Lekker Anoniem Webcammen!
Donkere Modus
Door: Leen
Datum: 30-11-2025 | Cijfer: 9.9 | Gelezen: 157
Lengte: Lang | Leestijd: 28 minuten | Lezers Online: 7
Trefwoord(en): Ardennen, Gluren, Naakt, Verlangen, Voyeurisme,
David
Annelies giechelt zachtjes en leunt met haar hoofd tegen de gladde rand van de jacuzzi. De stoom kringelt omhoog en vertroebelt het zicht op de rest van de ruimte, wat het precies maakt zoals ze het wil: een eigen, kleine wereld. Dit is perfect. Dit is exact wat ze nodig had na de lange rit en de sociale verplichtingen van het diner. Ze zit stevig tegen David aangekropen, zijn armen zijn als een beschermende gordel om haar middel geslagen onder het kolkende water. Zijn huid voelt warm en vertrouwd. Het voelt als hun eigen privé-eilandje, ver weg van alles en iedereen, ook al zitten Els en Pieter technisch gezien maar drie meter verderop in hetzelfde bad.

"Weet je waar ik nu zin in heb?" fluistert ze, terwijl ze haar hoofd draait om zijn oor te zoeken. Haar lippen strijken plagerig langs zijn kaaklijn. "Vertel," bromt David, en hij trekt haar ongemerkt nog iets dichter tegen zich aan. "Nog een half uurtje bubbelen," murmelt ze. "En dan... vluchten we naar onze container. Gordijnen dicht, of nee... er zijn geen gordijnen. Licht uit, en dan kruipen we ons bedje in." "Ik ben nu al de seconden aan het tellen," mompelt David terug. Zijn lippen vinden haar natte hals en hij plant er een zachte, zuigende kus. Annelies zucht van genot. De sensatie van zijn mond, de intense hitte van het water en de prikkeling van de Cava maken haar heerlijk licht in het hoofd. Ze sluit haar ogen, volledig verloren in de sensatie van het zijn. Mevrouw De Smet. Vrouw van David.

Op de achtergrond hoort ze de stem van Pieter. Het is een monotoon, bijna rustgevend gezoem dat door de stoom heen breekt. Ze vangt flarden op: iets over een rapport, een B-min, versleten schoenen. Het bevestigt alleen maar hoe perfect haar eigen bubbel is. Pieter klinkt als haar vader. Saai, verantwoordelijk, vastgeroest in de dagelijkse sleur. Zij en David zijn hier, in de roes van de wittebroodsweken. De anderen... die zijn gewoon getrouwd. Het voelt als een doemscenario waar zij, door de kracht van hun liefde, nooit in terecht zullen komen.

Dan, midden in een kus, stopt David. Zijn lippen blijven stil tegen haar huid liggen. Zijn handen, die net nog zachtjes over haar buik streelden, verstarren. "Schat?" mompelt ze dromerig, haar ogen nog gesloten, wachtend op de volgende aanraking. "Niet stoppen nu." Hij antwoordt niet. Hij beweegt ook niet. Zijn hele lichaam is plotseling stil en gespannen in haar armen, als een waakhond die iets hoort in het struikgewas. "David?" Ze opent haar ogen en trekt zich een stukje terug om hem aan te kijken. "Wat is er?" Hij kijkt niet naar haar. Hij kijkt strak langs haar schouder, naar de overkant van de jacuzzi. De zachte uitdrukking van daarnet is verdwenen. Er trekt een langzame, verbaasde, en – tot haar irritatie – geamuseerde grijns over zijn gezicht. "David, hallo?" zegt Annelies, nu duidelijk geïrriteerd door de onderbreking van hun moment. Ze duwt speels tegen zijn borst. "Ben ik zo saai dat je afdwaalt?"

"Sst," zegt David, zonder zijn blik af te wenden. Hij knikt met zijn kin naar de overkant. "Kijk. Maar niet te opvallend." Annelies draait haar hoofd, ietwat nors. Wat kan er nu zo boeiend zijn aan Pieter en Els die over winterbanden praten? Het kost haar een seconde om te begrijpen wat ze ziet. De monoloog van Pieter is abrupt gestopt. Hij zit daar, verstijfd als een standbeeld, met zijn rug tegen de rand gedrukt en ogen zo groot als schoteltjes. En Els... Annelies hapt naar adem. Els zit niet meer naast hem. Ze zit schrijlings op zijn schoot. Annelies voelt het bloed in een gloeiende golf naar haar wangen schieten. Els' gezicht is centimeters verwijderd van dat van Pieter, haar natte haar plakt tegen zijn wang, haar armen dwingend om zijn nek.

