Klik hier voor meer...
Donkere Modus
Door: Jefferson
Datum: 20-05-2026 | Cijfer: 9.4 | Gelezen: 758
Lengte: Zeer Lang | Leestijd: 37 minuten | Lezers Online: 41
Onder Eén Dak
Daar sta ik dan, ergens tussen de mensen die inmiddels blijkbaar mijn familie genoemd mogen worden, terwijl ik glimlach wanneer iemand naar me kijkt, wat om me heen kijk alsof ik volledig op mijn gemak ben en af en toe braaf knik als iemand iets tegen me zegt. Veel meer dan dat komt er meestal niet uit. Dat geeft ook niet echt, want volgens mij zouden de meeste mensen hier eerder schrikken als ik plots uitgebreid mee zou praten dan wanneer ik gewoon stil blijf. Het zijn mijn familieleden, hun familieleden, gezamenlijke vrienden en kennissen die elkaar inmiddels allemaal behandelen alsof dit gezin er altijd al geweest is. Zeker vijftig man loopt verspreid door het huis en de tuin waar ik sinds een jaar woon, met wijnglazen in hun handen, speciaalbierflesjes op tafel en gesprekken waar ik meestal na twee zinnen al de draad van kwijt ben. Ik drink water, vooral omdat ik niet weet wat ik anders met mezelf moet doen. De volwassenen lachen luid, praten deftig of beginnen over werk, investeringen en mensen die ik niet ken. Ik ben pas negentien en voel me hier eerder een logé dan een echt onderdeel van het geheel. Misschien behandelen ze me daarom nog als een kind, al gedraag ik me waarschijnlijk ook nog gewoon zo.

De hele avond hoor ik m'n naam steeds opnieuw voorbij komen. "Olaf, wil jij even dit pakken?" of "Olaf, kun jij misschien een foto maken?" waarna ik weer een telefoon in m'n handen gedrukt krijg om mijn vader en Lisanne op de foto te zetten met vrienden, buren of familieleden die allemaal hetzelfde zeggen over hoe gelukkig ze eruitzien. Ik vind het niet eens erg om bezig gehouden te worden. Integendeel zelfs. Het gaf me iets concreets om te doen terwijl iedereen om me heen vanzelf leek te weten hoe ze zich moesten gedragen op dit soort avonden. Ik zei toch nergens nee op en eerlijk gezegd was ik ook blij dat ik nuttig was. Zodra het later op de avond drukker zou worden, kon ik waarschijnlijk zonder veel aandacht naar boven verdwijnen.

M'n vader straalt ondertussen alsof hij persoonlijk het perfecte leven heeft uitgevonden. "Goed voor elkaar, Rik!" hoor ik een collega zeggen terwijl hij met een glas rode wijn in z'n hand de tuin laat zien alsof hij een villa verkoopt. En eerlijk is eerlijk: het huis is ook groot. Veel groter dan alles waar wij vroeger ooit gewoond hebben. Vrijstaand, diep verscholen tussen bomen, in zo'n rijk dorp waar mensen hun hond lijken uit te laten in kleding die duurder is dan mijn complete kledingkast. Het paste eigenlijk totaal niet bij wie wij vroeger waren, of in ieder geval niet bij wie mijn vader vroeger was. Toch zag ik aan alles dat hij gelukkig was, en ergens maakte me dat ook oprecht blij voor hem. De scheiding had hem gesloopt, ook al deed hij vaak alsof dat niet zo was geweest. Het was niet zijn schuld geweest en volgens mij gold precies hetzelfde voor Lisanne. Misschien herkenden ze daarom iets in elkaar. Twee mensen die opnieuw wilden beginnen en besloten hadden dat dit huis daar het perfecte decor voor was.

Toch had ik vanaf het begin het gevoel gehad dat er meer achter zat. Lisanne wilde per se afgelegen wonen, ver weg van drukte, van oude bekenden en eigenlijk een beetje van de wereld zelf. Alsof ze hier samen opnieuw konden bepalen wie ze wilden zijn zonder dat iemand zich met hen bemoeide. Dat gevoel kreeg ik nooit helemaal uit m'n hoofd, waarschijnlijk omdat ik zelf het verleden ook nergens echt achter had kunnen laten. Niet dat ik er ooit over klaagde. Ik hield juist van de rust hier. Van de bossen in de buurt, van de stilte in de tuin en van het feit dat je normaal gesproken geen verkeer hoorde, geen schreeuwende buren of scooters midden in de nacht. Alleen op avonden zoals deze verdween die rust volledig en stroomde het huis langzaam vol met mensen die allemaal even wilden komen kijken naar dit nieuwe samengestelde gezin dat het blijkbaar toch al een jaar met elkaar volhield.

