76.400 Gratis Sexverhalen
Klik hier voor meer...
A+ - a-

Anna Onderwijst - 11

Door: Jefferson

Datum: 10-07-2026 | Cijfer: 9.9 | Gelezen: 150
Lengte: Zeer Lang | Leestijd: 40 minuten | Lezers Online: 3

Vervolg op: Anna Onderwijst - 10: Stoppen Is Geen Optie

Biologielessen

Het is het weekend na de vrijdag met Mo en Jayden. Ik merk dat ik licht paranoïde begin te worden over het gedrag van Rayenne. Ik blijf maar terugdenken aan hoe snel ze wegkeek op de parkeerplaats, alsof ze me bewust wilde ontwijken of juist iets wist wat ik nog niet wist. Sinds dat moment laat het beeld me niet meer los. Telkens als mijn telefoon trilt, schiet mijn hart in mijn keel. Is het een bericht van haar? Een vraag? Een dreigement? Of is het gewoon iemand anders en maak ik mezelf gek? Het voelt alsof mijn hele weekend wordt beheerst door die voortdurende spanning, waarbij ieder geluid en iedere melding me weer terugtrekken naar dat ene moment op de parkeerplaats.

Die onrust leidt uiteindelijk tot een paar beslissingen waar ik eerder waarschijnlijk niet eens serieus over na zou hebben gedacht. De belangrijkste is dat ik inga op het aanbod van Van Weelden, wat dat ook mag wezen. Niet omdat ik precies weet wat hij van mij wil, maar omdat ik het gevoel heb dat ik hem aan mijn kant moet krijgen. Terwijl ik het zoveelste glas wijn inschenk, besef ik dat hij de enige is die me nu nog kan beschermen. Als ik hem geef wat hij wil, staat hij misschien aan mijn kant wanneer het echt misgaat. Alleen al die gedachte maakt me misselijk, omdat ik besef hoe ver ik inmiddels ben gegaan. Tegelijkertijd voel ik ook een opwinding die ik niet kan verklaren en waar ik me misschien nog wel meer voor schaam dan voor de gedachte zelf.

Ik neem me daarnaast voor om veel terughoudender te worden met het uitdelen van beloningen op school. Dat voelt ineens als een veel te groot risico, zeker nu ik niet meer zeker weet wie wat weet en wie wat vermoedt. Dat betekent automatisch dat ik op zoek moet naar andere locaties als ik hiermee doorga. Alleen brengt dat weer een heel nieuw probleem met zich mee. Iedere andere plek vraagt voorbereiding, planning en vooral veel meer risico dan een leeg lokaal na schooltijd. Het voelt alsof de druk daardoor alleen maar verder toeneemt.

Het hele weekend twijfel ik of ik Rayenne zelf moet contacteren. Steeds opnieuw pak ik mijn telefoon erbij, overtuigd dat het beter is om duidelijkheid te krijgen dan in onzekerheid te blijven zitten. Toch durf ik het uiteindelijk niet. Ik typ drie verschillende berichtjes aan Rayenne en wis ze allemaal weer voordat ik op verzenden druk. “Hé, alles goed?” klinkt veel te doorzichtig, alsof ik alleen maar probeer te peilen wat zij weet. Elke andere formulering voelt nog slechter. Uiteindelijk leg ik mijn telefoon weer weg. Ik durf het gewoon niet.

Wanneer ik zaterdagavond afzeg om mee te gaan stappen met vriendinnen, gebruik ik een slap excuusje waarvan ik zelf nauwelijks geloof dat iemand erin trapt. Ik stuur een berichtje naar de groep: “migraine, volgende keer beter.” Daarna leg ik mijn telefoon direct weg, omdat ik geen zin heb in vervolgvragen. In werkelijkheid ben ik bang dat ik mezelf zou verraden als ik te veel drink of iemand net iets te lang aankijk. Ik vertrouw mezelf simpelweg niet meer zoals een paar weken geleden.

In plaats daarvan lig ik die avond alleen in bed te masturberen. Mijn vingers glijden bijna automatisch tussen mijn benen terwijl mijn gedachten steeds weer teruggaan naar Jayden en Mo. Ik zie opnieuw hun gezichten voor me, herinner me hun kreunen en denk aan hun warme zaad op mijn gezicht. Die grote pikken... Mijn lichaam reageert onmiddellijk op die herinneringen, sneller dan mijn verstand kan bijhouden, alsof het die momenten opnieuw wil beleven zonder zich iets aan te trekken van alle gevolgen die eraan vastzitten. Zoals eerst. Kon het maar...

Maar dit keer kan ik het niet afmaken. Net op het moment dat de spanning zich heerlijk begint op te bouwen en ik voel dat ik steeds dichter bij een orgasme kom, flitst het bleke gezicht van Rayenne ineens door mijn hoofd. Vrijwel direct daarna hoor ik in gedachten weer het geluid van voetstappen in het trappengat. Alles klapt onmiddellijk dicht. Mijn ademhaling verandert, mijn lichaam verstijft en alle opwinding verdwijnt alsof iemand een schakelaar heeft omgezet. Ik blijf gefrustreerd achter, nat en rusteloos, zonder de ontlading waar ik zo naar verlangde.

