Lekker Anoniem Webcammen!
Donkere Modus
Door: Keith
Datum: 22-03-2026 | Cijfer: 9.6 | Gelezen: 732
Lengte: Zeer Lang | Leestijd: 44 minuten | Lezers Online: 14
Vlak voor de afslag Veldhoven schudde ik Joline wakker. “Hé mooie dame… We zijn bijna in ons kasteeltje.” Ze rekte zich uit. “Lekker geslapen?” Een hoofdknik was het antwoord. “Daar mag je zo lekker mee doorgaan als je wilt. Het is behoorlijk over bedtijd, schat.” “Hmmm….” Was het nogal raadselachtige antwoord. Eenmaal thuis liet ik Mocca nog even uit, maar die had er niet zoveel zin in. Héél even z’n poot optillen, toen wilde hij weer richting huis. En boven gekomen slobberde hij nog wat water uit z’n drinkbak, kreeg van mij overgebleven beloningsbrokjes en kroop zijn mandje in.
En na het afsluiten liep ik een schemerige slaapkamer in. Joline lag al in bed. “Hé mooie majoor…” “Hallo, prachtige vrouw…” Ik ging op de rand van het bed aan haar kant zitten. “Joline… Toen jij bezig was met je verhaal over DT… Ik gloeide van trots en blijdschap dat jij mijn vrouw wil zijn. Je was prachtig en je hele verhaal klonk als een klok. Ook je verhaal over Hulphond…” Ik boog me over haar heen en gaf haar een lange zoen. Ze glimlachte naar me. “Kom er maar gauw in, mooie kletsmajoor. Ik wil je tegen me aan voelen als ik in slaap val.” “Ik kom er aan, mevrouw…” Uniform uit, overhemd in de was, daar zaten wat zweetplekken in. Logisch, sommige momentjes waren best confronterend geweest…
“Ik ren nog even onder de douche door, Jolien. Anders ga je die verhalen van Fred over mijn zweetvoeten nog geloven.” Een duimpje kwam onder het dekbed vandaan. Twee minuten later was ik weer fris. Afdrogen, schoon ondergoed… Opgeknapt liep ik de slaapkamer weer in. Zachtjes, wie weet sliep die mooie vrouw van me alweer. Dat viel mee; toen ik naast haar lag draaide ze zich naar me toe. “Wil je vrijen, Kees? Ik had je wat beloofd…” “Alleen als jij daar ook van geniet, schat. Als je wilt slapen is het ook prima…” Ze duwde zich tegen me aan, ik voelde haar benen zich om die van mij heen. “Kom maar lekker tegen me klaar, Kees. Lekker zoenen, voelen… In heb me nog niet helemaal uitgekleed…” Ze giechelde.
Ik voelde een dun onderjurkje en lange pantybenen. “Voel maar… Lekker onder mijn jurkje, tussen mijn benen… Mijn mooie majoor mag dat…” Toen voelde ik haar lippen op de mijne. En haar tong tussen mijn lippen. “Lekker voelen, Kees. Toe maar, tussen mijn warme benen, over mijn borsten… Lekker klaarkomen en helemaal ontspannen. Heb je nodig, schat…” Ze legde mijn handen op haar lange benen. “Toe maar. Mag jij allemaal voelen… En ik geniet ervan.” Ze wreef zich tegen me aan en ik genoot van mijn mooie vrouw. “Ik voel iets, Kees… En dat is lekker. Wil ik proeven.” Ze sloeg het dekbed omlaag, draaide zich om en pakte mijn paal. “Ik ga lekker pijpen, schatje. Dan mag jij mijn poesje strelen…” Ze ging op me liggen en spreidde haar benen en duwde haar poesje tegen mijn mond. “Ohhh…. Jolien! Je bent zo lekker…”
Toen voelde ik haar warme lippen om mijn paal. Zuigend, likkend, strelend… Even liet zo los. “Kom maar jochie… Lekker klaarkomen bij je geile Jolientje met die lange pantybenen…” En weer nam ze me in haar mond, om nu niet meer los te laten. Ik ging met een bloedgang op een orgasme af en dat voelde ze. Ze duwde haar hoofd nog dichter naar me toe en ik voelde haar keel. En plotseling kwam Joline ook klaar: Vanuit het niets proefde ik haar geil. Ze hijgde: “Kom maar… Lekker spuiten, Kees. Ik wil het allemaal hebben!” En toen haar mond zich weer om mijn paal sloot, spóót ik. Alsof ik drie weken had droog gestaan, leek het wel. Ik voelde Joline slikken en hoorde haar smakken. En ondertussen streelde ik haar poesje, zichtbaar door haar natte panty.
