de vloer. Een felle, stekende pijn schiet vanuit mijn knieschijven omhoog door mijn bovenbenen, waardoor mijn adem stokt.

Richard laat me niet los. Hij trekt me aan mijn gescheurde kleding half omhoog en smakt me met mijn rug hard tegen de zijkant van de bank. "Waar is het?!" schreeuwt hij. Het speeksel vliegt in mijn gezicht. "Waar heb je het gelaten?! Denk je dat je mij kapot kunt maken?! Dat is míjn geld! Ik heb ervoor gewerkt! Jij niet! Je bent een parasiet die zeven jaar lang op mijn zak heeft geteerd!" Hij pakt mijn schouders vast en schudt me zo wild door elkaar dat mijn hoofd achterover klapt tegen het leer van de zitting. De gekneusde ribben in mijn zij vlammen op van de pijn. "Zeg het me!" krijst hij. Zijn stem slaat over van pure hysterie. "Ik heb nog anderhalf uur! En ik zweer het je, Eline, jij gaat hiervoor boeten! Als het moet, sla ik je hier ter plekke dood!" Hij haalt uit. Zijn vlakke hand klapt met een doffe dreun vol tegen mijn wang. Mijn hoofd zwiept opzij. Mijn oor suist onmiddellijk en de oude snee in mijn onderlip — het werk van de stalker vanmiddag — springt direct weer open. Warm bloed loopt over mijn tong.

Langzaam draai ik mijn hoofd terug in zijn richting. Mijn ademhaling jaagt door mijn neus, mijn hart beukt tegen mijn ribben, maar ik krimp niet in elkaar. Ik spuug een klodder bloed en speeksel recht op zijn witte overhemd. "Ga je gang," rasp ik hees. "Sla me. Die token zie je nooit meer."

Richards ogen puilen uit. Het rode waas van zijn dronken razernij neemt het volledig over. Hij grijpt met één hand een volle vuist van mijn koperblonde haar en trekt me langs de bank omlaag, tot ik plat op mijn rug op het parket lig. Hij laat zich met zijn knieën aan weerszijden van mijn heupen vallen en pint me met zijn volle gewicht vast op de vloer. Zijn andere hand schiet naar voor en klemt zich als een bankschroef om mijn keel. Richard drukt zijn hand met zijn volle gewicht recht op mijn luchtpijp.

Mijn ademhaling stopt abrupt. Het kraakbeen in mijn hals kraakt onder de druk. Mijn handen schieten omhoog naar zijn polsen. Ik zet mijn nagels zo diep in zijn huid dat ik zijn vlees openhaal, maar hij merkt het niet eens. Mijn benen trappen wild over de vloer; mijn hielen bonken tegen het parket. Mijn longen branden. Het bloed stuwt met een oorverdovend gebonk naar mijn slapen. "Waar?!" brult Richard boven me. Het zweet druppelt van zijn kin op mijn gezicht. Hij knijpt nog harder, leunt met zijn hele bovenlichaam op mijn hals. Zijn stem klinkt vervormd, alsof hij van heel ver weg roept. “Waar ligt het, verdomme?! Praat!"

Mijn borstkas trekt krampachtig samen in een wanhopige reflex om zuurstof binnen te trekken die er niet is. Zwarte vlekken beginnen aan de randen van mijn gezichtsveld te dansen. Mijn vingers verliezen hun grip op zijn bezwete onderarmen. Door de donkere tunnel voor mijn ogen heen zoek ik zijn blik. Ik weiger toe te geven. Met het allerlaatste restje kracht dat ik heb, vorm ik met mijn bebloede lippen één enkel, geluidloos woord. Nooit.

Richards gezicht vertrekt tot een onmenselijke grimas. Hij laat mijn haren los, trekt zijn rechterarm hoog op boven zijn schouder en balt zijn hand tot een vuist, klaar om mijn schedel tegen het eikenhout aan gort te slaan. Op het exacte moment dat zijn schouder naar voren schiet, explodeert de achterkant van de kamer. KNAL. Het geluid is zo oorverdovend dat de vloer onder mijn rug trilt. Het glas van het schuifraam spat in één gigantische klap uiteen. Duizenden stukjes glas worden als een hagelbui de woonkamer in geblazen. Ze kletteren tegen de muren en over het parket. De gure herfststorm en de ijskoude slagregen jagen brullend door het gapende gat naar binnen.

Richard bevriest. Zijn vuist blijft in de lucht hangen. De greep om mijn keel verslapt een fractie, terwijl hij zijn hoofd met een ruk omdraait. Uit de nevel van regenwater en dwarrelend glas stapt een zware, donkere gestalte over de sponning naar binnen. Zijn zwarte wollen mantel is doorweekt. Zijn ogen zijn strak gericht op de hand die nog altijd om mijn keel geklemd zit. Hij zegt geen woord. In drie passen overbrugt hij de afstand. Voordat Richard ook maar kan reageren, grijpt de stalker hem van achteren. Met zijn ene gehandschoende hand pakt hij Richard bij zijn kraag, met de andere grijpt hij zijn riem. Hij trekt mijn man van mij af.

