Door: Keith
Datum: 04-01-2026 | Cijfer: 9.7 | Gelezen: 2325
Lengte: Zeer Lang | Leestijd: 52 minuten | Lezers Online: 1
Trefwoord(en): Zwemmen,
Lengte: Zeer Lang | Leestijd: 52 minuten | Lezers Online: 1
Trefwoord(en): Zwemmen,
Vervolg op: Gonnie - 25: Geheimpje Van De Collega's
Even Zwemmen
Eenmaal thuis begon ik meteen met koken. Nu op de bank ploffen zou tot gevolg hebben dat ik wéér op de bank in slaap zou sukkelen. Geen zin in. Een kijkje in de diepvries… Spaghetti zou het worden. Met sla, altijd lekker. Een half uur later zat ik de spaghetti met mijn vork op mijn lepel te draaien. Thuis, met Annet en Rick eindeloos op geoefend! En soms lukte het prima, soms glibberde de pasta alle kanten uit. Gien had erop gestaan dat we ‘netjes’ spaghetti leerden eten. Want, zoals ze zei: ‘Mensen die spaghetti eerst in stukken hakken, begrijpen de essentie van deze pastasoort niet. Bovendien is het een belediging voor de kok.’
Uiteindelijk, na veel gedoe, lukte het ons en kwamen we er achter dat het ook te maken heeft met de kooktijd van de slierten. Kookte je te kort, dan was de pasta niet gaar en dus stug, kookte je te lang was het spul wél gaar maar zó glibberig dat het nooit mooi om je vork bleef zitten, laat staan op je lepel. Zeven minuten en tien seconden, dat was bij het merk spaghetti wat we meestal kochten de ideale kooktijd. Bij andere merken verschilde dat behoorlijk! Maar vanavond was het prima; zonder al te veel geklieder en geslurp kon ik de pasta netjes naar binnen werken.
Ik grinnikte toen ik terugdacht aan de vakantie in Italië, jaar of vier geleden. Henk kon niet mee, helaas voor Gien, en Cora en Hans ook niet. Gien had gezegd: ‘Dan maken we er toch een vakantie van met z’n viertjes? Net als vroeger, maar nu iets verder weg… En gezellig wordt het toch wel!’ En dat werd het inderdaad; we waren alle drie wat volwassener geworden. Minder gepest onderling dan vroeger. Met een grote bungalowtent in de aanhanger achter Gien d’r Tiguan waren we naar Italië gereden en in Noord-Italië gedurende twee weken een mooie vakantie beleefd.
Op een gegeven moment waren we in Ivrea aangeland, een stadje in Noord-Italië, tegen de Alpen aan. En we hadden trek, dus ’s avonds uit eten. “Spaghetti-examen!” had Gien semi-streng gezegd. Enfin, wij een restaurantje binnen en Gien bestelde vier porties spaghetti. En wij keken om ons heen… De gasten die ook spaghetti aten, zouden grandioos gezakt zijn voor dat examen. Óf ze slurpten de slierten gewoon naar binnen, en sommigen nogal hoorbaar, óf ze hakten de slierten ongenadig in mootjes om ze daarna met de lepel op te scheppen en te eten.
Gien had de bedoeling gehad om ons te laten zien hoe Italianen ‘netjes’ spaghetti aten; nou, die bedoeling was grandioos in het water gevallen. Annet en ik waren toen… 22, Rick 20.
Gien heeft de hele vakantie geen spaghetti meer besteld en eenmaal thuis, áls er spaghetti op tafel kwam, waren de eerste happen pesterig demonstratief ‘fout’ en kregen we weer op ons donder. Maar… in dat restaurantje in Ivrea kregen we wél een compliment van de kok dat we zijn spaghetti eer aandeden. Allereerst smaakte die heerlijk, maar hij had in gebroken Engels tegen Gien verklaard dat hij buitenlandse jongelui nog nooit zó netjes spaghetti had zien eten… Nou ja, het had er waarschijnlijk ook mee te maken dat wij ons netjes hadden uitgedost voor een avondje lekker eten en door het stadje flaneren… We kregen die avond best wel wat aandacht. Een knappe rooie tweeling, een even knappe, maar iets oudere zus… ‘Zus? Nee joh! Dat is hun moeder!’ ‘Nee, echt niet. Zus, kan niet anders!’ en Rick die er, stiekem best wel trots op ‘zijn’ vrouwelijk gezelschap, tussenin liep. Toen Annet, Rick en ik met z’n drieën een avondje uitgingen, had Rick ook een paar keer als ‘vriendje’ gefungeerd, als zo’n Italiaanse knul wat te opdringerig werd… Kon Rick prima, met z’n waterpolobody. Cora was helaas niet mee geweest; die had het thuis té druk met de logeerhondjes. Maar had ons wél toestemming gegeven om… hoe had ze dat ook alweer gezegd bij het afscheid? Oh ja... ‘Als de hormonen jullie teveel worden, mogen jullie mijn vriendje wel aanranden, meiden! Dan neem ik Hans wel weer een keertje voor m’n rekening, oké?’ En Hans en Rick hadden elkaar aangekeken en simultaan tegen elkaar gezegd: ‘Ruilen?’
Grinnikend om de herinnering draaide ik de laatste slierten spaghetti om mijn vork, laadde ze over op mijn lepel en at ze op. Zo… geslaagd voor het ‘spaghetti herexamen’! Gien zou trots op me zijn. Gien… Zo dadelijk eens naar Born bellen. Veel te lang geleden dat ik met haar had zitten kleppen.
Ik belde. “Hééé… Een onschuldig dochtertje belt me! Hoi lieverd!”
“Hoi ma. Bel ik gelegen of…?”
“Ja hoor. Ik zit lekker op de bank een boek te lezen. Henk zit nog in Eindhoven, komt pas rond acht uur thuis en ik wilde even ontspannen na een dagje buffelen.”
Ik humde instemmend. “Ik ken dat gevoel wel.”
“Oh? Word je zo achter je vodden gezeten door die strenge chef van je?”
“Ja. Vooral als ik een leuk rokje aan heb. Dan is de beer los.”
Ze giebelde. “Draag jij leuke rokjes in Ede? Foei, meisje. Dan slaan die andere collega’s ook op tilt en heb je de poppen aan het dansen.”
Ik grinnikte. “Nee, dat ga je niet willen. En heb je meteen vier huwelijken die in de puinpoeier liggen. Wil ik niet op m’n geweten hebben.”
Gien lachte zachtjes en vervolgde toen: “Maar… is er wat bijzonders dat je belt, Gon?”
Ik knikte, maar dat kon zij natuurlijk niet zien. “Ehhh… Ja. En nee, er is niks mis tussen Frank en mij, integendeel. Maar wel wat ontwikkelingen op de zaak…” Ik vertelde in grote lijnen over de gebeurtenissen van de afgelopen dagen en besloot met: “…en dus ga ik twee dagen in de week in Terschuur orde op zaken stellen, ma. Met Mariëlle naast me, want die kent het bedrijf. En, misschien nog belangrijker: die kent de mensen.”
Even was het stil. “Als die Mariëlle dan maar niet op kruistocht gaat, Gon. En iedereen die haar ooit dwarsgezeten heeft, eruit wil gooien. Want dan bereik je het omgekeerde.”
“Klopt. En daar zal ik ook scherp op zijn. Trouwens: Gerrit, de oude directeur ook wel, denk ik. Maar voordat een formele samenwerkingsovereenkomst is getekend, zal er schoon schip gemaakt moeten worden, ma.”
Weer zweeg ze even en toen volgde een simpel: “Ik ben trots op je, meid. Als die directeur van jou je na drie hele weken al zó vertrouwd…”
“Het is niet alleen Simon, ma. Het is ook Yvonne, zijn vrouw. Zij heeft tegen Simon gezegd dat ik die presentatie beter zou kunnen doen dan zij. En zij kwam meteen met het idee om Mariëlle aan te nemen als receptioniste. Dus… Tot zover de werk-gerelateerde nieuwtjes.”
“Aha. En nu komt de échte aap uit de mouw! Vertel, dochtertje! Ik wil álle erotische nieuwtjes over Frank horen!”
Ik schoot in de lach. “Jaja… en dan de arme jongen in jouw bed lokken zeker?”
Droogjes klonk: “Ja. Dan mag jij Henk een nachtje uitputten. Deal?”
“Niks ervan. Kan ik Henk niet aandoen; hij zou bezwijken onder mijn charme en dan zit jij weer zonder echtgenoot. Of wil je hem zo graag kwijt?”
Een zucht klonk. “Even serieus, Gon: nee, ik wil Henk nooit meer kwijt. Never. De afgelopen jaren heb ik pas goed beseft wat ik gemist heb. Niet alleen de seks, maar ook… iemand naast je die je door dik en dun steunt. Die je op een voetstuk zet. En je niet beperkt in je ontwikkeling, omdat de klootzak bang is dat jij hem boven het hoofd groeit!” De laatste zin klonk scherp.
“Oei ma… Dat zit je nog steeds zo hoog?” “Nee schat. Niet meer. Maar als ik aan die tijd terugdenk word ik nog steeds pissed-off. Sorry.”
Ik giebelde. “Nou, op dat voetstuk sta ik ook. Zeker als ik een leuk rokje aan heb…”
Gien gierde van de lach. “Dat zal wel, met die mooie benen van je. Maar vertel eens.”
“Ik heb de afgelopen week Frank eens uitgehoord over vorige relatie. Ik merkte dat het hem nog steeds dwars zat…”
Ik vertelde in het kort de geschiedenis van Frank en Hetty. “En hij keek nog steeds nijdig als hij het erover had. Maar goed, toen hij klaar was met dat verhaal bedankte hij me voor mijn luisterend oor. Het had hem opgelucht, want deze geschiedenis heeft hij nooit aan iemand anders verteld…”
“Ja, dat zal hem wel opgelucht hebben. Goed dat je doorvroeg, Gon.”
“Ja. En er kwam nóg een aap uit een andere mouw: Toen Frank zijn MBO-diploma in z’n zak had, ging hij solliciteren. Geen succes. Niemand zag hem met z’n MBO-diploma staan. Zijn vader heeft hem vervolgens de tip aan de hand gedaan om zijn capaciteiten in te zetten voor een charitatieve instelling. Verdient niks, maar je doet wél levenservaring en werkervaring op. Enfin, twee dagen later zat hij bij Artsen zonder Grenzen op kantoor en drie maanden daarna vertrok hij als techneut naar een stadje in Noord-Namibië. En heeft daar anderhalf jaar als technisch genie gewerkt.”
Het was even stil. “En dat vertelde hij nu pas? Wat een enorme eigenheimer…”
Ik grinnikte. “Hij vertelde dat hij wel wat zaken uit Rick z’n verhalen herkende. Maar dat hij niet wilde inbreken in Rick z’n verhalen; hij zei: ‘Het was Rick z’n dag. Die wil ik niet verstoren met mijn belevenissen.’ En dat tekent hem wel, denk ik.”
“Nogal. Anderhalf jaar, zei je? In een hospitaal van Artsen zonder Grenzen? Dan zal hij meer dan genoeg ellende hebben gezien, schat. Hou daar rekening mee. De paar verhalen die ik van Henk te horen heb gekregen deden me al de rillingen over de rug lopen…”
Ik humde. “Misschien wel, ik weet het niet. Hij heeft nog nauwelijks iets over zijn tijd daar verteld; hij had die middag genoeg gespuid, zeg maar. Bovendien hadden we toen allebei honger en zijn gaan koken. En daarna hebben we andere leuke dingen gedaan.”
Gien giebelde. “Oh… En mag je moeder die dingen weten?” “Jij mag alles weten, schat. Punt één: Frank is ook gek op lingerie. Punt twee: de seks met zijn ex moest ‘clean’ zijn. Alles met condoom, bijna steriel. Elke keer als wij vrijen en ik laat me lekker gaan, kijk ik in ogen die stomverwonderd zijn, maar enorm genieten. De eerste keer dat ik hem pijpte… Zijn ex heeft dat één keer gedaan, de nacht voordat ze zei dat ze bij hem wegging. En die pijpbeurt was mét condoom. Toen ik het bij hem deed, zónder condoom, ging hij bijna van de wereld… En hij smaakte lekker!”
Ik hoorde een zacht lachje. “Is hij goed in bed?”
Ik giebelde terug. “Ma, het is een schat. Hij is héél voorzichtig, heel lief, maar als hij eenmaal los gaat, kan hij ook een vreselijk beest zijn die me gewoon net zo hard neukt dat ik achter elkaar klaar kom… Heerlijk! We genieten vreselijk van elkaar, ma. Lekker zachtjes en intiem, of ruig en kletsnat… Het is heerlijk en voelt super veilig met hem.”
“Mooi zo schat. Zo hoort het ook. Alles kan, als je het er maar samen over eens bent en samen geniet. Dat is een van de dingen die ik ook ervaren heb, de afgelopen paar jaar.”