Een paar minuten later, toen we een beetje bekomen waren, draaide ze zich om en kuste me. “Hé lekkere lover… Heb jij een beetje genoten?” “Een beetje? Schat, je was heerlijk… Nooit gedacht dat een vrouw me zó kon verwennen. Dank je wel, mooie meid.” Ze kuste me weer. “Mooi zo. En voor de statistieken: ik heb ook genoten hoor. Op jouw mooie paal zuigen vind ik héél erotisch. En als je dan mijn poesje ook nog verwent… Tja, dan gebeurt er bij mij ook wel iets. Maar dat het je wel gemerkt, geloof ik.” Ze lachte en ik knikte. “Zeker weten. Je was heerlijk.” Joline keek tevreden. Toen trok ze haar panty uit. “Deze morgen maar even in een sopje leggen…” Ze giechelde. “Nee, niet het sopje van Kees. Dan wordt hij nooit schoon.” Ze greep een handdoekje van haar nachtkastje en poetste zichzelf schoon. “Zo. Jij bent al schoon; ik heb je helemaal schoon gelikt. En gezogen. Dus…” Ze trok het dekbed weer over ons heen. “Nu lekker slapen, Kees. Morgen moeten we weer aan de bak.” “Goed plan, schoonheid… Dank je wel.” Ik gaf haar een lange zoen. “Welterusten Jolientje.” Ze giebelde. “Ik heb nu geen panty meer aan, Kees. En helemaal niet met stipjes. Lekker slapen, mooie minnaar.” “Die panty met stipjes komt binnenkort wel weer een keertje. Lijkt me wel weer eens leuk.” Naast me hoorde ik zachtjes: “Jaja… onschuldige meisjes van 17 verleiden hé? Ondeugd. Fantaseer er maar eens over voor je in slaap valt…” Dat was het laatste wat ik hoorde: ik donderde in een zwart, diep gat…

Dinsdag
Die ging wat moeizaam. Gelukkig was het bij de Piraten rustig; de heren waren allemaal naar ‘hun’ ziekenhuizen. Alleen Marion zat in de groepsruimte. Dat was voor haar ook niet gezellig, dus ik ging bij haar zitten. “Dan heb jij gezelschap en er is ten minste iemand die mij wakker kan schudden als ik boven m’n toetsenbord in slaap donder.” Ik had nog een soort adrenaline-kater van de lezing in Breda. En Fred had daar ook last van, zei hij tijdens de lunchwandeling. Enfin, toen ik eenmaal bezig was met de laatste loodjes voor dat metaalbedrijf, had ik ten minste iets om m’n tanden in te zetten… Om half vijf hoorde ik hondenpoten in de gang: Mocca. Die duwde de deur open, zag mij en rende op me af, hevig kwispelend. “Hoi Mocca”, zei Marion en draaide zich naar de hond om. Ik kreeg een plichtmatige lik over mijn hand en toen schoot hij naar Marion toe. Kwispeldekwispel… De hond liet zich uitgebreid aanhalen. “Nou ja zeg…”mopperde ik, “van wie krijg jij de meeste brokjes, bruine schooier?” Páts… de aandacht ging meteen naar mij toe en nu was het Marion d’r beurt om te mopperen. “Corrupt rotbeest.”
Gelukkig hoorde ik hakjes in de gang: Jolien. “Kees… Ik begrijp dat het hier héél gezellig is met Marion en zo, maar over krap twee uur staat er een loopgroep te trappelen. Opruimen jij. En volgens mij is André ook al aan het opruimen, Marion, dus…” Die knikte. “Jaja, ben al bezig. En blij toe dat ik niet naar dat loopgroepje hoef. ’s Middags hier rennen is al erg genoeg.” Joline knikte. “Snap ik. En helemaal fijn dat DT op de begane grond is gevestigd zeker? Ja, dat dacht ik al.” Ze lachte gemeen en Marion bromde iets wat op een nogal pittige verwensing leek. Ondanks dat wensten we haar een fijne avond. En even later Chantal ook, die de receptiedesk bemande. Ze kwam er achter vandaan.
“Mag ik even jullie bruine vriend knuffelen, Jolien?” Die knikte. “Mocca: release!’ En Mocca rende naar Chantal die al op één knie zat. Snuffel, lik-lik… “Je bent een mooie hond, Mocca…” Ze keek op. “Hoe lang is Mocca nog bij jullie, Joline?” Die dacht even na. “Waarschijnlijk nog twee maanden. Misschien wat langer, dat ligt er aan hoeveel plaats ze in Herpen hebben. Hoe dan ook: we gaan de komende weken nog veel plezier dit bruine loedertje beleven, Chantal. En nu heeft hij je wel genoeg afgelebberd… Mocca: side!” De hond kwam keurig terug en ging naast Joline zitten. “Goed zo, Mocca.” En er ging een brokje in. “Zullen jullie hem niet vreselijk missen?” Ik knikte. “Ja. Maar dat wisten we vooraf, Chantal. Het is niet ‘onze’ hond; hij gaat straks hopelijk iemand anders heel erg blij maken als Hulphond. En ja, wij zullen best wel een traantje wegpinken als het straks stil in huis is, zonder Mocca. Maar wie weet, komt er snel weer een volgende pup bij ons. En die komt dan als pupje van acht weken… Grote ogen, véél te dikke poten, onhandig… En heel aandoenlijk en zo. Alle dames in dit gebouw smelten dan als parafinekaarsen bij 70 graden boven nul…”
Ze keek minachtend. “En de heren daar natuurlijk gretig misbruik van maken hé? Ja, dat dacht ik al.” Ik keek onschuldig. “Wat denk jij weer slecht van mannen. Zou ik zelf nooit opgekomen zijn.” Joline snoof. “Kees Jonkman: klets niet. Mee jij, naar huis. Je hebt een loopgroep te coachen. Eens kijken of de dames daarvan voor jouw charmes smelten. Ik geloof er niks van.” Chantal giebelde. “Oh, ééntje in ieder geval wel, dat weet ik zeker, Joline.” “Ja. De stomme muts… Doei!” Het lachje van Chantal achtervolgde ons tot de buitendeur. Eenmaal op de snelweg keek ik Jolien aan. “Bij de loopgroep zie ik je nog niet zo gauw smelten, schat. Maar gisteravond kwam je er wel dichtbij…” Ze giebelde. “Jij ook, lekkere lover. Maar dat hoeft Chantal niet te weten. Er zijn grenzen.” Eenmaal in Veldhoven aangekomen ging Joline koken en ik repeteerde nog even op de bugel. Was er niet meer van gekomen, sinds zondag! “Morgen wil ik ’s avonds een behoorlijke tijd oefenen, schat”, zei ik tijdens het eten. “Deze week te weinig gespeeld. Ja, zaterdag en zondag, maar dat waren niet de stukken die ik moest instuderen.” Joline knikte. “En dan komt ook nog de muziek die jullie moeten spelen voor Greet haar bruiloft… En de kerstnachtdienst? Speel je dan ook?” Ik haalde mijn schouders op. “Nog niets over gehoord. Wie weet zetten ze de houseband wel voor in de kerk.” Joline schudde haar hoofd. “Daar geloof ik niets van. Op kerstavond wil men bekende kerstliederen horen en mee kunnen zingen. Vraag het donderdag maar aan Greet. Tenminste… als zij speelt.”