Het is niet de speelse, romantische omhelzing die Annelies net met David deelde. Dit is... iets anders. Het is rauw. Het is geladen. Het is bijna agressief. Ze ziet hoe Els beweegt, een subtiele maar onmiskenbare malende beweging van haar heupen onder water. "Mijn God," fluistert ze, en haar hand vliegt naar haar mond. Ze stoot David hard aan met haar elleboog. "David, draai je om!" sist ze. Maar David draait zich niet om. Hij kijkt. En hij grijnst. "Kijk nou," fluistert hij, met een toon van bewondering die Annelies een rilling bezorgt. "Die Els. Stille waters, diepe gronden. Ze vreet hem bijna op."

"David!" Annelies kijkt onmiddellijk weg, ze voelt zich vreselijk ongemakkelijk. Het voelt obsceen. "Rustig maar, liefje," grinnikt David zachtjes, zijn adem warm tegen haar oor. Hij trekt haar niet weg, hij houdt haar juist op haar plek, als een toeschouwer op de eerste rij. "Ik denk dat we zojuist de hoofdact van het weekend te zien krijgen." "David, stop!" sist Annelies. Ze knijpt hard in zijn bovenarm, haar nagels in zijn huid. "Schaam je! Staar niet zo! Dit is... dit is vreselijk gênant!" "Gênant? Ik vind het wel indrukwekkend," fluistert hij terug, zonder zijn ogen ook maar een seconde af te wenden van het schouwspel aan de overkant. "Die heeft lef. Daar zit meer vuur in dan ik dacht." Annelies durft niet meer op te kijken. Ze fixeert haar blik op het klotsende wateroppervlak, biddend dat ze onzichtbaar wordt. Ze hoort het water wild bewegen. Ze hoort Els' stem, laag en hees, dingen fluisteren die ze niet wil verstaan, en Pieters geperste, paniekerige reactie. Ze wil hier weg. Nu. Dit voelt vies en indringerig, alsof ze de slaapkamer van haar ouders is binnengelopen op het verkeerde moment.

Dan, plotseling, snijdt een diepe, zwoele lach door de stoom. Annelies kijkt verschrikt op. Els kijkt niet naar Pieter. Ze kijkt recht naar hen. Nee, corrigeert Annelies zichzelf, ze kijkt recht naar David. En David? In plaats van weg te kijken of te blozen zoals zij doet, vergroot hij zijn grijns alleen maar. Hij tilt zijn goedkope plastic glas op in een stille, respectvolle proost. Een man-tot-vrouw moment waar Annelies volledig buiten staat. Annelies wil door de grond zakken. Of verdrinken.

"Oeps," hoort ze Els zeggen. Haar stem is zwaar, doordrenkt van de Cava en een soort rauwe opwinding die Annelies niet kan plaatsen. Els maakt een breed, nonchalant gebaar. "Wat kan ik zeggen? We lieten ons gewoon een beetje... meeslepen. Deze plek... de alcohol... het nodigt erom uit om de regels te vergeten, nietwaar?" Met een trage, bijna uitdagende beweging glijdt Els van Pieters schoot af, alsof er niets bijzonders is gebeurd. Pieter blijft achter, hijgend tegen de rand, en ziet eruit alsof hij zojuist een hartverzakking heeft overleefd. "Maar," gaat Els verder, "deze jacuzzi wordt me nu echt te heet." Ze staat in één keer op. Het water stroomt van haar volle lichaam, een dramatisch vertoon in het sfeerlicht. Ze schaamt zich nergens voor. "Ik ga naar binnen." Ze werpt nog één vette knipoog naar David. "Eens kijken hoe het echte spel verloopt." Ze draait zich om en vertrekt, haar heupen wiegend.

