Lekker Anoniem Webcammen!
Donkere Modus
Door: Jefferson
Datum: 12-02-2026 | Cijfer: 9.9 | Gelezen: 51
Lengte: Lang | Leestijd: 19 minuten | Lezers Online: 1
En Tot Ziens
Dat was het dan. Mijn avontuur met de vriendengroep. Die van Elise. Die van Kamila. Die van mijzelf? Zo zou ik het niet willen noemen.

Het was nooit mijn vriendengroep geweest, maar deze groep heeft bijna drie jaar lang mijn leven in zijn greep gehouden. Met mooie en intense momenten. En met minder mooie momenten.

Ik zou Jeff en Mussa na dit weekend nooit meer zien. Die behoefte was er simpelweg niet. En dat gold net zo goed voor Hila en Nathalie. De groep viel uit elkaar. Niet explosief, niet dramatisch, maar onvermijdelijk. Alsof het nodig was, zodat iedereen verder kon. En zo ook wij.

Na alles wil ik nog vertellen hoe Kamila en ik verder gingen. Wie we nog wel zagen. En hoe we daarmee omgingen, nu de meeste relaties iets bijzonders, iets gelaagds waren geworden. Niet meer onschuldig. Niet meer vrijblijvend. Maar ook niet per se afgesloten.

Dit was geen einde met een punt. Het was een overgang. Een verschuiving. Van een wereld die te groot en te vol was geworden, naar iets kleiners. Intiemer. En uiteindelijk eerlijker.

Dat weekend liep weliswaar met een sisser af. Maar het bleek de start van ons nieuwe leven te zijn. Het voelde alsof we iets achterlieten in Rotterdam. Ik ging een dag eerder naar Ameland, zodat ik ook een dag eerder terug kon naar Kamila, die toen alweer in Rockanje zat. Daar begon het plannen. Daar kon ik haar zeggen dat de slijterij verkocht zou worden. Dat het huisje op Ameland voortaan ons vakantiehuisje zou zijn.

Daar vertelde ik haar ook dat ik Eke had gezegd dat het niet kon tussen haar en mij. Dat ik haar alleen maar pijn zou doen. Dat ze beter verdiende, ondanks de belofte die ik had gedaan toen ik haar achterliet. Het was een zwaar en moeilijk moment. We zouden vrienden blijven. Elkaar nog wel eens zien. Ze zou een man krijgen en kinderen. En als Kamila en ik op Ameland waren, gingen we in de jaren daarna op visite. Dan werden we Oom Lucas en Tante Kamila voor de kinderen van Eke. Wie had dat ooit gedacht?

Het voelde normaal. Bijna.

Eke bleef, zelfs na jaren, nog naar mij kijken alsof er meer in had gezeten. Tja. Wie weet. Het was soms moeilijk. Kamila en ik namen geen kinderen. En als ik daar was, zag ik wat ik had kunnen hebben. Maar ik had iets anders gekozen. Zonder ooit echt spijt te hebben.

Ameland was zo belangrijk in mijn leven geweest, al vanaf de dag dat ik daar voor het eerst voet aan wal zette, met Elise nog aan mijn zijde. En nu kwamen we er eigenlijk alleen nog in de zomer. Weekjes. Soms slechts weekenden.

Dan gingen we naar de kerk. Dan leefden we het meest normale leven van ons bestaan. Daar konden we detoxen. Samen zijn. Al waren we niet altijd samen. Soms namen we iemand mee.

Een tijdlang heeft Willemijn het huisje bewoond in onze afwezigheid, en dus ook wanneer wij er wél waren. Zij wilde de winkel nog overnemen. Daar hebben we serieus over gesproken. Maar de cijfers logen niet. Het zou zwaar worden. Die beslissing heb ik samen met haar genomen. Willemijn zou na een aantal jaar Ameland verlaten, waar Eke dat nooit zou doen.