Even waren we stil en toen vroeg ik: “En hoe is het met Rick?”
“Rick is nogal veranderd, Gon. Toen hij wegging was het een pure techneut. Cora, vliegen, techniek, Lovely en waterpolo, dat waren zijn interesses. Punt. Nu zie ik toch ook andere dingen bij hem. Meer… hoe zeg ik dat goed? …de zachte kant van Rick komt boven. Weet je nog dat hij zat te janken met zijn hoofd bij Lovely? Dat had ik in geen jááren bij hem gezien. Hij heeft dingen meegemaakt in Afrika, Gon. Dat kán niet anders. Maar er over vertellen? Nee. Een dichte kluis. Misschien tegenover Cora, maar ik krijg niks uit hem los en daar maak ik me best wel zorgen om, schat.”
“Misschien moeten Henk, Rick en Frank maar een dagje er samen op uit gaan. Ook bij Frank zitten er dingen diep weggestopt, dat weet ik zeker. Zij hebben dezelfde ervaringen. Als westerling diep in Afrika zitten, waar je elke dag ellende om je heen ziet terwijl je weet dat jij over een paar maanden naar het veilige Nederland kunt en je de mensen daar achterlaat…”
Gien humde. “Dat is misschien wel een goed plan, schat. Ik ga het eens aan de heren voorleggen.” “Dan vraag ik het aan Frank, of hij dat ziet zitten. Morgenavond zien we elkaar weer, in het zwembad.”
“Alleen maar in het zwembad?” klonk het met een ondeugende ondertoon en ik antwoordde bitcherig:
“Dat weet ik nog niet, maar als die avond ergens een vervolg krijgt en hoe dat vervolg is…”
Gien lachte. “Ja, dat ga je niet aan je moeder vertellen hé? Die denkt nog steeds dat jij het braafste meisje uit de klas bent…”
“Nee, dat is Annetje uit 5 VWO. Met haar keurig gesteven plissérokjes. Maar ondertussen, in het fietsenhok…”
Gien schaterde nu. “Ik zie het voor me! Maar schat: Henk rijdt net de oprit op; ik ga ophangen, want hij wil waarschijnlijk nog eten. Nou ja, er is nog bami over in de vriezer… Helaas geen mihoen. Doe je de groeten aan Frank?”
“Zal ik doen. En jij aan mijn lieve stiefvader? Doeiii…”
We verbraken de verbinding. Zo, die wist nu ook hoe de vork in de steel zat. En Henk zo dadelijk ook. Prima. Als hij een goeie brainwave had… Ik keek op de klok: half negen. Nog te vroeg om naar bed te gaan. Oh wacht… De foto’s van Frank en mij op mijn computer zetten. Beter dan op m’n mobiel. Ik kopieerde de foto’s en van een paar maakte ik met een fotobewerkingsprogramma een cartoon. Frank met ezelsoren en schele ogen, ik als eenhoorn met een grote hoorn uit mijn voorhoofd… Een andere foto werd tot filmpje gemaakt waarin we samen een idioot dansje deden…
Voor ik het wist was het bijna tien uur! Ik verzond de bestanden naar Frank. Eens wachten op zijn commentaar. En toen: spullen voor morgen uitzoeken. Een beetje nette kleren voor op het werk, ten slotte zou Mariëlle morgen komen. Zwemspullen en voor de zekerheid extra kleren voor vrijdag. Je weet maar nooit. Nog even opruimen…Om kwart voor elf lag ik in bed en het duurde niet lang voor ik wegdoezelde.
Donderdag! Douchen, ontbijten in ochtendjas en aankleden. Het zou weer lekker weer worden, dus een zomerpanty, rokje, blouse met een vest er overheen. Als het warm werd, kon het vestje wel uit. Lekkere open schoentjes. Nog even een beetje opmaken en ik was er weer klaar voor. Wie was vandaag helpdesk? Ehh… O ja, Alex. Prima, dan kon Mariëlle alvast wennen aan wat pittige omgangsvormen en woordgrappen. Daarvoor was je bij Alex aan het goede adres.
Vlak voor ik wegreed een appje van Frank. ‘Hé schoonheid met je rare filmpjes! Waar eten wij vanavond?’
Ik selecteerde een smiley van een vrouw met slaande mattenklopper. ‘Bij mij. En je zorgt maar dat het lekker is, want anders…’
Een sip kijkende smiley was zijn antwoord en ik grinnikte. Met Frank z’n kookkunst was weinig mis. Vrolijk reed ik naar Ede. Koffie, wat gekkigheden met Alex uitwisselen en toen aan het werk! En om tien over acht kwam Yvon het bureau binnen met in haar kielzog Mariëlle.
“Mariëlle, mag ik je even voorstellen aan Alex? Een van onze adviseurs en docenten. Alex, dit is Mariëlle.” Ze gaven elkaar een hand en ik bekeek Mariëlle even snel. Die zag er prima uit. Nette broek, blouse, schoentjes met een klein hakte en haar haren in een mooie staart.
Yvon vervolgde: “Die rooie bitch ken je ondertussen wel, geloof ik?” Ik stond op en gaf Mariëlle een hug. “Let maar niet op dat blondje daar hoor… Welkom Mariëlle!” Yvon keek strijdlustig. “Blondje? Pas jij een beetje op je woorden?” Ik keek onschuldig. “Hoezo? Je bént blond en je bent tien centimeter kleiner dan ik. Dus: een blondje. Verder nog iets?”
Haar ogen flikkerden. “Kijk jij in de toekomst maar uit, rooie. Mariëlle, ik laat je hier achter; Gonnie zag je verder introduceren.” Ze keek nu gemeen. “Onder andere boven. Ik hoop dat je schoenen niet aan de vloer blijven plakken.” En ze verdween snel. Een opgetrokken wenkbrauw van Mariëlle was de reactie en ik legde het even uit.
Toen we uiteindelijk boven, bij Martin en z'n mensen kennismaakten was de ruimte van de programmeurs nog redelijk begaanbaar. En de heren waren ook aanspreekbaar, dus die kennismaking viel mee. De ochtend besteedden we aan verdere introductie-activiteiten. Deels door mij, deels door Yvonne, Want Mariëlle moest uiteindelijk wel achter Yvon haar desk terechtkomen.
De middag ging voorbij met de ‘plan de campagne’ hoe we de zaken in Terschuur zouden aanpakken. Via-via had Mariëlle gehoord dat de Weever Junior zich niet bij de beslissing van zijn vader had neergelegd en al een aantal keren in het bedrijfspand was gesignaleerd. Niet geheel toevallig op de momenten dat zijn vader weg was. Dus ergens in het pand bevond zich in ieder geval één medestander.
“Dat is een varkentje wat we als eerste gaan wassen, Mar”, zei ik toen ze dat vertelde. “Ik heb geen zin om, als we daar zijn, steeds om te moeten kijken of Junior toevallig ergens achter me staat. De vraag is alleen: hoe pakken we dat aan?”
Ze dacht na. “Het moet iemand zijn die de voordeur in zicht heeft óf de agenda van meneer de Weever kent… De voordeur: dat is de receptioniste. Maar die is het niet; die heeft al veel te vaak met Junior en zijn driftbuien te maken gehad; ze kan hem wel schieten. Nee, het moet een van de mensen van de binnendienst zijn. En een man. Junior doet geen zaken met dames. Uiteindelijk kwamen we op twee mogelijke kandidaten: óf de boekhouder óf het hoofd van de programmeurs.
Ik kreeg een brainwave. Maar daar had ik Frank z’n hulp voor nodig…
Ik belde hem. “Hoi Frank, met Gon. Hoe laat ben jij klaar vandaag?”
Hij hoorde dat ik niet in de stemming was voor geintjes en antwoordde kort: “Over een half uur. Hoezo?”
“Kun jij als je klaar bent nog even langs Ede rijden? Ik wil wat face-to-face bespreken.”
Weer een kort “Oké. Over een uur ben ik er.”
Ik legde de hoorn neer en keek Mariëlle aan. “Ik wil niet via de telefoon overleggen hoe we Junior in de val kunnen laten lopen. Telefoons kunnen getapt of afgeluisterd worden. En laat dat nou nét iets zijn waar mijn vriendje best goed in was…” Ik gniffelde. “Tenminste… Als hij niet heeft staan bluffen. Hij schepte een paar dagen geleden op dat hij met de telefoon bij hen thuis nogal vaak aan het rotzooien was, via een of andere schakeling. Hopen dat hij die kennis nog paraat heeft.”
Mariëlle keek vragend. “Het is vrij simpel, Mar. Als Frank de mobiele nummers van onze ‘verdachten’ zou kunnen afluisteren, weten we ‘real time’ wanneer een van de twee Junior belt om te vertellen dat de kust vrij is. Misschien ook het algemene nummer van het bedrijf in de gaten houden… Stel dat het tóch iemand anders is. En meneer De Weever Senior eens vragen of hij zijn zoontje een bedrijfsverbod heeft gegeven. Zo ja, dan is het helemaal simpel: als Junior dan één poot binnen zet, staat meteen de politie achter hem wegens ongeoorloofde toegang. Maar nu het volgende probleem: hoe weten wij, als wij er niét zijn, dat Junior binnen is?”
Ik haalde mijn schouders op. “Dat is op dat moment niet zo belangrijk. Het gaat er mij om dat, als wij in Terschuur zijn, we geen last van die zak tabak hebben. En als ik er achter kom wie degene is die hem belt, heeft die persoon een wat minder fijne dag.”
We bespraken verder wat onze introductie zou worden. Die zette ik een uurtje later in wat steekwoorden op de mail en stuurde die naar Gerrit de Weever. “Dan weet hij van te voren wat wij gaan zeggen, Mar. En kan daar eventueel op inspelen, als hij dat wil.” Ik keek op mijn horloge. “Frank zal zo wel binnenkomen. Ik stel voor dat we rustig een beker koffie of thee gaan drinken en even op hem wachten.”
Tien minuten later hoorde ik de voordeur en kwam Frank inderdaad binnen. “Dag dames…” Hij liep op me af en gaf me een zoen, daarna Mariëlle een hand. “Eerst een bak koffie. Het bocht wat ze bij die klant schonken… Brrr.”
Hij liep de hal in. Mariëlle keek me aan. “Doen jullie dat altijd zo? Dat zoenen?” Ik knikte. “Waarom niet? We zijn gék op elkaar, dus als je elkaar weer ziet, laat je dat blijken, schat.” Ik keek ondeugend. “En dit was alleen nog maar een onschuldig zoentje. Als we écht losgaan…”
“Je zit te bluffen, mevrouw Peters!” De stem van Frank uit de hal. Hij kwam even later binnen en keek Mariëlle aan. “Wij zijn hier nog nooit betrapt dat we elkaar de kleren van het lijf rukten om elkaar passioneel op tafel te gaan beminnen, hoor. Wees maar niet bang.”
Ik snauwde: “Op tafel? Ben je wel goed bij je hoofd, Frank Veenstra? Waar de koffievlekken van vorige week nu veranderd zijn in een bacteriekweek waar een gemiddeld laboratorium trots op zou zijn? En ik daar midden in liggen? Wat denk je zelf?”
Mariëlle bloosde en ik vervolgde: “We pesten elkaar nogal graag, Mar. Niet alleen Frank en ik, maar de rest ook, inclusief Simon en Yvon. De heren boven wat minder; sommigen hebben het al moeilijk genoeg met zichzelf.”
Ze lachte voorzichtig. “Dat zal wel wennen worden voor me, denk ik.” Frank nam het van me over. “Wennen? Ja. Maar hou er rekening mee: als één van ons te ver gaat, zeg het. Meteen. Dan doen we het een tandje minder en zeggen we braaf: ‘Sorry Mariëlle.’ En daarmee is het dan ook klaar. Begrepen?”
Ze knikte en ik zei: “Oké… Frank, het volgende…” Kort vertelde ik van onze vermoedens en Frank fronste. “Sorry Gon. Daar kan je niet mee helpen. Té lang geleden. Bovendien zijn mobiele telefoons nu moeilijker te tappen dan vroeger. En de vaste telefoon van de zaak: ja, dat ik nog wel kunnen, maar dan moet ik een avond er aan sleutelen. En bovendien: het is zwaar strafbaar, of je moet bij de politie werken. Geen zin in, sorry.” Ik keek sip, maar hij schudde zijn hoofd.
“Nee schat, ga ik niet doen.” “Nou ja, dan maar wachten op een confrontatie met Junior. Zal wel vuurwerk opleveren, maar dan heeft men in Terschuur ten minste iets om over te roddelen…” Mariëlle glimlachte. “Dat heeft men nú al, Gonnie, wees maar niet bang.” Frank dook nog even achter zijn beeldscherm en ik nam samen met Mariëlle ook nog wat dingen door. En voor we het wisten was het half vijf, tijd om af te sluiten.