De stilte die Els achterlaat is oorverdovend, alleen verbroken door het mechanische, onverschillige geborrel van de jets. Annelies kijkt naar de overkant, naar Pieter, die nog steeds naar adem lijkt te happen en wezenloos voor zich uit staart. Dan kijkt ze naar David, die nog steeds die irritante, bewonderende grijns op zijn gezicht heeft. De bubbel is gebarsten. "Ik wil eruit," zegt ze, haar stem klein en trillerig. "Nu." Ze wacht niet op hem. Ze klautert onhandig de jacuzzi uit, haar benen voelen slap. De koude lucht van de wellnessruimte slaat als een natte handdoek in haar gezicht, maar ze wil alleen maar weg.

xxx

Een half uur later lijkt de koude, ongemakkelijke aftocht van de wellness naar hun container een verre herinnering. De kamer is behaaglijk warm, de thermostaat staat hoog. Het bed is een uitnodigende wolk van wit linnen en het enige licht komt van twee zachte bedlampjes. Aan de andere kant van de glazen wand is de vallei veranderd in een zwart, bodemloos gat dat de wereld buitensluit. Annelies ligt diep weggedoken in de armen van David. Ze zoeken elkaar, ze knuffelen, ze kussen. Maar de kussen zijn anders. Zachter, voorzichtiger. Het vurige, ongeduldige verlangen van in de jacuzzi is gedoofd. De bizarre show van Els en Pieter heeft een vreemde, klamme domper op haar stemming gezet.

"Ik krijg het beeld maar niet uit mijn hoofd," fluistert ze tegen zijn borstkas. Ze trekt denkbeeldige cirkeltjes op zijn huid, zoekend naar geruststelling. "Het was zo... obsceen. Zo vlak voor onze neus." Ze huivert, ondanks de warmte van het bed. "Ik voelde me alsof we per ongeluk de slaapkamer van mijn ouders waren binnengelopen terwijl ze bezig waren." David grinnikt zachtjes. De vibratie van zijn lach dreunt door in haar wang. Hij lacht erom. Dat vindt ze misschien nog wel het ergste. Hij is niet geschokt, hij walgt niet. Hij genoot er bijna van. "Ach, liefje toch. Maak je niet zo druk." Hij drukt een sussende kus op haar kruin. "Je moet het in perspectief zien: dit is waarschijnlijk de eerste keer in vijf jaar dat Els en Pieter een weekend weg zijn zonder de kinderen. Geen luiers, geen schoolrapporten, geen voetbaltraining."

Hij streelt langzaam over haar rug. Zijn toon verandert, wordt die van een wijze, oudere man die de wereld begrijpt, ook al schelen ze maar een paar jaar. "Dat is vijftien jaar huwelijk, Annelies. Dan bouwt de druk zich op. Al die opgekropte spanning... tja, alles... moet er een keer uit. Beter dat het explodeert in de jacuzzi dan morgenochtend aan het ontbijt, toch?" Ze rukt zich een klein beetje los om hem aan te kunnen kijken. Haar ogen zoeken de zijne, op zoek naar de David die zij kent. "Meen je dat nu? Vind je dat gedrag normaal?" David haalt zijn schouders op, een lichte glimlach om zijn lippen. "Ik vind het menselijk," zegt hij eenvoudig.

Hij trekt haar weer dichterbij, steviger nu, voor een diepere kus. Een kus die bedoeld is om de discussie te beëindigen en haar mond te snoeren. Annelies zucht en vlijt haar hoofd weer neer. Ze geeft zich eraan over. Dit is haar realiteit. Hij. Zij. Hun perfecte, nieuwe, ongecompliceerde liefde. De rest van de wereld – met hun vreemde, luidruchtige en gênante uitspattingen – is maar een show waar ze naar kijken, maar waar ze niet aan meedoen.

Terwijl hij haar kust, sluit David zijn ogen. Hij houdt haar stevig vast, zijn Annelies. Hij voelt de contouren van haar lichaam tegen het zijne. Ze is fijn. Slank. Haar huid is zijdezacht, en onder zijn handen voelt hij de broze structuur van haar ribben en haar schouders. Hij houdt van dit lichaam; het is van hem, het is vertrouwd, puur, de belofte van hun gezamenlijke toekomst.