En met die opdracht ging ik even later aan de slag, totdat Joline riep dat het eten klaar was. Mocca werd in de mand gecommandeerd, zoals gewoonlijk tijdens het eten. Na de eerste paar keren was de hond er achter gekomen dat als Joline en Kees klaar waren, hij z’n brokken écht wel kreeg. Veel te weinig natuurlijk, maar ja, toch beter dan niets. Na het eten: omkleden en om kwart voor acht draafden we met z’n drieën in een rustig gangetje naar het cooperparcours. Zónder Mocca vandaag. Toen Joline de reden daarvan vroeg zei ik niets, lachte alleen maar even. En Joline keek vervolgens nogal twijfelend.
Op het startpunt stonden al een paar fanatiekelingen te wachten en zich op te warmen. Onder andere Tess, het nieuwe vrouwelijke lid van de loopgroep, die de vorige keer nogal aan het mopperen was geweest. Gloednieuw, chique trainingspak, loopschoenen van Nike… Joline zag het ook. “Als mevrouw denkt dat ze door haar uitrusting harder gaat lopen, krijgt ze vandaag een kleine terugslag, Joline”, mompelde ik zachtjes. We begroetten het clubje en even later waren we compleet: de laatste die aan kwam lopen was… Ben Moes, samen met een jongedame. “Hoi Kees. Mag ik even wat zeggen?” Ik knikte en wees. “Dames, heren: dit is mijn vriendin Astrid Verhagen. Vanaf vanavond gaat ze met ons meelopen, als dat ten minste mag van Kees en Joline.” “Natuurlijk… Welkom Astrid. Heb je een beetje loopconditie?” Ze glimlachte. “Een beetje. En Ben heeft me ook al voorbereid; nooit denken dat je klaar bent voordat jullie ‘tot volgende week!’ hebben geroepen. Dus…” Joline knikte goedkeurend naar Ben. “Keurig, meneer Moes.” Ik klapte in mijn handen. “Zo. Klaar met dat sociale gedoe; om Linda maar even te citeren: ‘We zijn hier om te lopen. ’t Is geen theekransje!’ Linda stak haar duim op. “Goed onthouden, Kees!” Ik begon te draven. “Eén rondje even warmlopen!” Ik deed het kalm aan, tot het 300 meterpaaltje. Toen draaide ik me om. “Sprint!” De rustig dravende groep ging vól op het gas, tot het eindpunt. “Goed lui… het onderstel is warm. Nu de rest nog.” Snel achter elkaar deden we situps, pushups, een aantal keren hurken en dan explosief omhoog komen… Na vijf minuten ging de adem sneller dan normaal. “Mooi, zijn we warm? Dan mij volgen. Tussenafstand 5 meter. Joline, wil jij veegwagen spelen?” Ze keek me strak aan. Oké, die had door wat ik ging doen…
Ik rende er van door. Eerst over het pad, maar na 200 meter sloeg ik rechtsaf, het bos in. Ook daar was het schemerig; ik bleef parallel aan het pad lopen, dus we konden profiteren van het licht van de lantaarns. De afstand van een rondje was nu korter, de inspanning groter. Eerst hoorde ik nog wat verwensingen achter me, na verloop van tijd alleen nog maar gehijg. Ik draaide op een gegeven moment terug naar het pad, stak het over, draaide verder en stak nog een keer het pad over. Toen liep ik achter Joline aan, de hele groep voor me. En toen zij afsloeg richting het pad, liep ik weer rechtdoor. Zo liepen we drie rondjes door het bos, steeds naast het pad. Totdat ik scherp linksaf sloeg, naar het meertje in het midden.
Achter me hoorde ik Ben. “Oh nee hé… wéér de plomp in, Kees? Zal m’n moeder op prijs stellen…” Ik riep over m’n schouder: “Vast wel, Ben. Heeft ze nu twee gore trainingspakken!” Flots, flots, flots… Ik rende het meertje in en hoorde achter me gil en een plons. Iemand was onderuit gegaan? Aan de andere kant van het watertje wachtte ik even. “Blijven bewegen, lui! Passen op de plaats maken, we wachten even tot iedereen is aangesloten!” Dat duurde even. De laatste twee silhouetten kwamen na een minuut of twee en ik hoorde Joline. “Klets niet. Je loopt vrijwillig óf je bedankt voor de eer. Maar pas aan het eind van de training. Niemand, ik herhaal: niemand gaat er tijdens de training stiekem vandoor. Je loopt mee tot het eind, zeiknat of niet. Schiet op!” Tess dus. Haar hagelnieuwe trainingspak was nu van boven tot onder bruin; haar gezicht en handen ook. En Joline zag er niet veel beter uit. “Laatste vrouw bij, Kees”, hijgde Joline. “Dank je wel. Volgen, iedereen!” Ik liep het pad weer op en we maakten nog twee rondjes vol. Toen stopte ik op het startpunt. “Nou, lekker Kees… Ben ik eens een keertje met de auto, zit m’n hele trainingspak onder de blubber. Je wordt bedankt!” Linda keek me nogal zuur aan. “Niet miepen, Linda. Jou kennende heb je wel een handdoek in je auto. Lui, ik hou het kort: Hou rekening met dit soort fratsen. Lekker gelopen, sommigen zelfs gezwommen, zie ik… Goed gewerkt! Dank voor jullie zweet en tot volgende week.”
