Klik hier voor meer...
Donkere Modus
Door: Keith
Datum: 11-05-2026 | Cijfer: 9.8 | Gelezen: 383
Lengte: Zeer Lang | Leestijd: 53 minuten | Lezers Online: 15
Vervolg op: Mini - 405
Vrijdag zat het piratenhok, onze groepsruimte, weer vol. Tijdens het koffiedrinken was iedereen door elkaar aan het kletsen tot ik er abrupt een einde aan maakte door met mijn mok op een bureau te tikken. “Heren… ik begrijp dat jullie aan elkaar willen vertellen dat jullie elkaar vreselijk gemist hebben en zo, maar we zitten hier bij elkaar om elkaars probleempjes aan te horen en daar samen een oplossing voor te verzinnen. Dus even to the point graag.” “Mijn probleempje heet Charlotte, Kees. En dat probleempje kan ik zelf wel baas.” Rogier keek me onbewogen aan en Gerben vulde aan: “Het mijne heet Margot, en als ik dat zelf niet kan regelen, haal ik Joline er wel bij. Of Rogier hier.”
Geloei vulde de ruimte en ik zuchtte. “Eikels… even serieus graag. Stuk voor stuk: vertel even kort of je zaken in ‘je eigen ziekenhuis’ ziet waarvoor je de hulp van een van ons kunt gebruiken. Dát was de afspraak. En die zaken gaan we dan samen, al brainstormend, te lijf. Rogier?”
Die schudde zijn hoofd. “Nee. In Nijmegen loopt alles naar wens. De aggregaten zijn vervangen. Noodstroom voor SEH is klaar, drie van de OK’s zijn deze week onder handen genomen, volgende week zijn de volgende drie aan de beurt, de week erna, voor kerst, de laatste drie. Ze zijn identiek, dus… Na oud en nieuw gaat men met Cardiologie aan de gang. Dat is pittig, want de capaciteit moet zoveel mogelijk in tact blijven.
Dus een deel van die afdeling wordt verhuisd naar de hartpoli, zodat we de eerste helft aan kunnen pakken. Als dat klaar is, worden de patiënten naar dat eerste, gerenoveerde deel overgebracht en pakken we de tweede helft aan. Dat moet rond eind Januari zijn afgerond. En zo pakken we uiteindelijk het hele ziekenhuis aan. Het belangrijkste is op dit moment: wat doen we als een deel van het normale stroomnet uitvalt? Daar heeft Ane, in overleg met alle afdelingshoofden en ondergetekende, een protocol voor in elkaar gezet. En dat ziet er prima uit, Kees. Tot nu toe kan ik het prima bolwerken.”

Ik knikte. “Dank je wel. Willem?” Stuk voor stuk passeerden de diverse ziekenhuizen de revue en verschenen een aantal aandachtspunten op het whiteboard. Acht technische, ééntje op Fred z'n terrein en één financiële. Om tien uur was de inventarisatie gereed en haalden we koffie. Wachtend op onze beurt zei Fred tegen me: “Ik was weer even terug in Afghanistan, makker.” Ik keek vragend en hij vervolgde: “Het leek wel een bevelsuitgifte. Je bent het nog steeds niet verleerd, Kees.” Ik haalde mijn schouders op. “Niks anders dan anders, Fred. Iedereen in zijn waarde laten met betrekking tot zijn vakmanschap of specifieke kennis, en die kennis vermenigvuldigen onder de groepsleden. Ben ik gewend en werkt prima. Ik heb niet alle wijsheid in pacht, dat weet ik ook wel.” Hij gaf een dreun op mijn schouder.
Met de koffie in de hand liepen we weer terug naar de groepsruimte en even waren de gesprekken niet technisch maar werd er wat met elkaar gekletst over van alles en nog wat. Dat waren de momentjes waar ik stiekem van genoot: zien hoe een stel uiterst intelligente heren plotseling ook over problemen met puberkinderen konden kletsen. Of over hun hobby’s, of over weet-ik-veel-welke onderwerpen aan bod kwamen. Om kwart over tien konden de ‘koppels’ die ik gevormd had, samen sparren over de problemen in ‘hun eigen’ ziekenhuizen en Fred zat te telefoneren op mijn bureau. Ik hield me buiten de discussies van de ‘koppels’; pas als de nood écht aan de man kwam en men er niet uitkwam, wilde ik er bij betrokken raken. Oplossingen moesten uit hun eigen koker komen, en ja, daar waren ze mans genoeg voor.
Soms werd Fred er even bijgehaald, maar dat was niet zo vaak nodig. Hij zei om elf uur dan ook: “Heren, ik ga terug naar Backoffice. De lucht daar is aangenamer om in te ademen dan jullie zweetlucht of after-shave. En Kees z’n voeten niet te vergeten. Als ik nodig ben, geef maar een gil."Hij zweeg even en ik voelde dat er nog wat kwam. En jawel: Fred vervolgde:
"Verder heb ik nóg een nieuwtje, net gehoord van rechercheur Anne van Helvoort: Duyvestein is gisteren vrijgelaten uit zijn voorarrest, net als zijn twee voormalige juristen. Ik verwacht niet dat hij stennis gaat schoppen en zijn juristen al helemaal niet, maar hou het in je achterhoofd. Misschien heeft hij in één van de ziekenhuizen nog een paard van Troje zitten, net als in Leiden, wat plotseling spaken in wielen gaat steken… je weet het niet.”
Die mededeling leverde een aantal dreigende blikken op. Rogier verwoordde het nogal stevig. “Als die vent in Nijmegen z’n neus laat zien, is de eerste afdeling die hij gaat bekijken, de SEH. Als patiënt. En ik denk dat dat voor de meeste ziekenhuizen geldt.” Fred knikte. “Snap ik. Advies van mij: misschien is het handig als jullie dit ook richting jullie ziekenhuizen communiceren, heren. Dan weet men er daar ook van en blijft men alert. Ondertussen hou ik meneer digitaal een beetje in de gaten. Mocht ik wat alarmerends tegenkomen, horen jullie dat. En ik heb een hotline met Anne. Goud waard, die meid.”

We gingen verder, tot kwart voor twaalf; toen tikte Gerben op zijn bureau en zei: “Omkleden jongens. We gaan Mariëtte weer eens blij maken.” “Nou, maak me gek…” mopperde Frits. “Benieuwd wat ze nú weer uithaalt…” Tijdens het omkleden overdacht ik die opmerking. Ja, ik was er ook wel benieuwd naar… Mariëtte haalde echter geen yoga van stal. In haar welkomstpraatje verontschuldigde ze zich zelfs voor het gebeuren van vorige week. En toen ze deed, was ze weer dat ‘gewone, Hollandse meisje’. Om na het praatje echter binnen de seconde te veranderen in de meedogenloze, alziende fitnessinstructrice. “Zo. Genoeg gekletst. Vier rondjes door de zaal, linksom. En bij elke hoek door de knieën en drie stappen maken terwijl je op je hurken zit… Stárt!”