Dat maakt alles alleen maar frustrerender. Ik draai me geïrriteerd om en duw mijn gezicht diep in het kussen, alsof ik mijn gedachten daarmee kan smoren. Mijn tepels zijn nog steeds hard, mijn slipje is doorweekt en mijn hele lichaam schreeuwt om meer, maar mijn hoofd laat me simpelweg niet verdergaan. Het voelt alsof zelfs mijn eigen lichaam me nu niet meer volledig vertrouwt en alsof mijn verlangen voortdurend wordt ingehaald door angst. Ik haat dit gevoel!

Dit weekend besef ik pas echt hoe snel alles is veranderd. Nog maar een paar weken geleden was ik degene met de controle. Ik bepaalde de regels, ik bepaalde de grenzen en ik wist precies wie ik was. Nu lig ik hier helemaal alleen, bang voor mijn eigen collega's en afhankelijk van een man die me kan breken als hij dat wil. Dat besef voelt zwaarder dan ik had verwacht en maakt duidelijk hoeveel grip ik onderweg ben kwijtgeraakt.

Toch kan ik het niet loslaten. Laat op de avond scrol ik met mijn laptop langs allerlei plekken rond de school. Een verlaten parkeerplaats. Het bosje achter de sporthal. Een leegstaand lokaal in de oude vleugel. Ik bekijk iedere mogelijkheid aandachtig en probeer de risico's tegen elkaar af te wegen, maar iedere optie voelt uiteindelijk gevaarlijker dan de vorige. Toch weet ik één ding zeker: ik ga die drie jongens weer belonen. Daar twijfel ik geen moment over. Misschien is dat inmiddels wel het enige vooruitzicht dat me nog op de been houdt. Alleen moet het deze keer wel op een manier kunnen die niet meteen alles op het spel zet.

Zondagochtend word ik wakker met een zwaar gevoel in mijn borst. Wanneer ik in de spiegel kijk, zie ik iemand die steeds minder lijkt op de oude Anna. Er staat nog steeds hetzelfde gezicht, maar de blik is anders geworden. Vermoeider. Onrustiger. Alsof ik mezelf onderweg ergens ben kwijtgeraakt. Toch weet ik ook al dat ik morgen gewoon naar school ga. Heel even speel ik met de gedachte om me ziek te melden en alles nog een paar dagen uit te stellen, maar die gedachte verdwijnt net zo snel als ze kwam. Ik ga me niet ziekmelden, omdat stoppen inmiddels echt geen optie meer is.

Dan is het maandag op school. De school voelt anders dan normaal. De gangen lijken smaller, de tl-lampen feller en zelfs de geluiden klinken scherper dan anders. Iedere keer dat een deur opengaat of iemand mijn naam roept, schiet er een kleine schok door mijn lichaam. Het voelt alsof ik voortdurend op mijn hoede ben, alsof ieder onverwacht moment het begin kan zijn van een gesprek waar ik niet op zit te wachten.

De toetsweek komt eraan. Meer cijfers om te belonen... Ik kijk ernaar uit. Ik ben er ook bang voor, zeker als ik het mailtje van Van Weelden lees. Al vanaf het moment dat ik zijn naam in mijn inbox zie verschijnen terwijl ik tijdens een les zit, voel ik een knoop in mijn maag ontstaan. Ik weet nog niet wat erin staat, maar ergens weet ik al dat het mijn onrust alleen maar groter gaat maken.

In de pauze neem ik diep adem en open het. Het mailtje begint vriendelijk: “Blij met je werk de laatste tijd, Anna.” Dat wist ik al. En ook wat hij daarmee bedoelt. Maar dan komt de mokerslag: de vraag over extra bijlessen. Of ik de leerlingen niet extra bijles kan geven om te helpen met andere vakken? Als je niet beter zou weten, klinkt het heel normaal. Ik had een methode die werkte, zou je kunnen zeggen. Waarom zou dat niet op andere vakken toepasbaar zijn? Maar dan wel aan mij om dat te leiden. Ik denk niet dat elke docent als beloning voor de jongens zou voelen... De zin “Morgen na het laatste uur verwacht ik je even op mijn kantoor om dit rustig door te spreken” voelt als een bevel vermomd als suggestie. Het lijkt een normale vraag, maar het is echt een mokerslag. Ik wilde hem al opzoeken. Maar niet om dit. Niet meteen. Nu heb ik geen keuze meer. Grappig dat ik dacht een keuze te hebben... Van Weelden wil natuurlijk dat ik meer ga doen, niet minder. Zo bizar. Terwijl ik de mail herlees, voel ik mijn maag samenknijpen en worden mijn handen klam op het toetsenbord. Dit is geen verzoek. Dit is een uitbreiding van zijn macht. Hij wil dat ik nóg dieper in dit web kom te zitten, waardoor het steeds moeilijker wordt om afstand te nemen van alles wat de afgelopen weken is gebeurd. En toch stel ik me even voor hoe het zou zijn om alle voldoendes van bijvoobeeld een Mo te moeten belonen... En Luc en Jayden. Dan zou ik elke dag een pik laten komen... Zo fucked up gaat het er aan toe in mijn hoofd...

