77.887 Gratis Sexverhalen
Klik hier voor meer...
A+ - a-

Onmogelijke Liefde - 6

Door: Zazie

Datum: 07-09-2026 | Cijfer: 9.7 | Gelezen: 88
Lengte: Lang | Leestijd: 20 minuten | Lezers Online: 3
Trefwoord(en): Engeland, Erotisch, Ontmaagd, Sprookje,

Vervolg op: Onmogelijke Liefde - 5: Harten Veroveren

Edinburgh

.
Het is bijna genoeglijk in deze kleine, heerlijk verwarmde salon. De Koning zegt niet veel, maar de Koningin des te meer. Ze wil álles van me weten. Hoe ik het vind om in Londen te zijn, of ik al een beetje kan wennen, of haar zoon zich gedraagt, en ga zo maar door. Ik beantwoord alle vragen naar eer en geweten en over Henry kan ik zelfs zeggen dat hij tot nu toe een voorbeeldig echtgenoot is. Daarbij kijk ik hem aan, een tikje vragend, als om te checken of hij het daarmee eens is. Een brede grijns is zijn antwoord, die de vraag in me oproept ‘Hoelang nog.’ Nou ja, we zien wel.


Speciaal gezant

Dan vindt de Koning dat het blijkbaar klaar is met al alle small talk. Bijna plompverloren zegt hij: ‘ik wil dat jullie voorlopig in Edinburgh gaan wonen.’ Henry reageert alsof hij dit al verwachtte en niet bepaald opgetogen: ‘dat meen je niet, vader. Waarom?’
De Koning kijkt eerst even mij aan, waarna hij verder gaat. ‘Haar vader is als Hertog van Northumberland tot nu toe ons bruggenhoofd in Schotland. Hij onderhoudt goede contacten met de Schotse adel, maar ze worden te eigengereid. De zucht naar onafhankelijkheid steekt weer eens de kop op. Ik wil dat jij daar als mijn speciale gezant de boel tot bedaren brengt. Ik weet dat je met jouw uitstraling dat kunt doen en ik wil dus dat je je van je beste kant laat zien. Bovendien je hebt nu een zeer presentabele echtgenote die je daarbij kan steunen.’ Waarna de Koning me opnieuw aankijkt en een knipoogje geeft.

Als ik hem verbaasd aankijk gaat hij verder: ‘jazeker! We hebben jullie de afgelopen weken laten observeren en jullie zijn een prima paar. Jullie hebben charisma en samen kunnen jullie die dwarsliggers wel aan. Charmeer ze, palm ze in en zorg dat ze in de pas van het koninkrijk blijven lopen. En zorg er vooral voor dat ik er niet mijn ordetroepen op af moet sturen, want dan is het met die verdomde Schotten weer lange tijd foute boel.’
‘George, echtgenoot, kunnen we een beetje op onze woorden letten?’ vraagt de Koningin op rustige maar duidelijke toon.
‘Excuseer me, lieve, maar het is wel hoe ik er over denk. Altijd is het gedonder daar’ reageert de Koning, best wel fel ineens.

Nu begrijp ik waarom de uitnodiging zo lang op zich liet wachten. Ze wilden eerst zien wat Henry en ik samen in onze mars hebben. Het verbijstert me wel enigszins om naar Edinburgh te moeten. Ik had me net ingesteld op het leven hier en nu alweer verkassen? Henry ziet mijn gezicht, wat hem blijkbaar sterkt in zijn protest. Hij zegt dan ook dat de Koning beter een van zijn oudere broers kan sturen, dat die beter zijn in ‘met de Schotten slijmen’ dan hij.
‘Henry, houd maar op, ik weet waar je mee bezig bent’ reageert de Koning in alle rust. ‘Het is kletskoek wat je zegt. Jij kunt als geen ander mensen voor je innemen, als je het maar wilt. En zeker met die lieve dame die je nu aan je zijde hebt moet dat goed komen’, waarbij hij me opnieuw een knipoogje geeft. Geen idee waarom, bijna voel ik inmiddels het rood naar mijn wangen stijgen.