Kortom: na een klein half uurtje stonden we weer hijgend op straat. En onder de douche kwam natuurlijk het commentaar. “Liever dat ze toch nog zo’n yoga-kwartiertje inbouwt, jongens. Dan kun je ten minste even uithijgen. Want die loopjes van Joline naar de fitness en terug zijn op zich al pittig genoeg… Kees, kun jij je echtgenote niet eens tot de orde roepen?” “Ik kijk wel uit, Willem. Dan moet ik het ’s avonds bezuren, want dan heeft mevrouw Jonkman, ooit Boogers, energie over…” “Ja, dat zou dan wel afzien voor je zijn, kerel. Begrijp ik helemaal.”
Rogier z’n stem klonk nogal ondeugend. Even later, tijdens de lunch zei ik dat tegen Joline, die bij ons aan tafel zat. Ze keek Willem aan en zei: “Je gaat maar meer in training, meneertje. Ik ga het niet ‘rustig aan’ doen omdat meneer van Zanten een beetje loopt te hijgen. Je zit toch al teveel op je kont hier.” Willem keek zielig. Na de pauze gingen we verder: per koppel besprak men mogelijke oplossingen voor de gerezen problemen. Ik wilde dat men voor elk probleem drie potentiële oplossingen ontwierp, compleet voor- en nadelen en met een kostenplaatje. “En alle drie de oplossingen moeten voldoen aan ons bedrijfscriterium, heren: simpel, solide en ‘build to last’. Geen, ik herhaal: géén onbewezen techniek er in, want dat…” Mijn telefoon zoemde en ik keek op het display: Linda. Hmmm…
“Heren, ik zit even hiernaast. Zo terug.” Ik had geen zin om de plaatsvervangend SG van het ministerie van Volksgezondheid te woord te staan tussen alle Piraten. Er zou wel eens een lachbui kunnen ontstaan…
“Goedemiddag Linda, met Kees…”
“Hallo Kees. Hoe is het in Gorinchem?”
“Redelijk druk momenteel. We zijn hard bezig met en voor de ziekenhuizen, Linda.”
“Dat weet ik. Ik hoor goeie verhalen van diverse kanten. Maar waar ik voor bel: Bas heeft vanochtend te horen gekregen…”
Ik onderbrak haar. “…dat Duyvestein en z’n twee juridische poppetjes op vrije voeten zijn, in afwachting van hun rechtszaak.”
Even was het stil. “Hoe weet jij dat?”
“Jouw echtgenoot is niet de enige met een prima werkende inlichtingendienst, Linda. We hebber er hier ook eentje. Kost wat etenswaren, maar daar krijg je wel wat voor terug.”
“Oh ja, jouw bud…”
“Precies. En die heeft een rechtstreeks lijntje met Anne, die rechercheur.”
“Oké. Kees, even to the point: het zou mij niets verwonderen als meneer Duyvestein vanaf nu alles op alles gaat zetten om jullie het leven zuur te maken. En met ‘jullie’ bedoel ik: jullie bedrijf, maar ook jou en meneer van der Vlist persoonlijk. Hij heeft nogal wat ongure vrienden. Hou daar rekening mee.”
Ik verstrakte en dacht na. Potdomme, toch niet wéér gesodemieter… Dat hebben we het afgelopen jaar genoeg gehad… In Veldhoven, daar was ik niet zo bang voor; Joline en ik wisten wat ons te doen stond als er een onwelkome gast voor de deur stond. Maar in Arkel… Rogier stond zijn mannetje wel als het op knokken aan kwam, maar Mar en Lot… En Gerben? Had op zich een prima conditie, maar was geen vechter…
“Kees? Ben je er nog?”
“Sorry, ik stond even te schuimbekken en na te denken…”
“Kees, wij, Bas en zijn IT-afdeling, en ik ook, houden een oogje op deze meneer. En Anne ook, dat heeft ze me persoonlijk verteld. Ik adviseer je om ook jouw bud wakker te maken. Hij kan ook dingen in de peiling houden, geloof ik?”
“Daar kan ik geen antwoord op geven, Linda.”
Ze lachte zachtjes. “Diplomatiek antwoord, Kees. Je zou zó in de politiek kunnen.”
Ik gromde. “Ik heb een vak geleerd, Linda. Net als Bas en jij.”
“Nou, tot zover, Kees. Ik wilde je even waarschuwen. En uiteraard de groeten van Bas overbrengen.”
“Dank je wel. Doe hem de groeten terug, op welk tijdstip van de dag of nacht dan ook.”
Ze schoot in de lach. “Zal ik doen! Goed weekend, Kees.”
“Dank je wel voor je telefoontje, Linda.”

Ik drukte de telefoon uit. Gloeiendegloeiende… Duyvestein die z’n gram kwam halen? Of z’n juridische snotneusjes? Eén poot over de drempel van mijn huis en hij kreeg hetzelfde recept als Floris de Rooy… Enfin, morgen zouden we met Rogier, Gerben, Mar en Lot op stap gaan om twee buksen voor hen te kopen. Dát was dan in ieder geval geregeld. Rogier en Gerben zouden er wel snel mee om kunnen gaan, maar in hoeverre Lot en Mar zouden willen schieten… Straks of anders morgen in de groep gooien. Ik liep weer terug de groepsruimte in. Daar was het redelijk rustig; de heren zaten per twee bij elkaar te tekenen of zachtjes te kletsen.
“Dit gaat zo te zien prima, heren. Ik zie één bonk synergie en daar wordt deze teamleider best wel vrolijk van!” Frits bromde: “Als je dat nou eens tot uiting laat komen door een bak koffie voor ons te halen, Kees? Dat zou de werkvreugde zeker met tien procent verhogen…” Ik zuchtte. “Als ik daarmee jullie productiviteit kan stimuleren… Tuurlijk, meneer van Hengel!”
“Je kan Lot en Mar ook even hierheen halen, Kees. Dat stimuleert Rogier en mij nóg beter. Maar of die productiviteit met werken te maken heeft…” Gerben knipoogde naar Rogier. “Niks ervan, Gerben! Dan zitten jullie alleen nog maar te flikflooien en komt er geen streep meer op papier! Aan het werk jij en Kees: Koffie!” “Zeker, meneer van Zanten…”
Ik liep met een dienblad de gang op. Gelukkig, even dollen om de sombere gedachten weg te wuiven. “Wat ga jij doen, Kees?” Vanuit de receptie klonk de stem van Irene. “Ik moest de piraten motiveren nóg beter hun best te doen door koffie te halen, Ireen.” Ze keek ondeugend. “Zal ik even meedoen? Dat motiveert misschien nóg beter dan jouw koffie.” Vanuit Theo z’n bureau klonk dreigend: “Niks ervan! Kees, je stelt dat arme kind niét bloot aan de grove grappen van jouw piraten, denk er aan!”