Tess kwam op me afgelopen en beet me toe: “Ik dacht dat dit een loopgroep was... M’n hele trainingspak en m’n nieuwe schoenen: naar de knoppen! Ben je helemaal gek geworden?” Ik lachte haar in haar gezicht uit. “Beste Tess. Op het moment dat je je aansloot bij het loopclubje van Kees, accepteerde je wat we hier doen. En als dat een cross-country is, zoals vanavond, dan is dat zo. Heb je er tabak van? Oké, even goeie vrienden, maar dan doe je, zoals Joline al zei, gewoon mee tot het eindsignaal. Als ik met 8 mensen ga trainen, wil ik ook met 8 mensen over de eindstreep komen. En pas dán, en geen seconde eerder, zeg je op een normale toon: ‘Kees, jouw normen liggen wat hoger dan wat ik aan kan. Sorry, maar ik stop.’ En dat neemt niemand je kwalijk. En als je geen zin hebt om je nieuwe trainingspak vuil te maken, kun je beter in een dure sportschool op een loopband staan.” Ze snoof en draaide zich zonder boe of bah om, het water in haar schoenen soppend.
Toen ze buiten gehoorsafstand was, keek ik Ben en Astrid aan. “Zo. Vertel mij nu eens: moet Jackie vanavond twee smerige trainingspakken wassen of…” Ben grijnsde. “Op zich een goed plan, Kees. Ware het niet dat Astrid op zichzelf woont. Inclusief eigen wasmachine en droger.” Ik veegde denkbeeldig zweet van mijn voorhoofd. “Gelukkig. Dan hoef ik aanstaande zondag ten minste niet het matje te komen bij mevrouw Moes Senior.” Astrid keek Ben aan. “Ik zou het wel een stunt vinden… Kom, we fietsen eerst naar jouw huis. Jackie eens plagen. Kees, dank voor het idee!” Joline hield haar even tegen. “Hoe vond je het vanavond, Astrid?” “Ehhh… Op het kleine incidentje van zojuist na: prima, Joline. Ik loop regelmatig hard; vorig jaar een kwart marathon gelopen. Maar mijn conditie is sinds een paar maanden een beetje ingekakt.” Ze keek naar Ben. “Andere prioriteiten.” Ik moest lachen. “Jaja… en dus nu op de dinsdagavond het nuttige met het aangename verenigen? Slim…”
Joline brak in. “Kees… Ik sta hier een beetje te vernikkelen. We gaan naar huis, Mocca wacht op ons.” “Ja. Mensen tot volgende week!” We liepen in sukkeldraf richting huis en vlak voor de benedenhal trokken we onze schoenen uit en spoelden die af onder buitenkraan. Daarna weer aan, zo had je alleen maar een beetje water op de vloer in plaats van moddervlekken. Eenmaal boven zat Mocca al op ons wachten. Maar die moest even geduld hebben: Joline en ik liepen in één streep naar de douche. Het water richting afvoer was bruin. Terwijl we stonden te douchen vroeg ik: “Wat gebeurde er nou in de achterhoede, schat?” Ze giechelde. “Mevrouw van Laren was al niet zo vrolijk toen jij van de gebaande paden afweek, maar voor het vijvertje steigerde ze helemaal. “Daar ga ik niet in!” En ik liep vijf meter achter haar dus ik had de tijd om nog te snauwen: “Dóórlopen! De rest is…” En toen was ik bij haar en gaf haar een duw. Plons, voluit in de blubber. En ik verloor m’n evenwicht ook, dus ik lag ernaast. En toen ik zei: “Zo. Samen uit, samen thuis,” grauwde ze: “Ik ben wég. Jullie bekijken het maar met je geintjes!” En toen heb ik haar even verteld dat gewoon mee blijft lopen tot het eindsignaal, omdat jij altijd wil weten hoe iedereen erbij staat en of we compleet zijn. Daarna kwam er weinig commentaar meer, alleen maar gehijg.” Ik sloeg mijn armen om haar nek. “Je bent een bikkel, schat. Ik ben trots op je.”
Joline bromde: “Jaja… Maar ondertussen jaag je je eigen bruid weer eens door een stinksloot, Kees Jonkman! Laat ze het in Gorinchem maar niet horen!” Ik voelde mijn mondhoeken krullen. “Je brengt me op mooie ideetjes, schatje… Wat dacht je? De laatste vrijdag voor het kerstverlof? Dan zijn de kinderen van Frits er ook weer én Adri. En nog wat nieuwe piraten die dit fenomeen alleen nog maar uit de verhalen kennen…” Joline keek me peinzend aan. “Ik heb er geen zin in om na ruim een jaar al weduwe te zijn, Kees. En wie moet er op die mooie bugel blazen tijdens kerst? En bij de trouwerij van Greet en Anita? Want als jij die stunt gaat herhalen wordt je hoogstwaarschijnlijk in die zelfde stinksloot, achter de Mc. Donalds gewoon verzopen, jochie.” Ze keek nu waarschuwend. “En misschien doe ik wel mee ook.” “Dan kun je de uitkering van mijn levensverzekering vergeten, liefje. Heb je dat er voor over?” Ze bromde. “Hmmm… Daar zeg je zowat, rotzak.” Ze keek me aan. “Het zou me niets verwonderen als men daar stiekem al rekening mee houdt, Kees. En weet je?” Ze lachte nu voluit. “Dat is prima. Teken dat het personeel van DT heel wat aan kan. En zet nu die douche maar eens wat heter; ik heb voluit in de blubber gelegen. Jij niet.” Een paar minuten genoten we van het hete water, toen draaide Joline de kraan dicht.