Dan loop ik even later op de gang. In de realiteit. School is echt veranderd. Ik voel me steeds meer bekeken, ook al weet ik niet eens zeker of dat werkelijk zo is. Ik betrap mezelf erop dat ik de hele dag mijn blouse recht trek, mijn rok gladstrijk en controleer of mijn haar nog goed zit. Vroeger deed ik dat omdat het me zelfvertrouwen gaf en omdat ik er graag verzorgd uitzag. Nu voelt het alsof ik mezelf probeer te camoufleren, alsof ik hoop dat niemand ziet wat er werkelijk in mij omgaat.

Ik ben me nog meer bewust van mijn uiterlijk. Alleen geeft het me nu geen lekker gevoel meer. Het is niet langer een prettig bewustzijn, maar iets wat voortdurend aanwezig is en waar ik niet meer aan ontsnap. Ik zie die middag als ik naar de fietsenstalling loop Jayden, Mo en Luc staan bij het rookplein. Geen Dylan. Ze staan met z'n drieën te lachen en lijken volledig op te gaan in hun eigen gesprek. Maar zodra ze mij zien, verandert hun houding subtiel. Hun ruggen worden rechter, er verschijnt een zelfverzekerde grijns op hun gezichten en Luc — die normaal nooit zoveel contact had — kijkt net iets te lang en net iets te brutaal mijn kant op. Dylan is er niet. Dat voelt als een waarschuwing. Alsof zijn afwezigheid juist meer zegt dan wanneer hij er wel had gestaan. Is er wel wat veranderd nu Dylan geen rol meer speelt? Of hebben de anderen zijn plaats inmiddels ongemerkt overgenomen?

Mijn acties hebben consequenties. En niet alleen voor mij. Dat besef dringt steeds sterker tot me door terwijl ik over het schoolplein loop. Alles wat ik heb gedaan, heeft zich inmiddels als een olievlek verspreid en raakt niet langer alleen mijn eigen leven. De dynamiek tussen mij en die drie jongens is veranderd, de manier waarop ik naar collega's kijk is veranderd en zelfs mijn gevoel van veiligheid binnen de school is niet meer hetzelfde. Ik kan niet langer doen alsof dit alleen mijn geheim is. Wat ik ook besluit vanaf nu, het zal gevolgen hebben die veel verder reiken dan alleen ikzelf.

Die avond zocht ik mijn kledingkast goed uit. Ik probeerde we een beetje mezelf te worden. Goed, ik kleedde me echt niet opvallend om ook echt op te vallen. Ik sportte. Dat had reslutaat. Dat mocht best gezien worden. Zo deed ik mij kleden. Maar nu voelt het als een last. Ik had ook wijdere kleding. Het hoefde niet altijd strak. Zeker niet op school. Jeans bleven jeans, maar voor de volgende dag legde ik een hoodie klaar. Alsof dat alles bete zou maken... Ik zou me minder gezien voelen. Niet het gevoel hebben dat de spotlight op me staat. Al was het maar een gevoel...

Dan die dinsdag, na het laatste uur. Ik heb behoorlijk zitten zenuwen vandaag. Tot koortsachtig aan toe. Ik had hem ook nog niet gesproken, en nauwelijks gezien deze twee dagen. Toch dacht ik bijna elke minuut wel aan hem. Aan wat al gebeurd was. Aan wat nog moest komen. Aan hoever ik zou gaan... En hoe meer ik eraan dacht, hoe verder ik dan al ging...

De afspraak met Van Weelden stond; na het laatste uur. De school is een stuk leger. Rayenne had ik ook kunnen ontwijken. Die was toch vooral in de gymzaal overdag. Als ik zie dat ze nu nog op ons kantoor zit, besluit ik gelijk maar naar Van Weelden te lopen.

Ik klop. Ik hoor hem zachtjes praten. Ik wacht heel even, en loop dan toch maar binnen zonder antwoord. Zit hij dan. Op zijn grote kantoor. Hij is aan het werk. Normaal. Rustig. Lachend. Belt als ik binnenkom. Niks aan de hand. Zelfvertrouwen spat er vanaf, terwijl ik begin te friemelen aan de zoom van mijn hoodie... Het liefst zou ik de capuchon over m'n hoofd trekken en de touwtjes straktrekken. Verdwijnen. Of in ieder geval onherkenbaar zijn.

Hij laat me eerst wachten. Lang. Het duurt langer en langer. En elke seconden voelt als een minuut. Kramp in m'n buik van de spanning. Wat kwam ik eigenlijk doen? Kletsen? afspraken maken? Of wilde hij nu al meer van mij? Die laatste gedachte, laat m'n hart bijna hoorbaar hart slaan. Sta ik op het punt weer een fout te begaan, waar ik nu al van weet dat ik er eigenlijk gen spijt van heb?

