Klik hier voor meer...
Donkere Modus
Door: Dewi
Datum: 10-05-2026 | Cijfer: 9.4 | Gelezen: 320
Lengte: Lang | Leestijd: 28 minuten | Lezers Online: 16
Trefwoord(en): Meerdere Mannen, Nymfomanie, Slet,
Dit is de tweede serie uit de reeks 'Klaasjes klus'. Je kunt dit verhaal volledig los lezen van de eerste serie. Vindt je de verhalen van Klaasje leuk? Dan lees ik dat graag in je reactie! Dan ga ik ermee door.

Kennismaking

~ Hubert ~

Vandaag begint de nieuwe programmeur, althans nieuw, hij is voor onbepaalde tijd ingehuurd omdat onze eigen programmeurs geen tijd hebben voor zo’n groot nieuw project. Klaasje heet hij, wat is dat nu weer voor naam. Waarschijnlijk omdat zijn vader Klaas heet hebben ze hem maar Klaasje genoemd. Personeelszaken zegt dat hij jong is maar wel goed. Maar eerst zien, dan geloven. Ik heb het niet zo op die inleners. Of ze zijn veel te eigenwijs en staan niet open voor andere ideeën, of ze zijn gewoon niet goed in hun werk en leveren broddelwerk af. Maar, we zullen het zien.

Ik werk bij HMA, een oud bedrijf dat zich gespecialiseerd heeft in het besturen en bouwen van grote motoren en generatoren. De generatoren worden gebruikt in energiecentrales. Voor de motoren hebben we twee groepen klanten: de ene rijdt met treinen of trams en andere gebruikt grote kranen voor in havens, zoals containerkranen. De afdeling waar ik voor werk richt zich op de laatste soort klanten, wij maken de besturingen voor de kranen. Deze besturing bestaat grofweg uit twee gedeelten. Het eerste is de aansturing van de motoren, dit zijn frequentieregelaars die vrij precies de snelheid kunnen regelen van de motoren. Het andere gedeelte is de bediening: aansturing van het scherm, het uitlezen van de knoppen en de joystick van de machinist en het bewaken van het geheel. Deze besturing, geprogrammeerd in een PLC, stuurt de gevraagde snelheid naar de frequentieregelaar, die er dan vervolgens voor zorgt dat de motoren dan ook die snelheden gaan draaien. Het is het programmeren van de PLC waarvoor we een programmeur hebben ingehuurd. We kunnen binnen HMA niemand voor een langere tijd vrijmaken voor dit project omdat we het al druk genoeg hebben met de ‘standaard’ projecten.

De opdracht die we nu hebben gekregen is van MARITIN, een onderzoeksinstituut in Wageningen voor de scheepvaart dat modellen van schepen door water laat varen en hier onderzoek op doet. Ze zijn bezig een groot bad te bouwen, tweehonderd meter lang, veertig meter breed en vier meter diep, voor het testen van modellen van zeeschepen. Langs een lange en een korte zijde zijn golfopwekkers gemonteerd. Aan beide lange zijden van het bad komen rails te liggen en hierover heen komt een sleepwagen te rijden. Deze sleepwagen overspant het bad en heeft dus wielen aan de lange zijden. Deze kan dus van voor naar achter rijden. Onderaan de overspanning hangt een bak die van links naar rechts kan bewegen. De bak kan dus overal boven het bad komen en moet het model door het water duwen of moet het model volgen als deze zelf kan varen. Klaasje mag dit programmeren, ik doe zelf de frequentieregelaars. De regelaars krijgen een extra besturing die de snelheid moet bewaken, want MARITIN wil dat de kraan uiterst nauwkeurig de snelheid handhaaft. Eén meter per seconde betekent 1,000 meter per seconde en niet 1,001 meter per seconde. Deze aparte besturing zal ik doen. Klaasje en ik gaan dus samen werken aan de software voor dit project.

Om negen uur krijg ik een belletje van de receptie.