“Nou… Als meneer de directeur dan zelf even meeloopt om over de maagdelijkheid van zijn receptioniste te waken… En meteen de directie-koektrommel meeneemt voor nóg meer motivatie...” Grommend stond Theo op.
“Het is weer eens zover. En als ik maandag een nieuw pak koekjes uit de kast pak, krijg ik meteen indringende vragen van Gertie. Bedankt, Kees!” “Dan mag mevrouw Koutstaal mij bellen en zal ik vertellen wie de grootste afnemers zijn van directiekoekjes”, zei Irene en vervolgde: “Met stip op één: Angelique, maar die moet er nog van groeien. Nummer twee: Fred, die is er van gegroeid. Nummer drie: ik zelf, omdat ik toch regelmatig op jouw bureau moet zijn, Theo en op een gedeelde vierde plaats: alle teamleiders.” Ondertussen hadden we zes koffie en één thee op het blad staan en liepen we terug naar de groepsruimte.

“Zo heren… Motivatie! In de vorm van koffie, een strenge directeur met een zweepje en een charmante receptioniste met koekjes. Of andersom, dat ben ik even kwijt.” Theo keek rond. “Hier wordt hard gebuffeld, dat zie ik wel. Goed bezig, heren… Even een paar minuutjes ontspannen met een bak koffie en een directiekoekje, liefdevol rondgedeeld door onze charmante en uiterst lenige receptioniste.” Irene snoof. “Dat ‘lenige’ moet hier wel om uit handen te blijven van al die kerels…” Maar ze deelde de koekjes met een lach uit.
Willem keek Theo aan. “Aan waaraan hebben we dit hoge en charmante bezoek te danken, meneer de directeur?” Theo lachte niet, maar keek Willem recht aan. “Omdat jullie, overigens net als al die andere gekken in dit bedrijf, gewoon hard werken en je geld meer dan verdienen. Maar geld is maar geld, Willem; een leidinggevende moet zijn snoet ook op de werkvloer laten zien en mensen fysiek vertellen hoe hij over ze denkt. En dat stukje ‘op de werkvloer’ gaan jullie binnenkort ook merken; ik ga één dag in de week vrijmaken voor bezoeken aan projecten. Ik merk dat ik te weinig op die plekken kom waar het échte geld verdiend wordt en teveel op mijn krent achter m’n bureau zit.” En met een blik naar mij: “En nee Kees… de teamleiders wil ik dan niet om me heen hebben om m’n handje vast te houden.”
Ik grinnikte. “Volgens mij heb jij dat niet nodig, Theo. Jij had toch ook de letters Ir. voor je naam staan?” “Als je dat maar weet…” bromde hij. “En nu die koffie!” Even later joeg ik Theo en Irene de groepsruimte uit. “Sorry dame en heer… wij gaan we even verder buffelen. Dank voor de koekjes en het gezelschap!”

Om vier uur: schoon schip maken, nog even de week evalueren en om half vijf liep ik richting Backoffice, waar ik verwelkomd werd door een hevig kwispelende Mocca. “Hé, mooi beest… Hou je ze hier een beetje in de gaten? Als men zit te lummelen en te giebelen: Kom maar even langs bij mij, hoor!” Denise keek op van haar stoffer en blik. “Lummelen gebeurt vaker bij jou bij de Piraten, hoor! Hier wordt hard gewerkt!” “Dank je, Denise!” De stem van Margot klonk. “Kees: nu hoor je het ook eens van een ander.” “Sorry lieve dames, dat ik jullie geploeter zo onderwaardeer…” Even later reden we richting huis, maar niet nadat we met Rogier, Gerben, Margot en Charlotte de afspraak hadden gemaakt om rond elf uur voor de wapenwinkel in Staphorst te staan.
“Zo. En nu even ontspannen, Kees. Zoals Denise al zei: wij hebben vandaag óók lopen buffelen. Het financiële plaatje voor vier projecten rond gemaakt, en dat kostte nogal wat arbeid.” “Goed bezig, schat. Maar voordat je helemaal ontspant: ik kreeg vandaag een belletje van Linda, de plaatsvervangend SG van…” “En tevens de echtgenote van Bas, ja…” “Precies, die. Ze vertelde me dat dat roofdier van de Zuidas is vrijgelaten uit voorarrest, in afwachting van de rechtszaak.”
“Dat hoorden we al van Fred, Kees. Niks nieuws.” “Klopt, maar ze waarschuwde nogal luid en duidelijk dat we op onze hoede moesten zijn. En niet alleen wij, maar ook Rogier en DT in het algemeen. Hij zou wel eens kunnen proberen om ons het leven zuur te maken, schat. Dát was haar waarschuwing. Letterlijk.” Joline bleef ontspannen zitten en zweeg even. Toen zei ze: “DT het leven zuur maken: als hij dat juridisch wil doen kan Angelique hem wel baas. Wil hij het fysiek doen: onze Hatsans staan klaar, Kees. En vanaf morgen staan er ook twee buksen in Arkel gereed. We moeten alleen de wapen- en schietlessen in Arkel naar voren halen.” Ze keek grimmig. “Ik wil niet dat Lot, Mar, Rogier en Gerben ongetraind blijven.”
Ik keek naast me. “Lot en Mar ook? Hoe denken de dames er zelf over?” “Die zeiden deze week al, toen dit onderwerp ter sprake kwam: ‘Wij willen ook kunnen schieten, Jolien. Rogier en Gerben zijn wellicht een paar nachten weg; dan moeten ook wij van ons af kunnen bijten. En niet alleen met betrekking tot Duyvestein en z’n vriendjes; Arkel is niet zo gek ver van Groot-Ammers vandaan.’ Ik knikte. “Oké. Die meiden zijn nogal ongeturnd, Jolien. Prima.” “Zoals Margot toen zei: ‘Wij willen geen ‘slachtoffer’ meer zijn, Jo. Als er lui bij ons aan de deur komen om rotzooi te trappen, krijgen ze daar nogal spijt van.’ Rogier en Gerben hebben de afgelopen week ook camera’s rondom hun huis geïnstalleerd met bewegingssensoren; iemand die in hun tuin komt, staat meteen op beeld én binnen gaat een alarm af.” Ik knikte. “Prima. Ze wonen daar best afgelegen…”

Ik zag een trekje op Joline d’r gezicht. “Jij houdt iets achter, mevrouw! Vertel!” “Ze zijn nu aangesloten op de buurt-app van de Vlietskade. Vanaf het industrieterrein tot en met het industrieterrein van Gorinchem. Als er iets in dat gebied gebeurd, wordt de Vlietskade aan beide zijden meteen afgesloten; aan de ene kant door een paar trekkers van een boer, aan de andere kant door een paar vrachtwagens. Geen auto komt er meer weg…” Ik dacht even na en visualiseerde het gebied. De Vlietskade was een soort dijk; een kanaaltje aan de ene kant, diepe greppel aan de andere kant… Nee, als daar een trekker voor stond, kwam je niet weg! “Goed geregeld. Slimme lui, daar in Gorinchem.” Joline knikte. “Gerben vertelde dat dit idee uit nood geboren was. Een paar jaren terug hebben ze te maken gehad met nogal wat inbraken, toen hebben ze die buurt-app opgezet en deze maatregelen genomen. Er staan nu ook wat meer camera’s in dat gebied dan vroeger. En na twee incidenten waarbij de, overigens Oost-Europese, inbrekers of dieven zijn geblokkeerd en vervolgens gearresteerd, is er niets meer gebeurd. Die bende is vrijwel compleet opgerold.