Voor de vorm protesteert henry nog even verder maar de Koning is onverbiddelijk: ‘stop daar mee zoon. Ik heb je lang genoeg vrijgelaten, je hebt je lolletjes wel gehad. Het wordt tijd dat je wat gaat doen voor de kost.’ Bizar, bijna alsof ik mijn vader hoor praten. Ik snap nu wel dat hij en de Koning het goed met elkaar kunnen vinden. Dan realiseer ik me dat Edinburgh aanzienlijk dichter is bij mijn ouderlijk huis dan Londen, waardoor het mogelijk wordt ze weer eens te bezoeken. Dat zorgt ervoor dat al wel kan accepteren dat dit blijkbaar onvermijdelijk is.

‘En waar moeten we dan wonen, vader? Toch niet in zo’n koud krot als dit hier hè?’ moppert Henry nog even door.
Voor het eerst hoor ik de Koning lachen: ‘Touché, ik ben ook niet blij met Whitehall, maar we doen het ermee. Maar maak je geen zorgen want ik kan je geruststellen, jullie kunnen je intrek nemen in Holyroodhouse. Het heeft enkele comfortabele appartementen waarin jullie prima kunnen verblijven. Het staat aan het begin van de ‘Royal Mile’, wat je toch deugd moet doen.’ En inderdaad, Henry bindt al wat in en ik neem me voor dat hij dat straks toch even uit moet leggen wat dat is met die ‘Royal Mile’. Waarom kijkt hij al bijna verheugd?

The Royal Mile

Daarna ging het snel en inmiddels zijn we al verhuisd naar Edinburg. De naam ‘Holyroodhouse’ doet vermoeden dat het om een bescheiden onderkomen gaat, maar niks is minder waar. Het is een groot kasteel en toen we arriveerden sloeg me de schrik om het hart, dat we in zo’n groot kil gebouw moesten gaan wonen. Maar de Koningin had gelijk, een van de vleugels is heel prettig ingericht, met salons en kamers van redelijk formaat, in warme tinten ingericht. En daar hebben we nu dus onze intrek genomen.

Een van de eerste dingen die we hier deden was de ‘Royal Mile’ verkennen. Omdat nog niemand hier ons kent hebben we dat lopend kunnen doen, zo eenvoudig mogelijk uitgedost, om niet op te vallen. In ons kielzog liep een escorte van twee mannen mee, beiden ook vermomd als gewone burgers. Ik begrijp nu wel waarom Henry er zo opgetogen over is dat we hier wonen. Het is een mooi stukje Edinburgh. De Mile begint bij ons kasteel, Holyroodhouse, waar de Engelse koningen zetelen als ze hier zijn en eindigt een mijl verderop bij Edinburg castle, waar vroeger de Schotse koningen resideerden. Vandaar de naam ‘Royal Mile’.

Hij bestaat uit meerdere straten die in elkaar overlopen, met halverwege ‘St. Giles Cathedral’. Het is volgens Henry de nationale kerk van Schotland, waar de Schotten bijzonder trots op zijn. Genietend hebben we de hele Mile doorgelopen, waarbij we van de ene market naar de andere liepen. Werkelijk alles wat Schotland te bieden wordt er verhandeld, lijkt me, en herhaaldelijk heeft Henry me mee moeten trekken, omdat ik weer eens een stof moest voelen of een mooi boek zag liggen. Ondertussen ging de interesse van Henry vooral uit naar de herenclubs die ook aan de Mile gelegen zijn en waar hij zich de komende tijd beslist zal gaan laten zien.

Op enig moment trekt hij me een van de smalle straatje in, de ‘closes’, die zich links en rechts van de Royal Mile bevinden. Hij doet eerst alsof hij me zo’n straatje wil laten zien, maar algauw wordt zijn werkelijke bedoeling duidelijk. Hij trekt me bij een aan een pleintje gelegen kleine herberg mee naar binnen, waar hij een kamer besteld. Eenmaal daar aangekomen neemt hij me in zijn armen en zegt hij, opgewonden: ‘je ziet er zo opwindend uit in deze dracht van een dienstmeisje, ik moet je hier en nu bezitten!’ Ik besef dat er geen ontkomen aan is, als Henry me wil hebben heb ik maar te gehoorzamen. En eerlijk is eerlijk, hij steekt me al snel aan met zijn aandrang tot lichamelijkheid.