“Hoi receptie hier, er is bezoek voor je.”

“Prima, dank je wel, ik kom eraan.” Ik neem de trap naar beneden en ga naar de receptie. Er staat een enorme stoot van een meid. Blond haar, goed figuur, niet al te lang, maar wel ontzettend knap. Maar ik zie geen programmeur.

“Hoi, je belde dat er bezoek voor mij was?”, vraag ik aan de receptioniste.

“Ja Hubert, je ziet haar toch? Dit is Klaasje.” De blonde meid heeft het gesprek gehoord en stapt naar mij toe met uitgestoken hand.

“Hoi Hubert, ik ben Klaasje”, mijn ogen worden zo groot als schoteltjes.

“Euh, hallo. Ik had een man verwacht.”

“Klaasje, een man?”, vraagt ze verbaasd.

“Ja sorry, ik dacht dat is vast een zoon van Klaas, en daarom heet hij Klaasje.” Ze moet lachen. We gaan naar boven, ik laat onze ruimte zien waar de programmeurs werken en wijs haar haar bureau. Ik moet er nog even aan wennen, een vrouw als programmeur. De enkele vrouwelijke programmeur die ik ken doet administratieve software, ik ken er geen één die PLC’s kan programmeren.

“Je bent technisch onderlegd?” Ze kijkt me vragend aan.

“Ik heb industriële automatisering gestudeerd, zat bij de beste afstudeerders van mijn jaar, als er in hun huis iets niet werkt laten mijn moeder of mijn broer mij dat fiksen, in plaats van mijn vader te vragen. En mijn baas vond mij het meest geschikt om deze klus te doen. Is dat technisch genoeg?”

“Okay.” Beschaamd moet ik toegeven dat dit geen handige vraag is om vertrouwen te kweken. Ik laat het onderwerp maar even rusten.

~ Klaasje ~

Ik voel aan alles dat Hubert sceptisch is over mijn kunnen. Dat wekt bij mij een enorme drive op om mijn kunnen te laten zien. Ik ben blij dat ik vlak voordat ik deze klus kreeg nog een UML-ontwerp training heb gevolgd, ik denk dat die wel van pas komt.

“Koffie?” vraagt hij dan.

“Lekker.”

“Loop maar even mee, dan vertel ik waar je koffie kunt halen. Op iedere verdieping staat een koffieautomaat met verschillende dranken. In de lunch gaan we naar de kantine, die is in een ander gebouw.” Hubert wijst me de weg. “Op deze verdieping worden de technische tekeningen en de software gemaakt voor onze besturingen. De kranen zelf, dus het staalwerk doen we niet, we leveren dus alleen de motoren, regelaars en de complete besturing, inclusief bedieningspanelen, sensoren en bekabeling. Dus eigenlijk alles behalve het staalwerk.” We lopen door de gang. Het gebouw is min of meer vierkant, en ook de gang over de verdieping loopt in een vierkant. “De elektro-ontwerpen worden in deze ruimten gemaakt.” Hubert wijst naar de kamer waar we langs lopen. “Hier is de inkoop, hier de administratie, hier de verkoop en hier het management van de afdeling.” We zijn inmiddels bijna de hele verdieping rond gelopen. “En zo zijn we weer bij ons kantoor.”

Hubert is een knappe vent, en dan doel ik niet alleen op zijn kennis. Hij heeft donker krulletjeshaar, heldere blauwe ogen en een strak kontje. Geregeld moet ik mijzelf toespreken om ervoor te zorgen dat ik niet door zijn uiterlijk word afgeleid tijdens zijn praatje.

De rest van de middag is hij bezig alles uit te leggen over de installatie. Er is een uitgebreide specificatie van MARITIN, wat mij veel duidelijkheid verschaft. Ook is er al een conceptversie van het elektrische schema. Ik krijg een computer en begin alle kennis die ik heb vergaard in een ontwerp te zetten. Ik begrijp dat ik ongeveer twee maanden te tijd heb op een eerste versie van de software te produceren. In mijn ogen is dat ruim voldoende. Dus ik pak het gestructureerd aan, ook om te laten zien wat ik in mijn mars heb.