Op de parkeerplaats klom Mariëlle in een verlengde, grijze Jeep Wrangler. Niet de schoonste auto; het was te zien dat er nogal mee door de modder was geploegd. En ze reed er behendig mee weg. “Nounou… Je zou denken dat zo’n meisje een Fiat Panda zou rijden of zo”, zei Frank, terwijl hij haar nakeek. Ik keek afkeurend. “Da’s een nogal vrouwonvriendelijke opmerking, meneer! Hup, duik jij maar in die ‘’luie mensen auto’ van je en rij naar Renkum! En zet ‘m maar gewoon voor mijn huis, dan hebben de overburen ten minste ook iets om over te kletsen.”
Ik gooide hem de voordeursleutel toe. “Hier. De sleutel. Ik rij nog even langs de supermarkt om wat boodschappen te halen.” Frank keek bedenkelijk. “En dan word ik straks door de politie uit jouw huis gesleurd omdat je overburen 112 hebben gebeld zeker? En jij me keihard uitlachen als ik met handboeien om in een arrestantenbus wordt gegooid… Lekkere vriendin ben jij, Gonnie Peters!” Ik wiebelde even met mijn heupen. “Ja. Een hele lekkere vriendin. De overbuurman is het vast wel met je eens.”
Ik stapte in en reed voor Frank de parkeerplaats af. En rustig naar Renkum. Bij de Albert Heyn deed ik snel boodschappen: melk, groente, brood, vlees en een pak vla. En dóór… De auto van Frank stond voor mijn huis, maar Frank stapte pas uit toen ik achter hem parkeerde. “Zo. Even de buurman jaloers maken, schat…”
En voor ik kon reageren had hij zijn armen om me heen geslagen en begon me nogal uitgebreid te zoenen. Toen hij me een beetje losliet mopperde ik: “In feite ben je een enorme rotzak, Frank Veenstra. Je staat me hier midden op de stoep zo ongeveer aan te randen, verdorie! De overburen zeiden nog, toen ze bij me bezoek kwamen: ‘Dit is een nette buurt, mevrouw Peters!’ Nou, die reputatie is nu wel naar de bliksem…”
Hij keek me spotlachend aan en ik kon het niet laten: sloeg mijn armen om zijn nek, fluisterde: “Verrek maar met die reputatie…” en kuste hem terug. Even; vanuit een ooghoek zag ik de luxaflex van de overburen bewegen. Dus pakte ik de boodschappen. “Doe eens galant die deur voor me open, vrijer.” Frank was nog veel galanter: hij nam de boodschappentas van me over, deed de deur open en maakte een uitnodigend gebaar. “Na u, mevrouw…” Eenmaal binnen grinnikten we naar elkaar. “Nou, dat imago van ‘nette buurt’ hebben we nu wel grondig om zeep geholpen, Gon.” Ik knikte. “Ja. Die oh zo nette juffrouw Peters, die zich midden op straat bijna laat opvreten door een vent. Ik ben benieuwd wanneer er een delegatie van de buren op de stoep staat. Maar die laten we mooi staan, want ik heb trek. Koken!”
Het werden aardappels, boontjes met een gehaktbal. En vla als dessert. We aten matig, want er moest nog gezwommen worden. “De rest warmen we straks wel op, Frank. Ná het zwemmen.” Hij stak een duim op. Ik pakte boven mijn zwemspullen bij elkaar en dacht even na over mijn kleding na het zwemmen. Inwendig lachend haalde ik een wit plissérokje uit de kast, een stel lange nylons, een sexy wit lingeriesetje en een lichtblauwe blouse met kanten schouders en mouwen. Zwarte lakschoenen… Eens kijken of Frank bestand was tegen Gonnie uit 5 VWO…
Toen pakte ik de weekendtas met zwemspullen en liep weer naar beneden. “Gaat je mee, Frank?” Hij liet dat ondeugende lachje weer zien. “En als ik nou ‘nee’ zeg?” “Dan sleur ik je naar boven, bind je vast in een stoel met je armen op je rug en ga vlak voor je een hele geile act opvoeren. Ja, je kunt kijken, maar je kunt niet klaarkomen. Ik wél, want ik ga mezelf dan lekker bevredigen…”
Hij pakte me onder mijn arm. “Mee jij en zwemmen. En daarna… Zien we wel wie wie vastbindt, geile meid!” Deur uit, zwemspullen in de Golf en Frank ging naast me zitten. “Nou, laat me maar eens zien hoe dit ding rijdt…” Ik snoof. “Het is ten minste niet zo’n luie-mensen-bak als jij hebt. Ik moet wérken als ik rij; jij drukt de cruisecontrol in en de rest doet het ding vanzelf. Zelfs sturen. Met je ‘lane assist’, potverdorie. Ik heb onderweg naar Terschuur en terug in jouw auto gewoon de krant gelezen.”
Hij lachte smalend, zei verder niets. In het zwembad: omkleden en douchen. Ik was eerder klaar dan Frank, dus liep richting 25-meter-bad. En op de kant, in een paar stoelen, zaten weer een aantal knullen zich te vervelen. Ik herkende er in ieder geval eentje: de knul die een paar baantjes met me meegezwommen had. Een paar lage fluitjes klonken uit het groepje.
Ik stopte even, keek ze stuk voor stuk aan en zei zachtjes: “Heren… De vleeskeuring vindt plaats op de ponymarkt in Zuidlaren. Niet in het zwembad in Renkum. En hebben jullie ondertussen getraind, in plaats van slap te hangen en dom te kijken?” Er kwamen een paar boze blikken en een andere knul stond op.
“Als jij zo graag af wil gaan… Ga dan maar eens een paar baantjes achter me aan zwemmen!”
Mijn ogen flikkerden. “Jij wil samen met mij zwemmen? Prima hoor… maar dat ‘achter jouw aanzwemmen’ zou wel eens tegen kunnen vallen, knul. Dan moet je eerst voor me zien te komen. En dat lukt de meeste mensen niet.”
Hij keek uitdagend. “Hoeveel baantjes?”
Frank antwoordde achter mij. “Tien. Om en om onder en boven water. Beginnen met onder water. Pas aan de andere kant van het bad boven komen en ademhalen. De weg terug mag je boven water doen. En ik zal je matsen: je mag zelf bepalen welke slag je zwemt. En vraag voor de zekerheid maar even aan een van je vrienden hoe hij een paar weken geleden afging.” De knul keek zelfverzekerd. “Ik ga niet af. Ik ben de beste zwemmer van ons clubje.” “Nou, dat is niet echt een compliment”, zei ik droog. “Je vriendje bakte er de vorige keer weinig van…”
Frank keek neutraal, maar in zijn ogen zag ik iets flikkeren.
De knul snoof. “Moet ik jullie een baantje voorsprong geven?”
“Nee hoor da’s niet nodig. Als de secondewijzer de 60 aantikt is dat het startteken.”
Frank liep doodrustig naar een startblok en ik volgde. De wijzer klom naar boven en ik ademde snel een paar keer in en uit. Zuurstof opbouwen in m’n bloed… Zo dadelijk hard nodig… 60! Ik dook er in; lekker vlak, lekker snel. Harde slagen maken, Gon. Zorgen dat je meteen een voorsprong neemt. Dat viel wat tegen; de knul kon redelijk bijblijven. Frank lag zelfs achter. Maar ik had ondertussen ervaren dat Frank in de laatste baantjes ergens wat energie vandaan toverde…
Keren! Oppassen dat je niet uitglijd en boven water terug in crawl. Niet teveel met je kop boven water, Gon… In je oksel ademhalen, dan blijf je het meest gestroomlijnd… Zo gingen een zes baantjes heen en weer: onder water maakte ik de meeste snelheid; boven water trok de knul bij. Maar hij kwam nooit voor te liggen! Het laatste baantje onder water gaf ik alles wat ik had! En Frank duidelijk ook; die kroop dichterbij.
De knul bleef nu duidelijk achter. Keren voor de laatste 25 meter: vlinderslag nu, want ik voelde de verzuring toeslaan. Hoog uit het water komen, adem happen en tegelijk me vooruit stuwen met de benen… In het water: armen. Frank zwom nu naast me in een gelijkmatige, harde crawl.
De knul zakte af; zijn crawl had blijkbaar weinig kracht meer. Uiteindelijk tikten Frank en ik vrijwel gelijk aan en draaiden ons om: de knul moest nog een paar meter. Uiteindelijk hing ook hij hijgend aan de handgreep onder het startblok, niet in staat om te kletsen. En toen hij na een paar seconden zijn adem weer had gevonden kwam er een nogal knetterende vloek uit.
“Nounou… Moet dat nou?” spotte ik.
Hij keek me furieus aan. “Dat is… potdomme… de eerste… keer dat ik…. geklopt ben door… een meisje!”
Achter hem klonk droogjes: “Inderdaad. En ook door mij, om even volledig te zijn.”
En ik bitste: “En de term ‘meisje’ mag je voor je kleine zusje gebruiken. Ik denk dat ik een jaar of vijf á zes ouder ben dan jij, dus…”
Hij keek nijdig en ik besloot hem een kleine oppepper te geven. “Jij haakte ten minste niét af, zoals je maat; die had het na zes of zeven baantjes wel gezien. En je zwom niet écht beroerd. Netjes.”
Een lachje kon er nu wel af. Een wat nors ‘Dank je wel’ volgde, toen klom hij uit het water en liep nog hijgend naar zijn maten. “Even rustig uitzwemmen, Gon. Rugslag en kalm aan.” Ik knikte en we trokken in een matig tempo een paar baantjes rugslag. Mijn spieren waardeerden dat wel; ik voelde ze ontspannen. En na een minuut of tien gingen wij het bad uit, richting kleedhokjes. De knullen waren daar al; dat was duidelijk te horen. En ik was het onderwerp van gesprek, dat was duidelijk.
“Als ik die rooie griet in m’n bed zou vinden, zou ik haar er niet zo gauw uitschoppen!” Ik gniffelde; even verder luisteren… Gelukkig hield Frank zich ook stil; zijn oren waren ook gespitst, dat wist ik zeker!
Een andere stem klonk. “Heb je haar tieten gezien? Niet zo groot, maar sjongejonge… als ik haar baby was, nou dan wist ik het wel!”
In het kleedhokje naast me siste Frank: “Geef jij ze op hun lazer of doe ik het?” Ik giebelde. “Doe jij maar. Als ze boos worden ken je vast wel één of andere vuile judomove, schatje.” Een zachte grinnik klonk. Geklapper van deurtjes; de heren waren blijkbaar klaar met afdrogen en omkleden.
En even later klonk gedempt: “Potdorie… Die twee liggen niet meer in het water! Als ze ons gehoord hebben… Wegwezen jongens!” Frank schoot in de lach, ik volgde en riep: “Tot de volgende keer, jongens! En denk er aan: blijven trainen!” Even later was ik aangekleed. Frank stond al lachend buiten zijn kleedhokje. “Die zijn gevlucht…”
Dat bleek een misvatting te zijn; niet alle ‘heren’ waren ‘m gesmeerd. De knul die tussen ons in had gezwommen stond bij de uitgang te wachten.
“Sorry dat ik zo uit de hoogte deed. En complimenten voor jullie zwemkunst. Dát wilde ik nog even zeggen.”
Ik knikte. “Netjes dat je dit deed. Heb ik liever dan opmerkingen over mijn borsten en wat iemand met die borsten zou doen als hij mijn baby was.”
Hij werd rood. “Sorry. Dat was ik.” Frank knikte. “Jij hebt lef, dat je dat toegeeft. Maar…”
Hij gniffelde: “Wij hebben wel gelachen in onze kleedhokjes. Ik ga me eens beraden wat ik ga doen als ik deze dame in mijn bed aantref.”
Ik snauwde onmiddellijk: “Nou, dáár komt vannacht helemaal niks van, meneertje!”
Hij bleef grijnzen. “Klopt, rooie schoonheid. Vannacht tref ik je aan in je eigen bedje…”
Ik stampte met een voet. “Rotzak…” De knul moest voorzichtig lachen. “Dan heeft u geluk, meneer. Fijne avond samen.” En hij verdween.
“Ik weet niet of die laatste opmerking nou gewoon gemeend was of sarcasme, Gon…” Ik bromde: “Het zal me een biet zijn. Hij maakte in ieder geval z’n excuses. Beter dan die maten van ’m. Kom, naar huis.” En in de auto zei ik: “Ik wil wel eens weten wat jij gaat doen als je mij in m’n eigen bed tegenkomt, vriend Veenstra!” Dat kleine glimlachje kwam weer tevoorschijn. “Ik hoop dat ik er dan bij mag komen liggen, mevrouw Peters. Het zou zo maar eens gezellig kunnen worden.” Ik startte en we reden naar huis. “Je haren zijn een beetje ontploft, Gon.” Ik keek in de spiegel: inderdaad; ik had m’n haren niet gekamd; ze piekten alle kanten uit.