“Zo. Ik ben weer opgewarmd. Afdrogen, aankleden in slobberpyjama en nog even met een kopje thee bankhangen, en om negen uur naar bed, Kees.” Ik roste me af met de handdoek. “Als ik dat al haal, schat. Ik ben ook wel een beetje ‘op’.” “Maar jij moet Mocca nog uitlaten, jochie…” Ze keek me plagend aan. “Verhip. Geen rekening mee gehouden…” Uit pure ellende trok ik dus maar weer broek, T-shirt en trui aan. En sokken en schoenen. “Mocca… Get leash!” Roefff… Een bruine streep richting keuken om even later met hesje en riem weer terug te komen. “Goed zo, meisje…” Eenmaal buiten liepen we naar het uitlaatveld en daar werd een grote en een kleine boodschap gedeponeerd. En met het bekende zakje liep ik naar de afvalbak, en daarna richting huis. “Morgen ga je weer rennen, bruin monstertje. Vanavond niet meer, Kees en Joline duiken vroeg hun bed in.” En zo geschiedde: om kwart voor negen lagen we er al in. “Worden we nu al een suf oud stel, Kees?” Ik gaapte. “Misschien wel, schat. En weet je: Dat bevalt me prima nu. En als we zo doorgaan mag je over een paar jaar m’n rolstoel alvast gaan duwen. Dat mag je dan 50 jaar gaan doen.” Het bleef stil naast me. “Hée! Geen smerig commentaar?” Zachtjes zei Joline: “Nee. Omdat het er bij in knalde dat dat voor sommige mensen keiharde praktijk is, Kees. Iemand hoeft maar één foutje te maken op de weg en je zit inderdaad de rest van je leven in een rolstoel. Als je geluk hebt.” Ik draaide me naar haar toe. “Dat wéét ik, schat. Eén van de redenen waarom ik best ‘defensief’ rijd en op projecten donders goed uitkijk. En iemand ongezouten op z’n lazer geef als hij of zij ónveilig werkt.” “Hmmm…” was het antwoord, toen kroop ze tegen me aan. “Je hebt me weer een beetje gerustgesteld, riddertje van me. Nu lekker slapen, oké?” Even later lag ze tegen mijn rug aan zachtjes te snurken. Gelukkig.

Woensdag bevatte weinig spannends. Hard werken, lekker lopen en ’s aonds goed en stevig blazen. En donderdag in feite hetzelfde, behalve dat het lopen wandelen werd, met een aantal boterhammen voor de paardjes en het blazen in de kerk gebeurde. Zonder Joline overigens, die ging thuis aan het werk met haar dissertatie. Greet was streng, zowel voor mij als voor Brecht. Niet dat ze mopperde omdat we er met de pet naar gooiden, maar ze legde nu op bijna elke slak een behoorlijke schep zout. Met andere woorden: ze was uiterst kritisch.
En toen ik daar iets over zei, keek ze me aan. “Kees… En Brecht ook: ik wil dat deze kerk straks, als ik niet meer wekelijks op deze orgelbank zit, in goeie muzikale handen achterblijft. Jullie spelen prima, jullie samenspel is ook goed, maar wat ik wil is dat jullie kritisch op elkaar blijven. En niet op routine verder gaan of genoegen nemen met ‘Ja, dit klonk wel aardig.’ Want dan zakt jullie niveau in no time als een plumpudding in elkaar, en dat wil ik niet. Begrepen?” Ze keek ons om beurten strak aan en we konden niet anders dan knikken. “Goed zo. En nu: de kerstnachtdienst. Die ga jij begeleiden, Brecht.” Het meisje sperde haar ogen open. “Wát? De kerstnachtdienst? Daar keek jij het hele jaar naar uit, zei je een half jaar geleden… Een volle kerk, mooie liederen, sfeer… En dat hevel je nu aan mij over?”
Greet knikte. “Ja. En wees maar niet bang: ik zit in de kerk. Niet hierboven, maar samen met Anita beneden. Voor het eerst in… een jaar of zeven, denk ik, misschien wel langer. Maar jullie gaan er iets van maken. Daar heb ik het volste vertrouwen in.” “Nou, lekker dan…” mopperde ik. “Mevrouw zit beneden tegen haar liefje aangeleund en Brecht en ik moeten hier keihard aan de bak. Brecht, zeg er wat van!” Die keek naar Greet en zei zachtjes: “Dank voor het vertrouwen, Greet. Dat had ik een paar maanden terug niet gedacht.” “Nee, toen was je nog bezig met je voormalige vriendje uit te foeteren, troela. En even later mij. Maar goed, sinds die tijd is er wel wat veranderd, geloof ik… Ik heb de globale opzet van de dienst al van Richard gekregen, dus die lopen we even door.” Het was in feite dezelfde opzet als een jaar eerder: voor de dienst muziek, tijdens de dienst de traditionele kerstliederen, tijdens de collecte weer muziek, als slotlied het ‘Ere zij God’ en na de dienst, terwijl de mensen de kerk verlieten, wéér muziek. Ik liep de liederen even na. “Jammer dat Richard ‘Hark, the herald angels sing’ niet laat zingen, Greet.” Ze glimlachte. “Jouw favoriet, toch?” Ik knikte en Brecht vulde aan: “En de mijne! Thuis speel ik dat lied heel vaak op m’n keyboard, inclusief die mooie bovenstem bij het laatste couplet.” “Nou, dan zijn we het daar over eens, Brecht… Wat dacht je: spelen we dat bij het uitgaan van de kerk? Sluit mooi aan op de slotzang van de gemeente.”