Maar de beelden van de jacuzzi laten zich niet wegduwen; ze zijn nog rauw en vers. Terwijl zijn lippen die van zijn jonge vrouw beroeren, projecteert zijn geest een heel ander beeld op zijn netvlies. Hij ziet niet de paniekerige, spartelende Pieter. Hij ziet Els. Hij ziet het volwassen, rijpe lichaam van Els voor zich, oprijzend uit het kolkende water als een oerkracht. Hij spoelt het moment terug dat ze opstond. Hij herinnert zich de zware, volle rondingen. Haar grote borsten, glanzend van het water, die fier overeind bleven in de koude avondlucht. Haar stevige, brede heupen en billen, waarvan de contouren genadeloos zichtbaar waren onder de natte badstof toen ze zich omdraaide.

Het was een totaal ander lichaam dan dat van zijn Annelies. Zijn Annelies is een prachtig, delicaat aquarel. Fijn, elegant, breekbaar. Els was een olieverfschilderij. Krachtig, vol textuur, dik aangezet en onbeschaamd. De pure, rauwe vrouwelijkheid ervan was bijna een schok voor zijn systeem. Het was niet alleen vlees; het was de ervaring die erin leefde. De brutaliteit waarmee ze haar lichaam gebruikte, zomaar voor zijn neus...

Een lome, zware hitte, die niets met de temperatuur van de jacuzzi te maken heeft, trekt door zijn liezen. "Mmm," mompelt Annelies slaperig tegen zijn mond. "Je bent zo stil opeens." David opent zijn ogen. De fantasie spat uiteen. Hij kijkt in het prachtige, jonge gezicht van zijn vrouw. "Ik dacht gewoon aan hoe gelukkig ik ben," fluistert hij. En het is niet eens een leugen. Niet helemaal. "Hier. Met jou." Hij kust haar opnieuw, dit keer dieper, dwingender, in een poging om de beelden van de ander te verdrijven. Maar terwijl hij dat doet, staat die triomfantelijke grijns van Els, net voordat ze hem die vette knipoog gaf, in zijn geheugen gebrand.

Xxx

Het eerste ochtendlicht is koud en onvergeeflijk. Het filtert door de kruinen van de bomen en snijdt de mist in de vallei in scherpe, zilveren repen. David glijdt als een schaduw uit het warme nest, een manoeuvre die hij de afgelopen maand tot in de puntjes heeft geperfectioneerd. Annelies mompelt iets onverstaanbaars in haar slaap en trekt het donzen dekbed instinctief over haar hoofd, op zoek naar de warmte die hij zojuist heeft achtergelaten. Hij kijkt even naar de bundel wit linnen en glimlacht. Ze is een diepe slaper; ze zal de komende twee uur de wereld nog buitensluiten.

Hij trekt zijn zwemshort aan en gooit snel een T-shirt over zijn hoofd. De beelden van gisteravond blijven echter hardnekkig door zijn hoofd spoken – de onbeschaamde show van Els, maar vooral zijn eigen vreemde, dromerige reactie daarop. Het zit hem niet lekker. Hij heeft de stilte nodig. De zuiverende helderheid van koud water. Een ochtendduik om zijn hoofd leeg te spoelen.

De wandeling van hun glazen container naar het hoofdgebouw is een verademing. De lucht is ijzig en ruikt naar natte aarde en dennennaalden. Hij verwacht dat het huis stil is, in rust. Hij verlangt ernaar. Hij duwt de deur van de wellnesszone open. De ruimte heeft een totale metamorfose ondergaan. Het is totaal anders dan gisteravond. Het donkere, intieme hol van zijn verbeelding is verdwenen met de nacht. De ochtendzon stroomt nu genadeloos door de enorme glazen wand en verlicht de ruimte met een helder, bijna klinisch licht. Het water van het zwembad is niet langer magisch blauw en mysterieus, maar helder en schoon. De geur van chloor is niet zwoel, maar scherp en praktisch.

Hij staat op het punt zijn shirt over zijn hoofd te trekken, wanneer een geluid hem doet bevriezen. Klets. Woesj... Klets. Woesj... Het is geen speels gespetter. Het is een ritme. Gestaag, krachtig en intimiderend gedisciplineerd. Hij kijkt naar het uiteinde van het lange bad en ziet haar. Sandra. Ze draagt een strak, genadeloos functioneel zwart badpak en een zilveren badmuts die haar hoofd stroomlijnt als een kogel. Ze is geen baantjes aan het trekken; ze is het water aan het aanvallen. Haar crawl is technisch perfect: haar armen klieven door het oppervlak zonder onnodige spetters, haar hoofd draait in een strak getimede beweging opzij om lucht te happen, en haar benen slaan een ritme dat de stuwing van een motorboot heeft.