Mopperend zei ik: “Nou dan zie je ook eens hoe ik er ’s morgens vroeg uitzie. Dan schrik je ten minste niet zo als we eenmaal getrouwd zijn.” Frank reageerde niet; het bleef stil in de auto. Eenmaal thuis maakte hij koffie, terwijl ik m’n haren fatsoeneerde. En op de bank zittend zei ik: “Héhé… Ik heb m’n sportmomentje weer gehad voor vandaag. Puur afzien… Ik zoek die folder van het zwembad eens op en kijk wanneer het senioren-zwemmen plaatsvindt. Zou een stuk spierpijn schelen.”
Naast me klonk droog: “Vast. En dan klauter je voorzichtig het trap af en het water in en wie kom je tegen? Je overbuurman! Of je dáár vrolijk van wordt… ik vraag het me af.” Ik gaf hem een dreun op zijn schouder. “Ellendeling! Jij weet altijd de pret te bederven!”
We lachten even, toen vroeg ik aan Frank: “Iets anders, schat: je geageerde totaal niet ik iets zei over mijn haren ’s morgens vroeg in combinatie met trouwen…” Hij keek me aarzelend aan. “Zou je dat dan willen, Gon? Trouwen? Met mij?” Ik schrok. Had ik weer iets onnadenkend er uit geflapt… En Frank nam het bloedserieus op; die maakte geen geintje, dat was duidelijk. Ik moest even mijn gedachten ordenen, toen wist ik het: ja, met deze vent wil ik trouwen! Geen twijfel mogelijk…
Ik gleed van de bank, ging op één knie voor hem zitten en pakte zijn hand. “Lieve, lieve Frank. Dit is niet zoals het hoort, maar dat zal me een biet zijn… Maar wil jij met deze rooie feeks trouwen?” Hij keek me woordeloos aan en na een eeuwigdurende seconde knikte hij. “Ja. Geen twijfel over mogelijk, Gonnie Peters.” Ik kroop op zijn schoot en zoende hem hevig. En hij mij!
En even later leunde mijn hoofd op zijn schouder en maakte ik diezelfde schouder nat met tranen. En ik voelde ook zijn tranen op mijn blouse. Zo bleven we een paar minuten zitten, beiden te geëmotioneerd om te kletsen of grapjes te maken. Toen duwde hij me iets overeind. “Dank je wel lieve Gonnie. Wat ik bij jou voel, heb ik nog nooit gevoeld: je bent me in deze weken zó vertrouwd geworden…”
Ik veegde de tranen met m’n mouw uit mijn ogen. Toen ik weer scherp kon zien keek ik hem aan en zei: “Dat geldt voor mij ook, Frank. Vanaf het moment dat je voor het eerst over je ouders vertelde, daar in dat restaurant. Toen zag ik de échte Frank en wist ik het: deze vent wil ik veel beter leren kennen…”
Ik giebelde. “En da’s gelukt.” “Je bent af en toe nog steeds een bitch, mevrouw.” Ik knikte. “Er zullen dinsdag lui in Terschuur het honderd procent met je eens zijn, meneer Veenstra…” Hij zuchtte. “Ik moet even naar de auto, schat.” Ik keek verwonderd. “Hoezo? Heb je daar al een ring in verstopt? Is dat niet wat prematuur?”
Hij zuchtte. “Nee, tut. Daar liggen nog een paar van die servetjes van de Mac in. Heb ik even nodig.” Ik wees naar de keuken. “Dáár, op het aanrecht, staat een mega-rol keukenpapier. Waarschijnlijk voldoende voor een compleet weeshuis wat uien heeft geschild en gesneden. Leef je uit.”
“Weet je zeker dat het uien waren, schat? En geen knoflook?” Ik keek hem boos aan. “Schiet op vent!” Even daarna zaten we weer dicht tegen elkaar aan en Frank zei zachtjes: “Dit kan ik wel een tijdje volhouden zo. Zit heerlijk...”
Ik kuste hem. “Ik ook, schatje. Maar nu even praktisch. Over trouwen en zo. We hebben niet al te lang geleden uitgesproken dat we het kalm aan zouden doen met samen wonen en zo. Hoe zie jij dat nu voor je?” Een tijdje was het stil, toen zij Frank: “Het liefst zou ik zien dat we zo snel mogelijk bij elkaar gaan wonen, Gon. Als jij hier bent en ik in Schaarsbergen, heb ik de neiging om in de auto te springen en als een gek hierheen te rijden… Maar ik weet niet hoe jij daarover denkt. Vertel me dat eens?”
“Dat gevoel heb ik ook, Frank. Dan lig ik in bed en wil maar één ding: lekker met jou vrijen, lover. Of met je kletsen, of samen lopen… Als ik maar bij je ben.” Ik giechelde. “En tja… dan lopen dingen wel eens uit de hand en moet ik de volgende ochtend weer wat lingerie wassen. En dure nylons uit Londen natuurlijk.” Hij streelde mijn benen en trok mijn rokje wat omhoog. “Interessant…”
Ik keek hem aan. “Dat méén ik, Frank. Bij jou zijn. Samen in één huis wonen, schat.” Hij knikte langzaam. “En waar? Hier, in Renkum of in Schaarsbergen? Of wil je terug naar Limburg?”
Ik schudde mijn hoofd. “Terug naar Limburg is niet praktisch. Elke dag op en neer naar Ede? Nee. Ik heb nét een interessante baan, Frank. En die wil ik niet opgeven. En dit huisje? Ja, ik woon hier op zich prima en zolang ik de gordijnen in de slaapkamer dicht heb, heb ik genoeg privacy, maar…”
Ik aarzelde en dacht na hoe ik het wilde zeggen. Ik kwam er niet uit. Frank hielp me. “Wil je wel in Schaarsbergen wonen, Gon? Je woont daar eenzaam, schat. Geen vriendinnen waarbij je binnen kan vallen, voor de winkels moet je, zeker in de winter, écht met de auto, het is er doodstil…”
Ik keek hem aan. “Schat, je lepelt nu alle argumenten van Hetty op. Maar er is één groot verschil: ik werk. Ben overdag in Ede. Of in Terschuur. Of straks rij ik, net als Alex, Ben, Gerben, Mike en jij het hele land door…” Ik giebelde kort. “Tot en met die zeemanskroeg in Bremerhaven. Ik moet straks studeren. En dan wil ik een ‘thuis’ hebben. En plek waar jij ook bent. Waar we samen kunnen kletsen, discussiëren, dom TV kunnen kijken, studeren, werken, koken, ruzie kunnen maken en het vervolgens goed kunnen maken.”
Ik pauzeerde even. “In jouw kelder. Of op de bank, de tuin van mijn part… ” Hij schoot in de lach. “Jaja… In de tuin? En de wilde zwijnen toekijken natuurlijk… Bluffert.” Ik mopperde: “Gun die beesten ook een leermomentje… Saaie vent ben jij hoor!”
Toen keek ik hem aan. “Dát wil ik, Frank. Samen met jou. Geen oppervlakkig gedoe, dat heb ik al genoeg gehad.” Hij knikte kort en trok me tegen zich aan. “En dat wil ik ook, Gonnie. Met jou.” Een lange zoen volgde, toen zei hij: “En nu even praktisch, lieverd. Hoe gaan we dat doen? Wat wil je? Samenwonen in Schaarsbergen? Of zo snel mogelijk trouwen?”
Ik schudde mijn hoofd. “Eerst een tijdje samenwonen, mooie vent. Even aan elkaar wennen. En ja, in Schaarsbergen. In jouw mooie huisje. Want dit…” Ik wees om me heen. “Weet je: Ik woon hier prima, ook qua afstand naar Ede, maar jouw huis is toch iets bijzonders…” Ik zag zijn mondhoeken verstrakken en ik begreep wat door zijn hoofd speelde.
“Nee Frank, het is niet omdat ik uit een deplorabele omgeving weg wil. Als jij in een flatje vier hoog achter zou wonen, dan had ik je gevraagd om bij mij in te trekken, schatje.” Hij keek me verwonderd aan. “Hoe wist jij…”
Ik legde een vinger op zijn lippen. “Omdat ik je gezicht zag vertrekken, Frank. Je hebt dat argument al eerder gehoord, dat weet ik. En als er iets is wat ik nu niét zeggen is het wel: ‘Je zult er geen spijt van krijgen’. Ik kijk wel uit, schat. En ik heb een maand opzegtermijn hier, dus er zal niet binnen drie dagen een bestelbus voor je deur staan.”
Ik giechelde wéér. “Ook ik heb tijd nodig. Al was het alleen maar om mijn garderobe te sorteren…” “Daar kan ik je prima mee helpen, hoor”, zei hij lachend en ik mopperde: “Ja, daar ben ik ook bang voor. De lingerie zal dan wel als eerste worden ingeladen? Ja, dat dacht ik wel…” Zo zaten we nog even rustig dingen op een rijtje te zetten.
Uiteindelijk maakten we de afspraak dat ik de huur per 1 september zou opzeggen. Dan hadden we nog anderhalve maand om dingen te regelen, weg te doen wat weg kon en mijn huis netjes achter te laten. Een uurtje later gaapte ik. “Nu even genoeg geregeld; het is tien uur geweest, lover. Nu lekker slapen?” Frank knikte. “Goed plan.” Hij keek me aan. “En Gon… we gaan gewoon slapen, schat.”
Ik begreep wat hij bedoelde; vanavond niet met elkaar vrijen, zoals Hetty gedaan had toen de beslissing genomen was dat ze bij Frank in zou trekken. “Snap ik, mooie vent.” Ik sloot af en deed de lichten uit en we gingen naar boven. “Even wachten met het licht aandoen, Frank…”
Ik liep de slaapkamer in en keek naar de overkant. Op de slaapkamer van de familie de Hooghe zag ik een silhouet staan. Meneer de Hooghe, duidelijk! Hij had niet in de gaten dat er achter hem een deur op een kier stond en hij tegen dat beetje licht afgetekend stond. Ik wees Frank er op. “En wat doen we daarmee, schat?” Hij fronste even. “Wacht maar. Ik heb een nogal stevig zaklampje in mijn auto liggen. Zo’n ding wat de politie ook heeft: 12 centimeter lang, maar er zit een vermogens-LED in die tot 400 meter reikt. Een hele smalle bundel. Die pak ik wel even, en dan zetten we meneer vanaf hier even in het zonnetje, oké?”
Ik knikte. “Prima. Ik ben er wel klaar mee.” Frank liep naar beneden, naar zijn auto en kwam even later terug met een klein zaklampje. “Nou, dat stelt ook niet veel voor”, zei ik toen ik het ding zag. “Wacht maar even, zo dadelijk piep je wel anders, mevrouw…” Hij deed een raam langzaam open en knielde. “Knijp je ogen maar wat dicht; dit is nogal hevig. Als meneer weer met die verrekijker kijkt, ziet hij de aankomende vijf minuten helemaal niks meer…”
Hij richtte op het raam aan de overkant en drukte op een knop. WAUW!!! Een smalle, maar uiterst felle lichtbundel bescheen het slaapkamerraam aan de overkant en zette meneer de Hooghe in een onbarmhartig licht. Met zijn verrekijker niet voor de ogen, maar wel in zijn handen. Die schok zich kapot en dook weg.
Meteen ging het licht uit en Frank grinnikte. “Zo. Die kijkt wel uit om nog een keer te ‘gluren naar de buren’. Hij deed het raam dicht en ik sloot de gordijnen zorgvuldig. En deed toen pas het licht aan. “Nou, laat me dat ding eens zien, Frank…” Op het oog stelde het weinig voor. “4000 Lumen, volgens de fabrikant. En heel handig om bij je te hebben tijdens een wandelingetje in de bossen van Schaarsbergen. Wilde zwijnen zijn er niet zo dol op, zeker niet als je de ‘Strobe-functie’ aan zet.”
Ik keek vragend. “Dan knippert de lamp op hoog vermogen in een snel tempo, zo’n 5 keer per seconde. Bijzonder verwarrend. Dát wilde ik je overbuurman nou ook weer niet aandoen.” Ik snoof. “Dat bewaren we dan voor de volgende keer. Maar wellicht neemt zijn vrouw hem nu onderhanden met de mattenklopper…” “We horen het wel als het zover is. Nu lekker in bed, mooie meid.”
Ik knikte en we kleedden ons uit. Nog even tanden poetsen en vijf minuten daarna lagen we in bed. Ik trok Frank naar me toe. “Morgen, mooie vrijer… Dan wil ik wél…” Hij legde een hand op mijn mond. “Verras me morgen maar. Nu lekker slapen, Gonnie.” Een lange kus volgde, een kus waarbij ik merkte dat hij zijn onderlichaam wat van me af hield. Misschien wel zo verstandig. “Lekker slapen, schatje.”