Eén van de twee incidenten was een inbraak bij die motorclub in het clubhuis. De dieven waren bezig om vier motoren in een trailer te laden toen ze betrapt werden. Probeerden met auto en trailer te vluchten, maar stuitten bij de spoorwegovergang op een ouwe militaire vrachtwagen die dwars over de weg stond. Bleek dat op het industrieterrein ook een hobbyclub zat die ouwe militaire trucks restaureerde. Drie van die heren kregen een appje en hebben meteen de Vlietskade geblokkeerd. En aan de andere kant, tegen Gorinchem aan, stonden twee trekkers met grote giertanks er achter…” “Ja, daar kom je ook niet zomaar langs…” Joline knikte. “Precies. Ik vraag me af of Duyvestein op de hoogte is van die veiligheidsmaatregelen… Ik denk het overigens niet.” “Nou, ik hoop dat hij er nooit achter komt. Als hij in Arkel rottigheid wil uithalen: ik ken ene Rogier die dan nogal onaangenaam wordt. Maar goed, als meneer Duyvestein z’n gram wil halen, zal ik wel met stip op één staan, denk ik. Het adres van de zussen, Gerben en Rogier kent hij niet. De zussen zijn geen lid van welk sociaal mediumplatform dan ook, Gerben en Rogier ook niet meer, behalve Linked-In. Maar daar staan nauwelijks persoonlijke gegevens op. Dus via Internet zijn ze wat moeilijk te achterhalen.”
Joline veerde op. “Wacht eens even! Toen Rogier getuigde tegen Duyvestein, moest hij natuurlijk z’n adres opgeven… En dát is op te vragen door zijn advocaat! Shit…” Ik dacht even na. “Geen paniek. Toen woonde hij nog in Nijmegen. Heeft dát adres opgegeven. Wat was het ook alweer? Plutostraat, geloof ik. Enfin, daar woont zijn vader nu. Misschien die ook maar een seintje geven.” Ondanks alles moest ik grinniken en Joline keek wantrouwend, ik zag het.
“Misschien komt hij achter het adres van Rogier z’n lieve moeder… Dan staat hij plotseling in Neerbosch voor de deur. Moet hij ernstig oppassen dat hij geen stuk hout tegen z’n kop krijgt…” Joline schoot in de lach. “Ja, dat zou wel een stunt zijn… Maar wellicht is ze daar al weg, Kees.” Ik keek twijfelend. “De woningmarkt is weliswaar krap, maar… Zó kort na een scheiding je huis al verkocht krijgen? Mevrouw van der Vlist moet ook een ander onderkomen zien te vinden, schat. En het liefst met een beetje afstand naar bossen; ze is nogal gevaarlijk met een eind hout.” Joline snoof. “Ja, maak er maar weer een geintje over.”

Al kletsend bereikten we Veldhoven. Joline liet Mocca even uit, het was mijn beurt om te koken. En terwijl ik in de keuken aan het werk was, kwam Joline weer binnen, Mocca in haar kielzog. “Ik ga me alvast douchen, Kees. En na het eten kleed ik me wel om.” Ik knikte, terwijl ik ijverig in de jus stond te roeren. Het eten was bijna klaar toen ze weer terug kwam. Broek en trui aan. Ik keek zuinig. “Ga je zó dansen, schat? Ik weet niet of Carlos dat op prijs gaat stellen!” Ze snoof. “Dan kijkt hij maar naar z’n eigen vrouw. Genoeg moois te zien bij Juanita. En nu: eten, want Jolientje heeft trek!”
Maar ondanks die trek schepte ze bescheiden op. “Geen zin om tijdens het dansen de aardappeltjes naar boven te voelen komen, Kees.” Ik stak een duim op. “Die gooien we later vanavond dan we even in de bakpan, schat.” Na het dessert nam Joline de afwas voor haar rekening en schoot ik onder de douche. Daarna scheren en mezelf in danstenue hijsen. Inclusief vlinderdas, dit keer. Ik was halverwege toen Joline de slaapkamer binnenkwam. “Oh, wat een lekkere vent vind ik hier… Die wil ik vanavond wel eens tegen me aanvoelen!” Ik trok haar naar me toe. “Dat kan nu ook al, mevrouw. Waarom uitstellen?” Ze keek ondeugend. “Omdat ik nu een simpele spijkerbroek aan heb. Ik weet veel opwindender kleding…”
Ik duwde haar naar haar kledingkasten. “Hup dan, omkleden! Laat maar eens zien, die opwindende kleding!” Even later waren we netjes aangekleed: ik in pak met vlinderdas en dansschoenen, Joline in een vlammend rode rok, witte blouse en haar haren in een dikke vlecht. “Even goed kijken, Kees…” Ze wees op haar schoenen. “Witte schoentjes, denk er aan!” Zeker mevrouw. Ik zal mevrouw van Laar iets meer met rust laten dan jou, vannacht.” Een donkere blik ging mijn kant uit. “Het is je geraaien, vriendje…”

Tien voor acht parkeerde ik de auto voor de dansschool. Juanita stond bij de ingang. “Sorry jongens, ik sta in de hal, want jullie allemaal buiten opwachten… dat is me nu nét iets te fris in deze kleding.” Juanita had zoals gewoonlijk een mooie rok aan, maar een blouse die nogal transparant was; je zag goed dat ze er een T-shirt onder droeg. “Je ook gewoon een dikke wollen trui en een regenjas aan kunnen trekken, Juanita.” Ze zuchtte. “Kun jij die vent van je even iets leren over dameskleding die charmant staat, Joline?” Die keek ondeugend. “Die lessen heeft hij al gehad, Juanita. En vanavond, na dansles, krijgt hij z’n zoveelste overhoring. Van mij persoonlijk.” Beide dames lachten. “Dat zal wel een pittige overhoring worden, als ik jou zo zie, Joline. Verder vraag ik maar niks…”
Grinnikend liepen we verder richting garderobe en vervolgens naar de bar. “Vooraf nog een drankje, schat?” Joline schudde haar hoofd. “Nee. Over vijf minuten beginnen we. Zonder om zo’n duur mixdrankje in één keer naar binnen te gieten omdat Carlos staat te jengelen.” We kletsten nog even met de verdere binnenkomers en inderdaad: klokslag acht uur riep Carlos: “Dames en heren…” Ik leverde Mocca weer af bij Gerda Sluring, achter de bar. Die twee konden het prima met elkaar vinden. Nou ja, het hielp ook wel dat Gerda Mocca meteen een klein blokje kaas voerde. “Gerda, niet vetmesten hé? Hij krijgt genoeg te eten bij ons! Laat je niet in de luren leggen door die ‘o, wat ben ik zielig’- hondenogen!” Ze knikte. “Ik weet ‘t.”