David laat zijn shirt zakken, verrast. Hij had niet verwacht dat er iemand anders wakker zou zijn, en al helemaal zij niet. Gisteravond was ze de stille muis, de vrouw die verdween achter het blauwe licht van haar telefoonscherm terwijl haar man overduidelijk een andere vrouw het hof maakte. De vrouw in het zwembad is geen muis. Ze is een haai.

Net op dat moment bereikt ze de kant waar hij staat. Ze stopt niet, kijkt niet op. In een vloeiende beweging duikt ze in elkaar voor een perfecte tuimeling onder water. Ze zet zich met explosieve kracht af tegen de muur en schiet als een torpedo terug, alweer op weg naar de overkant. David staat daar, even vergeten door de wereld, en hij kijkt. Hij kan niet anders. Hij ziet het lichaam van een vrouw die duidelijk voor zichzelf zorgt, en niet voor de show. Gisteravond had hij Els gezien – vol, krachtig, een toonbeeld van rauwe, overdadige sensualiteit. Vanmorgen werd hij wakker naast Annelies – fijn, tenger, de zachte belofte van de jeugd.

Sandra is iets heel anders. Ze is onmiskenbaar volwassen, 'rijp' zoals hij het in zijn hoofd noemt, maar zonder de zachtheid van Els. Ze heeft de rondingen van een vrouw die heeft geleefd, maar er is geen spoor van verval. Haar schouders zijn sterk en scherp afgetekend onder de natte stof. Haar taille is smal, haar heupen vrouwelijk maar compact. Haar benen, die hij ziet werken onder water, zijn lang en gespierd. Het is een sportief lichaam, een instrument dat wordt gebruikt, getraind en onderhouden. Er is een sobere elegantie aan haar kracht die hem diep imponeert.

Na nog twee lengtes in dat moordende tempo stopt ze eindelijk aan zijn kant. Ze grijpt de rand vast en trekt in één ruk de badmuts van haar hoofd. Haar donkere haar, platgedrukt en nat, plakt tegen haar schedel. Ze hijgt lichtjes, haar borstkas deint ritmisch op en neer, maar ze is niet uitgeput. Ze veegt het water uit haar ogen, kijkt op en ziet hem staan. Er is een flits van verrassing in haar blik, een moment van pure kwetsbaarheid – betrapt in haar eigen, heilige ochtendritueel.

"Goedemorgen," zegt David, die zich plotseling een indringer voelt. "Ik dacht even dat ik de enige vroege vogel was." Sandra veegt het water uit haar ogen en glimlacht. Het is een echte, stralende glimlach die haar gezicht openbreekt, iets wat hij gisteravond niet één keer heeft gezien. "Goedemorgen, David. Ik probeer altijd de Cava van de avond ervoor eruit te zwemmen." Haar stem klinkt helder en ongekunsteld in de echoput van het zwembad. "Indrukwekkend tempo," zegt hij, en hij meent het oprecht. Ze haalt haar schouders op, een nonchalante beweging die de spieren in haar rug en schouders laat rollen onder de natte huid. "Het houdt de geest helder." Dan kijkt ze hem recht aan, haar ogen twinkelen. "Maar zeg eens... kom je erin, of blijf je daar aan de kant staan kijken?"

De uitnodiging is vriendelijk, maar er zit een scherp, bijna geamuseerd randje aan dat hij gisteravond totaal had gemist. David voelt het bloed onmiddellijk naar zijn kaken stijgen. Betrapt. Hij was zo overduidelijk en ongegeneerd aan het staren dat er geen enkele ontkenning mogelijk is. "Ik... uh. Ja. Sorry," stottert hij, en hij voelt zich plotseling weer een onhandige tiener in plaats van een getrouwde man. "Ik wilde niet storen... Ik kom eraan." Haastig, om de ongemakkelijke stilte te vullen, trekt hij zijn T-shirt over zijn hoofd en gooit het slordig op een van de ligbedden. Hij stapt naar de rand, haalt diep adem en duikt erin. Het is een strakke, technische duik, in de ijdele hoop dat de sportieve actie zijn waardigheid een beetje herstelt.