Zo voelde het ten minste voor mij: alsof mensen kwamen controleren of het nog steeds werkte. Maar wanneer ik m'n vader en Lisanne samen zag praten, lachen of even elkaars hand zag aanraken terwijl ze langs elkaar liepen, zag ik eigenlijk alleen maar oprechte trots en blijdschap. Er zat iets aandoenlijks in hoe hard zij hun best deden om dit leven echt te laten slagen. Misschien vonden mensen mij daarom ook altijd ergens aandoenlijk. Ik was de stille zoon die beleefd glimlachte, hielp wanneer het gevraagd werd en verder vooral niet te veel ruimte innam.

"Hoe gaat het op school?" vraagt een oom van m'n vaders kant terwijl hij al half omgedraaid staat naar iemand anders. Ik kijk naar de hand van Lisanne die langs de arm van mijn vader glijdt. Niemand die het ziet. Dat mijn blik op haar hand blijft liggen.

"Goed, uhm..."

Meer krijg ik er niet uit voordat hij alweer verdwenen is omdat ergens anders blijkbaar een interessanter gesprek plaatsvindt. Ik neem het hem niet kwalijk. Ik had zelf waarschijnlijk ook niet geweten hoe ik dat gesprek verder moest dragen.

We woonden hier inmiddels met z'n vieren: Rik, mijn vader, Lisanne, mijn stiefmoeder, ikzelf en last but zeker not least Emma, mijn één jaar jongere stiefzus. Mijn relatie met haar was lastig uit te leggen omdat die eigenlijk tegelijk intens en volledig afwezig voelde. We praatten nauwelijks met elkaar, deden zelden iets samen en leefden grotendeels langs elkaar heen, maar toch leek haar aanwezigheid voortdurend ruimte in m'n hoofd op te eisen.

Ik had ooit een oude foto van haar gezien van een paar jaar terug, nog van voordat onze ouders elkaar ontmoet hadden, en de gelijkenis met Lisanne was toen bijna eng geweest. Hetzelfde lange donkerbruine haar met lichte krullen erin, dezelfde warme lach en diezelfde open blik in haar ogen. Daar was inmiddels bijna niets meer van over. Emma had zichzelf opnieuw uitgevonden op een manier die volgens mij heel bewust was gebeurd. Haar haar was blond geverfd, haar make-up altijd opvallend aanwezig en haar kleding leek standaard gekozen om aandacht te trekken zonder dat ze ooit hoefde toe te geven dat dat precies de bedoeling was. Ze noemde zichzelf influencer of Tiktokster, afhankelijk van wie het vroeg, en ik deed altijd alsof ik dat belachelijk vond.

Misschien vond ik dat ergens ook wel, maar tegelijkertijd kon ik niet ontkennen dat ik haar die avond al tientallen keren bekeken had zonder dat iemand het doorhad. Terwijl zij gedachteloos met haar telefoon bezig was, haar scherm steeds opnieuw controleerde en amper aandacht leek te hebben voor de mensen om haar heen, nam ik haar outfit zo vaak in me op dat ik nu al wist dat ik er later weer over zou fantaseren. Dat deed ik vaker dan ik mezelf wilde toegeven. Niemand zou het me waarschijnlijk kwalijk nemen, want Emma zag er goed uit en dat wist ze zelf ook, maar toch voelde het alsof ik iets deed wat verborgen moest blijven.

Lisanne probeerde af en toe nog iets te zeggen over die telefoon, over aanwezig zijn of normaal meepraten met familie, maar echt grip op Emma had ze niet meer. Misschien had ze die nooit gehad. Emma liet zich door niemand echt sturen en dat maakte haar tegelijk irritant en fascinerend om naar te kijken.

Wat me die avond vooral opviel waren de blikken van anderen. Bijna iedereen keek vroeg of laat haar kant op. Familieleden, vrienden van onze ouders, buren die binnen kwamen lopen; telkens trokken haar blonde haar, haar stem of haar kleding weer even aandacht naar zich toe. Ergens stelde me dat gerust omdat ik daardoor makkelijker onzichtbaar bleef tussen alle mensen hier. Tegelijkertijd zat er ook iets verontrustends in. Dit waren namelijk nog vooral familieleden.

Op zich was het afgelopen jaar verrassend goed verlopen, zeker als ik terugdacht aan hoe ongemakkelijk alles in het begin voelde toen ik hier kwam wonen. Toch bleef ergens in m'n achterhoofd het gevoel hangen dat dit onmogelijk nog jarenlang normaal kon blijven doorgaan. En dan hoefde ik niet eens alleen te denken aan het feit dat ik inmiddels met een knappe stiefzus en een knappe stiefmoeder onder één dak woonde, twee vrouwen die zonder dat ze het zelf echt doorhadden veel te vaak voor verwarring zorgden in mijn nog altijd puberende hoofd. Het ging verder dan dat. Alsof dit huis langzaam een plek geworden was waar iedereen net iets te dicht op elkaar leefde, waar grenzen steeds vager begonnen te voelen en waar ik mezelf er steeds vaker op betrapte dat ik situaties analyseerde die waarschijnlijk helemaal niks betekenden. Of juist wel.