De rest van de week ben ik bezig met het doornemen van de documentatie. Aan de hand hiervan maak ik diagrammen, voor de bediening, voor de diverse testen die MARITIN wil uitvoeren, voor de handbediening en ik begin aan een lay-out voor de schermen. De programmeeromgeving heb ik nog niet aangeraakt, ik wil het volgens het boekje doen en alles eerst op een rijtje zetten voordat ik begin met coderen. Ik vind het superleuk, dit is de eerste keer dat ik iets van de grond af aan op mag bouwen en ik ben erg gedreven dit heel goed te doen.

Willem

~ Klaasje ~

Het is vrijdag als ik voor het eerst kennis maak met Willem. Willem is dik in de vijftig en werkt al jaren voor HMA. Hij is de geestelijk vader van de software voor de grote kranen, en hij heeft afgelopen week net weer een nieuwe kraan in bedrijf gesteld. Hubert stelt voor dat hij mij uitlegt hoe zijn software is opgebouwd. Willem vindt dat prima en we besluiten dat maandag te doen.

Die maandag leer ik veel, tot nu toe maakte ik alleen volautomatische installaties, maar een kraan is juist iets wat grotendeels handbediend is. Een soort enorm verlengstuk van het menselijk lichaam. Willem maakt duidelijk hoe hij met name ervoor zorgt dat de installatie ten alle tijden veilig werkt, door automatische snelheidsbegrenzingen in te bouwen als de kraan aan het einde van het bereik komt of als de grenzen van de draagkracht in zicht komen.

~ Hubert ~

Klaasje is vandaag met Willem aan de gang. En ik moet zeggen dat ik onder de indruk begin te raken van haar inzet en haar technische kennis. Ze is de hele dag al met hem bezig in de hoek van ons kantoor en af en toe volg ik wat ze aan het doen zijn. Ze hoort hem helemaal uit, en de vragen die ze stelt zijn to the point en getuigen van een begrip hoe alles in elkaar zit. Zelfs in de lunchpauze, als we met zijn drieën naar de kantine gaan, blijft ze Willem bestoken met vragen. Nu eerst maar even afwachten hoe ze zijn kennis ook kan toepassen in haar software als ze zelf aan de slag gaat.

Ondertussen merk ik dat ik geniet van haar aanwezigheid. Ik heb Klaasje nog niet kunnen betrappen op een slecht humeur. Ze is altijd vrolijk en belangstellend naar iedereen toe die ons kantoor binnenloopt. Ik krijg ook de indruk dat er vaker iemand binnenloopt, met een of andere onzinnige vraag. Zelf moet ik wel opletten dat ik haar niet de hele dag zit te bekijken, want ze is behalve aardig ook een erg mooie verschijning om te zien. Ze heeft verteld dat ze geen vriend heeft, maar ook dat ze nog niet toe is aan een vaste relatie. Ergens in mijn achterhoofd vind ik dat jammer, aan de andere kant betekent dat ook dat er nog een kans is. Maar ik maak mij geen illusie dat ik ooit een kans maak bij haar, daarvoor ben ik veel te saai, schat ik zo in.

~ Klaasje ~

Hubert is erg stil vandaag. Tijdens de lunch hoor ik hem nauwelijks. Hij is normaal al vrij rustig. Het kan ook komen omdat ik, nu Willem er is, Willem zoveel mogelijk wil uithoren voordat hij weer met een volgend project bezig is. Dus Hubert heeft ook nauwelijks een kans iets te zeggen. Ik hoop maar dat hij het als positief ervaar dat in Willem zo uithoor, en het niet opvat als onkunde.