Het koude water is een welkome schok. Het sluit zich om hem heen, spoelt de slaap uit zijn hoofd en, zo hoopt hij, de rode blos van zijn wangen. Wanneer hij proestend bovenkomt, is Sandra alweer op weg. Ze heeft niet op hem gewacht. Ze ligt weer strak in het water, een gestroomlijnde, krachtige machine. Ze geeft het tempo aan, en het is aan hem om te volgen.

Oké, denkt David, terwijl hij zijn zwembril goed zet. Als ze wil zwemmen, dan zwemmen we. Hij zet zich krachtig af tegen de kant en volgt haar. Ze zwemmen in de banen naast elkaar. De eerste paar lengtes gebruikt hij om zijn ritme te vinden, zich pijnlijk bewust van de vrouw naast hem. Plons. Ssssj... Plons. Ssssj... Het enige geluid in de heldere ochtendstilte is het ritmische gespetter van hun armen en de echo van hun ademhaling. David is een goede zwemmer, maar hij zwemt voor het plezier, voor de ontspanning. Sandra zwemt met een doel, alsof ze ergens van wegzwemt – of ergens naartoe. Na enkele baantjes begint de ongemakkelijkheid langzaam plaats te maken voor een gedeelde, cadansrijke inspanning. De fysieke handeling wist het sociale ongemak weg. In het water zijn ze niet langer 'de man die staart' en 'de vrouw die betrapt werd'. Ze zijn gewoon twee lichamen in beweging, verbonden door het ritme en de weerstand van het water.

Na wat voelt als een eeuwigheid, tikt Sandra de rand aan. Ze stopt abrupt, draait zich om en hangt ontspannen in de beugels, haar borstkas gaat diep maar beheerst op en neer. David arriveert een paar seconden later. Hij klampt zich vast aan de rand alsof hij wrakhout is. Hij is bekaf. Het water druipt van hun gezichten, en het enige geluid is het klotsen van de golven tegen de goot. De stilte tussen hen is niet langer ongemakkelijk; het is de comfortabele stilte van gedeelde uitputting. "Oké," hijgt David, terwijl hij met de rug van zijn hand het water uit zijn ogen wrijft en zijn natte haar naar achteren strijkt. "Ik hijs de witte vlag. Ik geef me over. Dat tempo van jou is... ronduit moorddadig."

Sandra leunt met haar armen op de koude stenen rand, haar ademhaling alweer bijna volledig onder controle. Er speelt een kleine, ironische glimlach om haar lippen. "Je doet het nochtans niet slecht," zegt ze droog. "Voor een amateur." "Dank je," lacht hij, en hij voelt zich opnieuw een beetje betrapt, maar dit keer op een prettige manier. "En... nogmaals, sorry van daarnet. Voor het staren. Ik was gewoon... onder de indruk. Echt."

Ze draait haar hoofd langzaam naar hem toe en kijkt hem recht aan. Haar blik is niet boos, en ook niet gevleid zoals hij had verwacht. Hij is scherp. Analytisch. "Onder de indruk van mijn zwemtechniek, David?" vraagt ze rustig. "Of gewoon verbaasd dat de stille, grijze muis van gisteravond opeens tanden blijkt te hebben?" David knippert, verrast door haar directheid en de zelfspot in haar stem. "Eerlijk?" zegt hij. "Allebei. Je was... heel anders, gisteravond. Bijna onzichtbaar."

"Gisteravond," herhaalt Sandra, en de speelsheid verdwijnt uit haar ogen. Ze kijkt even weg, over het nu weer rimpelloze, heldere water. "Gisteravond deed ik wat ik altijd doe. Ik was er, maar ik was er niet." Ze zucht diep, en een klein wolkje stoom ontsnapt aan haar lippen in de koele ochtendlucht. "'s Ochtends," zegt ze, en ze slaat met haar vlakke hand op het wateroppervlak, "is van mij. Dit water... dit is mijn overlevingsstrategie."