Emma had bijvoorbeeld een vriendin die hier inmiddels bijna net zo vaak over de vloer kwam als zijzelf. Soms leek het alsof Hailey meer tijd in dit huis doorbracht dan in haar eigen woning. Ook vanavond verscheen ze weer ergens halverwege het feest, alsof haar entree standaard gepland stond op het moment dat de sfeer net los genoeg werd. Zodra ze binnenkwam, zocht ze automatisch Emma op en vanaf dat moment bewogen ze weer als één geheel door het huis. Eerst nog even sociaal doen, onze ouders feliciteren met hun jubileum, vriendelijk glimlachen naar familieleden die haar niet eens echt kenden en daarna direct samen verdwijnen in hun eigen wereld vol gefluister, telefoonschermen en blikken die constant langs andere mensen leken te schieten.

Op zich was Hailey echt geen onaardig persoon. Dat maakte haar juist ingewikkeld. Ze zei vaker iets tegen mij dan Emma deed, maakte soms zelfs bewust contact en behandelde me in ieder geval alsof ik bestond, maar toch voelde het nooit volledig oprecht. Alsof ze me tegelijkertijd serieus nam en niet serieus kón nemen. Zodra ze me zag, liep ze ook nu weer even mijn kant op.

"Olaf," zei ze met die bekende glimlach van haar terwijl haar ogen me net iets te lang aankeken. "Je ziet er knap uit vanavond."

Ze zei het duidelijk genoeg dat ik wist dat het expres was, maar tegelijkertijd ook luchtig genoeg om altijd te kunnen doen alsof het maar een grapje of een onschuldig compliment was geweest. Het had dezelfde energie als iemand die lief praat tegen een jonger broertje zonder werkelijk stil te staan bij wat dat met hem doet. Ik lachte daarom maar ongemakkelijk terug, knikte alsof ik normaal met complimenten om wist te gaan en keek daarna snel ergens anders heen.

Net als Emma leefde Hailey ervan om gezien te worden. Ook zij was actief op Tiktok, al deden ze daar allebei iets anders mee. Emma zat meer in de hoek van fashion, make-up en aandacht trekken zonder te hoeven toegeven dat dat precies haar doel was, terwijl Hailey zichzelf vooral presenteerde als het fitte, zelfverzekerde meisje dat constant onderweg leek naar een sportschool, een brunchplek of een strandtent. Toch namen ze ongemerkt steeds meer van elkaar over. Dezelfde poses, dezelfde manieren van praten, dezelfde blikken naar hun telefoons alsof daar de echte wereld plaatsvond.

Over Hailey voelde ik me in ieder geval minder schuldig wanneer ik fantaseerde. Misschien omdat ze officieel niets van mij was. Daardoor kon ik zonder al te veel schaamte nadenken over hoe strak haar jurkje zat, hoe ze later op de avond misschien iets te veel zou drinken en hoe zoiets dan ineens uit de hand zou kunnen lopen. Dat soort fantasieën waren inmiddels bijna routine geworden voor me. Niet omdat ik ooit echt dacht dat het zou gebeuren, maar omdat mijn hoofd tegenwoordig overal mogelijkheden van probeerde te maken.

De twee meiden fluisterden voortdurend met elkaar. Ze lachten veel, keken om zich heen en af en toe had ik sterk het gevoel dat hun blikken mijn kant op schoten. Of misschien hoopte ik dat vooral. Dat bleef lastig uit elkaar te houden. Soms dacht ik echt dat Emma iets over mij zei, waarna Hailey kort mijn kant op keek met een grijns die onmogelijk neutraal kon zijn. Tegelijkertijd zat er bijna altijd iets spottends in die blikken, zeker bij Emma. Alsof ze precies wist hoe ongemakkelijk ik werd van aandacht.

Hailey speelde daarin het afgelopen jaar een vreemde dubbelrol. Aan de ene kant was ze zonder twijfel Emma's beste vriendin, degene met wie ze alles deelde en die altijd automatisch haar kant koos. Aan de andere kant leek ze het heerlijk te vinden om juist extra olie op het vuur te gooien wanneer de sfeer tussen Emma en mij ongemakkelijk werd. Alsof ze bewust wilde testen hoe ver ze situaties kon oprekken voordat iemand er iets van zou zeggen.

Ik herinner me nog precies die middag vorige zomer toen ik in de tuin zat terwijl Emma en Hailey besloten hadden om te zonnen in bikini. Alleen dat gegeven op zich was al genoeg om mijn hele dag te verpesten. Ik probeerde krampachtig normaal te doen, keek overdreven vaak op m'n telefoon en hield m'n benen zo strak mogelijk over elkaar terwijl ik bad dat niemand iets aan me zou merken.