Pas als het telefoongesprek langer duurt dan nodig, reageert hij actief. Ik staar op dat moment even dromerig naar een hoek. Hij gebaart me dichterbij te komen, doet bijna lollig dat dit gesprek wel heel lang duurt en wijst op z'n dure horloge. Ik veins een lach. Het doet bijna pijn. Ik stap dichterbij. Iets.

Dan schuift hij iets naar achteren, en wijst alleen naar de plek op de grond tussen zijn benen. Zonder waarschuwing. Ik slik. Hij niet. Belt gewoon door. Wilt hij... Moet ik...? M'n hart klopt zo hard, dat zelfs de lossere stof van mijn hoodie strak aan begint te voelen. Te warm...

Ik twijfel te lang. Hij wuift me snel bij de les te blijven. Zie hem zelfs zichtbaar geïrriteerd raken. Ik voel me stom. Klein. Vreemd. Dan Knipt hij scherp met zijn vingers, en wijst nog eens naar de ruimte voor hem. Ik denk het nog niet te snappen. Maar ik slik en loop toch dichterbij. Ik slik hoorbaar.

In zijn blik zie ik blijdschap dat ik het éindelijk snap. Met één hand maakt hij dan zomaar zijn broek los, en trekt z'n stijve eruit... Mijn ogen worden groot. Hij zit daar gewoon achter z'n bureau, benen iets wijd en een ferme, volle erectie in zijn ene hand, terwijl hij door blijft praten aan de lijn. Iets over een deadline, hoor ik hem nog zeggen, hald lachend en grappend... Ja, wat een grap. Als ik dan weer blijf staan, totaal in schok, maar met een lichaam wat nu echt in vuur en vlam staat, pakt hij m'n pols en trekt me zonder twijfel naar de grond voor hem... ''Moet ik het voor je spellen?'' fluistert hij sissend langs zijn hand. Bijna nijdig... Geen vragen. ''Wat? Nee, niks. Iemand hier. Zei dat ik nog zou bellen.'' praat hij door aan de telefoon. En ik voel me dan heel klein. Alsof ik niks ben. Niet eerst even praten. Geen onderhandelingen. Ik had niks te zeggen. Hij rolt z'n stoel weer naar z'n bureau, en daaronder kruip ik naar achteren. Uit het zicht. Toch nog... Met een grote, kloppende erectie voor me van de man die mijn toekomst in handen heeft...

Zit ik dan. Ik ruik hem. Mannelijk. Verleidelijk. Hij is heel hard. Hij hoeft het niet te spellen. Hiervoor was ik ten slotte gekomen, al dacht ik misschien van niet. Hij had niet voor niks gezegd dat ik het beter moest gaan doen. De jongens verdienen ten slotte een echte beloning. En met mijn redelijke gebrek aan ervaring kon ik dat niet doen. Zo had hij het toen gezegd. Dus moest ik maar komen oefenen. En nu zit ik hier. Mijn hand trilt als ik hem wil grijpen. En dat wil ik overigens wel. Ik ga niet liegen. Ik zit hier niet met tegenzin. Ergens kriebelt het juist enorm. Meer dan ik zou willen toegeven. Mijn hart bonkt nog steeds in mijn borst, maar mijn nieuwsgierigheid en mijn opwinding blijken sterker dan de laatste restjes twijfel die ik nog had meegenomen naar zijn kantoor.

Hij duwt zijn heupen iets naar voren als ik zijn dikke basis grijp. Het trillen verdwijnt vrijwel meteen, alsof mijn lichaam vanzelf overschakelt op iets wat ik de afgelopen weken al veel vaker heb gevoeld. Ik moet bukken om mijn hoofd niet te stoten en ik richt de pik naar voren. Hij geeft behoorlijk wat weerstand, zo hard is hij. Maar dan ligt die eikel voor mijn neus, met de voorhuid er net achter. Ik voel de schacht bruisen in mijn hand en merk hoe stevig hij aanvoelt. De geur vult mijn neus. Ik voel mijn mond wateren. Jezus, wat was ik toch een sletje geworden... denk ik terwijl ik mijn mond open. Zelfs die gedachte houdt me niet tegen. Integendeel. Het lijkt me alleen nog bewuster te maken van hoe gemakkelijk ik mezelf inmiddels laat meeslepen.

Hij beweegt weer iets naar voren als ik mijn tong uitsteek en zijn eikel erop leg. Hij wil. Dat voel ik meteen. Ik beweeg behendig tussen zijn knieën naar voren en sluit even later mijn lippen achter zijn eikel. Ik zucht op het moment dat ik hem proef. Ik laat zijn schacht los zodat ik op mijn handen kan steunen. En dan pas kan ik voorzichtig heen en weer bewegen, in een veel te krappe ruimte waar het veel te warm wordt. Stomme hoodie... Ik zuig. Ik speeksel. Zijn eikel. Meer niet. Maar ik ga ervoor. Ik sluit mijn ogen en begin hem nu echt te pijpen. Uitgebreid. Zonder haast. Niet goed wetende wat er precies gebeurt, maar wel wat er van me verwacht wordt. En dat is ook fijn. Juist omdat ik nergens over hoef na te denken en alleen nog maar hoef te doen wat hij blijkbaar van mij verlangt. Gewoon pijpen.