Niet veel later heeft hij me volledig ontkleed en zegt hij me op het bed te gaan liggen. Als hij zich dan ook van zijn eigen kleding heeft ontdaan komt hij tussen mijn benen liggen en steekt hij zijn al gereedstaande zwaard in éen beweging diep in mijn schede. Iedere keer weer ben ik verbaasd hoe snel mijn lichaam zich gereed kan maken om hem te ontvangen, de weerstand die ik soms voel in mijn hoofd wordt daar beneden blijkbaar niet overgenomen. Kortom, mijn schede lijkt een eigen leven te leiden.

Even houdt henry zich in me stil, genietend van het moment van de ontvangst van zijn steekwapen in mijn schoot. Hij kijkt me aan en fluistert ‘wat ben je toch mooi en heerlijk Charlotte.’ Ja, dat is me al lang duidelijk. Bijna iedere dag wenst hij me wel twee en soms zelfs wel drie keer te bezitten. Gelukkig beleef ik er bijna net zo vaak ook wel plezier van, in het besef dat dit is voor zo lang als het duurt. Algauw zal Henry me beu zijn en zich weer tot andere dames richten. ten minste, als hij lijkt op al die andere adellijke mannen, die het huwelijk alleen maar zien als noodzaak om tot nakomelingen te kunnen komen.

Dan begint hij te bewegen en algauw denk ik nergens meer aan. Ik onderga het gevoel dat hij in mijn binnenste oproept, dat heerlijke schrijnende gevoel dat zijn wrijvende liefdeszwaard teweegbrengt in mijn schede. Na zich enige tijd in een steeds hoger tempo in me gestoten te hebben, draait Henry zich met me om. ‘Jouw beurt lieve’ gromt hij dan, en zet me bijna alsof ik niets weeg hoog op zijn lans. Ik laat me eroverheen zakken en ga hem berijden, als een man die schrijlings op een paard zit. Het fijne van deze positie is dat ik zelf kan bepalen hoe diep ik hem in me toelaat. Op deze wijze kan ik bijna precies bepalen hoe ik zijn fallus langs dat ene allerfijnste plekje laat wrijven en terwijl ik met mijn handen mijn borsten beroer, wip ik genotvol op en neer.

Na een tijdje plaatst Henry zijn handen om mijn heupen en tilt hij me steeds een stukje mee omhoog, waarna hij me weer hard omlaagdrukt. Blijkbaar wil hij het wat steviger hebben en dat geef ik hem. Na enige tijd lukt het me iedere keer zo hoog op te tillen dat zijn lans nog net niet uit me valt, waarna ik me er weer volledig overheen duw. Het is een geheel nieuwe beleving, om me zo actief in ons liefdesspel op te stellen. Het duurt dan ook niet lang als het vertrouwde gevoel zich aandient, waarin eerst allerlei kleine vuurbolletjes door mijn lichaam razen. Al gauw komen ze samen tot éen grote vuurbal, die me verteert en optilt tot ik in het heelal ben.

Ik word amper nog gewaar dat Henry zich weer met me omdraait, waarna hij zich hard stotend in me uitleeft, net zo lang tot hij zich in me ledigt. Nagenietend vallen we in elkaars armen in slaap en we worden pas wakker tegen het einde van de middag. Haastig kleden we ons weer aan, tijd om terug te gaan naar Holyroodhouse!

De eerste klap is een daalder waard…

Een week na onze aankomst in Edinburgh organiseren we een bal, om kennis te maken met de adel van Edinburgh. Men is nieuwsgierig naar wie de Koning hen nu weer op hun dak heeft gestuurd, langs allerlei kanalen werd dat al wel duidelijk.‘ Laat je op je mooist zien, lieve. Die Schotten zijn behoorlijk argwanend, wat ik ook wel begrijp als er ver weg altijd maar over je wordt beslist. Ik denk dat jij in je eentje hun harten kan veroveren!’