Stefan

~ Klaasje ~

De week erna verwerk ik de kennis die ik van Willem heb opgedaan in de ontwerpdocumenten die ik heb gemaakt. Ik begin onderhand een aardig beeld te krijgen hoe één en ander moet gaan werken. Mijn ontwerpdocumenten naderen de voltooiing en ik mail ze naar Hubert en Willem zodat ze mijn werk kunnen beoordelen. Ondertussen maak ik kennis met Stefan. Hij zit in de buitendienst en is verantwoordelijk voor het installeren van de besturingen ter plekke in Wageningen. Ik leen van hem een test set bestaande uit een PLC met beeldscherm, zodat ik hier mee kan experimenteren en de user interface kan testen.

“Heb je zin om een keer ter plekke te gaan kijken?”, vraagt hij.

“Dat lijkt mij gaaf, kan dat?”

“Hubert en ik zijn er al eens geweest, maar ik ga er eind deze week weer heen om te kijken wanneer we kunnen beginnen met de besturing te installeren. Dat zou onderhand wel moeten beginnen, want we hebben wel een paar weken nodig.”

“Ik ga graag mee.” Ik kijk Hubert aan. “Is dat goed?”

“Dat is prima. Ik ben er zelf ook al eens wezen kijken, dus ik hoef er niet nog een keer heen”, antwoord Hubert.

“Eind van de week zouden ze ook al begonnen moeten zijn met het staalwerk op te bouwen. Dus dan krijg je ook een indruk hoe groot het geheel wordt.”

“Gaaf, dat zou leuk zijn.”

Drie dagen later zit ik bij Stefan in de auto op weg naar Wageningen. Hij heeft mij thuis opgehaald. Het is ongeveer anderhalf uur rijden vanaf Rotterdam.

“Hoe lang doe je dit werk al?”, vraag ik aan Stefan als we de snelweg oprijden.

“Bij HMA bedoel je? Al zo'n twaalf jaar. Ik ben er gelijk begonnen na mijn middelbare school, op mijn twintigste.”

“En het bevalt nog steeds?”

“Het bevalt heel goed. Ik werk vrij zelfstandig, kan doen en laten wat ik wil en mag veel reizen.”

“Ben je altijd buiten de deur dan?”

“Ja vrijwel continu. Ik kom alleen op de zaak om mij in te leren in nieuwe projecten. Maar ze lijken heel erg op elkaar dus dat kost meestal niet veel tijd. Als ik een schema krijg en tekeningen hoe de kraan eruitziet, dan kom ik er meestal wel uit.”

“Maar dit is wel een bijzonder project voor jou?”

“Dit is voor ons allemaal een bijzonder project, ook voor Hubert en de andere programmeurs. Maar wel erg leuk. Voor jou toch ook?”

“Zeker weten, ik werk hier echt met veel plezier. En ik vind het leuk een project eens van de grond af aan op te bouwen. Tot nu toe heb ik renovaties gedaan of aanpassingen aan bestaande installaties. Eens iets helemaal nieuw maken is erg leuk en heel erg leerzaam.” Het is even stil in de auto. Ik denk na over het leven dat Stefan moet hebben. Altijd onderweg en vaak naar het buitenland. “Heb je een partner? Vind die het niet vervelend dat je zo vaak weg bent.”

“Ik heb geen partner" is zijn korte antwoord.

“Oh, ook nooit gehad?”

“Nee, ik ben niet zo'n uitgaanstype, en mijn werk is een echte mannenwereld, dus ik ontmoet ook weinig vrouwen. Ik heb die apps geprobeerd maar ik krijg never nooit matches.”

“Herkenbaar, dat heb ik ook gehoord. Tachtig procent van de gebruikers is man, en maar twintig procent vrouw. Dus voor vrouwen zijn die apps de hemel maar voor mannen een drama. Dus dat is denk ik niet de manier...”

“En jij?”

“Wat bedoel je?”

“Hoe ontmoet jij mannen? Ook via die apps?”

"Nee, ik zit in dezelfde wereld als jij, in een echte mannenwereld. Dus aanbod genoeg", zeg ik met een glimlach op mijn gezicht. Stefan is even stil.