Hij belt nog even door. Ik luister mee. Maar ik hoor eigenlijk niks. De smaak is wat me bezighoudt. De textuur. De aderen onder zijn eikel, die ik met mijn lippen waarneem als ik hem iets dieper neem. Ik zuig niet strak, maar laat mijn lippen soepel over zijn kloppende eikel gaan, terwijl mijn tong langs de onderkant blijft glijden. Binnen de kortste keren is alles nat. En hij maar bellen. Zijn benen trillen af en toe. Maar voor de rest hoor je niks aan hem. Doe ik het niet goed? Zou kunnen. Maar iets zegt me dat ik nog maar het puntje van de ijsberg weet van wat Van Weelden allemaal uitspookt. Hij speelt het spel als geen ander en de controle is hem duidelijk meester. Iedereen ziet die leuke, knappe man met de mooie lache en den snelle babbel, maar niemand weet echt wat er onder water afspeelt; onder het bureau. Ik nu wel. Iets meer. En juist dat besef maakt deze hele situatie nog onwerkelijker dan ze al was.

Ook als hij ophangt, zegt hij niks tegen me en werkt hij gewoon door. Zijn handen raken me niet aan. Heel af en toe stoot hij vanuit zijn heupen iets naar voren. Dan snap ik meteen dat ik hem iets dieper moet nemen, wat ook lukt. Ik leun verder naar voren. Mijn keel opent zich bijna van nature. Het is geen deepthroaten, maar zijn eikel glijdt prettig tegen mijn gehemelte naar mijn keel toe. Ik voel nog steeds af en toe alleen zijn benen spannen. Nu vooral omdat ik het goed doe, denk ik. En dat motiveert dan weer. Bijna griezelig hoe makkelijk ik hier opnieuw in meega. Nog steeds. Alweer. Alleen een andere pik. Blijkbaar wen ik sneller aan dit soort situaties dan ik ooit voor mogelijk had gehouden.

Ik was hier niet alleen om hem te pijpen, maar om er beter in te worden. Dat besef dringt nu langzaam door. Door gebrek aan andere prikkels ga ik er steeds meer op letten. Het is donker. Ik zie en voel alleen hem en de warmte om me heen. Ik laat hem zo nu en dan even uit mijn mond. Dan kus ik hem, terwijl ik zijn schacht met mijn vingers streel en zoek naar zijn gevoelige plekjes. En die vind ik ook. Voor het eerst ontsnapt hem een kreuntje als ik tergend langzaam de schacht naar beneden kus, om langs zijn benen weer naar zijn eikel te likken, waar ik er even op spuug voordat ik hem gretig mijn mond inzuig. Voor het eerst hoor ik een duidelijke reactie en dat voelt bijna als een bevestiging dat ik leer wat hij me wil leren.

"Goed zo..." zegt hij dan alleen, alsof hij het tegen een hondje heeft dat luistert. En ik glunder op dat moment. Ik vind het lekker. Niet alleen de woorden, maar ook de goedkeuring die erin doorklinkt. Alsof ik iets goed heb gedaan waar ik eigenlijk trots op zou moeten zijn, hoe vreemd dat gevoel ook is. Dat gevoel nestelt zich meteen diep in mijn lijf. En dat voelt echt goed. Dat wil ik weer horen. Of voelen. Ik adem diep door m'n neus in en probeer mijn eigen onrust weg te slikken. Ik neem een keertje iets dieper. Totdat ik het bijna niet meer hou. Zijn hele lichaam spant aan. "Fuck..." hoor ik als ik mezelf langzaam weer terugtrek en een natte paal achterlaat. Ik frommel even met m'n lippen, alsof ik zelf ook opnieuw moet wennen aan het ritme. Zijn stijve ziet er steeds lekkerder uit. Ik blaas er even op. Zijn knie komt iets omhoog. Dan kus ik de natte eikel met mijn natte lippen. Ik lik eraan. Ik zuig hem weer naar binnen, juist langzamer. Ik laat hem weer iets dieper glijden, om hem daarna twee keer zo langzaam weer uit mijn mond te laten glijden. Af en toe hoor ik hem even sissen van genot. Dan kriebelt het in m'n buik. Hij kan steeds minder makkelijk stil blijven zitten. En dat dit door mij komt voelt goed. Zo ga ik door. Minutenlang, waarbij ik steeds meer heen en weer ga. Langzaam eerst. Steeds iets sneller. Want ik moet hem niet alleen klaarpijpen. Ik wil het vooral. Ik wil hem laten zien dat ik het kan. Omdat ik weet dat ik het kan. Ook op niet-puberende erecties die al spuiten als ze m'n decolleté zien. Hij ziet juist niks. Het is puur het gevoel. Mijn 'onervaren kunde' die hem laat sidderen van genot. Dat ik dat voor elkaar krijg, geeft me een vreemd soort zelfvertrouwen. Maar het duurt wel lang...