Toen had Hailey ineens veel te hard geroepen:

"Hij is je stiefbroer. Doe niet zo moeilijk."

Ik wist nog steeds niet zeker waar dat precies op sloeg, maar het feit dat ze wist dat ik het kon horen maakte alles alleen maar erger. Voor haar voelde het alsof zulke dingen volledig normaal waren. Alsof ze er plezier uit haalde om spanning juist bespreekbaar te maken in plaats van weg te drukken. Daardoor zat ik uiteindelijk nog bijna twee uur gevangen in die tuin terwijl de meiden lagen te zonnen alsof ik compleet ongevaarlijk was. Geen van beiden zei nog echt iets tegen me, maar juist die stilte maakte het erger. Ik voelde continu dat Hailey genoot van mijn ongemak. Daar leefde ze ergens van op. En dat soort situaties gebeurden inmiddels al bijna een jaar lang.

Vanavond leek daarin geen uitzondering te worden. Haar overdreven enthousiaste begroeting, het gefluister met Emma, de blikken tussendoor; het vormde opnieuw precies dezelfde combinatie van irritatie en opwinding waar ik mezelf steeds minder goed tegen leek te kunnen beschermen.

Tom had dan weer precies het tegenovergestelde effect op me. Wanneer hij in de buurt was, voelde ik veel minder de behoefte om weg te kruipen in een stil hoekje van het huis. Hij was mijn beste vriend en ondertussen bijna net zo vertrouwd op dit soort familieavonden als Hailey inmiddels was geworden. We voetbalden samen en hij was een paar jaar ouder dan ik, maar vooral iemand die me begreep zonder dat ik ooit echt hoefde uit te leggen hoe ik in elkaar zat.

Al leek hij in vrijwel alles mijn complete tegenpool. Tom kon met letterlijk iedereen praten. Het maakte niet uit of het een buurman, een oudere tante of een compleet onbekende vriendin van Lisanne was; hij stapte overal moeiteloos op af en wist gesprekken gaande te houden over onderwerpen die totaal nergens over gingen. Toch hing iedereen aan zijn lippen. Ik keek daar altijd met een soort bewondering naar. Dat gemak waarmee hij ruimtes binnenkwam alsof hij er automatisch thuishoorde. Vooral bij vrouwen werkte het absurd goed. Nichtjes, kenissen, oudere vrouwen uit de buurt; iedereen leek hem direct leuk te vinden zonder dat hij daar zichtbaar moeite voor deed.

En toch irriteerde me dat niet eens. Misschien omdat hij er nooit arrogant over deed. Emma en Hailey deden vaak alsof hij nauwelijks bestond, maar ik wist vrij zeker dat ze juist geïnteresseerd in hem waren. Dat was bijna onvermijdelijk. Alleen leek Tom daar zelf totaal geen behoefte aan te hebben. Hij liet hen bewust links liggen, deels omdat hij wist dat ik weinig met hun gedrag kon en deels omdat hij hier vanavond echt voor mij was. Niet om te scoren, niet om aandacht te trekken, maar gewoon omdat hij mijn vriend was.

Dat betekende overigens niet dat hij ophield met vrouwen versieren. Integendeel zelfs. Gedurende de avond zag ik hem alweer moeiteloos gesprekken aanknopen, lachen, iemand aanraken alsof het vanzelf ging en ergens tussendoor waarschijnlijk weer een telefoonnummer regelen zonder dat het ooit geforceerd leek. Ik probeerde altijd iets van hem te leren, maar durfde eigenlijk nooit eerlijk toe te geven hoe eng ik contact met vrouwen diep vanbinnen nog steeds vond.

Soms gaf hij me kleine tips tussendoor, alsof sociale vaardigheden iets praktisch waren wat je simpelweg kon oefenen. Tegen het einde van de avond stond hij ineens naast me met een biertje in z'n hand terwijl hij kort richting Hailey knikte.

"Ziet er wel goed uit trouwens," zei hij lachend terwijl hij met zijn schouder tegen die van mij duwde. "Ook al is ze een trut."

Niemand hoorde het behalve ik. En eerlijk gezegd zou ook niemand hem ongelijk hebben gegeven over beide punten.

"Zij kijkt wel steeds naar jou," zegt Tom terwijl hij subtiel met z'n kin richting een brunette aan de andere kant van de tuin wijst.

Ik volg automatisch zijn blik en zie meteen wie hij bedoelt. Rachel. Alleen al het idee laat me direct lachen, al probeer ik dat zo normaal mogelijk te houden.

"Rachel?"