Hij bromde: “Gaat hier waarschijnlijk beter lukken dan aan de overkant van de straat…” Ik giebelde en draaide me om. Slapen…
Even lag ik na te denken over morgen. Ja! Morgen het onschuldige schoolmeisje Gonnie maar eens ten tonele voeren…
Eens kijken hoe Frank daarop zou reageren. Waarschijnlijk zou hij me opvreten…
Uiteindelijk, na veel gedoe, lukte het ons en kwamen we er achter dat het ook te maken heeft met de kooktijd van de slierten. Kookte je te kort, dan was de pasta niet gaar en dus stug, kookte je te lang was het spul wél gaar maar zó glibberig dat het nooit mooi om je vork bleef zitten, laat staan op je lepel. Zeven minuten en tien seconden, dat was bij het merk spaghetti wat we meestal kochten de ideale kooktijd. Bij andere merken verschilde dat behoorlijk! Maar vanavond was het prima; zonder al te veel geklieder en geslurp kon ik de pasta netjes naar binnen werken.
Ik grinnikte toen ik terugdacht aan de vakantie in Italië, jaar of vier geleden. Henk kon niet mee, helaas voor Gien, en Cora en Hans ook niet. Gien had gezegd: ‘Dan maken we er toch een vakantie van met z’n viertjes? Net als vroeger, maar nu iets verder weg… En gezellig wordt het toch wel!’ En dat werd het inderdaad; we waren alle drie wat volwassener geworden. Minder gepest onderling dan vroeger. Met een grote bungalowtent in de aanhanger achter Gien d’r Tiguan waren we naar Italië gereden en in Noord-Italië gedurende twee weken een mooie vakantie beleefd.
Op een gegeven moment waren we in Ivrea aangeland, een stadje in Noord-Italië, tegen de Alpen aan. En we hadden trek, dus ’s avonds uit eten. “Spaghetti-examen!” had Gien semi-streng gezegd. Enfin, wij een restaurantje binnen en Gien bestelde vier porties spaghetti. En wij keken om ons heen… De gasten die ook spaghetti aten, zouden grandioos gezakt zijn voor dat examen. Óf ze slurpten de slierten gewoon naar binnen, en sommigen nogal hoorbaar, óf ze hakten de slierten ongenadig in mootjes om ze daarna met de lepel op te scheppen en te eten.
Gien had de bedoeling gehad om ons te laten zien hoe Italianen ‘netjes’ spaghetti aten; nou, die bedoeling was grandioos in het water gevallen. Annet en ik waren toen… 22, Rick 20.
Gien heeft de hele vakantie geen spaghetti meer besteld en eenmaal thuis, áls er spaghetti op tafel kwam, waren de eerste happen pesterig demonstratief ‘fout’ en kregen we weer op ons donder. Maar… in dat restaurantje in Ivrea kregen we wél een compliment van de kok dat we zijn spaghetti eer aandeden. Allereerst smaakte die heerlijk, maar hij had in gebroken Engels tegen Gien verklaard dat hij buitenlandse jongelui nog nooit zó netjes spaghetti had zien eten… Nou ja, het had er waarschijnlijk ook mee te maken dat wij ons netjes hadden uitgedost voor een avondje lekker eten en door het stadje flaneren… We kregen die avond best wel wat aandacht. Een knappe rooie tweeling, een even knappe, maar iets oudere zus… ‘Zus? Nee joh! Dat is hun moeder!’ ‘Nee, echt niet. Zus, kan niet anders!’ en Rick die er, stiekem best wel trots op ‘zijn’ vrouwelijk gezelschap, tussenin liep. Toen Annet, Rick en ik met z’n drieën een avondje uitgingen, had Rick ook een paar keer als ‘vriendje’ gefungeerd, als zo’n Italiaanse knul wat te opdringerig werd… Kon Rick prima, met z’n waterpolobody. Cora was helaas niet mee geweest; die had het thuis té druk met de logeerhondjes. Maar had ons wél toestemming gegeven om… hoe had ze dat ook alweer gezegd bij het afscheid? Oh ja... ‘Als de hormonen jullie teveel worden, mogen jullie mijn vriendje wel aanranden, meiden! Dan neem ik Hans wel weer een keertje voor m’n rekening, oké?’ En Hans en Rick hadden elkaar aangekeken en simultaan tegen elkaar gezegd: ‘Ruilen?’
Grinnikend om de herinnering draaide ik de laatste slierten spaghetti om mijn vork, laadde ze over op mijn lepel en at ze op. Zo… geslaagd voor het ‘spaghetti herexamen’! Gien zou trots op me zijn. Gien… Zo dadelijk eens naar Born bellen. Veel te lang geleden dat ik met haar had zitten kleppen.
Ik belde. “Hééé… Een onschuldig dochtertje belt me! Hoi lieverd!”
“Hoi ma. Bel ik gelegen of…?”
“Ja hoor. Ik zit lekker op de bank een boek te lezen. Henk zit nog in Eindhoven, komt pas rond acht uur thuis en ik wilde even ontspannen na een dagje buffelen.”
Ik humde instemmend. “Ik ken dat gevoel wel.”
“Oh? Word je zo achter je vodden gezeten door die strenge chef van je?”
“Ja. Vooral als ik een leuk rokje aan heb. Dan is de beer los.”
Ze giebelde. “Draag jij leuke rokjes in Ede? Foei, meisje. Dan slaan die andere collega’s ook op tilt en heb je de poppen aan het dansen.”
Ik grinnikte. “Nee, dat ga je niet willen. En heb je meteen vier huwelijken die in de puinpoeier liggen. Wil ik niet op m’n geweten hebben.”
Gien lachte zachtjes en vervolgde toen: “Maar… is er wat bijzonders dat je belt, Gon?”
Ik knikte, maar dat kon zij natuurlijk niet zien. “Ehhh… Ja. En nee, er is niks mis tussen Frank en mij, integendeel. Maar wel wat ontwikkelingen op de zaak…” Ik vertelde in grote lijnen over de gebeurtenissen van de afgelopen dagen en besloot met: “…en dus ga ik twee dagen in de week in Terschuur orde op zaken stellen, ma. Met Mariëlle naast me, want die kent het bedrijf. En, misschien nog belangrijker: die kent de mensen.”
Even was het stil. “Als die Mariëlle dan maar niet op kruistocht gaat, Gon. En iedereen die haar ooit dwarsgezeten heeft, eruit wil gooien. Want dan bereik je het omgekeerde.”
“Klopt. En daar zal ik ook scherp op zijn. Trouwens: Gerrit, de oude directeur ook wel, denk ik. Maar voordat een formele samenwerkingsovereenkomst is getekend, zal er schoon schip gemaakt moeten worden, ma.”
Weer zweeg ze even en toen volgde een simpel: “Ik ben trots op je, meid. Als die directeur van jou je na drie hele weken al zó vertrouwd…”
“Het is niet alleen Simon, ma. Het is ook Yvonne, zijn vrouw. Zij heeft tegen Simon gezegd dat ik die presentatie beter zou kunnen doen dan zij. En zij kwam meteen met het idee om Mariëlle aan te nemen als receptioniste. Dus… Tot zover de werk-gerelateerde nieuwtjes.”
“Aha. En nu komt de échte aap uit de mouw! Vertel, dochtertje! Ik wil álle erotische nieuwtjes over Frank horen!”
Ik schoot in de lach. “Jaja… en dan de arme jongen in jouw bed lokken zeker?”
Droogjes klonk: “Ja. Dan mag jij Henk een nachtje uitputten. Deal?”
“Niks ervan. Kan ik Henk niet aandoen; hij zou bezwijken onder mijn charme en dan zit jij weer zonder echtgenoot. Of wil je hem zo graag kwijt?”
Een zucht klonk. “Even serieus, Gon: nee, ik wil Henk nooit meer kwijt. Never. De afgelopen jaren heb ik pas goed beseft wat ik gemist heb. Niet alleen de seks, maar ook… iemand naast je die je door dik en dun steunt. Die je op een voetstuk zet. En je niet beperkt in je ontwikkeling, omdat de klootzak bang is dat jij hem boven het hoofd groeit!” De laatste zin klonk scherp.
“Oei ma… Dat zit je nog steeds zo hoog?” “Nee schat. Niet meer. Maar als ik aan die tijd terugdenk word ik nog steeds pissed-off. Sorry.”
Ik giebelde. “Nou, op dat voetstuk sta ik ook. Zeker als ik een leuk rokje aan heb…”
Gien gierde van de lach. “Dat zal wel, met die mooie benen van je. Maar vertel eens.”
“Ik heb de afgelopen week Frank eens uitgehoord over vorige relatie. Ik merkte dat het hem nog steeds dwars zat…”
Ik vertelde in het kort de geschiedenis van Frank en Hetty. “En hij keek nog steeds nijdig als hij het erover had. Maar goed, toen hij klaar was met dat verhaal bedankte hij me voor mijn luisterend oor. Het had hem opgelucht, want deze geschiedenis heeft hij nooit aan iemand anders verteld…”
“Ja, dat zal hem wel opgelucht hebben. Goed dat je doorvroeg, Gon.”
“Ja. En er kwam nóg een aap uit een andere mouw: Toen Frank zijn MBO-diploma in z’n zak had, ging hij solliciteren. Geen succes. Niemand zag hem met z’n MBO-diploma staan. Zijn vader heeft hem vervolgens de tip aan de hand gedaan om zijn capaciteiten in te zetten voor een charitatieve instelling. Verdient niks, maar je doet wél levenservaring en werkervaring op. Enfin, twee dagen later zat hij bij Artsen zonder Grenzen op kantoor en drie maanden daarna vertrok hij als techneut naar een stadje in Noord-Namibië. En heeft daar anderhalf jaar als technisch genie gewerkt.”
Het was even stil. “En dat vertelde hij nu pas? Wat een enorme eigenheimer…”
Ik grinnikte. “Hij vertelde dat hij wel wat zaken uit Rick z’n verhalen herkende. Maar dat hij niet wilde inbreken in Rick z’n verhalen; hij zei: ‘Het was Rick z’n dag. Die wil ik niet verstoren met mijn belevenissen.’ En dat tekent hem wel, denk ik.”
“Nogal. Anderhalf jaar, zei je? In een hospitaal van Artsen zonder Grenzen? Dan zal hij meer dan genoeg ellende hebben gezien, schat. Hou daar rekening mee. De paar verhalen die ik van Henk te horen heb gekregen deden me al de rillingen over de rug lopen…”
Ik humde. “Misschien wel, ik weet het niet. Hij heeft nog nauwelijks iets over zijn tijd daar verteld; hij had die middag genoeg gespuid, zeg maar. Bovendien hadden we toen allebei honger en zijn gaan koken. En daarna hebben we andere leuke dingen gedaan.”
Gien giebelde. “Oh… En mag je moeder die dingen weten?” “Jij mag alles weten, schat. Punt één: Frank is ook gek op lingerie. Punt twee: de seks met zijn ex moest ‘clean’ zijn. Alles met condoom, bijna steriel. Elke keer als wij vrijen en ik laat me lekker gaan, kijk ik in ogen die stomverwonderd zijn, maar enorm genieten. De eerste keer dat ik hem pijpte… Zijn ex heeft dat één keer gedaan, de nacht voordat ze zei dat ze bij hem wegging. En die pijpbeurt was mét condoom. Toen ik het bij hem deed, zónder condoom, ging hij bijna van de wereld… En hij smaakte lekker!”
Ik hoorde een zacht lachje. “Is hij goed in bed?”
Ik giebelde terug. “Ma, het is een schat. Hij is héél voorzichtig, heel lief, maar als hij eenmaal los gaat, kan hij ook een vreselijk beest zijn die me gewoon net zo hard neukt dat ik achter elkaar klaar kom… Heerlijk! We genieten vreselijk van elkaar, ma. Lekker zachtjes en intiem, of ruig en kletsnat… Het is heerlijk en voelt super veilig met hem.”
“Mooi zo schat. Zo hoort het ook. Alles kan, als je het er maar samen over eens bent en samen geniet. Dat is een van de dingen die ik ook ervaren heb, de afgelopen paar jaar.”
Even waren we stil en toen vroeg ik: “En hoe is het met Rick?”
“Rick is nogal veranderd, Gon. Toen hij wegging was het een pure techneut. Cora, vliegen, techniek, Lovely en waterpolo, dat waren zijn interesses. Punt. Nu zie ik toch ook andere dingen bij hem. Meer… hoe zeg ik dat goed? …de zachte kant van Rick komt boven. Weet je nog dat hij zat te janken met zijn hoofd bij Lovely? Dat had ik in geen jááren bij hem gezien. Hij heeft dingen meegemaakt in Afrika, Gon. Dat kán niet anders. Maar er over vertellen? Nee. Een dichte kluis. Misschien tegenover Cora, maar ik krijg niks uit hem los en daar maak ik me best wel zorgen om, schat.”
