Klik hier voor meer...
Donkere Modus
Door: Mitchy3nl
Datum: 19-02-2026 | Cijfer: 9.2 | Gelezen: 467
Lengte: Gemiddeld | Leestijd: 7 minuten | Lezers Online: 3
Trefwoord(en): Carnaval, Feest, Maastricht,
We glippen net de menigte weer in als Merel plotseling blijft staan. Ze vist haar telefoon uit de zak van haar rode jurkje (dat we inmiddels weer enigszins fatsoenlijk hebben dichtgeknoopt), kijkt op het scherm en begint te stralen.

“Fuck ja,” zegt ze met een ondeugende grijns. “Mijn dispuut stuurt net een bericht. Ze zitten in het oude Sphinxkwartier, in een van die fabrieksgebouwen die nu feestlocatie is. Iets met een besloten carnavalsparty – alleen genodigden, lekkere beats, veel bier en nog meer ruimte om ondeugend te doen.”

Ik kijk haar aan, nog na hijgend van alles wat er net gebeurd is. “Sphinx? Bedoel je die oude fabriekshal bij de Boschstraat?”

“Precies. Het Eiffelgebouw en de gebouwen eromheen. Vroeger maakten ze daar wc-potten, nu dansen er studenten op de daken en in de hallen. Kom, het is niet ver. Lopen we erheen?”

Ik laat me overtuigen – alsof ik nee zou zeggen tegen haar op dit moment.

We lopen hand in hand door de straten, de muziek van de pleinen vervaagt langzaam en maakt plaats voor een diepere bas die uit de richting van het Sphinxkwartier komt. De sfeer verandert: minder massaal geschreeuw, meer geconcentreerde feestvreugde. Mensen in kostuums lopen doelgericht dezelfde kant op, bierflesjes in de hand, glitter en schmink die in het straatlicht glanzen.

Bij de ingang van het terrein zien we al een paar portiers – geen strenge beveiliging, maar wel een lijstje. Merel zwaait enthousiast naar een meisje met een felgroene pruik en een verpleegstersoutfit dat bij de poort staat.

“Floor! Hier ben ik!”

Het meisje – Floor blijkbaar – rent op ons af en geeft Merel drie dikke zoenen. “Eindelijk! We dachten al dat je verdwaald was in de menigte. En wie is dit lekkere ding?” Ze bekijkt me van top tot teen, haar ogen blijven hangen bij mijn piratenbaard en de restanten van schmink.

“Mitch,” zeg ik met een grijns. “Kapitein zonder bemanning.”

Floor lacht schaterend. “Nou, bemanning genoeg hierbinnen. Kom binnen, het dispuut heeft de hele achterste hal gereserveerd. Er is een bar, een dansvloer, en boven op het dakterras is het uitzicht sick. En ja… het wordt nog wilder dan buiten.”

We lopen mee naar binnen. Het oude fabrieksgebouw voelt enorm: hoge plafonds met zichtbare ijzeren balken, bakstenen muren vol graffiti en oude fabrieksletters, lampen die hangen aan lange kettingen. Overal hangen slingers in rood-geel-groen, carnaval-vlaggetjes, en er staan kratten bier gestapeld naast een geïmproviseerde bar. De bas dreunt door de vloer, een mix van carnaval-krakers en deep house.

Merel trekt me meteen mee naar een groepje van een man of tien, allemaal in verschillende kostuums: een paar als stroopwafels, een jongen als levensgrote frikadel, meisjes in glitterende jurkjes of als engeltjes met hoorns. Ze juichen als ze Merel zien.

“Pippi is terug! En ze heeft een piraat meegenomen!”

Iemand drukt ons allebei een plastic bekertje met bier in de hand. Er wordt geproost, geschreeuwd, gelachen. Merel stelt me voor als “de kapitein die haar aap heeft gevonden”, en het hele dispuut brult van het lachen.

Na een paar biertjes en een rondje shots trekt Merel me weer naar zich toe. De dansvloer is vol, lichamen bewegen tegen elkaar aan op de dreunende beat. Ze drukt zich tegen me aan, net zoals eerder op het plein, maar nu is er minder gêne – iedereen is hier om los te gaan.