Nou, dat is nogal wat. Maar oké, ik heb dus mijn best gedaan. Nog in Londen heb ik een speciale jurk laten maken, wijd uitlopend. Hij heeft de kleuren van de Schotse vlag, dat typische blauw, met daarop in de kleur wit geborduurd roosjes. Mijn haren hangen los, met daarin subtiel wat paarlen verwerkt. Als ik de trap afdaal kijkt hij bewonderend toe. Zelf draagt hij tot mijn verrassing een kilt, het kledingstuk van de Schotse man. Hij ziet er imponerend uit in die dracht en dat zeg ik hem dan ook als ik eenmaal bij hem ben.

‘Ik ben blij dat je dat zegt, lieve, ik heb hier een behoorlijke hekel aan. Maar het is in onze familie nou eenmaal verplichte kost, zodra we hier zijn komen de kilts uit de kast. We hebben als koninklijke familie zelfs een eigen motief.’
En dan kan ik het niet laten: ‘heb je daaronder nou wat aan?’
‘Henry lacht schaterend en vraagt: ‘zou je dat echt willen weten? Je weet toch dat dit het grote geheim van de Schotse man is?’
Ik, knik, ja, natuurlijk weet ik dat. ‘nou…, en?’ vraag ik dan.
‘Goed lieve, je zal het weten. Maar pas na afloop van het bal!’
Flauw hoor. Dit gaat nu de hele avond door mijn hoofd spoken.

We hadden vooraf geen idee hoe onze uitnodiging zou vallen in de Schotse adel. Henry en ik vangen de gasten op in de ontvangsthal en gelukkig blijkt onze zorg dat er misschien wel niemand zou komen ongegrond. Vrijwel de hele beau monde van Edinburgh is uiteindelijk aanwezig, waarmee hun nieuwsgierigheid het heeft gewonnen van hun afkeer van de Engelse overheersing. Naast ons staat een van geboorte Schotse ceremoniemeester, die ieder aantredend paar met luide stem voorstelt. We begroeten hen daarna steeds zo hartelijk mogelijk, en zo gaat het minstens een uur lang door. De toestroom van gasten is bijna eindeloos, op een gegeven moment is er een hele rij en pas als de allerlaatste gasten binnen zijn kunnen wij onze opwachting maken in de balzaal.

Als we binnentreden valt het luide geroezemoes volledig stil en maken de aanwezigen ruim baan voor ons. Eigenlijk is dit het moment waarop het volledig tot me doordringt dat ik een prinses ben en samen met Henry het Engelse Koningshuis vertegenwoordig. We worden niet onwelwillend bekeken maar echt hartelijk is het toch ook nog niet. Henry valt het natuurlijk ook op, want als we in het midden van de zaal zijn gearriveerd om het bal te openen, fluistert hij: ‘kom lieve, we laten ze eens zien dat we ook maar mensen van vlees en bloed zijn en wel van een lolletje houden.’ Hij heeft de dirigent van het kamerorkest vooraf geïnstrueerd te beginnen met een snelle wals. En daar gaan we, onze lichamen dicht tegen elkaar, draaiend en zwierend de hele ruimte innemend, dansend langs alle toekijkende en net als wij fraai uitgedoste dames en heren.

Ze bekijken ons zonder uitzondering nieuwsgierig en al gauw zie ik bij menig dame een glimlach verschijnen als ze zien hoe we van deze dans genieten. Zoals zo vaak flitst heel even Daniël door mijn hoofd, hoe hij dit zou hebben gevonden, om mij zo tussen de chic van Schotland te zien dansen. Nadat de ceremoniemeester met zijn staf op de grond heeft getikt vervoegen er zich tal van koppels bij ons op de dansvloer. Al gauw is het éen grote kluwen van walsende paren, waarvan velen er ons voorbeeld hebben gevolgd door elkaar nauw in de armen te sluiten.