Het dansen ging lekker. Nu we overgegaan waren van ‘beginners’ naar ‘gevorderden’ hadden Carlos en Juanita de avond iets anders ingedeeld: van acht tot negen introduceerden ze een nieuwe dans die we moesten leren. En ondanks dat ik goed moest opletten, genoot ik ervan om Joline vast te houden en soms dicht tegen me aan te voelen. En zij coachte mij prima. Af en toe een zachte aanwijzing, soms een duwtje de goede kant uit en als ik iets goed eed een snelle zoen…
Na de pauze, van kwart over negen tot tien was het herhaling van alles wat we tot dan toen kenden. De ‘wisseldans’ was ook uit het programma gehaald; na de pauze werden we geacht regelmatig van partner te wisselen. “En nee, dat geldt niet voor het echte leven!” had Carlos er streng aan toegevoegd. De laatste dans mochten we dan weer met onze eigen of vaste danspartner dansen. Het gevolg was dat Joline zich tijdens het eerste uurtje moest aanpassen aan mijn gestuntel en pas in het tweede uur lekker los kon gaan met Rob, Ton of een andere routinier. En ze genoot ervan! En ik hoefde iets minder ‘op m’n tenen te lopen’ qua prestatie, wat ik bij Joline wél, maar bij Claar, Mel, Lot of Mar of één van de andere dames van ons clubje nooit hoefde.
En Wilma trok Henry op een gegeven moment naar zich toe en zei, met een knipoog naar Fred: “Héhé… Even op niveau dansen, Henry!” en trok zijn hoofd tegen haar decolleté. Henry werd zowaar niét rood. En Fred zou Fred niet geweest zijn als hij geen grap terug deed: de volgende dans vroeg hij Angelique,, tilde haar op haar onderarmen en danste op die manier de zaal rond. An zette geen stap, maar kon lachend over de mensen heen kijken.
Carlos en Juanita zagen dat natuurlijk ook en Juanita zei, toen die dans ten einde was: “Zag er goed uit, Fred en An… Nu wisselen!” Angelique keek somber. “Wil je me dood hebben of zo? 115 kilo informaticavlees optillen en daarmee de zaal door dansen?” Fred bromde: “Het is 110 kilo, uwe narigheid. Het valt allemaal dus best mee.” “Ik weet hoe het voelt, Angelique”, zei Wilma, lief lachend. “Ik denk dat ik Henry straks…” Verder kwam ze niet. “Niks ervan!” snauwde Angelique. “En mijn aanstaand echtgenoot de hele tijd van boven in jouw decolleté gluren? Laat ik ’t niet merken!” Henry keek sip naar Wilma. “Sorry schoonheid… Mislukt!”

Even later had ik Melissa in m’n armen. “Hé rooie duivel… Lekker om jou weer eens tegen me aan te voelen.” Ze duwde haar heupen naar voren en keek ondeugend. “Ik voel niks, Kees… In tegenstelling tot die keer dat we in Eindhoven in dat kroegje zaten…” “Slecht mens. Mij elkaar keer herinneren aan die keer dat jullie je maagdelijke broer in grote verlegenheid brachten? Ik heb jullie op een wat andere manier leren kennen, zussie!” Ze giechelde. “Kun je nagaan hoe bleu je toen nog was… We hebben die avond alleen wat ondeugende zoentjes uitgewisseld, verder niks.”
Ik keek haar aan. “Nou… Volgens mij hadden jullie wel héél goed opgelet bij de les ‘tongzoenen’ deel twee ‘De praktijk’ van Rob. En ja, dat bracht wel wat spanning met zich mee op bepaalde plekjes.” Wéér een giebel. “Ja, dat konden Claar en ik merken, broertje. We hebben het er later over gehad, toen we in bed lagen. Viel ons niks tegen. En volgens Jo beleefde ze daar nu ook wel plezier van.” Ze keek vragend en ik keek streng. “Ik beroep mij vanaf nu op m’n zwijgrecht.” Mel lachte. “Ik vraag het nog wel een keertje aan Jo. Om het zeker te weten, zeg maar. ten slotte zijn wij jouw getuigen, Claar en ik, dus hebben we het recht én de plicht om jullie huwelijk in goede banen te leiden!”
Ik gniffelde. “Nou, stop dan gerust met jullie studie, Mel. Ons huwelijk in goeie banen leiden? Dan heb je een dagtaak!” Ze trok een wenkbrauw op en fronste licht. “Wat is er, Kees?” Ik schudde mijn hoofd. “Niks, schat. Jo en ik zijn nog steeds nét zo verkikkerd op elkaar als op onze trouwdag. Misschien nog wel meer. Maar ons leven is een beetje druk; als jij en Claar ons 24/7 in de gaten willen houden, kom je niet meer aan slaap toe. En nee, dat is niet omdat wij tot vijf uur ’s morgens nog liggen te rollebollen.” Ze bromde: “We kunnen het afwisselen, Kees. De ene week ik, de week erna Claar. En daarna een weekje Rob en vervolgens Ton” “Laat ik het niet merken! Die twee broers van Jo in onze slaapkamer, terwijl Joline en ik liggen te rollebollen? Écht niet!” Ze giebelde. “Nee, dan liever je mooie zusjes hé?” De dans liep ten einde. “Ga je zus dan maar afwisselen bij Rogier. Dan kan ik Claar weer eens knuffelen. Dank je wel voor deze dans, Mel.”
Ze stuurde een luchtkusje mijn kant uit, pakte Clara bij de hand en legde die hand in de mijne. “Ik heb ‘m al een beetje opgewarmd, Claar. Je kunt los gaan!” Clara gleed in mijn armen. “Heeft Mel je een beetje opgewarmd, knappe broer? Lekker hoor… Het is altijd al een wens van me geweest om met een knappe majoor te dansen. Zo’n subaltern officier is soms ook maar behelpen…” “Hé, rood krengetje! Volgens mij heb jij, samen met je even rooie zus, hevig zitten zoenen met een sergeant! In een kroegje in Eindhoven. Was je dat vergeten?” Ze schudde haar rode krullen. “Nee hoor. Maar wij zijn ook iets ouder geworden, Kees. Hebben wat meer ervaring. Dan stel je je eisen wat meer naar boven bij…” Ze keek plagend.