“Misschien moet ik ook maar van baan veranderen. Verpleegster worden of zo. Misschien kom ik dan een leuke meid tegen.” Ik kan een luide lach niet onderdrukken.

“Er zijn toch ook andere manieren? Wordt lid van een club of zo.”

“Met mijn werk? Ik zou de helft van de trainingen of bijeenkomsten missen.” Ik hoor de wanhoop in zijn stem.

“Je hebt helemaal nog nooit wat met een vrouw gehad?”

“Nee, never.” Ik voel medelijden met hem. Ik zou haast hem eens willen laten voelen wat hij mist en voel een warm gevoel tussen mijn benen. Maar dat onderdruk ik gelijk weer. Klaasje, niet iets beginnen met klanten, dat heb je Jan beloofd, zeg ik tegen mijzelf. Wees professioneel. Maar voor één keertje, dat moet kunnen, zegt het duiveltje in mijn hoofd. Je hebt al zolang niet meer gezoend. Dat klopt, sinds mijn escapades op het platform N14 heb ik geen man meer gedatet. Toen liep een vrijpartij zo uit de hand dat we bijna een klant zijn kwijtgeraakt.

De rest van de rit laten we het onderwerp rusten. Als we bij MARITIN zijn worden we ontvangen door Charly. Charly is een mooie roodharige verschijning van ongeveer een meter zeventig lang. Alles is rond aan Charly: ronde borsten, ronde billen, ronde heupen, grote ronde groene ogen en een vrolijke lach op haar ronde gezicht. Ze bekijkt mij van top tot teen.

“Hoi, ik ben Charly, ik ben projectleider bij MARITIN voor het project waar jullie aan werken.” Ze komt met uitgestoken hand op ons afgelopen.

“Hoi ik ben Klaasje, software engineer bij HMA”

Ik schud haar hand.

“Hoi Klaasje, hoi Stefan.” Dan bedenk ik dat Stefan al eerder is geweest en dat ze hem blijkbaar al kent. Charly gaat ons voor naar de hal waar onze installatie wordt opgebouwd.

“Hoelang zijn jullie hier. Alleen vandaag?”

“Ja, we zijn alleen vandaag hier, we willen even kijken wat de status is en als het kan wat maten controleren voor de bekabeling”, antwoord Stefan.

Ik zie dat Charly mij aankijkt, op haar onderlip bijt en mompelt “Oh, jammer.”

“Maar als we echt aan de slag kunnen dan zullen we hier wel een paar weken zitten denk ik.”

“Ah, jullie slapen dan in een hotel?”

“Dat is wel de planning. Rotterdam is niet echt ver maar in de spits kan het al gauw twee uur reistijd worden voor een enkele reis en dat is zonde van de tijd. Dus dan overnachten we in de buurt.”

“Jij ook?”, vraagt Charly aan mij. Ik had er nog niet bij stilgestaan, maar als Stefan in een hotel overnacht ga ik ervan uit dat dit ook voor mij geld.

“Eh, ja, dat is denk ik wel de bedoeling”, antwoord ik. Charly lijkt opgetogen met dit antwoord. We komen aan bij de hal.

Charly neemt afscheid en belooft ons voor de lunch weer op te halen. Het blijkt dat de bouw van het frame verder is dan we verwacht hadden. De contouren van de kraan staan, ook al over het water heen, en ze zijn nu bezig de bak die onder de overspanning heen en weer moet kunnen rijden op te hangen. Stefan maakt van de gelegenheid gebruikt om te checken hoe we de bekabeling zullen laten lopen. Deze zijn wel ingetekend maar de praktijk is soms weerbarstiger. Samen lopen we alles langs en meten we de afstanden na. We kijken waar bewegingen elkaar niet in de weg zitten en bepalen de lengte van de rupsen waar de kabels doorheen moeten lopen als ze van een bewegend deel overgaan naar een stilstaand deel. Stefan is blij dat ik erbij ben, want de metingen gaan een stuk sneller en makkelijker als je met zijn tweeën bent.