Brecht knikte langzaam. Maar… dan moeten we wél iemand hebben die die bovenstem kan zingen! Anders is het niet compleet, Kees.” Ik krabde op mijn achterhoofd. “Ken jij Wendy?” Een knik. “Als we die eens kunnen strikken…” Ze knikte. “Dan komt het goed. Die meid kan zingen…” Greet keek mij aan. “Vraag Joline ook, Kees. Die twee samen die bovenstem laten zingen.” Mijn kaak viel bijna op de grond.
"Wát?”
Greet knikte overtuigend. “Wim Brun is niet voor niets lovend over jouw echtgenote. Die heeft méér kijk op mooie stemmen van ik. En samen met Wendy… Dat ging bij jullie bruiloft meer dan uitstekend. Bel haar op. Nú, majoor.” Ik zuchtte en Brecht keek nieuwsgierig. “Jouw vrouw? Kan die zo goed zingen?” Ik vertelde het verhaal van ‘You raise me up’, tijdens onze bruiloft en liet haar een stukje video op mijn telefoon zien. Brecht knikte langzaam. “Als je zó kan zingen op je eigen bruiloft…” “Én bugel kan spelen, dametje!” Ik keek verontwaardigd. “Nou ja, da’s een kwestie van voldoende lucht in je longen hebben. Je vingers doen de rest wel…” Ze grinnikte en Greet deed volop mee. “Tutjes… Ik zal mevrouw Jonkman eens consulteren.”
Ik pakte mijn telefoon en hoorde even later: “Hoi schatje… Heeft Greet je ein-de-lijk van orgelgalerij gemieterd en kun je nu niet meer naar huis rijden? Zielepoot…” Greet en Brecht schoten in de lach en ik gromde. “Kijk jij een beetje uit, mevrouw nog-niet-zo-gek-lang-Jonkman?” Toen schakelde ik over. “Jolien, hier werd net een hele mooie suggestie gedaan voor de kerstnachtdienst. Zou jij na die dienst, als de mensen de kerk verlaten, samen met Wendy ‘Hark the herald angels sing’ willen zingen? Inclusief bovenstem?” Aan de andere kant van de lijn heerste verpletterende stilte, waarna droogjes klonk: “Wil Richard het kerkvolk zó snel de kerk uithebben, Kees?” Greet boog zich naar de telefoon. “Klets niet, Jolien. Je hebt een prachtige stem. Dat weet ik, dat weet Wim Brun ook. En die heeft er meer verstand van dan ik. En samen met Wendy zingen heb je eerder gedaan en dat ging uitstekend. Gewoon doen, schat.”
Weer was het even stil. “Alleen als jij ons coacht, Greet. Niet die infanterist naast je.” Ik zuchtte. “Ik coach je wel tijdens andere gelegenheden, schat. Maar daar wil ik Greet even niet mee lastig vallen en Brecht ook niet. Beide dames zouden zo maar eens op ondeugende gedachten kunnen komen.” Ik kreeg een trap tegen m’n been van Brecht en een klap voor m’n kop van Greet. “En ze zitten me hier nu te schoppen en te slaan!” “Dat heb je honderd procent verdiend, lomperd… Greet: alleen als Wendy meedoet. Anders niet.” “Ik bel Wendy zo wel op, Jolien. En dan hoor je de uitkomst straks van Kees. En als jullie niet kunnen, dan doen we het met orgel. En de bugel van Kees die bovenstem. Lang niet zo mooi, maar je moet toch wát op kerstavond. Je hoort ’t straks, Jolien!” “Oké, Greet. Sterkte met die vent van me!”
Ik verbrak de verbinding. “Voordat jullie verder gaan met man-onvriendelijke opmerkingen… Bel jij Wendy?” Greet was al bezig en even later zei ze: “Hé Wendy! Met je aanstaande schoontante…” Een proest klonk aan de andere kant. “Mag ik je even storen, Wen?” “Nou… Het is meer ‘Mag ik júllie even storen’. Je allerliefste neefje en ik zaten even te knuffelen.” Ik zag de ogen van Brecht zich vernauwen. Hmmm… “Dat knuffelen kun je straks mee verder gaan, mits je nog wat over laat van die neef van me. Wen, ik heb een vraag…” Beknopt vertelde Greet over het hoe en wat. De reactie was prima. “Samen met Joline? Natuurlijk! Kan alleen maar mooi worden, Greet.” “Goed zo, dame. Dat wilde ik even zeker stellen. Want als jij het niet wilde doen, zou Jolien ook afhaken en moet Brecht zich met die bugel behelpen. Dát willen we gemeente niet aandoen.” Een spottend “Nee, dat begrijpen we wel…” kwam als antwoord en ik gromde: “Hé dametje, pas jij een beetje op? Je zou maar eens kunnen struikelen op die orgeltrap hier.” “O shit, is Kees bij je?” “Ja. En die kijkt momenteel nogal dreigend, dus… Kun jij volgende week donderdag ook hier in de kerk zijn? En dan mag je dat vriendje van je wel meenemen.” “Zal hij leuk vinden… Z’n ouwe tante weer eens plagen.”