Willemijn heeft nog vaak tussen ons in gelegen. In bed, of elders. Nooit hebben we echt seks gehad. Dat bewaarde ze toch voor na het trouwen. Maar samen met ons leerde ze veel, deed ze veel, onderging ze veel. Waar Eke een no-go was, konden we juist heel veel met Willemijn. Stiekem. En zo zou het blijven.

Willemijn zagen we vaker. Ook na Ameland. En daarmee konden we Ameland een plek geven. Een afgesloten hoofdstuk aan de ene kant. Aan de andere kant een boek dat we soms nog wilden nalezen.

We kwamen er graag. En namen er dus ook wel eens iemand mee.

De drie meiden die een blijvende rol in ons leven zouden spelen, waren natuurlijk Elise, Hyun en Sophia. Het klinkt eenvoudig als ik het zo opschrijf, maar dat was het allerminst. Om met die laatste twee te beginnen: zij gingen ‘uit elkaar’. Voor zover je überhaupt kunt spreken van een serieuze relatie, want wat zij hadden, was altijd al vloeibaar geweest. Geen breuk met drama, geen grote woorden. Ze bleven beste vriendinnen, misschien zelfs hechter dan daarvoor, alsof het loslaten van verwachtingen ruimte maakte voor iets eerlijkers.

Een jaar na het weekend in Rotterdam kochten Kamila en ik het huisje in Rockanje. Wat ooit een vakantiehuisje was geweest, werd onze permanente woning. Voor die tijd, althans. Het was een bewuste tussenfase. Dicht bij Rotterdam. Dicht bij de stad. Dicht bij Hyun en Sophia, die daar zouden afstuderen en in die periode vaak bij ons over de vloer kwamen. Het voelde logisch, alsof alle lijnen die eerder zo chaotisch hadden gelopen, zich hier tijdelijk bundelden.

Het was geen afspraak. Geen uitgesproken regel. Maar het was altijd volkomen natuurlijk dat, als Sophia er was, ik er niet altijd bij was wanneer de intimiteiten begonnen. En andersom was Kamila er niet altijd bij als Hyun en ik elkaar opzochten. Niemand hoefde dat uit te leggen of te verdedigen. Het ontstond zo. We merkten pas achteraf dat onze relatie open was geworden — niet uit onvrede, niet uit gemis, maar uit overvloed.

Hyun en ik zijn meerdere keren samen op date geweest. Gewoon leuke dingen doen. Eten, wandelen, praten tot het te laat werd om nog terug te gaan. En vrijwel altijd eindigde het ook in intimiteit. Soms zacht en voorzichtig, soms intens en gretig. Sophia en ik hadden ook nog wel eens seks. Soms kort, bijna terloops. Soms uitgebreid, alsof we iets wilden herbeleven. Soms met z’n drieën. Soms met z’n vieren. En ja, soms zelfs met z’n vijven, wanneer alles samenviel en niemand zich inhield.

Wat ik wel expliciet wil benoemen, is dat Hyun en ik veel meer werden dan alleen friends with benefits. Zij bleef single. Bewust. Zodat ze met mij samen kon zijn, zonder concessies, zonder uitleg. Is dat gek? Misschien. Maar het was ook waanzinnig mooi. Soms voelde het alsof ik met haar seks opnieuw mocht uitvinden. Alsof verlangen weer fris werd, ongefilterd, zonder geschiedenis die in de weg zat. En dat was niet alleen opwindend, maar ook rustgevend.

Er was nooit ruzie. Niet onderling. Geen jaloezie die bleef hangen, geen verwijten die zich opstapelden. Dit werkte. Het voelde als een eenheid die we ooit dachten te hebben met Elise, voordat zij er zelf een bommetje onder had gelegd. Hier was die vanzelfsprekendheid terug, maar in een andere vorm. Minder naïef. Volwassener.

Ook Elise bleef veelvuldig in beeld. Meer dan eens zelfs. Ik sprak vaak met haar af. Alleen. Dat was een bewuste keuze. Een driehoek ging het niet worden. Kamila en ik hadden andere plannen, andere uitgangspunten, en hoe pijnlijk dat soms ook was, daar moest de rest zich uiteindelijk naar voegen.