Om twaalf uur komt Charly ons halen voor een lunch. MARITIN heeft een grote kantine met een uitgebreid aanbod aan eten en drinken. We kletsen wat over de voortgang van het project en de planning. Stefan zal een week of twee voordat Hubert en ik komen naar MARITIN afreizen om de bekabeling te controleren en aan te sluiten. Als dat getest is komen Hubert en ik om de software te installeren en om alle functies te testen.

Na de lunch gaan we verder met onze werkzaamheden. De tijd vliegt en het is al aan het eind van de middag als we klaar zijn. We stappen in de auto voor een rit anderhalf uur terug naar Rotterdam. Bij Utrecht komen we in een gigantische file terecht waardoor het al zeven uur is als we in de buurt van Rotterdam zijn.

“Heb je honger?” vraagt Stefan.

“Ik sterf van de honger”, beken ik. De lunch was de laatste maaltijd die ik gehad heb en dat is al uren geleden.

“Heb je plannen voor het eten?”

“Mijn moeder kennende zal ze wel wat voor mij bewaard hebben.”

“Heb je zin om bij mij te eten? Ik had er al op gerekend dat het laat zou worden en eten voorbereid. Ik heb genoeg voor ons tweeën.” Ik ben een beetje verrast door deze vraag, en zoek naar een smoes om niet op zijn verzoek in te gaan, maar kan eigenlijk geen reden bedenken.

“Okay, waarom niet.” Ik app mijn moeder dat ze niet meer op mij hoeft te rekenen, en dat ik al ergens anders eet. Ze is het gewend dat mijn werk nog wel eens uit kan lopen en ik krijg een duimpje terug.

Even later zit ik samen met Stefan aan de rijst met kip-kerrie. En ik moet zeggen dat het heerlijk is. Na het eten gaan we op de bank zitten en drinken we nog een koffie.

“Je kan lekker koken, het smaakte echt super.”

“Dank je, als ik thuis ben probeer ik wel altijd te koken, ik eet zo vaak buiten de deur voor mijn werk dat ik het heerlijk vind om zelf wat te maken wat ik lekker vind. En ik ben blij dat er eens iemand mee eet.” Ik kijk hem meewarig aan. Het lijkt mij niks om na lange klussen in een leeg huis terug te komen en krijg een soort van medelijden met hem. Zeker nu ik heb gehoord dat hij zo zijn best doet om een partner te vinden.

“Weet je dat ik je ontzettend knap vind”, bekend hij ineens. Een tinteling trekt over mijn huid van dit onverwachte compliment. Ik moet dit even op mijn laten inwerken. Ik vind hem aardig en mag hem wel, maar ik kan niet zeggen dat ik hem knap vind, of dat ik gevoelens voor hem heb.

“Dank je wel”, breng ik er ten slotte uit. Ik pak zijn hand. “Je bent aardig”, zeg ik terwijl ik hem recht in de ogen kijk. Stefan kijkt mij aan en ik zie een verlangen in zijn ogen. Ondanks het gebrek aan gevoelens voel ik toch een tinteling in mijn kruis. Het voelt als eeuwen geleden dat ik iemand in mij heb gehad en mijn kut schreeuwt om aandacht. Ik bijt op mijn onderlip en dat ontgaat hem niet. Stefan brengt zijn hoofd naar mij toe, en zijn lippen zoeken de mijne. Ik weet even niet wat te doen maar in een soort van automatisme beantwoord ik zijn zoen.

Voor iemand die altijd zonder partner heeft gezeten zoent hij best lekker. Hij schuift naar mij toe zodat onze benen elkaar raken. Zijn armen slaat hij om mij heen en ik voel dat hij mijn rug begint te aaien. Een tinteling trekt over mijn ruggengraat naar beneden. Stefan kust mijn hals en sabbelt aan mij oor. Ik gooi mijn hoofd achterover zodat hij alle ruimte heeft mij te zoenen.