Ik hap met een rauwe, gierende haal naar adem en rol direct op mijn zij. Ik hoest en kokhals, mijn hand tegen mijn gekneusde strottenhoofd gedrukt, terwijl de ijskoude herfstlucht mijn brandende longen binnenstroomt.

Door mijn tranende ogen heen zie ik hoe de stalker Richard met een brute zwaai achterwaarts door de kamer slingert. Richards lichaam smakt met een verpletterende klap midden op de glazen salontafel. Het dikke tafelblad bezwijkt en breekt met een oorverdovend gekraak in grote, gekartelde scherven. Het metalen frame klapt dubbel. Richard rolt kreunend door de ravage heen.

De stalker kijkt niet eens of hij blijft liggen. Hij stapt naar mij toe en laat zich op één knie naast me op het parket zakken. Zijn zwarte leren handschoenen zijn ijskoud en nat van de regen als hij mijn schouder vastpakt en me voorzichtig overeind helpt, tot ik met mijn rug tegen de bank leun. Zijn borstkas gaat zwaar op en neer. Zijn blik schiet over mijn gescheurde blouse, over het verse bloed op mijn kin en blijft dan haken bij de vurige, blauwrode vingerafdrukken die in mijn hals opzwellen. Een spier in zijn strakke kaak verstart. "Gaat het?" fluistert hij. Zijn stem is een lage, doodse trilling. Ik slik moeizaam tegen de stekende pijn in mijn keel in en knik langzaam ja. Ik kijk recht in zijn donkere ogen.

De stalker laat mijn schouder los en staat langzaam op. Hij draait zich om en plaatst zijn brede lichaam als een muur tussen mij en de rest van de kamer. Tussen de wrakstukken van de salontafel krabbelt Richard moeizaam overeind. Hij wankelt op zijn benen. In zijn rechterhand klemt hij een dertig centimeter lange, driehoekige glasscherf van het tafelblad. Hij heeft zijn blote vingers zo hard om het scherpe glas geklemd dat het zijn handpalm opensnijdt. "Wie ben jij?!" schreeuwt Richard. Zijn stem slaat over. Hij zwaait wild met de bebloede punt in de richting van het lange silhouet voor hem. "Dit is mijn huis! Rot op!" Hij heeft nog altijd geen flauw idee welk monster ik ons leven heb binnengelaten.

De stalker antwoordt niet. Hij zet één trage, beheerste stap naar voren.Zijn armen hangen ontspannen langs zijn lichaam. De totale stilte waarmee de indringer op hem afloopt, drijft Richard over de rand van de waanzin. "Blijf staan!" krijst Richard. "Ik zweer het je, ik maak je af!" Met een blinde, wanhopige brul stort Richard zich naar voren. Hij leunt met zijn volle gewicht naar voor en steekt met de lange glasscherf recht naar de borstkas van de stalker. Die stapt opzij, laat de dodelijke punt langs zijn mantel scheren en grijpt met zijn linkerhand Richards rechterpols midden in de beweging vast. Tegelijkertijd ramt hij de hiel van zijn rechterhand met een droge, explosieve klap recht tegen de buitenkant van Richards gestrekte elleboog. Knak. Het misselijkmakende geluid van een ontwricht en brekend gewricht snijdt door de kamer. Richards arm vouwt in een onnatuurlijke hoek naar binnen.

Een hoge, dierlijke schreeuw breekt uit Richards keel. De glasscherf valt uit zijn verlamde vingers... maar raakt de vloer niet. Met een bliksemsnelle reflex laat de stalker zijn rechterhand zakken en vangt het dikke, bebloede stuk glas midden in de lucht op bij het stompe uiteinde. Voordat Richard kan terugdeinzen, trekt de stalker hem aan zijn gebroken arm hard naar zich toe en ramt hij zijn knie vol in Richards maagstreek. De lucht klapt met een gorgelende stoot uit Richards longen. Hij vouwt dubbel. De stalker laat de pols los, grijpt Richard met zijn linkerhand van achteren bij zijn haren en trekt zijn hoofd bruut achterover.

Ik zit volkomen roerloos op de vloer en kijk toe. De ijskoude wind die door de kapotte pui naar binnen blaast, strijkt langs mijn blote borst, maar ik voel de kou niet. Richard hangt klem tegen het lichaam van de stalker. Zijn gezicht is naar mij gedraaid. Zijn wijd opengesperde ogen vinden de mijne. Er zit geen arrogantie meer in. Geen woede. Alleen nog maar een doodsangst. Zijn goede linkerhand klauwt wanhopig over de leren handschoen die zijn haar vasthoudt. Hij kijkt naar mij. Zijn lippen bewegen geluidloos. Eline. Help. Ik reageer niet. Ik wend mijn blik niet af. De man die mij vannacht wilde achterlaten voor de wolven, de man die twee minuten geleden zijn vingers nog in mijn strottenhoofd groef, kijkt nu in de spiegel van zijn eigen keuzes. In mijn borstkas heerst een absolute, ijzige leegte.