“Jolien had gelijk, de eerste keer toen ze het over jullie had. Jullie zijn draken. Nog steeds.” Ze knipoogde lief en we dansten rustig verder op de muziek van Strauss.
Daarna wisselde Angelique haar af. “Hoi Kees. Nu Marije er niet meer is, val ik maar voor haar in bij het onderdeel ‘dansen met een klein opdondertje’. Mag dat?” “Je hebt het net best goed gedaan, An. Met Fred.” Ze lachte. “Ja, de idioot. Mij de hele dans op zijn armen dragen… Het was maar goed ik een wat langer rokje aan had en niet dat jurkje wat ik bij m’n promotie droeg.” “Ja, dat was wel jammer. Maar ja, je kunt niet alles hebben. Zelfs niet bij een dansles.” “Je geniet maar van m’n decolleté, piraat”, snauwde ze. Ik keek; ze droeg een blouse met wel één knoopje open. “Nou, dát is wel genieten, ja. Poepoe…” “Speciaal aangedaan om te verhinderen dat kerels zoals jij en Fred tussen mijn borsten door mijn navel kunnen bewonderen. Ik kan jullie langer dan vandaag, smeerlappen!” “We gaan wel een keertje met de vriendengroep zwemmen, schoonheid. Wél in een natuurbad, zonder badhokjes, anders gaan Henry en jij weer ondeugende dingen doen!” Ze kneep haar ogen samen en gaf me een stomp. “Rotzak…”
De laatste dans mocht ik met Joline dansen. Die straalde. “Heerlijk zo, Kees. Ik geniet!” “Dat is te zien, schat. En ik geniet omdat ik m’n eigen vrouw weer in m’n armen mag sluiten.” De ‘Kaiserwaltz’ klonk en we draaiden rustig de zaal rond. En af en toe raakten onze ogen elkaar; op die momenten voelde ik weer hoe ik van deze vrouw hield. En daar mocht ik zo dadelijk mee naar bed!

Toen de laatste tonen geklonken hadden en Carlos ons nog ‘Een veilige thuisreis!’ had gewenst, zochten we de bar op en gingen met z’n veertienen aan twee aaneen geschoven tafels zitten. “Zo… En nu wat drinken! Wie van de heren gaat vandaag eens ridderlijk zijn en een aanzienlijk deel van zijn salaris verpatsen om de dames gunstig te stemmen?” Clara keek verwachtingsvol rond en Melissa vulde aan: “Want wij arme studentes zijn financieel niet in staat om dit grote gezelschap op dure mixdrankjes te trakteren…”
Angelique keek hen aan. “Jullie zogenaamd ‘arme studentes’ zijn daar best toe in staat hoor. Uit welingelichte kringen heb ik vernomen dat jullie allebei een best riante studietoelage vanuit Amersfoort krijgen, daarnaast krijgen jullie elke maand een bijdrage vanuit een zeker instituut uit Groningen, én zie ik twee heren naast jullie zitten met beiden een nogal fors salaris. Dus, meiden: jullie hebben het zelf over je afgeroepen: in de benen, bestellingen opnemen en drinken halen. En betalen!” Claar en Mel keken elkaar aan. “Ze heeft ons door, zus. Zou ze met Kees gekletst hebben?” Ik schudde mijn hoofd en wees naar Rob. “Mr. Koffieboon hier klapt soms in de middagpauze in Gorinchem uit de school… Húp, overeind, tutjes! Dat toneelstukje van ‘wij zijn arme studentes’ voer je maar ergens anders op; dit gezelschap trapt daar niet in.”
Mel zuchtte en nam de bestelling op, liep samen met Claar richting bar. “Ik zal de rekening vanavond wel weer krijgen, Kees!” Rob keek me meewarig aan, net als Ton. “Betaal maar ‘in natura’, broertjes. Zijn jullie vast goed in, denk ik.” Joline keek ondeugend en onderdrukt gelach klonk. Even later stonden de drankjes voor ons en kletsten we nog wat over de dansles. Tot Fred op z’n horloge keek en vervolgens naasr Wilma. “Kom, kleintje. Wij moeten nog even sturen naar Rhenen. Dames en heren: Dank voor het gezelschap; Claar en Mel voor de drankjes en Rob en Ton alvast voor de rekening. Doei!” Ze verdwenen.
Melissa keek vragend naar Rob. “De rekening? Wat bedoelde onze gorilla daarmee?” Rob wees naar Jolien. “Mijn kleine zus suggereerde dat Ton en ik de rekening van vanavond maar ‘in natura’ aan jullie moesten betalen. Volgens haar zouden we daar best goed in zijn.” Clara keek hooghartig. “Daar weet Joline niks van.” En met een blik op Ton: “En dat blijft zo, luitenant!” “Zeker, mevrouw. Ik zal niet verklappen hoe vaak mijn onderbuurvrouw loopt te mopperen over een ritmisch krakend bed op de etage boven haar.” Claar snoof. “Ze houdt haar fantasie maar een keertje in bedwang. En bovendien: we gaan vanavond naar Wageningen. Heeft ze geen last van ons. Kom, Antonius Boogers. Ik heb zin in een lekkere luitenant.” “Doe mij maar een majoor, Claar”, giebelde Joline. “Iets rijper, met een wat lager hormoongehalte. Wel zo prettig, dan kom je als vrouw ook nog eens een keertje aan je trekken.”

Geproest, tot Angelique zei: “Da’s allemaal leuk en aardig en zo, maar… Hoe doen we dat met Greet en Anita? Gaan we die vragen of ze ook komen dansen?” Oei… We zaten elkaar even aan te kijken. “Kees? Hoe zouden zij er over denken?” Ik fronste. “Geen flauw idee, An… Ik weet dat Greet een best volle agenda heeft, en Anita moet regelmatig nachtdiensten draaien… Bovendien: hoe zouden Carlos en Juanita er over denken?” Joline keek vastbesloten. “Die hebben daar vast geen problemen mee. Maar dat vraag ik ze zelf wel even.” Ze stond op om met Carlos terug te komen en legde de situatie uit, eindigend met: “…kortom: het is een hartstikke leuk stel, ze horen bij ons, maar ze zijn lesbisch; trouwen op 31 December. Maar hebben beiden een volle agenda. Hebben jullie bezwaren dat een lesbisch koppel hier meedoet, maar niet alle vrijdagen aanwezig kan zijn, wegens hun baan?”
Carlos schudde zijn hoofd. “Lesbisch? Dat maakt ons niets uit, Joline. En als ze niet altijd aanwezig kunnen zijn: ja, dat is jammer, met name voor hen zelf, maar we begrijpen het wel. Verpleegkundig personeel heeft het loeidruk; een zus van mij is ook verpleegkundige, dus ik heb ‘inside information’. Ze zijn van harte welkom, zeker omdat het jullie vrienden zijn. Da’s garantie voor nóg meer gekken op de dansvloer…” Hij zweeg even, vervolgde toen met: “…én meer drankomzet, natuurlijk.” We gniffelden.