En als ik dan even wil stoppen om toch te vragen wat nu de bedoeling precies is, plaatst hij snel zijn hand op mijn schouder. Omdat mijn kruin al tegen het blad van zijn bureau ligt, zet hij juist daar duidelijk druk. Oké, niet stoppen. Doorgaan. Wat ik doe. Ik snap het ook wel. Het blijft riskant, al zie ik niet waar ik eigenlijk ben. Dus zuig ik door. Zijn hand blijft even op mijn schouder. Hij geeft duidelijk het tempo aan. Trekt en duwt, en ik beweeg mee. Iets dieper dan ik zelf zou gaan. Maar zeker niet te diep. Wel sneller. Ik laat mijn onzekerheden los, sluit m'n ogen en focus op wat er puur gebeurt. Zijn eikel glijdt over mijn tong en drukt tegen m'n gehemelte. Mijn lippen staan strak om zijn harde, geaderde paal, maar alles is zo glad dat het allerminst stroef voelt. Mijn keel klotst iets. Ik snuif door m'n neus. Het voelt gewoon... hemels. Het is het eerste wat er door me heen schiet. M'n mond is helemaal sync met zijn erectie. Misschien is dat wel de les. Toch nog een stukje biologie. Dat dit gewoon even uitgevonden moet worden bij elke pik. Zoals bij de kromming van Luc, of de lengte van Jayden. Mo is een ander verhaal, denk ik. Maar bij die jongens zou ik meer tijd hebben. Daar is minder kunde voor nodig. Maar deze pik vereist concentratie. Iedere kleine beweging vertelt me iets. Ook als hij weer belt. Zijn grip is minder. Alleen zijn vingertoppen drukken nog in m'n schouder. Maar het tempo blijft. Ik zet door. Ik voel zijn ritme. Het ritme wat deze pik nodig heeft. Langzaam krijg ik het gevoel dat ik precies weet wat werkt en wat niet. Ik krijg eindelijk het gevoel dat zijn orgasme nadert. Wat me aan de ene kant oplucht. Ik kan het! Aan de andere kant ook wel jammer. Ik zat er net zo lekker in... Zijn werk gaat gewoon door, alsof dit slechts een vanzelfsprekend onderdeel van zijn middag is geworden. Of was het dat ook?

Hij haalt zijn hand pas van mijn schouder als plots de deur opengaat! Voordat ik het weet ligt zijn hand weer op z'n bureau, alsof die daar altijd al gelegen heeft. Mijn ogen schieten open. Ik bevries ter plekke. Eikel nog op m'n tong. Op de rand van klaarkomen. Betrapt? Ik niet... "Wat doe jij hier? Het is nog geen half zes, of kan je nu ook al geen klokkijken meer?" hoor ik hem verontwaardigd praten. Denigrerend zelfs. Totale controle op een wrede manier. De rust zelve over zijn eigen situatie. Geen enkele aarzeling in zijn stem. En ik zit daar. Stil. Verborgen. Alleen bang dat mijn tenen onder het houten schot van zijn bureau zichtbaar zijn. Met een volle mond. Te luisteren of er een reactie volgt. Zijn woorden lieten weinig over voor een reactie en het blijft stil. Té stil? Speeksel verzamelt zich nog steeds in m'n mond. Ik wil niet stoppen. Niet nu ik zo goed bezig was.

Dan een tikje met de punt van zijn schoen tegen mijn knie. Een signaal. Ik twijfel kort wat hij daarmee eigenlijk bedoelt. Maar het kan maar één ding zijn. Door zijn stem in het nog te ontstane gesprek, zijn niet veranderde houding en de hele situatie zoals die ontstaan is waardoor ik hier zit, interpreteer ik dat als: niet stoppen! Ik lijk wel gek. Zijn eikel klopt onverminderd op mijn tong. Zijn paal is er niet bepaald zachter van geworden. En nog voordat ik ook maar hoor wie er binnengestapt is, buig ik weer verder naar voren. Laat ik mijn lippen achter zijn eikel glijden en ga ik rustig en stil heen en weer. Met open ogen en gespitste oren. Wetende dat we niet meer alleen zijn. Het maakt me alleen maar meer opgewonden. Iedere beweging is kleiner dan hiervoor, voorzichtiger, maar daarom niet minder bewust. Alles in mij staat op scherp. Maar stoppen? Ik kon momenteel niks verzinnen waarom ik dat zou doen. Is dat erg?

"Maar... Meneer... Ik..." hoor ik haar stamelen, waarna ik zelf ook even bevries. Meteen volgt weer een tikje tegen m'n knie. Met wijd opengesperde ogen ga ik nog door ook. Zijn eikel glijdt iets te diep, waardoor een nat klotsend geluidje duidelijk te horen is. En ik denk erbij te zijn. Die stem... Daar staat Rayenne... Maar Van Weelden blijft gewoon zitten. Ik herpak me meteen. Ik pijp dus gewoon door, al zitten mijn gedachten ondertussen vooral daarbuiten.