“Dat klinkt... nogal zwaar," zegt David voorzichtig. "Dit weekend is zwaar," antwoordt ze, zonder hem aan te kijken. Ze staart naar de tegels aan de overkant. "Of is je dat gisteravond ontgaan?" David denkt onwillekeurig aan de bizarre scène in de jacuzzi. De plotselinge, agressieve sensualiteit van Els, de paniek in de ogen van Pieter. Maar hij voelt instinctief aan dat Sandra niet naar dat publieke spektakel verwijst, maar naar iets wat zich onder de oppervlakte afspeelt, iets wat hij gemist heeft. "Ik heb wel... spanning gevoeld," zegt hij, terwijl hij zijn woorden zorgvuldig kiest. "Maar Annelies en ik zijn hier de nieuwelingen, hè. We kennen de groepsdynamiek nog niet zo goed."

"De dynamiek." Sandra lacht, een kort, humorloos geluidje dat weerkaatst tegen het water. "Is dat de beleefde term voor de poppenkast?" Ze draait haar gezicht weer naar hem toe. De onverstoorbare atlete is verdwenen. Voor hem hangt nu een vrouw met een diepe, vermoeide wijsheid in haar ogen. "Jullie zitten nog in de 'perfecte bubbel'-fase, Annelies en jij. Dat is mooi. Echt. Koester dat. Het is de rest van ons die al ingespeeld is op elkaar."

"En jullie dan?" waagt David het te vragen. "Wij?" Sandra’s stem wordt plotseling vlak. "Wij zijn routine, David. En routine is wat er overblijft als je stopt met écht praten, en begint met alleen nog maar te observeren." De stilte die valt is zwaar en klam. David voelt dat hij op het punt staat een grens over te steken, maar hij kan niet stoppen. "En wat... wat observeer je dan zoal?" Haar glimlach keert terug, maar het is een trieste, wetende glimlach. "Alles," zegt ze zacht. "Ik observeer hoe Annelies en jij elkaar aanraken alsof jullie van glas zijn. Ik observeer hoe Els zich kapot verveelt en het hele weekend probeert op te blazen, puur om iets te voelen, zelfs al is het ruzie."

Ze pauzeert even. David houdt zijn adem in, wetende dat de echte klap nog moet komen. "En ik observeer hoe Leen een huis boekt dat één grote, schreeuwende sensuele uitnodiging is..." Ze kijkt hem recht aan, haar blik onwankelbaar. "...en hoe mijn eigen man die uitnodiging heel persoonlijk opvat." De bekentenis is zo direct, zo kalm en feitelijk uitgesproken, dat David naar adem snakt. Het is geen jaloerse uitbarsting; het is een kille constatering van de feiten.

"Sandra, ik..." Ze heft onmiddellijk een hand op, waterdruppels vallen van haar vingers. "Niet doen. Bespaar me je medelijden. Ik heb alleen mijn ochtendbaantjes nodig. Dit zwembad is de enige plek waar de regels duidelijk zijn: je zwemt of je verzuipt. De enige die me hier kan teleurstellen, is mijn eigen uithoudingsvermogen." Ze duwt zich lichtjes van de kant af en drijft op haar rug, haar gezicht naar het kille ochtendlicht gekeerd. "Je moet me iets beloven, David. Als het groentje van de groep." "Wat?" "Jij bent de bruidegom. Jij bent de frisse wind. Verpest het niet door partij te kiezen of de held te willen spelen. Blijf gewoon in je bubbel met Annelies. Dat is het enige wat echt is, dit weekend."

Ze draait zich weer om in het water. De vermoeidheid is uit haar ogen verdwenen, de focus is terug. De atlete neemt het weer over. Haar blik is nu bijna spottend. "Welkom bij de vriendengroep," zegt ze. "Je dacht dat je een weekendje weg had geboekt, maar je hebt kaartjes voor het theater gekocht." Ze trekt haar bril weer goed. "Nog tien baantjes? Je kunt beter je adem sparen, David. Die ga je nog nodig hebben." En voordat hij ook maar iets kan antwoorden, zet ze zich krachtig af tegen de muur. Haar slagen doorbreken het rimpelloze water en laten David achter aan de kant, rillend, en niet alleen van de kou.
Geef dit verhaal een cijfer:  
5   6   7   8   9   10  
Klik hier voor meer...
Klik hier voor meer...