Elise kon dat niet meteen. Daar hadden we behoorlijk wat mee te stellen. Ze belandde in een depressieve periode, waarin ze bleef hangen in een verleden dat anders had kunnen eindigen. Een verleden waarin keuzes herkauwd werden en scenario’s eindeloos werden herschreven. Dat was moeilijk. Heel moeilijk. Voor haar, maar ook voor mij. Ik voelde me vaak schuldig of verantwoordelijk, alsof ik haar iets had afgenomen wat haar nog steeds toebehoorde. En Elise kennende wist ze daar soms ook gebruik van te maken, bewust of onbewust.

Het duurde even voordat het goed kwam. Voordat ze werkelijk accepteerde wat er was, in plaats van te blijven vechten tegen wat er niet meer was. Voordat ze zich, op haar eigen manier, weer bij ons aansloot. De eerste keer dat we met z’n vijven een weekje weg gingen, was de mooiste week van ons nieuwe leven tot dan toe. Een huisje in de Ardennen. Volle privacy. Geen afleiding. Enkel aandacht voor elkaar, voor de dynamiek, voor wat wél werkte.

En die aandacht kon toen eindelijk evenredig verdeeld worden. Niet trekken, niet duwen. Ik en vier bloedmooie meiden die niet vies van elkaar waren, en elkaar ook niet hoefden te wantrouwen. Kun je het je voorstellen? Voor mij voelde het soms bijna onwerkelijk. En toch wist ik, diep vanbinnen, dat ik dit nog vaker zou mogen meemaken.

Dat werd onze vriendengroep. Al was het vaak meer dan dat. Het was intiemer, gelaagder, vrijer. Het was ook slechts een kwestie van tijd voordat de gelijkgestemde Willemijn inniger in contact zou komen met dit groepje meiden. Het zal geen verrassing zijn dat het meteen klikte. Alsof zij altijd al op de rand had gestaan, wachtend tot ze naar binnen mocht stappen.

De rest deed er niet meer zo toe. Als het al met andere was, dan met die drie. Pawel en Maja hielden het nog even vol, maar gingen uit elkaar. Ons avontuur met hen kreeg geen vervolg. Alisha en Joey werden wel samen oud, maar hadden het volwassen besluit genomen te breken met alles omtrent die vriendengroep. Dapper. Onverwacht. Maar het was goed zo. En de rest zagen we nooit meer...

Maar de basis lag bij ons. Ik en Kamila samen. En we lieten niks zomaar door een ander bepalen. Na een aantal jaar besloten we structuur te zoeken. We kenden drie levens. En zochten drie locaties. Ameland en Rockanje bleven. Ameland waren we voor de buhne netjes en normaal. Zeker toen Willemijn daar niet meer woonde, kwamen we daar vaak samen om even een stapje terug te doen. Samen.

Rockanje bleef ook. Zelden waren we daar een hele week samen. Niet erg. Helemaal niet erg. We groeiden in onze relatie, en met ons groeiden die andere drie mee, die ook hun eigen leven kregen, maar regelmatig bij ons incheckten, en dan daar in Rockanje.

Kamila bleef promotiewerk doen. Exclusiever werk ook, waar we wel eens voor op reis moesten. Buiten de grenzen. En ook het cammen bleef ze doen. Een betaalde hobby was het. Goed betaald. Maar het werd lastiger te combineren. Zeker omdat we minder vaak samen alleen waren. Het bleef onze bron van inkomsten. Ik deed vaker mee. Vond ik best moeilijk, aangezien dit ons enige inkomen werd. Toen voelde het toch meer als een stempel.