Mijn reactie komt er sneller uit dan bedoeld. Niet eens omdat ik haar niet aantrekkelijk vind, integendeel zelfs, maar juist omdat het zo absurd voelt dat iemand als zij überhaupt bewust naar mij zou kijken. Rachel woonde een paar huizen verderop, was zeker vijf jaar ouder dan ik en hoorde in mijn hoofd inmiddels bij een compleet andere categorie vrouwen. Volwassen bijna. Zo iemand die altijd ontspannen overkomt zonder daar zichtbaar moeite voor te hoeven doen.

"Van mij wilde ze in ieder geval niks weten," gaat Tom lachend verder terwijl hij nog een slok van z'n bier neemt. "Je kent haar wel toch?"

Ik kijk nog een keer haar kant op en precies op dat moment kijkt Rachel terug. Zodra onze blikken elkaar kruisen, zwaait ze zelfs even vriendelijk. Geen groot gebaar, eerder iets kleins en vanzelfsprekends, alsof het volledig normaal is dat ze me ziet staan. Toch voel ik direct hoe ik ongemakkelijk rechtop ga staan zonder dat ik het wil.

Ik kwam haar buiten inderdaad wel eens tegen. Tijdens het wandelen, wanneer ik boodschappen moest halen of als ik ergens in de buurt aan het hardlopen was. Rachel was altijd aardig. Misschien té aardig zelfs. Ze vroeg steevast hoe het ging, bleef even staan voor een praatje en leek daadwerkelijk geïnteresseerd in het antwoord, iets waar ik meestal totaal niet mee om wist te gaan. Ik antwoordde dan kort, hield het veilig en stelde bijna nooit een vraag terug. Niet omdat ik onbeleefd wilde zijn, maar omdat mooie vrouwen me nog steeds compleet lam konden leggen zodra ze direct aandacht gaven.

Dat was eigenlijk altijd al zo geweest. Ook nu voelde Rachel voor mij eerder als iemand die je bewondert van een afstand dan als een vrouw die daadwerkelijk in je geïnteresseerd zou kunnen raken. In groepen zoals vanavond werd ik meestal automatisch het jongere broertje, de rustige jongen die erbij hing zonder echt mee te spelen in hetzelfde sociale spel als de rest. Alleen begon ik langzaam te merken dat juist dat stille gedrag soms een vreemd effect had op bepaalde vrouwen. Dat ontwijkende, dat ongemakkelijke, het niet constant aandacht opeisen; sommige vrouwen leken daardoor juist nieuwsgierig te worden.

Daar zat precies mijn probleem.

Ik had nog nooit een vriendin gehad. Sterker nog, als ik eerlijk was, wist ik niet eens zeker of iemand ooit écht met me geflirt had. Op school was ik altijd veilig geweest voor meisjes. Te veilig misschien. Ik had vooral vrouwelijke vrienden, schoof makkelijk aan bij hun gesprekken en werd daardoor vanzelf iemand waarbij niemand spanning hoefde te voelen. One of the girls, zonder dat iemand het ooit letterlijk uitsprak. Op zich was daar jarenlang weinig mis mee geweest. Ik dacht er nauwelijks over na.

Maar inmiddels was ik negentien en begon dat gevoel langzaam te knagen. Natuurlijk wilde ik inmiddels ook weten hoe het voelde wanneer iemand je écht aantrekkelijk vond. Niet als vriend, niet als grappige rustige jongen die makkelijk luisterde, maar als man. En juist op het moment dat dat verlangen sterker begon te worden, veranderde mijn hele omgeving compleet.

Ineens woonde ik samen met vrouwen die constant aanwezig waren. Mooie vrouwen bovendien. Emma, die zich overal moeiteloos doorheen bewoog alsof aandacht net zo vanzelfsprekend was als ademhalen. Lisanne, die zonder het door te hebben een soort warme intimiteit uitstraalde waar ik me steeds bewuster van werd. Hailey, die het heerlijk leek te vinden om mij ongemakkelijk te maken zodra ze doorhad dat ik ergens gevoelig voor was. En nu zelfs Rachel, die misschien helemaal niets bedoelde met haar vriendelijkheid, maar die in mijn hoofd toch langzaam onderdeel begon te worden van hetzelfde probleem.

Het voelde alsof deze omgeving me ergens toe dwong. Alsof ik niet langer veilig kon blijven hangen in die onzichtbare rol die ik jarenlang gehad had. Alleen begon ik die behoefte om gezien te worden ondertussen compleet op de verkeerde personen te projecteren. Daardoor werd alles alleen maar erger. Ik dacht te veel na, analyseerde elk klein gebaar alsof er verborgen betekenissen achter zaten en raakte steeds gefrustreerder doordat ik zelf ook niet meer wist wat echt was en wat ik erbij verzon.

Later op de avond, wanneer het grootste deel van de familie alweer vertrokken is en de sfeer eindelijk wat rustiger begint te worden, voel ik ineens een lichte tik tegen m'n schouder.