En meteen verbrak ze de verbinding. Brecht en ik lachten om het gezicht van Greet. “Z’n ouwe tante plagen… Is die meid helemaal bedonderd… Goed, dat ook weer geregeld. Dan moet ik aan Richard doorgeven dat de namen van Wendy en Joline ook op de orde van dienst komen te staan.” Ze keek Brecht aan. “Nu eerst van wat drinken, daarna lopen we het programma voor de kerstnachtdienst door, mevrouw en meneer.” We liepen naar beneden en onderweg vroeg ik aan Brecht: “Waarom keek jij even zuur toen Wendy het had over ‘knuffelen’, Brecht?” “Minder fijne herinnering, Kees. Meer zeg ik er niet over. Maar zo te horen had Wendy het wél naar haar zin…” Ik knikte. “Die twee gaan trouwen zodra ze klaar zijn met het conservatorium, Brecht. Zitten net zo aan elkaar gelijmd als Joline en ik. Dus ja, ik denk dat Wendy het wel naar haar zin had.” Ze knikte. “Sorry dan. Niet op mij letten als zoiets ter sprake komt.” Greet keek om. “We letten wél op jou, Brecht. Geen zin in dat je weer in zo’n dip terechtkomt als een paar maanden terug.” Brecht lachte voorzichtig. “Dank je wel, Greet.”
Nadat we wat gedronken hadden gingen we weer terug de kerk in en haalde Greet de voorlopige ‘orde van dienst’ uit haar tas. Een A4tje met daarop het verloop van de kerkdienst: de te zingen liederen, welke Bijbelteksten er gelezen zouden worden enzovoort. Het ‘draaiboek’ van een kerkdienst, zeg maar. “Oké, dame en heer… “Greet nam de leiding en liep samen met ons de dienst door. En ze gaf ruimte voor suggesties. Soms pakte een van ons de telefoon om een lied of muziekstuk op Youtube op te zoeken en te beluisteren. “Richard geeft mij altijd de ruimte om met suggesties te komen, Kees. Dus als jij een alternatief weet voor een lied wat niet ‘zingbaar’ is… kom met suggesties. Richard let op de teksten, maar weet donders goed dat de muziek de specialiteit is van de mensen op deze orgelgalerij. En hij luistert altijd naar mijn suggesties. Maar doet er niet altijd wat mee; dan hebben we soms een pittige discussie over de telefoon…” Ze lachte breeduit. “En na zo’n gesprekje keek Anita me aan en zei gortdroog: ‘Zo. Heb je je frustratie weer kunnen uiten door een dominee af te bekken, Greet Zwart?’ Want het was er die avond behoorlijk stevig aan toegegaan. Toen heb ik Richard weer gebeld en m’n excuses aangeboden. En op de achtergrond hoorde ik Anke, zijn echtgenoot zeggen: ‘Nu jij ook even sorry zeggen, dominee! En rap. Want ook jij ging nogal los. Dat doe je niet tegen je beste organiste!’ Enfin, de zondag erna hebben we hen uitgenodigd om hier koffie te drinken en Anita had een paar gebakjes gekocht. Toen hebben we ook Anke goed leren kennen: mooi mens.” Ik knikte. “Inderdaad…”
Een half uur later hadden we de dienst compleet doorgenomen. Er waren geen liederen die we niet konden of wilden spelen; logisch, het waren de traditionele kerstliederen. Daar moet je niet in zitten rommelen. Toen zaten we nog met de vraag: wat spelen we voor de dienst en tijdens de collecte? Beide stukken mochten wat langer zijn dan gebruikelijk; het zou vol worden in de kerk. Uiteindelijk zou Brecht voor de dienst improviseren op de melodieën van kerstliederen. “Ik denk dat ik dan ook wat onbekende kerstliederen erbij haal, Greet.” Die knikte. “Kan ik met een gerust geweten aan jou overlaten, Brecht. Dat komt goed.” Ik knikte alleen maar. Maar nu: Wat zouden we spelen tijdens de collecte? Na vijf minuten discussiëren krabden wij ons nog steeds op het achterhoofd. Tot Brecht op een idee kwam. “Greet… Zou Wendy het ‘Halleluja’ uit het ‘Exultate Jubilate’ van Mozart kunnen zingen?” Greet hoefde niet lang te denken. “Ja, dat kan ze. Weet ik zeker. En al kent ze het niet: binnen twee dagen kent ze het wél. Maar… Da’s een kort stuk, Brecht. Twee minuten of zo. Onvoldoende lengte voor de collecte.” Brecht keek ondeugend. “En als ik voorafgaand aan Mozart nou eens er iets op improviseer? Dat kan ik rekken zolang als ik wil. En als Kees dan de gemeente in de gaten houdt, kan Wendy los gaan als de collectezakken bijna de laatste rijen bereikt hebben.. Kees?” Ik was bezig in de kast met partituren. “Eén moment, Brecht…” Even later had ik de partituur van het stuk wat ik zocht: BWV 639 ‘Ich ruf zu dir, Herr Jesu Christ’. “Brecht: als je hier nu eens mee begint. Zachtjes, ingetogen. Nee, het is geen stuk wat specifiek met Kerst te maken heeft, maar het sluit wél aan op het kerstevangelie. En daarna ga je van ‘rustig’ naar ‘begeistert’, in opmaat naar het Halleluja van Mozart. Is dat wat?” Ik zag Greet denken, maar Brecht stak een hand uit. “Geef me die partituur eens…” Ze sloeg de laatste bladzijde op, drukte wat registers weg en begon de laatste tien maten te spelen: zacht, bijna dromerig. Toen ze het stuk afsloot trok ze één register erbij: een fluit 8. Iets meer volume. En voortbordurend op de melodie van Bach improviseerde ze richting Mozart: het tempo werd vlotter, het volume nam toe naarmate ze er wat registers bijtrok en af en toe hoorde je het ‘Halleluja’ er al tussendoor klinken. En wéér keek ze omhoog, niet naar de toetsen of haar benen; ze keek omhoog naar de orgelpijpen, af en toe haar ogen gesloten, wiegend op de maat van de muziek. Om uiteindelijk uit te komen bij de eerste maten van Mozart. Toen stopte ze.