Dus zochten we een derde plek. Waar we helemaal onszelf konden zijn door iemand anders te kunnen zijn. Mila Rouge en Luke Longwood streken neer in Frankrijk, niet ver van de atlantische kust onder Britannië. Een oude wijnvilla, lekker klussen, een ander leven leiden en alle ruimte en privacy om die hobby en het werk uit te voeren. Bingolijsten kwamen weer eens op tafel te liggen. Dingen werder weer mogelijk. Daar ontvangen we ook wel eens een bekende, maar het was ver genoeg om vooral samen te leven. Een klein stukje paradijs op aarde was het voor ons. Helemaal van ons. We noemden onszelf daar ook Mila en Luke. Ze droeg vaak een bril daar, rond, en uitdagend. We werden iemand anders. Zij sprak goed Frans. Ik leerde het langzaam. Zij was ooit begonnen in Frankrijk met cammen. Ik zou het haast vergeten zijn.

En zo vulden we ons leven in. We waren bijna altijd samen, maar niet altijd samen alleen. Drie levens op drie locaties. En waar we dan behoefte aan hadden, zocht we dan gewoon op. Niemand die ons tegenhield. Niemand die ons wat kon doen.

Ik had haar nog ten huwelijk gevraagd. Dat had ze toen afgewezen... Vond ik een tijdje erg moeilijk. Pas toen ze uitlegde waarom niet, kwam het weer goed. Niet nodig. Geen familie. Wat was het nut? Ze hoefde niemand wat te bewijzen dat ze van me hield. Zeker omdat Hyun later eens aangaf wel dolgraag te willen trouwen, en dat dus niet deed vanwege ons, maakte het niet makkelijk. Een kleine pukkel om leven wat vanaf toen in rechte stijgende lijn zich voltrok. Maar zeker wel het noemen waard.

Kamila bleef promotiewerk doen. Exclusiever werk ook, waarvoor we soms moesten reizen, soms ver, soms onverwacht. Ook buiten de landsgrenzen. En het cammen bleef ze doen. Wat ooit begon als een speelse uitlaatklep, werd een betaalde hobby — goed betaald zelfs. Maar met groei komt frictie. Het werd lastiger te combineren, zeker omdat we minder vaak samen alleen waren en omdat het werk zich steeds nadrukkelijker in ons dagelijks leven nestelde.

Het bleef onze belangrijkste bron van inkomsten. Ik deed vaker mee, zichtbaarder ook. Dat vond ik best moeilijk. Zeker op het moment dat ik merkte dat dit ons enige inkomen werd. Toen voelde het anders. Minder vrijblijvend. Minder speels. Meer als een stempel dat op ons leven werd gedrukt. We spraken er veel over. Over grenzen, over autonomie, over wat werk mocht zijn en wat niet.

Daarom zochten we een derde plek. Een plek waar we helemaal onszelf konden zijn door iemand anders te mogen zijn. Mila Rouge en Luke Longwood streken neer in Frankrijk, niet ver van de Atlantische kust, net onder Bretagne. Een oude wijnvilla, vervallen en vol geschiedenis. Veel klussen. Veel stilte. Een ander leven.

En vooral: ruimte en privacy om zowel onze hobby als ons werk daar uit te voeren, zonder pottenkijkers, zonder sociale ballast. Bingolijsten kwamen weer eens op tafel te liggen. Fantasieën kregen opnieuw ademruimte. Dingen werden weer mogelijk, omdat ze niet hoefden. We ontvingen daar soms een bekende, maar het was ver genoeg weg om vooral samen te leven. Een klein stukje paradijs op aarde was het voor ons. Ruw, rommelig en helemaal van ons.

Daar noemden we ons ook Mila en Luke. Ze droeg er vaak een bril — rond, uitdagend, bijna iconisch. We werden iemand anders, zonder iets te verliezen. Zij sprak goed Frans. Ik leerde het langzaam, met accent en fouten. Zij was ooit begonnen in Frankrijk met cammen. Ik zou het bijna vergeten zijn. Het voelde alsof we een cirkel rondmaakten.