De avond wordt een groot succes. Na die eerste dans word ik steeds weer door dan deze en dan gene Schotse ‘Laird’ gevraagd. Af en toe bouw ik bewust wat rust in, omdat ik ook nog wat wil praten met de dames. Henry vergaat het precies hetzelfde, hij vraagt menig dame ten dans maar maakt ook voldoende ruimte om gesprekjes aan te gaan. Naarmate de avond vordert ontstaat er een steeds meer ontspannen sfeer en tegen de tijd dat de gasten beginnen te vertrekken is het ijs volledig gebroken. Opnieuw staan Henry en ik in de grote hal, dit keer om iedereen persoonlijk te bedanken voor de komst, waarna menig dame en heer ons uitnodigt voor een bal, muzieksoiree, picknick of wat dan ook.

Nagenieten

Als we ons eindelijk terug kunnen trekken in ons appartement ploffen we allebei neer op de bank voor de nog flink brandende open haard, uitgeput maar innig tevreden. Meestal drink ik geen alcohol, maar dit keer dringt Henry erop aan om samen met hem een glas brandy te nuttigen. ‘Ik wil met je kunnen proosten, want ik denk dat vader tevreden kan zijn’ zegt hij met een brede lach op zijn gezicht. Ik knik, ja, dat denk ik ook. We hebben indruk gemaakt op de Schotten, niet door machtsvertoon maar door onszelf te zijn en samen met hen te genieten van een mooie avond. En daar proosten we op!

Het gebrek aan ervaring met sterke drank breekt me meteen op, want ik verslik me en krijg een flinke hoestaanval. Liefdevol wrijft henry me over mijn rug en als ik weer wat tot rust kom heft hij opnieuw het glas: ‘kom lieve, even doorzetten.’ Dat slokje valt al beter. Al gauw krijg ik er de smaak van te pakken en heb ik een eerste glas naar binnen gewerkt, waarna er een tweede volgt. Met toenemend plezier vertellen we elkaar wat ons opviel, wat deze of gene dame of heer voor grappigs zei, hoe mensen eruitzagen, hoe we ons af en toe bijna als wilde dieren in een kooi bekeken voelden. Maar ook wisselen we uit wat onze indruk is, dat het eerste ijs nu wel gebroken is maar dat er nog veel te doen is. Het zal wel even duren voordat de Schotten echt vertrouwen krijgen in Henry, die ze waarschijnlijk toch vooral zien als een spion van de Koning.


Ondertussen wordt Henry steeds aanhaliger. Hij trekt me tegen zich aan, geeft kusjes waar hij ze maar kwijt kan en probeert ondanks de vele lagen stof contact te maken met mijn lichaam. Geen idee of het de brandy is, of de opwinding van de geslaagde avond, of de kusjes en de zoekende hand van Henry, maar feit is dat ik opgewonden raak. Misschien wel voor het eerst in wéken voel ik me helemaal vrij in mijn relatie met hem en ik moet denken aan de opmerking van mijn ouders, dat liefde kan groeien. Ik heb geen idee of dat hier aan de hand is, want nog steeds zit Daniël in mijn hart, en dat koester ik. Maar ik durf me steeds meer aan mijn huwelijk over te geven, denk ik. En dus zeg ik ‘kom’ tegen Henry. Dan sta ik op, geef hem een hand en trek hem achter me aan naar onze slaapkamer.


Liefs,
Zazie
Wat vond je van dit verhaal? Geef een cijfer!
5   6   7   8   9   10  
Favoriet
Terug Naar Boven
Zazie
Biajuuly
Biajuuly (34)
Ben jij iemand die houdt van passie, aandacht en spannende momenten?
🟢 Nu Online
Bekijk Mijn Profiel

Nog niet uitgelezen?

Klik hier voor meer...
Klik hier voor meer...
Klik hier voor meer...
Klik hier voor meer...

Algemene Voorwaarden -  Contact -  FAQ
Bezoekers Online: 387 / Copyright 2000 - 2026 Opwindend.Net