"Je bent er nog," klinkt een rustige vrouwenstem. Gespeelde verbazing. Bijna cynisch, maar vriendelijk bedoeld.

Ik draai me om en zie Lydia naast me staan.

Automatisch glimlach ik weer, al weet ik inmiddels nog steeds niet goed welke houding ik bij haar aan moet nemen. Misschien juist omdat zij degene is die ik het minst goed ken, maar die me tegelijkertijd altijd lijkt te doorzien op een manier die bijna ongemakkelijk voelt.

Lydia is een vriendin van Lisanne. Iets jonger dan zij, al nog steeds makkelijk twintig jaar ouder dan ik. Ze straalt een soort rust uit die moeilijk uit te leggen is. Alles aan haar beweegt gecontroleerd en elegant, alsof ze nooit echt haast heeft. Zelfs vanavond, tussen alle drukte, gesprekken en lege glazen door, lijkt ze volledig ontspannen aanwezig te zijn.

Ook zij geeft me soms signalen die me compleet in verwarring brengen, al weet ik diep vanbinnen vrijwel zeker dat dat volledig mijn eigen schuld is. Lydia flirt niet met me. Daar ben ik eigenlijk zeker van. Ze heeft een man, een stabiel leven en kijkt waarschijnlijk gewoon op een warme manier naar iedereen om haar heen. Toch weet ze altijd precies een moment te vinden om even contact te maken. Een kleine check-up bijna, alsof ze wil zien hoe ik erbij loop.

Zo ook nu.

Meer dan dit hoeft ze eigenlijk niet te zeggen. Toch voel ik alweer warmte naar m'n gezicht stijgen zodra ze me aankijkt. Ik draai me daarom snel iets weg voordat het te zichtbaar wordt.

"Wij gaan ook weer langzaam," zegt ze zacht terwijl ze even richting de woonkamer kijkt waar Lisanne afscheid staat te nemen van mensen. "Ik begreep dat jullie deze zomer een keer naar Oostenrijk komen. Leuk."

Haar stem blijft vriendelijk en licht. Op geen enkele manier dubbelzinnig of verkeerd bedoeld. Gewoon een normaal gespreksonderwerp waar iedere volwassene het waarschijnlijk na tien seconden alweer vergeten zou zijn. En toch blijft het bij mij hangen. Misschien juist omdat ze het nog even specifiek tegen míj zegt, terwijl iedereen allang wist van die vakantie.

Hun huisje in Oostenrijk.

Alleen de gedachte eraan voelt alweer ongemakkelijk. Wekenlang samen weg. Autoritten. Dicht op elkaar leven. Zwemkleding. Avonden met wijn op een terras terwijl iedereen steeds losser wordt. Nog meer situaties waarin ik mezelf geen houding weet te geven. Dat stel ik me dan zo voor.

En ergens wist ik eigenlijk nu al dat dit gezin, dit huis en alles wat erbij hoorde het komende jaar alleen maar ingewikkelder zou worden.

De vele indrukken van deze avond blijven door m'n hoofd spoken wanneer ik eindelijk alleen op m'n kamer lig, maar eigenlijk draait het allang niet meer alleen om vanavond. Het gaat over dat hele verdomde jaar sinds we hier wonen. Sinds alles veranderd is zonder dat ik ooit echt heb begrepen wanneer precies. Ik weet namelijk oprecht niet meer wat ik met mezelf aan moet, en dat is waarschijnlijk nog het eerlijkste wat ik hierover kan zeggen. Mijn lijf wil van alles, mijn hoofd denkt van alles en m'n hart lijkt ondertussen compleet eigen plannen te hebben ontwikkeld waar ik zelf nauwelijks nog controle over voel. Alleen doe ik uiteindelijk helemaal niks. Of nou ja, bijna niks.

Ik trek me af zodra ik alleen ben. Dat deed ik vroeger natuurlijk ook al, zoals iedere jongen van mijn leeftijd waarschijnlijk deed, maar toen voelde het nog onschuldig. Gewoon een gewoonte. Iets lichamelijks. Nu voelt het anders. Nu voelt het alsof ik nergens meer aan kan ontsnappen omdat alles in dit huis voortdurend iets bij me oproept. Iedere blik, ieder geluid op de gang, iedere toevallige aanraking of situatie blijft veel langer hangen dan normaal zou moeten zijn. En de persoon aan wie ik uiteindelijk het vaakst denk, degene die ik het liefst wil terwijl ik tegelijkertijd weet dat het nergens op slaat, blijft Emma.

Juist Emma.