"Ben je helemaal gek geworden? Ik zeg toch niet voor niets zo laat," snauwt hij echt een beetje naar haar. Ik voel zijn pik er harder van worden. "Ja, maar..." Haar stem wordt steeds zwakker. Ze wordt steeds kleiner. Ik zie haar al staan. Zij ziet mij niet pijpen. Rayenne is lief en zacht. Dit verdient ze niet. Maar ik kan er niks van zeggen. In plaats daarvan neem ik de erectie juist dieper in m'n mond, terwijl ik machteloos moet aanhoren hoe hij tegen haar praat.

Ik probeer rustig te blijven ademen. Stil te zijn. Ik probeer door te gaan. Nog steeds wil ik niet stoppen. Misschien wel door die toon van hem. Die hoor ik zelf liever niet. Ik hoor liever dat ik het goed doe. Dus zuig ik gewoon door, op handen en knieën tussen zijn benen, m'n kruin glijdend onder het hout van zijn bureau, zijn eikel duwend op mijn tong en tegen mijn gehemelte. M'n mond gulzig. Zijn paal druipend van mijn speeksel. Geen reacties uit zijn lichaam. Geen trillingen of geluidjes. Hij houdt z'n beheersing. Dat vind ik stiekem heel opwindend, juist omdat het voelt alsof hij alles volledig onder controle heeft.

Ergens denk ik; ze staat hier omdat ze mij toch gezien heeft vrijdag. Met Mo en Jayden. In het trappengat. Ze komt me verklikken. Dus een extra reden om te pijpen. Dat was waarom ik zou gaan. Om Van Weelden aan mijn kant te houden. En er was geen betere manier dan hem afzuigen. Maar ik voel eigenlijk aan alles dat ik niet eens in haar opkom op dit moment. Hier speelt meer. Iets wat ik niet weet. Iets onder dat topje van de ijsberg, waar ik tot nu toe alleen nog maar een glimp van heb gezien.

Hij dreigt naar haar. "Rayenne. Als je nu niet weggaat, heeft het geen zin meer..." Zijn stem is ijzig. "Half zes, zei ik." Dat was laat. Dan zou ik al weg zijn. Iedereen. Op hij en Rayenne na. Waarom? Ondertussen blijf ik rustig heen en weer gaan. Dat ze mij niet in het vizier heeft, denk ik dan, stelt me iets gerust. Toch doe ik niet minder m'n best. Het is spannend dat ze daar staat. Ik voel het. Nooit gedacht dat ik dat spannend zou vinden. Maar niks van de laatste weken had ik ooit kunnen voorzien. Het leven is dan ook onvoorspelbaar.

"Ik wil niet wachten. Ik moet het nu weten..." Haar stem slaat over. Ik voel de paniek van Rayenne. Ze wil nu een oplossing. Maar voor wat dan?

"Als dat echt de enige manier is. Dan doe ik dat. Het moet dan maar," zegt ze, waarna ze plots dichterbij komt. Haar voetstappen naderen tot vlak voor zijn bureau. Iedere stap lijkt harder binnen te komen dan de vorige.

Van Weelden snauwt nu tegen haar. "Ben je helemaal gek geworden! Straks loopt er iemand binnen...!" De voetstappen stoppen meteen. Zoals ook tijdens mijn pijpen er iemand binnenliep? Kwam ze dat doen? "Ik heb zo nog een belangrijke afspraak. Half zes," herhaalt hij. Nu meer dan duidelijk.

Rayenne schrikt. Van alles. Ik voel het. De atmosfeer verandert. Ik zie haar al staan. Trillend. Gekleineerd. Op het punt van huilen.

Ik schrik er ook van. De lul bungelt voor m'n lippen. Heel even had ik hem losgelaten. En nu ook geen tikje van Van Weelden. Het was menens. "Okay," hoor ik zwak. En de voetstappen lopen richting de deur. Die valt even later weer dicht.

Van Weelden schuift z'n stoel iets naar achteren. Handen op z'n hoofd en hij zucht het uit. "Dat scheelde niks," zegt hij zacht. Hij kijkt me aan. Begint dan te grijnzen. "Leg dat maar uit," merkt hij op. Maar hij had dan twee dingen uit te leggen. Ik zit daar nog. Ik blijf zitten. "Kom," zegt hij dan en gebaart onder z'n bureau vandaan te komen. Is het klaar? Ik weet het even niet.

Maar als ik wil opstaan, gebaart hij me juist te blijven zitten. Zijn stoel rolt dichterbij en ik zit weer tussen z'n benen voordat ik het weet, zijn vingers stevig in m'n haren. "Je was echt goed bezig, hoor. Maar volgende keer verder." Wat niet betekent dat we nu stoppen, maar dat hij het nu afmaakt. Hij trekt me dichterbij, m'n lippen omsluiten z'n eikel weer en dan begint hij te duwen. In de openheid van zijn kantoor deze keer. Eerst met één hand, maar dan met twee handen. Niet diep. Wel snel. En nat vooral. "God..." kreunt hij eerst. "Lekker mondje..." noemt hij me. Zijn eikel glijdt langs m'n lippen. En het duurt niet eens een minuut. Niet eens een halve. Zijn zaad kolkt plots in m'n mond, plakt aan m'n gehemelte en mengt zich met de grote hoeveelheid speeksel, terwijl hij zich een laatste keer m'n mond induwt en zich daar laat klaar schokken. Ik schrik toch van het moment, maar het kreuntje wat ik dan uitlaat, klinkt vooral erg geil. Alsof we nooit gestaard waren.