“Zoiets, Kees?” Ik had met open mond zitten luisteren. “Dat is nogal een understatement, Brecht. Maar het is wel wat ik bedoelde: een zacht, bijna intiem gebed, wat uiteindelijk overgaat in een voluit gezongen lofprijzing. Greet legde een hand op haar schouder. “Hier heb ik niets aan toe te voegen, Brecht. Denk over jouw improvisatie goed na, zet een paar keynotes op papier, zodat je wat houvast hebt en spéél. Het komt uit je hart, en wees daar zuinig op. Héél weinig organisten kunnen op deze manier improviseren. Enfin, die riedel ken je ondertussen wel.” Brecht giechelde meisjesachtig. “Je hebt het er maar moeilijk mee, Greet. De ene leerling blaast netjes de nootjes, maar legt er nul komma nul gevoel in, de ander improviseert de hele wereld bij elkaar…” Ze keek met een schuine blik naar mij. “Hé dametje, ik kan ondertussen overal aardig wat gevoel in leggen hoor”, gromde ik. “Met name in jouw bilpartij als ik er een trap onder geef. Want dat doe ik, als je nog zo’n opmerking maakt. En of je dan in een volle kerk zit te spelen, maakt me niet zoveel uit, pijn doet het toch wel!” Beide dames lachten me uit.
“Dat doe jij niet, Kees.. En bovendien: als ik zo zit te improviseren zijn mijn gedachten heel ergens anders. Dan heb ik al mijn hersencellen nodig om iets moois uit dit orgel te laten komen en heb ik geen rekencapaciteit meer over om rotopmerkingen jouw richting uit te maken.” Nu was het mijn beurt om een hand op haar schouder te leggen. “Dat wéét ik, Brecht. En dat zie ik ook. Je kijkt naar de pijpen boven je, maar volgens mij zie je niets. Bent met je gedachten héél ergens anders. Wáár exact weet ik niet, maar het resultaat is wel hele mooie muziek, dame. En daar ben ik wel eens stinkend jaloers op.” Greet knikte. “Je bent niet de enige, Kees…” Brecht bloosde, zei niets. “Kom, opruimen jongelui. We gaan richting huis.” Vijf minuten daarna stonden we buiten. Brecht haalde haar fiets van het slot. “Tot zondag, Kees. Ik stuur morgen de orde van dienst wel.” “Tot zondag, Brecht. Misschien zaterdag nog even samen spelen?” Ze knikte. “Als dat nodig is: prima.”
Ik reed rustig naar huis. Ja, heerlijk genoten van de muziek. Maar ook: Brecht was nog behoorlijk gevoelig als het op het puntje ‘verkering’ aankwam. Haar daar niet mee plagen… Eenmaal thuis liet ik Mocca nog even uit: die kon nog even lekker rennen op het losloopveld. En poepen en plassen natuurlijk op het uitlaatveld. Eenmaal weer binnen ruimde Joline nét haar studiespullen op. “Zo meneer. Ik ben helemaal klaar met mijn opdracht voor vandaag; de CAO van Economie-studenten zegt dan dat ik recht heb op slaap.” Ik trok een wenkbrauw op. “Slaap? Alleen maar slaap? Niet eens een spetterende vrijpartij met een knappe vent? Wat een saaie boel, die CAO…” Ze trok me tegen zich aan. “Nee, hitsig mannetje. Want zo’n vrijpartij kóst slaap. Die bewaren we voor het weekend. Kom, naar bed jij. Dan kan ik lekker in slaap vallen met jou tegen me aan. Slaap ik altijd goed van.” Ik humde. “Jaja… En de volgende ochtend mopperen over mijn gesnurk. Oh, wat slaap jij goed…”
Ze kuste me. “Ja. Want als jij naast me ligt te snurken, weet ik dat ik veilig ben. En kan ik, nadat ik je een optater heb verkocht, weer lekker veilig verder slapen. En nu: veiligheidsrondje lopen en melden in de slaapkamer.” Ik liep het huis even door, commandeerde Mocca in de mand en liep de slaapkamer in, juist toen Joline onder het dekbed gleed. “Ha! Een vrouw in frivool nachtgewaad! Die is voor mij!” Ik sprong op bed. “Kéés! Idioot, kappen met die oversekste onzin van je!” Ik kietelde haar. “Niks ervan. Jij bent mooi, je bent met mij getrouwd, dus…” Twee blauwe ogen kwamen nogal doordringend boven het dekbed uit.
“Heb het lef om verder te gaan, Kees! Je gaat niet zeggen dat ik dan met je moét vrijen, want dan slaap je de eerste twee weken bij Mocca in z’n mand, denk er aan!” Ik ging naast haar liggen, het dekbed netjes tussen ons in. “Sorry schat. Mijn hormonen gingen weer eens met me aan de haal.” “Haal die dan maar ergens dit weekend van stal, kletsmajoor. Nu wil dit meisje slapen.” Ik kuste haar. “Ik poets nog even mijn tanden, dan kom ik naast je liggen. Netjes met de handjes boven het dekbed natuurlijk…” Een sarcastisch lachje volgde. En vijf minuten later kroop ik naast Joline. En na een lange nachtzoen kroop zij tegen mijn rug aan. “Lekker zo, schatje…” Een giebel volgde en een warme hand gleed kort over mijn boxer. “Veel lekkerder met je handjes ónder het dekbed, Kees…” Niet veel later was het stil in de slaapkamer.
Geef dit verhaal een cijfer:  
5   6   7   8   9   10  
Klik hier voor meer...
Klik hier voor meer...