“Ze zullen, als ze het ook leuk vinden, niet vóór Januari hier verschijnen, Carlos. Het voorbereiden van je bruiloft kost nogal wat tijd.” Hij knikte. “Geen punt, jongens en meiden. Hoe dan ook: ze zijn van harte welkom.” Joline knikte. “Mooi, dank je wel, Carlos.” En met een blik op mij: “Nu zul jij je charmes in de strijd moeten gooien, majóór!” Ik keek vragend. “Ehhh… Als jij dat nou eens doet? Voor Greet en Anita heb jij wat meer ehhh… pluspunten, zeg maar.” Joline kleurde. “Naarling!” Carlos verslikte zich van het lachen en stak hoestend een duim naar mij op. Daarna verdween hij nogal snel, maar niet na een boze blik van Joline in ontvangst te hebben genomen. Nou, die had ook weer wat leuks aan Juanita te vertellen, vanavond…

We namen afscheid en ik trok Angelique even zachtjes aan haar haren. “Goed opgemerkt, An.” Ze lachte. “In feite is het een ideetje van Henry. Die begon er deze week over. En ik stel voor dat jij het idee inderdaad bij hen in de week legt en als ze positief reageren, vraag ik aan Fred of hij een dans-tegoedbon kalligrafeert met wat onzin er op; dan is het cadeau van ons clubje de betaling van de danslessen voor het aanstaande jaar, oké?” “Gooi het eerst in de groeps-app. Misschien hebben anderen nog mooie ideeën.” Ze knikte. “Doen we! Nou, tot maandag maar weer!”
Rogier tikte daarna op mijn arm. “Morgen elf uur in Staphorst, Kees?” “Ja. En denk niet dat de aankoop in twee minuten gepiept is; Ik wil alle toebehoren op die buksen gemonteerd hebben én ik wil ze inschieten. Dat duurt even.” Lot, naast hem staand, knikte. “En daarna rijden jullie achter ons aan naar Arkel en beginnen de lessen. Jullie eten in Arkel!” Joline stak een duim op. “Lekker, Kees… Scheelt ons een afwas. “

Even later zaten we in de auto, Mocca achterin. “Goed plan van Angelique. Toen we Greet en Anita opnamen in ons clubje helemaal niet over dansles nagedacht, Kees. Stom van me.” “Stom van ons allemaal, schat. Gelukkig had Henry een helder momentje.” Eenmaal thuis trok ik Joline in m’n armen. “Weet je dat je er weer fantastisch uitzag, vanavond, mevrouw Jonkman? En dat ik daar met volle teugen van genoten heb?” Joline giebelde. “Ik heb wat blikken van je onderschept, lieve echtgenoot. En dat mag, want jij bent van mij. En dat gaan we zo dadelijk weer eens vieren, schatje. Na een glaasje wijn, wat jij nu gaat inschenken.” Ik zuchtte. “Het is weer eens zover…” “Ja”, klonk het bitcherig naast me. “Ik zei net al: ‘Jij bent van mij.’ En dat ga je vanavond merken, Kees Jonkman.”
Met een glas wijn voor ons gingen we op de bank zitten en Joline legde haar benen op mijn schoot. “Iemand heeft me recent verteld dat jij heel goed was in beenmassage, jongeman. Dat mag je nu eens gaan bewijzen, want mijn benen zijn een beetje stijf geworden van het dansen. En van de gym, vanmiddag. Húp, aan de slag jij!” “Mevrouw, als uw benen stijf zijn van een beetje sporten en een uurtje of twee dansen… Ik raad u, als professionele sportmasseur aan om meer te gaan sporten. En het een beetje op te bouwen, elke dag een uurtje. Dan zal ik u elke dag masseren. En tegen de tijd dat u tachtig bent, kunt u dan zonder moeite een avondje Bingo in het verzorgingstehuis doorstaan.” Ze hoonde: “Jaja… Elke dag sporten, gevolgd door masseren? Waar haal ik de tijd vandaan? Mijn leven is al zo druk, ben jij gek. Vooruit, aan de slag jij!” Ik gniffelde. “Vervelend, hoor… Maar ja, voor zo’n cliënt heb ik wel wat over.”
Ik maakte haar schoentjes los en masseerde haar voeten. Tenen tussen mijn handen, één voor één masserend en strelend… “Geef mij m’n wijntje eens aan, jongeman. Daar heb ik wel zin in.” “Zeker mevrouw. Maar dan niet in slaap vallen, hé?” Een boze blik was mijn beloning. “Aan het werk, jij!” Gniffelend pakte ik haar onderbenen. “Zeker mevrouw. Heeft u last van uw kuiten?” Joline knikte. “Ja. En nog wat andere plekjes, maar dat vertel ik straks wel.” Ik masseerde haar kuiten, boog haar voeten langzaam op en neer, kneedde haar tenen… Joline keek, haar glas wijn in de hand. En af en toe, als ik iets wel héél prettigs deed, gingen haar ogen even dicht en zuchtte ze. Langzaam breidde ik de massage uit naar boven richting haar knieën. Ze knipoogde. “Ja, daar heb ik ook een beetje last, jongeman. Onder m’n knieën. Daar mag je heel lang masseren.”
Al strelend in haar knieholten zei ik: “Dat dacht ik al, mevrouw. Die pezen daar hebben een flinke opdoffer gekregen tijdens de les van Mariëtte. En tijdens het dansen ook wel. Ik zag u ten minste nogal tekeer gaan met uw beide broers. Moet u een beetje mee oppassen. Op uw leeftijd…” Twee blauwe lasers werden opgewarmd. “Pas jij een beetje op? Geen geintjes over mijn leeftijd, hé?” “Dat was geen ; geintje’ mevrouw. Dan meende ik serieus. ten slotte bent u weliswaar nog steeds achttien, maar ondertussen wel met ruim zes jaar ervaring.” Joline bromde. “Ja. Gelukkig geen zes jaar ervaring met jou, jongeman. Dan had ik nu al grijze haren gehad, verdorie.” “Past u een beetje op uw woorden, mevrouw? Het is dat ik nu lekker zit en leuke dingen met uw overigens prachtige benen mag doen, anders had u zich nu al op de grond mogen opdrukken.” Joline snoof. “Je bent met mij aan het vrijen, jongeman. Niet met Mariëtte.” Ik streelde nu intensief in haar knieholten en zag dat ze genoot. “Gelukkig maar, mevrouw. Geen zin om een bezweet trainingspak te strelen. Dan veel liever uw mooie benen in deze best wel sexy panty.”