“Voor iemand zonder ervaring zoen je best lekker.”

“Dat ik geen partner heb wil niet zeggen dat ik geen ervaring heb”, fluistert hij tussen twee zoenen door. Ik begin te vermoeden waar hij die ervaring heeft opgedaan.

“Oh, dus je bent geen maagd meer?”

“Nee, niet bepaald.” Ik voel gelijk de spanning rond mijn kut toenemen. Mijn handen zoeken zijn hoofd op en ik laat mijn vingers door zijn haren gaan. Zijn handen zijn ondertussen onderaan mijn rug beland en ik voel dat hij in mijn billen knijpt. Ik hoor dat hij zachtjes kreunt.

“Je hebt zo’n lekker kontje” kreunt hij zachtjes. Ik heb dan wel een werkbroek, gekregen van mijn werkgever, zo een met veel zakken op de pijpen voor gereedschap, hij is wel gemaakt van stretch stof en sluit nauw aan om mijn onderlijf. Hierover heb ik een ruimvallende sweater aan, ook van mijn werkgever. Zijn handen verdwijnen eronder en trekken het hemdje dat ik eronder draag uit mijn broek, zodat zijn handen mijn blote huid bereiken. Hongerig gaan zijn handen nu naar mijn buik en dan omhoog. Ik voel zijn handen mijn borsten beetpakken. Ik kreun zachtjes van genot. Zijn duimen wrijven door mijn beha heen over mijn tepels. Ik voel dat ze stijf worden.

“Misschien moet je ze even bevrijden”, stel ik voor. Hij pakt de onderrand van mijn sweater tegelijk met mijn hemdje en trekt ze over mijn hoofd uit. Ik ga met mijn handen naar mijn rug en bevrijd mijn borsten uit de strakke beha. Stefan zet gelijk zijn mond op mijn tepels en zoent ze teder. Ik sluit mijn ogen en geniet van de aanraking. Mijn tepels staan gelijk stijf van opwinding. Zijn mond volgt mijn borsten en gaat langzaam over mijn buik naar beneden. Zijn handen maken ondertussen mijn broek los, en trekken deze naar beneden. Ik houd mijn billen iets omhoog om hem te helpen. Mijn slip gaat er gelijk achteraan. Ik voel dat ik al nat van opwinding ben als zijn hand tussen mijn benen verdwijnt. Hij brengt zijn hoofd tussen mijn dijen en begint mij kutje te kussen en te likken. Zijn tong zoekt nu mijn klitje op en begint deze te bewerken. Ik voel een tinteling langs mijn ruggengraat gaan van opwinding. Ik doe mijn benen nog verder uit elkaar om hem alle ruimte te geven. Ik voel dat ik al bijna kom.

“Neuk me", hijg ik. Ik wil hem in mij voelen als ik klaarkom. Stefan doet zijn broek naar beneden en haalt zijn lul tevoorschijn. Zonder verder omhaal zet hij zijn eikel op mijn vulvalippen en stoot hij voorzichtig naar binnen.

“Oef wat ben je strak”, zegt hij.

“Ik sta al even droog", glimlach ik, “je moet de boel weer even los maken.” Stefan begint zachtjes te stoten. Mijn strakke kutje zorgt ervoor dat hij snel opgewonden raakt en zijn voorvocht maakt de boel zo nat dat hij al snel helemaal in mij stoot en met lange halen het tempo gaat opvoeren. Ik word helemaal opgevuld door hem en de tintelingen voel ik in mijn kruis.

“Ik kom", kreun ik en mijn kut trekt samen. Hij kreunt luid, ik voel gelijk mijn kut volstromen.

Als we weer de weg op gaan is het een stuk rustiger dan een paar uur geleden. Stefan brengt mij thuis en gaat daarna weer terug naar zijn eigen huis.
Geef dit verhaal een cijfer:  
5   6   7   8   9   10  
Klik hier voor meer...
Klik hier voor meer...