De persoon met wie ik eigenlijk nauwelijks een echte band heb opgebouwd. De persoon die me meestal amper lijkt te zien staan tenzij ze me ergens mee kan plagen of me bewust ongemakkelijk maakt. De persoon die ik officieel als familie zou moeten beschouwen terwijl mijn hoofd daar steeds minder toe in staat lijkt. Iedere week voelt het alsof die spanning langzaam verder oploopt zonder dat er ooit iets concreets gebeurt. Alsof er ergens diep vanbinnen steeds meer druk opgebouwd wordt terwijl niemand echt doorheeft wat er in mijn hoofd speelt.

Wanneer loopt die ketel uiteindelijk over?

En belangrijker nog: hoe ziet dat eruit wanneer het eenmaal gebeurt?

"Slaapt hij al?" hoor ik ineens zacht vanuit de gang fluisteren.

Op dat moment lig ik al onder de dekens met m'n hand in m'n boxershort. Meteen verstijf ik. Ik beweeg geen centimeter meer terwijl ik probeer te luisteren naar de stemmen buiten m'n kamer. Emma en Hailey. Natuurlijk. Hailey gaat waarschijnlijk naar huis en blijkbaar vinden ze het nodig om nog even op de gang te blijven staan.

"Zou hij weer..."

Verder komt Hailey niet, omdat Emma haar direct afkapt voordat ze haar zin af kan maken.

Ik stop abrupt met bewegen.

Mijn hele lichaam voelt ineens warm en gespannen tegelijk. Weten ze dit? Hebben ze enig idee wat ik hier bijna iedere avond lig te doen? Weten ze dat ik juist aan hen denk wanneer ik hier alleen lig? Alleen de mogelijkheid dat ze er misschien grappen over maken is al genoeg om m'n hartslag volledig uit controle te laten raken.

Daarna hoor ik Hailey uiteindelijk vertrekken. Nog wat zacht gelach beneden, de voordeur die opent en sluit, waarna het huis langzaam stiller wordt. Niet lang daarna hoor ik Emma de trap oplopen.

M'n deur staat op een kier.

Ik lig volledig stil onder de dekens terwijl m'n hart zo hard klopt dat ik bijna bang ben dat het hoorbaar is in de gang. Nog steeds houd ik mezelf vast zonder echt te bewegen. Alsof ik halverwege betrapt ben in iets waar ik onmogelijk nog onderuit kan komen.

Boven aan de trap stopt Emma ineens.

Alles wordt stil.

Ik hoor geen telefoon meer, geen muziek, geen voetstappen. Helemaal niks. Alleen die vreemde stilte waarin je voelt dat iemand ergens staat zonder dat je hem kunt zien. Ik kijk richting de kier van m'n deur, maar zie geen licht bewegen. Geen schaduw. Toch weet ik vrijwel zeker dat ze daar nog staat.

Aarzeling.

Dat is het enige woord wat in me opkomt.

Alsof zij ook even nadenkt. Alsof er voor een paar seconden iets bestaat wat geen van ons hardop uit zou kunnen spreken. Daarna hoor ik haar alsnog doorlopen richting haar kamer. Haar deur gaat zacht dicht, gevolgd door het geluid van haar lichaam dat op bed ploft.

Dit soort momenten gebeuren veel te vaak.

Dat is misschien nog wel het ergste.

Het afgelopen jaar lijken dit soort kleine situaties zich bijna wekelijks op te stapelen. Momenten die op papier nergens over gaan, maar die in mijn hoofd complete scènes worden waar ik dagen later nog aan terugdenk. Met Emma vooral. Soms met Hailey erbij. Maar af en toe zelfs met Lisanne.

Het voelt alsof ik opgesloten zit in een soort gouden kooi waar alles voortdurend dichtbij genoeg is om te verlangen, maar tegelijkertijd volledig verboden blijft om daadwerkelijk aan te raken.

Emma en Hailey spreken ergens vanzelfsprekend tot de verbeelding. Dat is bijna het klassieke verhaal waar mensen grappen over maken. Een veel te knappe stiefzus die ineens onder hetzelfde dak woont, een onhandige stiefbroer die niet weet hoe hij daarmee om moet gaan en een vriendin die het heerlijk vindt om spanning alleen maar groter te maken. Soms voelt het zelfs alsof ik midden in zo'n cliché verhaal terechtgekomen ben.

Alleen lopen dat soort verhalen meestal anders af.

Daar gebeurt uiteindelijk ten minste íets.

Hier niet.

En misschien is dat precies waarom het me ondertussen langzaam gek maakt.

Het feit dat er al een jaar lang eigenlijk niks gebeurd is, voelt helemaal niet als een overwinning of bewijs dat ik mezelf onder controle heb. Integendeel zelfs. Het voelt eerder als één lange frustratie die steeds verder onder m'n huid kruipt. Zelfs wanneer Emma en ik alleen thuis zijn gebeurt er uiteindelijk nooit iets wezenlijks. Geen moment waarop alles eindelijk duidelijk wordt. Geen grote fout. Geen kus. Niet eens iets wat ik achteraf echt verkeerd zou kunnen noemen.