Joline trok een been op en voelde met een voet in mijn kruis. “Hmmm… Dat voelt best goed daar.” “Daar ben ik het roerend mee eens, mevrouw. Overigens: ik kan u mededelen dat dat rose slipje wat u draagt u bijzonder flatteert.” Ze keek me aan. “Zit jij onder mijn rokje te gluren, jongeman?” Ik knikte. “Zeker weten. Als u uw benen zo optrekt… Ik geloof dat ik u al eens meegedeeld heb dat ik een stel mooie damesbenen niet kan negeren. Ergens vlak voor dat we Ter Aar in reden, de eerste keer dat ik thuis mocht brengen.” Joline gniffelde. “Oh ja… Gevolgd door een citaat van Toon Kortooms: de man is geen aardappel.” “Precies. Dus om terug te komen op dat slipje: Bijzonder sexy, mevrouw.” “Nou, ga dan maar eens een beetje richting dat slipje met die lekkere warme handen van je. Ben wel benieuwd wat je daar allemaal mee gaat doen…”
Langzaam masseerde en streelde ik verder omhoog. Joline had nu haar ogen gesloten, lag passief mijn liefkozingen te ondergaan. En ik? Ik genoot van het uitzicht: haar rokje nu opgetrokken tot halverwege die prachtige, lange bovenbenen, haar ademhaling die nu wat sneller ging dan eerst, haar gezicht, met die flauwe glimlach op haar lippen, haar lange blonde haren op de donkere bekleding van de bank… “Kees…?” “Ja, schat?” “Je bent heerlijk. Je weet precies wat ik lekker vind, schatje.” “Dat mag ook wel na bijna anderhalf jaar, schoonheid. Als ik dat nu nóg niet wist, was ik écht een lompe zak hooi.” Ze deed een oog open. “Je bent van alles, Kees, maar dat pertinent niét.” “Dank voor het compliment schat. Ondanks dat het in ontkennende stijl was: het was toch een compliment.”
We grinnikten samen en ik kneep even kort in een tepel die haar blouse omhoog duwde. “Ahhh… Lekker, schatje. Dat mag nog wel een keertje… Een beetje knijpen, voelen, strelen… En ondertussen mag je met die andere hand wel eens richting mijn slipje gaan. Daar wil ik je ook voelen!” Langzaam gleed mijn ene hand tussen haar benen door omhoog terwijl mijn andere hand een tepel verwende. Joline werd duidelijk opgewonden: ze duwde haar bekken omhoog en bromde zachtjes: “Schiet op, Kees… Zie je niet dat ik dat ik… ahhh… er naar verlang?” Ik bleef haar even plagen; één hand tussen haar benen, maar nog niet bij haar poesje strelend. Ze pakte mijn pols beet en duwde mijn hand op haar poes. “Dáár moet je zijn, plaaggeest! Streel me, voél me en laat me klaar komen!” Ik legde mijn hand nu op haar slipje en streelde haar intensief. Ze keek me aan. “Dát is lekker… Mijn knappe vent die me laat genieten…” Ze trok haar rok op en spreidde haar benen. “Nu lekker stevig, schatje… Wrijf over dat mooie slipje… Ik voel het over mijn clit en dat is heerlijk!” Ze legde haar hand weer op de mijne en duwde me zo dicht mogelijk tegen zich aan. Toen kreunde ze: laag en zacht. “Ik kóm, Kees… Zo lekker… Nog even doorgaan, schatje…”
Zachte schokjes gingen door haar onderlichaam; ik voelde het. Even later ontspande ze langzaam. Haar ogen gingen open en ze keek naar me. “Je hebt het wéér gedaan, Kees. Mij helemaal laten genieten…” Toen keek ze verontrust. “En volgens mij heb ik jou weer eens in de steek gelaten! Tenminste… Zeg eens eerlijk, Kees!” Ik moest glimlachen. “In de steek gelaten? Echt niet. Ik mocht een prachtige vrouw verwennen en klaar laten komen. Jouw mooie lichaam bekijken en strelen. Daar heb ik nogal intensief van genoten, schat. In het besef dat er bijzonder weinig mensen op deze aardkloot rondlopen die dat ook mochten: Claar, Mel, Mar en Lot. Oh ja, en je puistige…”
Verder kwam ik niet. De liefdevolle ogen veranderden in lasers. “Kees… Kijk je uit?” We gniffelden samen en de lasers werden weer uitgeschakeld. “Kom Kees, we gaan naar bed. Morgen weer een drukke dag, daar moeten we fit voor zijn.” “Ik hoop dat de jongelui in Arkel ook fit zijn morgen, Jolien. Anders zitten die zondag in de kerk ook met spierpijn op plekjes waar ze het bestaan niet van wisten.” Joline stond op. “Ik ga ze niet waarschuwen. Wat ik wél ga doen is even snel douchen. Laat jij Mocca nog even uit? Ik ben er … ahum… niet meer zo op gekleed.”

Even daarna liep ik buiten. Ja, ik was niet ‘aan m’n trekken gekomen’, zoals sommige lui dat uitdrukten. Maar ik had wél genoten. Van mijn lieve vrouw, die zich ongegeneerd liet verwennen… Ook veel waard. En haar kennende zou ze me daarvoor wel belonen, dat wist ik zeker. Was het zo meteen niet, dan kwam die beloning wel op een ander tijdstip… Twintig minuten later stapte ik bij Joline in bed. Het huis was dicht, Mocca lag in z’n mand, dus…
Joline draaide zich naar me toe. “Zal ik jou nog even verwennen, lekkere minnaar?” In het donker schudde ik mijn hoofd. “Nee, mooie meid. Jij bent moe, ik ook, slapen doen we toch wel. Doe maar als we beiden lekker helder zijn. Dat loopje met Mocca was ook prima vlak voor het slapen gaan.” Joline zei: “Dat geloof ik best. Twee kerels die ’s avonds laat nog even een ommetje doen.”
“Ja”, antwoordde ik slaperig. “En op een grasveldje zitten te poepen en elke boomstronk bevochtigen. Heerlijk. Vrouwen snappen dat niet.” Een zucht klonk. “Idioot. Ik zie het voor me. Jij in je nakie naast Mocca op het uitlaatveld zitten poepen… Met een beetje pech in het volle zicht van die dikke trol…” Ik schoot in de lach. “Dan heeft zij ook eens een leuk momentje in haar trieste leven, schat.”
Ze kuste me. “Je hebt soms hele vreemde ideeën, Kees Jonkman. En tóch hou ik van je, hoe raar dat ook klinkt.” “Mooi zo, schat. Vooral mee doorgaan. En nu lekker slapen; morgen weer een drukke dag.” Een laatste zoen, toen ontspanden we. En in no time was het stil in huize Jonkman-Boogers…
Geef dit verhaal een cijfer:  
5   6   7   8   9   10  
Klik hier voor meer...
Klik hier voor meer...