“Misschien moeten Henk, Rick en Frank maar een dagje er samen op uit gaan. Ook bij Frank zitten er dingen diep weggestopt, dat weet ik zeker. Zij hebben dezelfde ervaringen. Als westerling diep in Afrika zitten, waar je elke dag ellende om je heen ziet terwijl je weet dat jij over een paar maanden naar het veilige Nederland kunt en je de mensen daar achterlaat…”
Gien humde. “Dat is misschien wel een goed plan, schat. Ik ga het eens aan de heren voorleggen.” “Dan vraag ik het aan Frank, of hij dat ziet zitten. Morgenavond zien we elkaar weer, in het zwembad.”
“Alleen maar in het zwembad?” klonk het met een ondeugende ondertoon en ik antwoordde bitcherig:
“Dat weet ik nog niet, maar als die avond ergens een vervolg krijgt en hoe dat vervolg is…”
Gien lachte. “Ja, dat ga je niet aan je moeder vertellen hé? Die denkt nog steeds dat jij het braafste meisje uit de klas bent…”
“Nee, dat is Annetje uit 5 VWO. Met haar keurig gesteven plissérokjes. Maar ondertussen, in het fietsenhok…”
Gien schaterde nu. “Ik zie het voor me! Maar schat: Henk rijdt net de oprit op; ik ga ophangen, want hij wil waarschijnlijk nog eten. Nou ja, er is nog bami over in de vriezer… Helaas geen mihoen. Doe je de groeten aan Frank?”
“Zal ik doen. En jij aan mijn lieve stiefvader? Doeiii…”
We verbraken de verbinding. Zo, die wist nu ook hoe de vork in de steel zat. En Henk zo dadelijk ook. Prima. Als hij een goeie brainwave had… Ik keek op de klok: half negen. Nog te vroeg om naar bed te gaan. Oh wacht… De foto’s van Frank en mij op mijn computer zetten. Beter dan op m’n mobiel. Ik kopieerde de foto’s en van een paar maakte ik met een fotobewerkingsprogramma een cartoon. Frank met ezelsoren en schele ogen, ik als eenhoorn met een grote hoorn uit mijn voorhoofd… Een andere foto werd tot filmpje gemaakt waarin we samen een idioot dansje deden…
Voor ik het wist was het bijna tien uur! Ik verzond de bestanden naar Frank. Eens wachten op zijn commentaar. En toen: spullen voor morgen uitzoeken. Een beetje nette kleren voor op het werk, ten slotte zou Mariëlle morgen komen. Zwemspullen en voor de zekerheid extra kleren voor vrijdag. Je weet maar nooit. Nog even opruimen…Om kwart voor elf lag ik in bed en het duurde niet lang voor ik wegdoezelde.
Donderdag! Douchen, ontbijten in ochtendjas en aankleden. Het zou weer lekker weer worden, dus een zomerpanty, rokje, blouse met een vest er overheen. Als het warm werd, kon het vestje wel uit. Lekkere open schoentjes. Nog even een beetje opmaken en ik was er weer klaar voor. Wie was vandaag helpdesk? Ehh… O ja, Alex. Prima, dan kon Mariëlle alvast wennen aan wat pittige omgangsvormen en woordgrappen. Daarvoor was je bij Alex aan het goede adres.
Vlak voor ik wegreed een appje van Frank. ‘Hé schoonheid met je rare filmpjes! Waar eten wij vanavond?’
Ik selecteerde een smiley van een vrouw met slaande mattenklopper. ‘Bij mij. En je zorgt maar dat het lekker is, want anders…’
Een sip kijkende smiley was zijn antwoord en ik grinnikte. Met Frank z’n kookkunst was weinig mis. Vrolijk reed ik naar Ede. Koffie, wat gekkigheden met Alex uitwisselen en toen aan het werk! En om tien over acht kwam Yvon het bureau binnen met in haar kielzog Mariëlle.
“Mariëlle, mag ik je even voorstellen aan Alex? Een van onze adviseurs en docenten. Alex, dit is Mariëlle.” Ze gaven elkaar een hand en ik bekeek Mariëlle even snel. Die zag er prima uit. Nette broek, blouse, schoentjes met een klein hakte en haar haren in een mooie staart.
Yvon vervolgde: “Die rooie bitch ken je ondertussen wel, geloof ik?” Ik stond op en gaf Mariëlle een hug. “Let maar niet op dat blondje daar hoor… Welkom Mariëlle!” Yvon keek strijdlustig. “Blondje? Pas jij een beetje op je woorden?” Ik keek onschuldig. “Hoezo? Je bént blond en je bent tien centimeter kleiner dan ik. Dus: een blondje. Verder nog iets?”
Haar ogen flikkerden. “Kijk jij in de toekomst maar uit, rooie. Mariëlle, ik laat je hier achter; Gonnie zag je verder introduceren.” Ze keek nu gemeen. “Onder andere boven. Ik hoop dat je schoenen niet aan de vloer blijven plakken.” En ze verdween snel. Een opgetrokken wenkbrauw van Mariëlle was de reactie en ik legde het even uit.
Toen we uiteindelijk boven, bij Martin en z'n mensen kennismaakten was de ruimte van de programmeurs nog redelijk begaanbaar. En de heren waren ook aanspreekbaar, dus die kennismaking viel mee. De ochtend besteedden we aan verdere introductie-activiteiten. Deels door mij, deels door Yvonne, Want Mariëlle moest uiteindelijk wel achter Yvon haar desk terechtkomen.
De middag ging voorbij met de ‘plan de campagne’ hoe we de zaken in Terschuur zouden aanpakken. Via-via had Mariëlle gehoord dat de Weever Junior zich niet bij de beslissing van zijn vader had neergelegd en al een aantal keren in het bedrijfspand was gesignaleerd. Niet geheel toevallig op de momenten dat zijn vader weg was. Dus ergens in het pand bevond zich in ieder geval één medestander.
“Dat is een varkentje wat we als eerste gaan wassen, Mar”, zei ik toen ze dat vertelde. “Ik heb geen zin om, als we daar zijn, steeds om te moeten kijken of Junior toevallig ergens achter me staat. De vraag is alleen: hoe pakken we dat aan?”
Ze dacht na. “Het moet iemand zijn die de voordeur in zicht heeft óf de agenda van meneer de Weever kent… De voordeur: dat is de receptioniste. Maar die is het niet; die heeft al veel te vaak met Junior en zijn driftbuien te maken gehad; ze kan hem wel schieten. Nee, het moet een van de mensen van de binnendienst zijn. En een man. Junior doet geen zaken met dames. Uiteindelijk kwamen we op twee mogelijke kandidaten: óf de boekhouder óf het hoofd van de programmeurs.
Ik kreeg een brainwave. Maar daar had ik Frank z’n hulp voor nodig…
Ik belde hem. “Hoi Frank, met Gon. Hoe laat ben jij klaar vandaag?”
Hij hoorde dat ik niet in de stemming was voor geintjes en antwoordde kort: “Over een half uur. Hoezo?”
“Kun jij als je klaar bent nog even langs Ede rijden? Ik wil wat face-to-face bespreken.”
Weer een kort “Oké. Over een uur ben ik er.”
Ik legde de hoorn neer en keek Mariëlle aan. “Ik wil niet via de telefoon overleggen hoe we Junior in de val kunnen laten lopen. Telefoons kunnen getapt of afgeluisterd worden. En laat dat nou nét iets zijn waar mijn vriendje best goed in was…” Ik gniffelde. “Tenminste… Als hij niet heeft staan bluffen. Hij schepte een paar dagen geleden op dat hij met de telefoon bij hen thuis nogal vaak aan het rotzooien was, via een of andere schakeling. Hopen dat hij die kennis nog paraat heeft.”
Mariëlle keek vragend. “Het is vrij simpel, Mar. Als Frank de mobiele nummers van onze ‘verdachten’ zou kunnen afluisteren, weten we ‘real time’ wanneer een van de twee Junior belt om te vertellen dat de kust vrij is. Misschien ook het algemene nummer van het bedrijf in de gaten houden… Stel dat het tóch iemand anders is. En meneer De Weever Senior eens vragen of hij zijn zoontje een bedrijfsverbod heeft gegeven. Zo ja, dan is het helemaal simpel: als Junior dan één poot binnen zet, staat meteen de politie achter hem wegens ongeoorloofde toegang. Maar nu het volgende probleem: hoe weten wij, als wij er niét zijn, dat Junior binnen is?”
Ik haalde mijn schouders op. “Dat is op dat moment niet zo belangrijk. Het gaat er mij om dat, als wij in Terschuur zijn, we geen last van die zak tabak hebben. En als ik er achter kom wie degene is die hem belt, heeft die persoon een wat minder fijne dag.”
We bespraken verder wat onze introductie zou worden. Die zette ik een uurtje later in wat steekwoorden op de mail en stuurde die naar Gerrit de Weever. “Dan weet hij van te voren wat wij gaan zeggen, Mar. En kan daar eventueel op inspelen, als hij dat wil.” Ik keek op mijn horloge. “Frank zal zo wel binnenkomen. Ik stel voor dat we rustig een beker koffie of thee gaan drinken en even op hem wachten.”
Tien minuten later hoorde ik de voordeur en kwam Frank inderdaad binnen. “Dag dames…” Hij liep op me af en gaf me een zoen, daarna Mariëlle een hand. “Eerst een bak koffie. Het bocht wat ze bij die klant schonken… Brrr.”
Hij liep de hal in. Mariëlle keek me aan. “Doen jullie dat altijd zo? Dat zoenen?” Ik knikte. “Waarom niet? We zijn gék op elkaar, dus als je elkaar weer ziet, laat je dat blijken, schat.” Ik keek ondeugend. “En dit was alleen nog maar een onschuldig zoentje. Als we écht losgaan…”
“Je zit te bluffen, mevrouw Peters!” De stem van Frank uit de hal. Hij kwam even later binnen en keek Mariëlle aan. “Wij zijn hier nog nooit betrapt dat we elkaar de kleren van het lijf rukten om elkaar passioneel op tafel te gaan beminnen, hoor. Wees maar niet bang.”
Ik snauwde: “Op tafel? Ben je wel goed bij je hoofd, Frank Veenstra? Waar de koffievlekken van vorige week nu veranderd zijn in een bacteriekweek waar een gemiddeld laboratorium trots op zou zijn? En ik daar midden in liggen? Wat denk je zelf?”
Mariëlle bloosde en ik vervolgde: “We pesten elkaar nogal graag, Mar. Niet alleen Frank en ik, maar de rest ook, inclusief Simon en Yvon. De heren boven wat minder; sommigen hebben het al moeilijk genoeg met zichzelf.”
Ze lachte voorzichtig. “Dat zal wel wennen worden voor me, denk ik.” Frank nam het van me over. “Wennen? Ja. Maar hou er rekening mee: als één van ons te ver gaat, zeg het. Meteen. Dan doen we het een tandje minder en zeggen we braaf: ‘Sorry Mariëlle.’ En daarmee is het dan ook klaar. Begrepen?”
Ze knikte en ik zei: “Oké… Frank, het volgende…” Kort vertelde ik van onze vermoedens en Frank fronste. “Sorry Gon. Daar kan je niet mee helpen. Té lang geleden. Bovendien zijn mobiele telefoons nu moeilijker te tappen dan vroeger. En de vaste telefoon van de zaak: ja, dat ik nog wel kunnen, maar dan moet ik een avond er aan sleutelen. En bovendien: het is zwaar strafbaar, of je moet bij de politie werken. Geen zin in, sorry.” Ik keek sip, maar hij schudde zijn hoofd.
“Nee schat, ga ik niet doen.” “Nou ja, dan maar wachten op een confrontatie met Junior. Zal wel vuurwerk opleveren, maar dan heeft men in Terschuur ten minste iets om over te roddelen…” Mariëlle glimlachte. “Dat heeft men nú al, Gonnie, wees maar niet bang.” Frank dook nog even achter zijn beeldscherm en ik nam samen met Mariëlle ook nog wat dingen door. En voor we het wisten was het half vijf, tijd om af te sluiten.
Op de parkeerplaats klom Mariëlle in een verlengde, grijze Jeep Wrangler. Niet de schoonste auto; het was te zien dat er nogal mee door de modder was geploegd. En ze reed er behendig mee weg. “Nounou… Je zou denken dat zo’n meisje een Fiat Panda zou rijden of zo”, zei Frank, terwijl hij haar nakeek. Ik keek afkeurend. “Da’s een nogal vrouwonvriendelijke opmerking, meneer! Hup, duik jij maar in die ‘’luie mensen auto’ van je en rij naar Renkum! En zet ‘m maar gewoon voor mijn huis, dan hebben de overburen ten minste ook iets om over te kletsen.”