En toch blijft die spanning bestaan.

Sterker nog, ze lijkt alleen maar erger te worden.

Misschien omdat mijn fantasieën ondertussen ook steeds verder ontsporen. Emma is allang niet meer de enige persoon waar ik aan denk.

De laatste maanden dwaalt mijn hoofd namelijk steeds vaker af naar Lisanne, en iedere keer gaat dat gepaard met een schuldgevoel waar ik me bijna misselijk door voel. Juist omdat zij waarschijnlijk de meest onschuldige persoon in dit hele verhaal is. De vrouw die mijn vader oprecht gelukkig maakt. De vrouw die zichtbaar haar best doet om van dit huis een veilige plek voor ons allemaal te maken. De vrouw die altijd vraagt hoe het op school gaat, eten voor me bewaart wanneer ik laat thuis ben of even op de rand van m'n bed komt zitten wanneer ze merkt dat ik stiller ben dan normaal.

Alleen is Lisanne tegelijkertijd ook gewoon een aantrekkelijke vrouw.

Misschien té aantrekkelijk voor iemand die constant om me heen aanwezig is.

Volgens mij heeft ze zelf niet eens door wat ze soms met me doet. Wanneer ze 's ochtends in een kamerjas door de keuken loopt bijvoorbeeld. Of wanneer ze zich gedachteloos voorover buigt terwijl ze iets van tafel pakt. Zelfs kleine dingen blijven hangen. Haar parfum wanneer ze langsloopt. De manier waarop ze zacht praat wanneer iedereen al slaapt. Het geluid van haar lachen beneden terwijl ik boven in bed lig.

En het ergste is misschien nog wel dat zelfs de momenten die absoluut privé zouden moeten blijven uiteindelijk onderdeel worden van mijn fantasieën. Wanneer ik 's nachts hoor hoe stil zij en mijn vader proberen te zijn terwijl ze seks hebben bijvoorbeeld. Het zou me moeten afschrikken. Ik zou me moeten schamen zodra ik het hoor.

In plaats daarvan luister ik.

Iedere keer opnieuw.

De vrouw die mijn vader eindelijk weer gelukkig heeft gemaakt, begint ondertussen ook steeds vaker door mijn eigen hoofd te spoken op manieren die compleet verkeerd voelen.

Hoelang blijft dit nog goed gaan?

Want ondertussen is er ook nog Tom. De enige persoon die echt dicht genoeg bij me staat om te merken dat er iets veranderd is, terwijl hij tegelijkertijd totaal geen idee heeft wat er daadwerkelijk in mijn hoofd omgaat. Hij blijft maar herhalen dat ik beter moet opletten. Dat vrouwen altijd signalen geven wanneer ze iemand interessant vinden.

Goed bedoeld waarschijnlijk.

Maar altijd?

Alle vrouwen?

Sinds hij dat gezegd heeft analyseer ik werkelijk alles. Iedere blik van Emma. Iedere opmerking van Hailey. Iedere vriendelijke aanraking van Lisanne. Soms vraag ik me zelfs serieus af of Emma en Hailey dit hele spel misschien expres spelen omdat ze juist een reactie van me willen zien. Of ze bewust testen hoe ongemakkelijk ze me kunnen maken voordat ik ergens op reageer.

En Lisanne dan?

Nee. Dat kan toch onmogelijk hetzelfde zijn.

Toch hoef ik uiteindelijk alleen maar m'n ogen te sluiten voordat m'n hoofd alweer compleet andere mogelijkheden begint te verzinnen.

Een tijdje terug zei Tom tegen me dat je soms gewoon iets moest doen, ook al was het gedurfd. Hij had dat gezegd zonder enig idee te hebben wie er daadwerkelijk door mijn hoofd spookten wanneer ik alleen in bed lag.

n de laatste tijd merk ik dat ik steeds vaker denk dat hij misschien gelijk heeft.

Dat ik niet eindeloos kan blijven wachten.

Dat ik uiteindelijk iets ga moeten doen.

Alleen blijft steeds dezelfde vraag terugkomen: Verpest ik daarmee straks het perfecte leven van m'n vader?

*

*

Beste lezers,

Ik weet dat dit soort verhalen inmiddels bijna een genre op zichzelf zijn. Alleen ben ik veel meer geïnteresseerd in de spanning, schaamte en obsessie eromheen dan in pure porno. Dus eerlijk: zit iemand eigenlijk te wachten op een langzaam escalerend psychologisch verhaal als dit?

Laat het me weten. Anders zit ik straks in m’n eentje een compleet ontsporend gezin psychologisch te analyseren voor driehonderd pagina’s.

Groet,

Jefferson.
Geef dit verhaal een cijfer:  
5   6   7   8   9   10  
Klik hier voor meer...
Klik hier voor meer...