De stalker kijkt over Richards schouder heen recht in mijn ogen. Hij houdt mijn blik vast. Hij vraagt geen toestemming; hij dwingt me om getuige te zijn van het offer dat hij aan mijn voeten legt. Hij buigt zijn hoofd iets omlaag, tot zijn mond zich vlak bij Richards oor bevindt. "Ze is niet van jou," zegt de stalker. Zijn stem is laag en kalm. "Ze is nooit van jou geweest." Zijn rechterhand schiet naar voren. Met één korte beweging drijft hij de dertig centimeter lange punt van de glasscherf tot aan zijn vuist diep in de zijkant van Richards hals, en trekt hem dan met een felle ruk naar voren.

Richards hele lichaam schokt. Er klinkt geen schreeuw. Alleen een afgrijselijk, nat, borrelend geluid van lucht en bloed dat door een opengereten luchtpijp en halsslagader naar buiten gutst. Een donkerrode golf spuit over zijn witte overhemd en spat in fijne druppels op het parket. Het wanhopige gekrabbel van Richards vingers stopt vrijwel direct. Zijn benen zakken onder hem weg. Het licht in zijn ogen dooft razendsnel uit terwijl zijn pupillen wegdraaien.

De stalker houdt hem nog twee seconden aan zijn haren overeind, laat het glas los en opent dan zijn hand. Richard stort met een zware plof neer op zijn zij op het eikenhouten parket, midden tussen het papier en de scherven. Een dikke, donkere plas verspreidt zich in een angstaanjagend tempo vanuit zijn hals over de lichte houten planken. Zijn benen trekken nog één keer stuiptrekkend samen, en vallen dan definitief stil. Een loodzware stilte valt over de woonkamer. Het enige geluid dat overblijft is het striemen van de regen op het terras en het zachte tikken van de druppels.

Ik blijf zitten waar ik zit. Mijn ademhaling gaat traag en schurend door mijn pijnlijke keel. Ik staar naar het roerloze lichaam op nog geen twee meter afstand van mijn blote voeten. Boven het lijk staat de stalker. Zijn borstkas rijst en daalt zwaar. Langzaam trekt hij zijn met bloed besmeurde leren handschoenen één voor één van zijn handen en laat ze boven op het lichaam van mijn dode man vallen.

Hij stapt om de donkerrode plas heen en loopt over het knarsende glas naar mij toe. Voor de bank blijft hij staan. Hij torent hoog en donker boven me uit, de geur van regen, koud leer en de scherpe, koperachtige stank van vers bloed hangt als een wolk om hem heen. Langzaam zakt hij door zijn knieën, tot zijn gezicht zich op gelijke hoogte met het mijne bevindt. Hij steekt zijn blote rechterhand uit. Ik verstrak niet als zijn vingers mijn huid raken. Met een huiveringwekkende voorzichtigheid strijkt zijn warme duim over mijn gekneusde wang en veegt hij het bloed van mijn gespleten onderlip. Dezelfde hand die zojuist zonder enige aarzeling een keel doorsneed, raakt mij aan alsof ik van kostbaar porselein ben.

"Het is voorbij, Eline," zegt hij. Zijn stem is laag en schor. "Hij raakt je nooit meer aan." Ik laat mijn blik één seconde zakken naar de levenloze gestalte van Richard op de vloer, en kijk dan weer recht in de gitzwarte ogen van de man voor me. Er is geen weg meer terug. Op het moment dat ik vannacht die token stal, heb ik het vonnis getekend. Op het moment dat deze man de schuifraam brak, heeft hij het voltrokken. We zijn niet langer de jager en zijn prooi. Vanaf deze seconde zijn we met onzichtbare, bloedrode ketenen aan elkaar gesmeed. Hij is mijn moordenaar, mijn redder en mijn medeplichtige.

En ik ben de enige die de sleutel tot de miljoenen bezit. Mijn hartslag kalmeert. De laatste trilling verdwijnt uit mijn spieren. Ik leg mijn eigen hand langzaam op zijn pols en druk zijn handpalm iets vaster tegen mijn wang. Mijn stem is niet meer dan een hees fluisteren, maar klinkt ijzig en onverschrokken in de tochtige kamer. "Wat doen we met het lijk?" De stalker staart me aan. In het schemerlicht zie ik hoe de kille spanning rond zijn mondhoeken heel langzaam plaatsmaakt voor een trage, donkere glimlach.
Wat vond je van dit verhaal? Geef een cijfer!
5   6   7   8   9   10  
Favoriet
Terug Naar Boven
Leen
Extrim
Extrim (34)
Zoek jij een meesteres die houdt van spanning, aandacht en een goed gesprek?
🟢 Nu Online
Bekijk Mijn Profiel
Houd jij ook van een beetje kinky?
Houd jij ook van een beetje kinky?
Houd jij ook van een beetje kinky?
Houd jij ook van een beetje kinky?

Algemene Voorwaarden -  Contact -  FAQ
Bezoekers Online: 747 / Copyright 2000 - 2026 Opwindend.Net