Ik gooide hem de voordeursleutel toe. “Hier. De sleutel. Ik rij nog even langs de supermarkt om wat boodschappen te halen.” Frank keek bedenkelijk. “En dan word ik straks door de politie uit jouw huis gesleurd omdat je overburen 112 hebben gebeld zeker? En jij me keihard uitlachen als ik met handboeien om in een arrestantenbus wordt gegooid… Lekkere vriendin ben jij, Gonnie Peters!” Ik wiebelde even met mijn heupen. “Ja. Een hele lekkere vriendin. De overbuurman is het vast wel met je eens.”
Ik stapte in en reed voor Frank de parkeerplaats af. En rustig naar Renkum. Bij de Albert Heyn deed ik snel boodschappen: melk, groente, brood, vlees en een pak vla. En dóór… De auto van Frank stond voor mijn huis, maar Frank stapte pas uit toen ik achter hem parkeerde. “Zo. Even de buurman jaloers maken, schat…”
En voor ik kon reageren had hij zijn armen om me heen geslagen en begon me nogal uitgebreid te zoenen. Toen hij me een beetje losliet mopperde ik: “In feite ben je een enorme rotzak, Frank Veenstra. Je staat me hier midden op de stoep zo ongeveer aan te randen, verdorie! De overburen zeiden nog, toen ze bij me bezoek kwamen: ‘Dit is een nette buurt, mevrouw Peters!’ Nou, die reputatie is nu wel naar de bliksem…”
Hij keek me spotlachend aan en ik kon het niet laten: sloeg mijn armen om zijn nek, fluisterde: “Verrek maar met die reputatie…” en kuste hem terug. Even; vanuit een ooghoek zag ik de luxaflex van de overburen bewegen. Dus pakte ik de boodschappen. “Doe eens galant die deur voor me open, vrijer.” Frank was nog veel galanter: hij nam de boodschappentas van me over, deed de deur open en maakte een uitnodigend gebaar. “Na u, mevrouw…” Eenmaal binnen grinnikten we naar elkaar. “Nou, dat imago van ‘nette buurt’ hebben we nu wel grondig om zeep geholpen, Gon.” Ik knikte. “Ja. Die oh zo nette juffrouw Peters, die zich midden op straat bijna laat opvreten door een vent. Ik ben benieuwd wanneer er een delegatie van de buren op de stoep staat. Maar die laten we mooi staan, want ik heb trek. Koken!”
Het werden aardappels, boontjes met een gehaktbal. En vla als dessert. We aten matig, want er moest nog gezwommen worden. “De rest warmen we straks wel op, Frank. Ná het zwemmen.” Hij stak een duim op. Ik pakte boven mijn zwemspullen bij elkaar en dacht even na over mijn kleding na het zwemmen. Inwendig lachend haalde ik een wit plissérokje uit de kast, een stel lange nylons, een sexy wit lingeriesetje en een lichtblauwe blouse met kanten schouders en mouwen. Zwarte lakschoenen… Eens kijken of Frank bestand was tegen Gonnie uit 5 VWO…
Toen pakte ik de weekendtas met zwemspullen en liep weer naar beneden. “Gaat je mee, Frank?” Hij liet dat ondeugende lachje weer zien. “En als ik nou ‘nee’ zeg?” “Dan sleur ik je naar boven, bind je vast in een stoel met je armen op je rug en ga vlak voor je een hele geile act opvoeren. Ja, je kunt kijken, maar je kunt niet klaarkomen. Ik wél, want ik ga mezelf dan lekker bevredigen…”
Hij pakte me onder mijn arm. “Mee jij en zwemmen. En daarna… Zien we wel wie wie vastbindt, geile meid!” Deur uit, zwemspullen in de Golf en Frank ging naast me zitten. “Nou, laat me maar eens zien hoe dit ding rijdt…” Ik snoof. “Het is ten minste niet zo’n luie-mensen-bak als jij hebt. Ik moet wérken als ik rij; jij drukt de cruisecontrol in en de rest doet het ding vanzelf. Zelfs sturen. Met je ‘lane assist’, potverdorie. Ik heb onderweg naar Terschuur en terug in jouw auto gewoon de krant gelezen.”
Hij lachte smalend, zei verder niets. In het zwembad: omkleden en douchen. Ik was eerder klaar dan Frank, dus liep richting 25-meter-bad. En op de kant, in een paar stoelen, zaten weer een aantal knullen zich te vervelen. Ik herkende er in ieder geval eentje: de knul die een paar baantjes met me meegezwommen had. Een paar lage fluitjes klonken uit het groepje.
Ik stopte even, keek ze stuk voor stuk aan en zei zachtjes: “Heren… De vleeskeuring vindt plaats op de ponymarkt in Zuidlaren. Niet in het zwembad in Renkum. En hebben jullie ondertussen getraind, in plaats van slap te hangen en dom te kijken?” Er kwamen een paar boze blikken en een andere knul stond op.
“Als jij zo graag af wil gaan… Ga dan maar eens een paar baantjes achter me aan zwemmen!”
Mijn ogen flikkerden. “Jij wil samen met mij zwemmen? Prima hoor… maar dat ‘achter jouw aanzwemmen’ zou wel eens tegen kunnen vallen, knul. Dan moet je eerst voor me zien te komen. En dat lukt de meeste mensen niet.”
Hij keek uitdagend. “Hoeveel baantjes?”
Frank antwoordde achter mij. “Tien. Om en om onder en boven water. Beginnen met onder water. Pas aan de andere kant van het bad boven komen en ademhalen. De weg terug mag je boven water doen. En ik zal je matsen: je mag zelf bepalen welke slag je zwemt. En vraag voor de zekerheid maar even aan een van je vrienden hoe hij een paar weken geleden afging.” De knul keek zelfverzekerd. “Ik ga niet af. Ik ben de beste zwemmer van ons clubje.” “Nou, dat is niet echt een compliment”, zei ik droog. “Je vriendje bakte er de vorige keer weinig van…”
Frank keek neutraal, maar in zijn ogen zag ik iets flikkeren.
De knul snoof. “Moet ik jullie een baantje voorsprong geven?”
“Nee hoor da’s niet nodig. Als de secondewijzer de 60 aantikt is dat het startteken.”
Frank liep doodrustig naar een startblok en ik volgde. De wijzer klom naar boven en ik ademde snel een paar keer in en uit. Zuurstof opbouwen in m’n bloed… Zo dadelijk hard nodig… 60! Ik dook er in; lekker vlak, lekker snel. Harde slagen maken, Gon. Zorgen dat je meteen een voorsprong neemt. Dat viel wat tegen; de knul kon redelijk bijblijven. Frank lag zelfs achter. Maar ik had ondertussen ervaren dat Frank in de laatste baantjes ergens wat energie vandaan toverde…
Keren! Oppassen dat je niet uitglijd en boven water terug in crawl. Niet teveel met je kop boven water, Gon… In je oksel ademhalen, dan blijf je het meest gestroomlijnd… Zo gingen een zes baantjes heen en weer: onder water maakte ik de meeste snelheid; boven water trok de knul bij. Maar hij kwam nooit voor te liggen! Het laatste baantje onder water gaf ik alles wat ik had! En Frank duidelijk ook; die kroop dichterbij.
De knul bleef nu duidelijk achter. Keren voor de laatste 25 meter: vlinderslag nu, want ik voelde de verzuring toeslaan. Hoog uit het water komen, adem happen en tegelijk me vooruit stuwen met de benen… In het water: armen. Frank zwom nu naast me in een gelijkmatige, harde crawl.
De knul zakte af; zijn crawl had blijkbaar weinig kracht meer. Uiteindelijk tikten Frank en ik vrijwel gelijk aan en draaiden ons om: de knul moest nog een paar meter. Uiteindelijk hing ook hij hijgend aan de handgreep onder het startblok, niet in staat om te kletsen. En toen hij na een paar seconden zijn adem weer had gevonden kwam er een nogal knetterende vloek uit.
“Nounou… Moet dat nou?” spotte ik.
Hij keek me furieus aan. “Dat is… potdomme… de eerste… keer dat ik…. geklopt ben door… een meisje!”
Achter hem klonk droogjes: “Inderdaad. En ook door mij, om even volledig te zijn.”
En ik bitste: “En de term ‘meisje’ mag je voor je kleine zusje gebruiken. Ik denk dat ik een jaar of vijf á zes ouder ben dan jij, dus…”
Hij keek nijdig en ik besloot hem een kleine oppepper te geven. “Jij haakte ten minste niét af, zoals je maat; die had het na zes of zeven baantjes wel gezien. En je zwom niet écht beroerd. Netjes.”
Een lachje kon er nu wel af. Een wat nors ‘Dank je wel’ volgde, toen klom hij uit het water en liep nog hijgend naar zijn maten. “Even rustig uitzwemmen, Gon. Rugslag en kalm aan.” Ik knikte en we trokken in een matig tempo een paar baantjes rugslag. Mijn spieren waardeerden dat wel; ik voelde ze ontspannen. En na een minuut of tien gingen wij het bad uit, richting kleedhokjes. De knullen waren daar al; dat was duidelijk te horen. En ik was het onderwerp van gesprek, dat was duidelijk.
“Als ik die rooie griet in m’n bed zou vinden, zou ik haar er niet zo gauw uitschoppen!” Ik gniffelde; even verder luisteren… Gelukkig hield Frank zich ook stil; zijn oren waren ook gespitst, dat wist ik zeker!
Een andere stem klonk. “Heb je haar tieten gezien? Niet zo groot, maar sjongejonge… als ik haar baby was, nou dan wist ik het wel!”
In het kleedhokje naast me siste Frank: “Geef jij ze op hun lazer of doe ik het?” Ik giebelde. “Doe jij maar. Als ze boos worden ken je vast wel één of andere vuile judomove, schatje.” Een zachte grinnik klonk. Geklapper van deurtjes; de heren waren blijkbaar klaar met afdrogen en omkleden.
En even later klonk gedempt: “Potdorie… Die twee liggen niet meer in het water! Als ze ons gehoord hebben… Wegwezen jongens!” Frank schoot in de lach, ik volgde en riep: “Tot de volgende keer, jongens! En denk er aan: blijven trainen!” Even later was ik aangekleed. Frank stond al lachend buiten zijn kleedhokje. “Die zijn gevlucht…”
Dat bleek een misvatting te zijn; niet alle ‘heren’ waren ‘m gesmeerd. De knul die tussen ons in had gezwommen stond bij de uitgang te wachten.
“Sorry dat ik zo uit de hoogte deed. En complimenten voor jullie zwemkunst. Dát wilde ik nog even zeggen.”
Ik knikte. “Netjes dat je dit deed. Heb ik liever dan opmerkingen over mijn borsten en wat iemand met die borsten zou doen als hij mijn baby was.”
Hij werd rood. “Sorry. Dat was ik.” Frank knikte. “Jij hebt lef, dat je dat toegeeft. Maar…”
Hij gniffelde: “Wij hebben wel gelachen in onze kleedhokjes. Ik ga me eens beraden wat ik ga doen als ik deze dame in mijn bed aantref.”
Ik snauwde onmiddellijk: “Nou, dáár komt vannacht helemaal niks van, meneertje!”
Hij bleef grijnzen. “Klopt, rooie schoonheid. Vannacht tref ik je aan in je eigen bedje…”
Ik stampte met een voet. “Rotzak…” De knul moest voorzichtig lachen. “Dan heeft u geluk, meneer. Fijne avond samen.” En hij verdween.
“Ik weet niet of die laatste opmerking nou gewoon gemeend was of sarcasme, Gon…” Ik bromde: “Het zal me een biet zijn. Hij maakte in ieder geval z’n excuses. Beter dan die maten van ’m. Kom, naar huis.” En in de auto zei ik: “Ik wil wel eens weten wat jij gaat doen als je mij in m’n eigen bed tegenkomt, vriend Veenstra!” Dat kleine glimlachje kwam weer tevoorschijn. “Ik hoop dat ik er dan bij mag komen liggen, mevrouw Peters. Het zou zo maar eens gezellig kunnen worden.” Ik startte en we reden naar huis. “Je haren zijn een beetje ontploft, Gon.” Ik keek in de spiegel: inderdaad; ik had m’n haren niet gekamd; ze piekten alle kanten uit.
Mopperend zei ik: “Nou dan zie je ook eens hoe ik er ’s morgens vroeg uitzie. Dan schrik je ten minste niet zo als we eenmaal getrouwd zijn.” Frank reageerde niet; het bleef stil in de auto. Eenmaal thuis maakte hij koffie, terwijl ik m’n haren fatsoeneerde. En op de bank zittend zei ik: “Héhé… Ik heb m’n sportmomentje weer gehad voor vandaag. Puur afzien… Ik zoek die folder van het zwembad eens op en kijk wanneer het senioren-zwemmen plaatsvindt. Zou een stuk spierpijn schelen.”