Ik slik meteen. Het is best veel. Maar ook best lekker, en ik denk dat hij dat ook wil. Hij houdt m'n hoofd vast. Beweegt nog een beetje heen en weer. En loost tot de laatste druppel zaad in dat "lekkere mondje". Hij laat me los. Langzaam komen m'n lippen los van zijn schacht en glijdt zijn nu donkerpaarse eikel uit m'n mond. De laatste keer. Vandaag dan, denk ik zo. Ik haal rustig, maar diep adem. Door de mond. De geur van zaad omringt me. Hij bergt zichzelf weer op, met enige moeite. Zijn broek een beetje nat van het speeksel. Dan volgen er een paar simpele handgebaren. Wegwezen nu. Maar zonder de woede die hij zojuist richting Rayenne had.

Met knikkende knieën sta ik op en loop ik naar de deur, zonder ook maar een woord teruggesproken te hebben. Hij zegt er verder ook niks over. Ik kijk even langs het melkglas of de hal leeg is. Geen Rayenne, en nadat ik m'n hoodie rechttrek, trek ik de deur open. Eén ding zegt hij nog wel snel. "Vanaf morgen kleed je je weer normaal," bromt hij terwijl zijn blik alweer op een vel papier ligt. Ik knik toch. En loop dan weg.

Daarna haast ik me door de lege gangen van school. Het voelt zo onwerkelijk om hier nog te zijn na wat ik zojuist gedaan had. Iedere stap galmt na in de verlaten gangen, alsof het gebouw zelf nog niets weet van wat zich een paar minuten geleden achter die gesloten deur heeft afgespeeld. Of hadden die muren juist al veel gezien? Ik zie van boven Rayenne buiten op het plein lopen en besluit nog even snel naar m'n kantoor te gaan. Anders moest ik langs haar. En zij zou zo naar hem gaan. Dan kon ik ongezien weg. Of moest ik juist kijken wat ze ging doen? Ik durfde het niet. Ik wilde er niet aan denken. Alleen al die gedachte maakt me opnieuw onrustig.

Op het kantoortje is het stil. Ons kantoortje. Van mij en Rayenne. Vrijdag was ze ook al zo laat. Ik denk er dus toch aan, ook al probeer ik mijn gedachten ergens anders naartoe te sturen. Totdat ik mezelf zie in de spiegel. M'n rode wangen. M'n volle lippen. De smaak van zaad nog op m'n tong. Die hoodie... Die trek ik uit en hang ik aan de kapstok, bijna zonder erbij na te denken. Dan sta ik weer voor de spiegel. Een eenvoudig wit hemdje zonder mouwen. Strak over m'n lichaam. M'n rondingen goed zichtbaar. Die push-up droeg ik wel eronder. Even bekijk ik mezelf. Niet lang. Gewoon even. Wetende dat Van Weelden dit wil zien. Misschien niet zo precies, maar wel dat ik me weer kleed zoals ik me fijn voelde. En nu dus weer. Wat hij erover zei, boeide me dus wel. Blijkbaar meer dan ik mezelf wilde toegeven. Onmerkbaar lach ik. Ik kan alleen maar lachen om dit alles. Om hoe bizar de afgelopen dagen zijn geweest en hoe vanzelfsprekend sommige dingen nu ineens lijken te voelen.

Pas als ik naar huis fiets vraag ik me af wat Rayenne daar echt deed. Ging dit om mij? Of speelde er iets anders? Iets met dat topje van de ijsberg... Hoe langer ik erover nadenk, hoe minder zeker ik ervan ben dat ik nog begrijp wat er werkelijk speelt. Misschien was ik helemaal niet het middelpunt van wat zich daar zojuist afspeelde.

Ik heb me nog nooit zo onwetend gevoeld. En toch heb ik nog steeds nergens spijt van. Dat besef verrast me misschien nog wel het meest. Terwijl ik naar huis fiets, merk ik dat de vragen zich blijven opstapelen, maar spijt hoort daar nog altijd niet bij.
Wat vond je van dit verhaal? Geef een cijfer!
5   6   7   8   9   10  
Favoriet
Terug Naar Boven
Jefferson
Sherri
Sherri (35)
Zoek jij een vrouw die weet wat ze wil en daar eerlijk over is?
🟢 Nu Online
Bekijk Mijn Profiel
Klik hier voor meer...
Klik hier voor meer...
Klik hier voor meer...
Klik hier voor meer...

Algemene Voorwaarden -  Contact -  FAQ - 
Bezoekers Online: 1048 / Copyright 2000 - 2026 Opwindend.Net