En zo vulden we ons leven in. We waren bijna altijd samen, maar niet altijd samen alleen. Drie levens op drie locaties. En waar we behoefte aan hadden, zochten we dat op. Zonder schaamte. Zonder toestemming. Niet uit rebellie, maar uit rust. Niemand hield ons tegen. Niemand kon ons nog iets maken. Niet omdat we onkwetsbaar waren, maar omdat we wisten wie we waren.

Ik had haar ooit ten huwelijk gevraagd. Dat had ze toen afgewezen. Dat vond ik een tijd lang moeilijk, pijnlijk zelfs. Het voelde als een afwijzing van iets fundamenteels. Pas toen ze uitlegde waarom, viel alles weer op zijn plek. Het was niet nodig. Geen familie, geen ritueel, geen symboliek. Wat was het nut, als de vorm niets toevoegde?

Ze hoefde niemand te bewijzen dat ze van me hield. Zeker niet toen Hyun later aangaf wél dolgraag te willen trouwen, en dat juist níét deed vanwege ons. Dat maakte het niet eenvoudiger. Het legde iets bloot wat we liever onbesproken hadden gelaten.

Een kleine pukkel op een leven dat zich vanaf dat moment in een rechte, stijgende lijn voortbewoog. Maar wel een die het waard is om genoemd te worden. Omdat ook dit erbij hoorde. Omdat vrijheid nooit vlekkeloos is, maar wel altijd eerlijk.

En dit was nu wie we geworden waren. Niet vastomlijnd, niet af, maar herkenbaar. Gelukkig, ja — in welke vorm we op dat moment ook bestonden. Dat inzicht kwam niet abrupt, niet als een conclusie die je kunt aanwijzen, maar groeide langzaam, bijna ongemerkt, uit alles wat we samen hadden meegemaakt, uit elke keuze, elke misstap, elke herhaling.

Is dit dan het einde van het verhaal? Van mijn vertellen? Nee. Zo voelt het niet. Hooguit als een moment van stilte, een pas op de plaats. Zoals inmiddels duidelijk is, gebeurde er na dit punt nog veel in ons leven — en eigenlijk gebeurt dat nog steeds. Elk moment met Kamila, hoe klein of ogenschijnlijk onbeduidend ook, draagt een verhaal in zich. Soms groot en allesverslindend, soms zo alledaags dat het juist daarom blijft hangen.

Wat wél eindigde, was de vriendengroep. Definitief. Niet met een knal, niet met verzoening, maar door uitdoving. Of ja... Eigenlijk wel met een knal, maar goed. Niet zoals gedacht of gehoopt, niet wenselijk, maar ook niet onrechtvaardig. Het liep zoals het moest lopen. Ik kijk er nog vaak op terug, maar nooit met spijt. Hooguit met verwondering over hoe vanzelfsprekend het ooit leek, en hoe ver weg het nu voelt. Ik ben blij dat ik het verteld heb — op mijn manier, in mijn woorden, zonder iets te willen rechtzetten of verfraaien. Soms lang en uitgebreid, anderen keren kort. Maar altijd zoals ik het wilde vertellen.

En of de rest het vertellen waard is? Ja. Ongetwijfeld. Want er kwamen nieuwe mensen, nieuwe dynamiek, nieuwe spanningen en nieuwe intimiteit. Niet los van wat er al was, maar er bovenop. Als lagen die zich bleven opstapelen. Dat maakte het leven niet overzichtelijker, maar wel rijker. Voller. Levendiger.

Daarom eindigt dit verhaal hier, maar sluit het niets af. Wat volgt, ligt niet vast. Misschien wordt het ooit verteld. Misschien ook niet. Dat hoeft nu geen besluit te zijn.

Dit is geen punt.

Dit is een ademhaling.

Tot ziens.

En bedankt voor het lezen van mijn verhaal.

Het delen van jullie gevoelens daarbij.

Groeten,

Lucas
Geef dit verhaal een cijfer:  
5   6   7   8   9   10  
Klik hier voor meer...
Klik hier voor meer...