Naast me klonk droog: “Vast. En dan klauter je voorzichtig het trap af en het water in en wie kom je tegen? Je overbuurman! Of je dáár vrolijk van wordt… ik vraag het me af.” Ik gaf hem een dreun op zijn schouder. “Ellendeling! Jij weet altijd de pret te bederven!”
We lachten even, toen vroeg ik aan Frank: “Iets anders, schat: je geageerde totaal niet ik iets zei over mijn haren ’s morgens vroeg in combinatie met trouwen…” Hij keek me aarzelend aan. “Zou je dat dan willen, Gon? Trouwen? Met mij?” Ik schrok. Had ik weer iets onnadenkend er uit geflapt… En Frank nam het bloedserieus op; die maakte geen geintje, dat was duidelijk. Ik moest even mijn gedachten ordenen, toen wist ik het: ja, met deze vent wil ik trouwen! Geen twijfel mogelijk…
Ik gleed van de bank, ging op één knie voor hem zitten en pakte zijn hand. “Lieve, lieve Frank. Dit is niet zoals het hoort, maar dat zal me een biet zijn… Maar wil jij met deze rooie feeks trouwen?” Hij keek me woordeloos aan en na een eeuwigdurende seconde knikte hij. “Ja. Geen twijfel over mogelijk, Gonnie Peters.” Ik kroop op zijn schoot en zoende hem hevig. En hij mij!
En even later leunde mijn hoofd op zijn schouder en maakte ik diezelfde schouder nat met tranen. En ik voelde ook zijn tranen op mijn blouse. Zo bleven we een paar minuten zitten, beiden te geëmotioneerd om te kletsen of grapjes te maken. Toen duwde hij me iets overeind. “Dank je wel lieve Gonnie. Wat ik bij jou voel, heb ik nog nooit gevoeld: je bent me in deze weken zó vertrouwd geworden…”
Ik veegde de tranen met m’n mouw uit mijn ogen. Toen ik weer scherp kon zien keek ik hem aan en zei: “Dat geldt voor mij ook, Frank. Vanaf het moment dat je voor het eerst over je ouders vertelde, daar in dat restaurant. Toen zag ik de échte Frank en wist ik het: deze vent wil ik veel beter leren kennen…”
Ik giebelde. “En da’s gelukt.” “Je bent af en toe nog steeds een bitch, mevrouw.” Ik knikte. “Er zullen dinsdag lui in Terschuur het honderd procent met je eens zijn, meneer Veenstra…” Hij zuchtte. “Ik moet even naar de auto, schat.” Ik keek verwonderd. “Hoezo? Heb je daar al een ring in verstopt? Is dat niet wat prematuur?”
Hij zuchtte. “Nee, tut. Daar liggen nog een paar van die servetjes van de Mac in. Heb ik even nodig.” Ik wees naar de keuken. “Dáár, op het aanrecht, staat een mega-rol keukenpapier. Waarschijnlijk voldoende voor een compleet weeshuis wat uien heeft geschild en gesneden. Leef je uit.”
“Weet je zeker dat het uien waren, schat? En geen knoflook?” Ik keek hem boos aan. “Schiet op vent!” Even daarna zaten we weer dicht tegen elkaar aan en Frank zei zachtjes: “Dit kan ik wel een tijdje volhouden zo. Zit heerlijk...”
Ik kuste hem. “Ik ook, schatje. Maar nu even praktisch. Over trouwen en zo. We hebben niet al te lang geleden uitgesproken dat we het kalm aan zouden doen met samen wonen en zo. Hoe zie jij dat nu voor je?” Een tijdje was het stil, toen zij Frank: “Het liefst zou ik zien dat we zo snel mogelijk bij elkaar gaan wonen, Gon. Als jij hier bent en ik in Schaarsbergen, heb ik de neiging om in de auto te springen en als een gek hierheen te rijden… Maar ik weet niet hoe jij daarover denkt. Vertel me dat eens?”
“Dat gevoel heb ik ook, Frank. Dan lig ik in bed en wil maar één ding: lekker met jou vrijen, lover. Of met je kletsen, of samen lopen… Als ik maar bij je ben.” Ik giechelde. “En tja… dan lopen dingen wel eens uit de hand en moet ik de volgende ochtend weer wat lingerie wassen. En dure nylons uit Londen natuurlijk.” Hij streelde mijn benen en trok mijn rokje wat omhoog. “Interessant…”
Ik keek hem aan. “Dat méén ik, Frank. Bij jou zijn. Samen in één huis wonen, schat.” Hij knikte langzaam. “En waar? Hier, in Renkum of in Schaarsbergen? Of wil je terug naar Limburg?”
Ik schudde mijn hoofd. “Terug naar Limburg is niet praktisch. Elke dag op en neer naar Ede? Nee. Ik heb nét een interessante baan, Frank. En die wil ik niet opgeven. En dit huisje? Ja, ik woon hier op zich prima en zolang ik de gordijnen in de slaapkamer dicht heb, heb ik genoeg privacy, maar…”
Ik aarzelde en dacht na hoe ik het wilde zeggen. Ik kwam er niet uit. Frank hielp me. “Wil je wel in Schaarsbergen wonen, Gon? Je woont daar eenzaam, schat. Geen vriendinnen waarbij je binnen kan vallen, voor de winkels moet je, zeker in de winter, écht met de auto, het is er doodstil…”
Ik keek hem aan. “Schat, je lepelt nu alle argumenten van Hetty op. Maar er is één groot verschil: ik werk. Ben overdag in Ede. Of in Terschuur. Of straks rij ik, net als Alex, Ben, Gerben, Mike en jij het hele land door…” Ik giebelde kort. “Tot en met die zeemanskroeg in Bremerhaven. Ik moet straks studeren. En dan wil ik een ‘thuis’ hebben. En plek waar jij ook bent. Waar we samen kunnen kletsen, discussiëren, dom TV kunnen kijken, studeren, werken, koken, ruzie kunnen maken en het vervolgens goed kunnen maken.”
Ik pauzeerde even. “In jouw kelder. Of op de bank, de tuin van mijn part… ” Hij schoot in de lach. “Jaja… In de tuin? En de wilde zwijnen toekijken natuurlijk… Bluffert.” Ik mopperde: “Gun die beesten ook een leermomentje… Saaie vent ben jij hoor!”
Toen keek ik hem aan. “Dát wil ik, Frank. Samen met jou. Geen oppervlakkig gedoe, dat heb ik al genoeg gehad.” Hij knikte kort en trok me tegen zich aan. “En dat wil ik ook, Gonnie. Met jou.” Een lange zoen volgde, toen zei hij: “En nu even praktisch, lieverd. Hoe gaan we dat doen? Wat wil je? Samenwonen in Schaarsbergen? Of zo snel mogelijk trouwen?”
Ik schudde mijn hoofd. “Eerst een tijdje samenwonen, mooie vent. Even aan elkaar wennen. En ja, in Schaarsbergen. In jouw mooie huisje. Want dit…” Ik wees om me heen. “Weet je: Ik woon hier prima, ook qua afstand naar Ede, maar jouw huis is toch iets bijzonders…” Ik zag zijn mondhoeken verstrakken en ik begreep wat door zijn hoofd speelde.
“Nee Frank, het is niet omdat ik uit een deplorabele omgeving weg wil. Als jij in een flatje vier hoog achter zou wonen, dan had ik je gevraagd om bij mij in te trekken, schatje.” Hij keek me verwonderd aan. “Hoe wist jij…”
Ik legde een vinger op zijn lippen. “Omdat ik je gezicht zag vertrekken, Frank. Je hebt dat argument al eerder gehoord, dat weet ik. En als er iets is wat ik nu niét zeggen is het wel: ‘Je zult er geen spijt van krijgen’. Ik kijk wel uit, schat. En ik heb een maand opzegtermijn hier, dus er zal niet binnen drie dagen een bestelbus voor je deur staan.”
Ik giechelde wéér. “Ook ik heb tijd nodig. Al was het alleen maar om mijn garderobe te sorteren…” “Daar kan ik je prima mee helpen, hoor”, zei hij lachend en ik mopperde: “Ja, daar ben ik ook bang voor. De lingerie zal dan wel als eerste worden ingeladen? Ja, dat dacht ik wel…” Zo zaten we nog even rustig dingen op een rijtje te zetten.
Uiteindelijk maakten we de afspraak dat ik de huur per 1 september zou opzeggen. Dan hadden we nog anderhalve maand om dingen te regelen, weg te doen wat weg kon en mijn huis netjes achter te laten. Een uurtje later gaapte ik. “Nu even genoeg geregeld; het is tien uur geweest, lover. Nu lekker slapen?” Frank knikte. “Goed plan.” Hij keek me aan. “En Gon… we gaan gewoon slapen, schat.”
Ik begreep wat hij bedoelde; vanavond niet met elkaar vrijen, zoals Hetty gedaan had toen de beslissing genomen was dat ze bij Frank in zou trekken. “Snap ik, mooie vent.” Ik sloot af en deed de lichten uit en we gingen naar boven. “Even wachten met het licht aandoen, Frank…”
Ik liep de slaapkamer in en keek naar de overkant. Op de slaapkamer van de familie de Hooghe zag ik een silhouet staan. Meneer de Hooghe, duidelijk! Hij had niet in de gaten dat er achter hem een deur op een kier stond en hij tegen dat beetje licht afgetekend stond. Ik wees Frank er op. “En wat doen we daarmee, schat?” Hij fronste even. “Wacht maar. Ik heb een nogal stevig zaklampje in mijn auto liggen. Zo’n ding wat de politie ook heeft: 12 centimeter lang, maar er zit een vermogens-LED in die tot 400 meter reikt. Een hele smalle bundel. Die pak ik wel even, en dan zetten we meneer vanaf hier even in het zonnetje, oké?”
Ik knikte. “Prima. Ik ben er wel klaar mee.” Frank liep naar beneden, naar zijn auto en kwam even later terug met een klein zaklampje. “Nou, dat stelt ook niet veel voor”, zei ik toen ik het ding zag. “Wacht maar even, zo dadelijk piep je wel anders, mevrouw…” Hij deed een raam langzaam open en knielde. “Knijp je ogen maar wat dicht; dit is nogal hevig. Als meneer weer met die verrekijker kijkt, ziet hij de aankomende vijf minuten helemaal niks meer…”
Hij richtte op het raam aan de overkant en drukte op een knop. WAUW!!! Een smalle, maar uiterst felle lichtbundel bescheen het slaapkamerraam aan de overkant en zette meneer de Hooghe in een onbarmhartig licht. Met zijn verrekijker niet voor de ogen, maar wel in zijn handen. Die schok zich kapot en dook weg.
Meteen ging het licht uit en Frank grinnikte. “Zo. Die kijkt wel uit om nog een keer te ‘gluren naar de buren’. Hij deed het raam dicht en ik sloot de gordijnen zorgvuldig. En deed toen pas het licht aan. “Nou, laat me dat ding eens zien, Frank…” Op het oog stelde het weinig voor. “4000 Lumen, volgens de fabrikant. En heel handig om bij je te hebben tijdens een wandelingetje in de bossen van Schaarsbergen. Wilde zwijnen zijn er niet zo dol op, zeker niet als je de ‘Strobe-functie’ aan zet.”
Ik keek vragend. “Dan knippert de lamp op hoog vermogen in een snel tempo, zo’n 5 keer per seconde. Bijzonder verwarrend. Dát wilde ik je overbuurman nou ook weer niet aandoen.” Ik snoof. “Dat bewaren we dan voor de volgende keer. Maar wellicht neemt zijn vrouw hem nu onderhanden met de mattenklopper…” “We horen het wel als het zover is. Nu lekker in bed, mooie meid.”
Ik knikte en we kleedden ons uit. Nog even tanden poetsen en vijf minuten daarna lagen we in bed. Ik trok Frank naar me toe. “Morgen, mooie vrijer… Dan wil ik wél…” Hij legde een hand op mijn mond. “Verras me morgen maar. Nu lekker slapen, Gonnie.” Een lange kus volgde, een kus waarbij ik merkte dat hij zijn onderlichaam wat van me af hield. Misschien wel zo verstandig. “Lekker slapen, schatje.”
Hij bromde: “Gaat hier waarschijnlijk beter lukken dan aan de overkant van de straat…” Ik giebelde en draaide me om. Slapen…
Even lag ik na te denken over morgen. Ja! Morgen het onschuldige schoolmeisje Gonnie maar eens ten tonele voeren…
Eens kijken hoe Frank daarop zou reageren. Waarschijnlijk zou hij me opvreten…
Trefwoord(en): Zwemmen, Suggestie?
Geef dit verhaal een cijfer:
5
6
7
8
9
10

Ontdek meer over mij op mijn profiel pagina, bekijk mijn verhalen, laat een berichtje achter of schrijf je in om een mail te ontvangen bij nieuwe verhalen!