Haar lippen vinden mijn oor. “Ze hebben boven een dakterras. Minder mensen. Meer uitzicht. Zin om even te ‘luchten’?” Ik hoef geen twee keer na te denken.

We glippen via een metalen trap naar boven. Het dakterras is inderdaad spectaculair: uitzicht over de verlichte Maastrichtse daken, de Maas in de verte, en overal lichtjes van carnaval. Hierboven staan minder mensen: wat stelletjes, een paar die al duidelijk aangeschoten in een hoekje zitten te zoenen, en een dj die chillere muziek draait.

Merel leidt me naar een wat donkerdere hoek, achter een paar oude schoorstenen die nu decor zijn. Ze duwt me met mijn rug tegen de koude baksteen, komt dichtbij staan en kust me hard. Haar handen glijden meteen onder mijn piratenhemd, nagels over mijn borst.

“Ik heb de hele tijd al aan je lopen denken,” fluistert ze. “Aan hoe je vingers in me voelden, midden op het plein. Maar nu… nu wil ik meer.”

Ze trekt mijn broek open, haar hand glijdt naar binnen. Ik ben alweer keihard. Ze pompt langzaam, haar ogen in de mijne.

“Jij mag kiezen,” zegt ze hees. “Hier, met uitzicht op de stad… of we zoeken een nog rustiger plekje binnen. Er zijn zat oude kantoren en opslagruimtes hierboven die niemand meer gebruikt.”

Ik kijk om me heen. Een paar meter verderop zie ik een deur halfopen staan – waarschijnlijk een oud fabriekskantoortje, donker en verlaten.

Ik pak haar hand, trek haar mee. Binnen is het schemerdonker, alleen wat licht van buiten dat door vieze ramen valt. Oude bureaus, stoelen, wat vergeelde posters aan de muur. Perfect.

Zodra de deur dicht is, duwt ze me op een stoffig bureau. Ze trekt haar jurkje omhoog – geen slipje meer, dat zijn we ergens onderweg al kwijtgeraakt. Ze klimt op me, positioneert zichzelf, en laat zich langzaam zakken.

We kreunen allebei tegelijk. Ze is nog nat van eerder, strak en heet. Ze begint te rijden, langzaam eerst, dan sneller. Haar vlechtjes dansen mee, haar borsten deinen onder de stof. Ik grijp haar heupen, stoot omhoog, hard en diep.

“Fuck, Merel… je voelt zo goed.”

Ze leunt voorover, haar mond op de mijne, tongen die vechten terwijl onze lichamen ritmisch bewegen. Het bureau kraakt onder ons, maar het kan ons niks schelen. Beneden dreunt de muziek door, gedempt maar voelbaar in onze botten.

Ze komt als eerste, haar nagels in mijn schouders, een gesmoorde gil tegen mijn nek. Haar spieren knijpen om me heen, melken me, en dat duwt mij over het randje. Ik kom klaar in haar, golf na golf, terwijl ze blijft bewegen, melkend tot de laatste druppel.

We blijven even zo zitten, na hijgend, bezweet, lachend.

“Jouw studentenfeestjes zijn… intens,” zeg ik uiteindelijk.

Ze grijnst, kust me zacht. “Dit is nog maar carnaval-maandag. Wacht maar tot dinsdag. Dan wordt het écht wild.”

We kleden ons snel aan – voor zover dat nog lukt – en glippen terug het dakterras op. Niemand lijkt iets gemerkt te hebben. Beneden gaat het feest gewoon door.

Merel pakt mijn hand weer. “Kom, we gaan nog een rondje doen met het dispuut. Maar later… later neem ik je mee naar mijn kamer. Geen menigte dit keer. Alleen wij tweeën. De hele nacht.”

Ik glimlach. “Afgesproken, Pippi.”

En terwijl de bas weer harder wordt en de carnaval-nacht nog lang niet voorbij is, weet ik: dit is de Vastelaovend die ik nooit meer ga vergeten.
Geef dit verhaal een cijfer:  
5   6   7   8   9   10  
Durf jij met oma te flirten?
Klik hier voor meer...